A2

Perfectum met haben in het Duits

Perfekt mit haben

Overzicht

Het Duits Perfekt (voltooide tijd) is de meest gebruikte verleden tijd in de spreektaal. Het bestaat uit twee delen: het hulpwerkwoord (haben of sein) op positie 2 en het voltooid deelwoord (Partizip II) aan het einde van de zin.

De meeste werkwoorden vormen het perfectum met haben. Welke werkwoorden sein gebruiken leer je apart. Als beginregel: de meerderheid van de werkwoorden — en bijna alle transitieve werkwoorden — gebruiken haben.

Hoe het werkt

Structuur: Onderwerp + haben (vervoegd) + ... + Partizip II (einde)

Ich habe das Buch gelesen. — Ik heb het boek gelezen.

Voltooid deelwoord (Partizip II)

Regelmatig: ge- + stam + -(e)t

  • machen → gemacht
  • kaufen → gekauft
  • arbeiten → gearbeitet

Onregelmatig (sterk): ge- + gewijzigde stam + -en

  • schreiben → geschrieben
  • lesen → gelesen
  • sehen → gesehen

Niet-scheidbare werkwoorden: geen ge-

  • besuchen → besucht (geen ge-)
  • verstehen → verstanden (geen ge-)

Scheidbare werkwoorden: ge- staat tussen voorvoegsel en stam

  • aufmachen → aufgemacht
  • einkaufen → eingekauft

Voorbeelden in context

Duits Nederlands Opmerking
Ich habe das Buch gelesen. Ik heb het boek gelezen. Onregelmatig deelwoord
Er hat Kaffee getrunken. Hij heeft koffie gedronken. Onregelmatig
Wir haben eingekauft. Wij hebben boodschappen gedaan. Scheidbaar
Sie hat gearbeitet. Zij heeft gewerkt. Regelmatig
Hast du gegessen? Heb jij gegeten? Vraagvorm
Ich habe das nicht gemacht. Ik heb dat niet gedaan. Ontkenning
Er hat einen Brief geschrieben. Hij heeft een brief geschreven. Onregelmatig
Wir haben das Spiel gewonnen. Wij hebben de wedstrijd gewonnen. gewonnen
Sie hat ihr Buch vergessen. Zij heeft haar boek vergeten. Niet-scheidbaar, geen ge-
Habt ihr das verstanden? Hebben jullie dat begrepen? verstanden

Veelgemaakte fouten

Hulpwerkwoord achteraan plaatsen

  • Fout: Ich das Buch gelesen habe.
  • Correct: Ich habe das Buch gelesen.
  • Waarom: Het vervoegde hulpwerkwoord staat op positie 2; het deelwoord staat aan het einde.

Voltooid deelwoord als infinitief gebruiken

  • Fout: Ich habe das Buch lesen.
  • Correct: Ich habe das Buch gelesen.
  • Waarom: Het is het Partizip II dat aan het einde staat, niet de infinitief.

"Ge-" toevoegen bij niet-scheidbare werkwoorden

  • Fout: Ich habe gebesucht.
  • Correct: Ich habe besucht.
  • Waarom: Niet-scheidbare werkwoorden (be-, ver-, er-, ...) krijgen geen ge- in het Partizip II.

Oefentips

  1. Leer de meest voorkomende onregelmatige deelwoorden als woordenschat: gelesen, geschrieben, gesehen, gegessen, getrunken.
  2. Oefen het verschil scheidbaar vs. niet-scheidbaar: aufgemacht vs. besucht.
  3. Maak zinnen over je dag in de voltooide tijd: "Heute habe ich..."

Verwante concepten

Vereiste kennis

Werkwoord 'haben' (tegenwoordige tijd) in het DuitsA1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer A2-concepten

Wil je Perfectum met haben in het Duits en meer Duits-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen