A1

Regelmatige werkwoorden (tegenwoordige tijd) in het Duits

Regelmäßige Verben im Präsens

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Duits op Settemila Lingue.

Overzicht

De tegenwoordige tijd van regelmatige werkwoorden in het Duits volgt een vast patroon. Je haalt de infinitiefuitgang -en weg en voegt de juiste persoonsvorm toe. Dit patroon geldt voor de grote meerderheid van de werkwoorden, dus als je het eenmaal kent, kun je honderden werkwoorden vervoegen.

Vergeleken met het Nederlands lijkt het systeem vertrouwd: ook het Nederlands kent persoonsvormuitgangen. Het grote verschil is dat je in het Duits altijd het persoonlijk voornaamwoord vermeldt.

Hoe het werkt

Persoon Uitgang Voorbeeld: machen (maken)
ich -e ich mache
du -st du machst
er/sie/es -t er macht
wir -en wir machen
ihr -t ihr macht
sie/Sie -en sie machen

Stappenplan:

  1. Neem de infinitief: spielen
  2. Haal -en weg: spiel-
  3. Voeg de uitgang toe: ich spiele, du spielst, er spielt...

Bijzonderheden:

  • Stam eindigend op -t of -d: extra -e- voor de uitgang: arbeiten → du arbeitest, er arbeitet
  • Stam eindigend op -s, -ß, -z: du-vorm krijgt alleen -t: heißen → du heißt

Voorbeelden in context

Duits Nederlands Opmerking
Ich spiele Fußball. Ik speel voetbal. spielen
Du machst Hausaufgaben. Jij maakt huiswerk. machen
Er wohnt in Hamburg. Hij woont in Hamburg. wohnen
Sie kauft Gemüse. Zij koopt groente. kaufen
Wir lernen Deutsch. Wij leren Duits. lernen
Ihr trinkt Kaffee. Jullie drinken koffie. trinken
Sie hören Musik. Zij luisteren naar muziek. hören
Ich arbeite viel. Ik werk veel. arbeiten (extra -e-)
Er heißt Thomas. Hij heet Thomas. heißen (-st → -t)
Wir reisen gern. Wij reizen graag. reisen

Veelgemaakte fouten

De stam verkeerd afleiden

  • Fout: ich spielen
  • Correct: ich spiele
  • Waarom: Je vervoegt vanuit de stam (spiel-), niet vanuit de infinitief. De ich-vorm krijgt uitgang -e.

Extra -e- vergeten bij -t/-d-stammen

  • Fout: er arbeit
  • Correct: er arbeitet
  • Waarom: Na een stam op -t of -d voeg je een -e- in voor de uitgang om de uitspraak te vergemakkelijken.

Dubbele -s geven aan -ß-stammen

  • Fout: du heißst
  • Correct: du heißt
  • Waarom: Na -s, -ß of -z valt de extra -s van de du-vorm weg. Alleen -t blijft over.

Oefentips

  1. Kies vijf veelgebruikte regelmatige werkwoorden en vervoeg ze volledig tot het automatisch gaat.
  2. Schrijf elke dag drie zinnen over je dag met de werkwoorden die je kent.
  3. Let bij het lezen op de werkwoordvorm en probeer te achterhalen welk voornaamwoord erbij hoort.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Persoonlijke voornaamwoorden (nominatief) in het DuitsA1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Probeer Settemila Lingue gratis — geen creditcard, geen verplichtingen. Maak een gratis account aan wanneer je klaar bent om te oefenen met spaced repetition.

Gratis beginnen