A2
Datief (lidwoorden) in het Duits
Dativ (Artikel)
Overzicht
De datief is de naamval van het meewerkend voorwerp — de persoon of het ding aan wie of waaraan iets gegeven, gezegd of gedaan wordt. Het is de derde naamval naast nominatief en accusatief die je leert.
In de datief veranderen de lidwoorden bij alle geslachten. Dit maakt de datief complexer dan de accusatief (waarbij alleen het mannelijk verandert), maar met systematisch oefenen is het goed te beheersen.
Hoe het werkt
Bepaalde lidwoorden in de datief
| Geslacht | Nominatief | Accusatief | Datief |
|---|---|---|---|
| Mannelijk | der | den | dem |
| Vrouwelijk | die | die | der |
| Onzijdig | das | das | dem |
| Meervoud | die | die | den + zn. + n |
Onbepaalde lidwoorden in de datief
| Geslacht | Nominatief | Datief |
|---|---|---|
| Mannelijk | ein | einem |
| Vrouwelijk | eine | einer |
| Onzijdig | ein | einem |
Meervoud in de datief: het naamwoord krijgt een extra -n als het meervoud niet al op -n eindigt.
- die Kinder → den Kindern
- die Männer → den Männern
- die Frauen → den Frauen (eindigt al op -n, geen extra -n)
Werkwoorden die de datief vereisen (selectie)
helfen, gehören, gefallen, danken, geben (2 objecten), zeigen, schreiben, erklären
Voorbeelden in context
| Duits | Nederlands | Opmerking |
|---|---|---|
| Ich helfe dem Mann. | Ik help de man. | helfen + datief mannelijk |
| Er gibt der Frau ein Buch. | Hij geeft de vrouw een boek. | geben: acc. + datief |
| Das gehört einem Kind. | Dat hoort bij een kind. | gehören + datief |
| Wir danken dem Lehrer. | Wij danken de leraar. | danken + datief |
| Das Buch gefällt mir. | Het boek bevalt mij. | gefallen + datief |
| Ich schreibe einem Freund. | Ik schrijf een vriend. | schreiben + datief |
| Er erklärt den Kindern die Aufgabe. | Hij legt de kinderen de opdracht uit. | meervoud datief |
| Sie hilft ihrer Mutter. | Zij helpt haar moeder. | bezittelijk lidwoord datief |
| Ich zeige dem Touristen den Weg. | Ik wijs de toerist de weg. | twee objecten |
| Das schmeckt dem Kind. | Dat smaakt het kind. | schmecken + datief |
Veelgemaakte fouten
Accusatief gebruiken na werkwoorden die datief vereisen
- Fout: Ich helfe den Mann.
- Correct: Ich helfe dem Mann.
- Waarom: Helfen vereist altijd de datief. Leer zulke werkwoorden expliciet.
Meervoud zonder extra -n in de datief
- Fout: Ich helfe den Kinder.
- Correct: Ich helfe den Kindern.
- Waarom: In de datief meervoud krijgt het naamwoord een extra -n (als het er niet al op eindigt).
"Der" vergeten als datief van vrouwelijk naamwoord
- Fout: Er dankt die Frau.
- Correct: Er dankt der Frau.
- Waarom: Vrouwelijke naamwoorden hebben der in de datief, niet die.
Oefentips
- Leer de datief-werkwoorden als vaste lijst: helfen, gehören, gefallen, danken, etc.
- Oefen de datief-lidwoorden als aparte tabel: dem/der/dem/den.
- Maak zinnen met geven/tonen waarbij je het meewerkend en lijdend voorwerp oefent.
Verwante concepten
- Vereiste: Accusatief (lidwoorden) — de vorige naamval
- Volgende stappen: Datief voornaamwoorden — mir, dir, ihm...
- Volgende stappen: Datief voorzetsels — mit, bei, nach, von, zu...
- Volgende stappen: Werkwoorden met datief — verdieping
Vereiste kennis
Accusatief (lidwoorden) in het DuitsA1Concepten die hierop voortbouwen
Meer A2-concepten
Wil je Datief (lidwoorden) in het Duits en meer Duits-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.
Gratis beginnen