A2

Gewone vorm en woordenboekvorm in het Japans

普通形(辞書形)

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Japans op Settemila Lingue.

In het kort

De woordenboekvorm is de bevestigende niet-verleden vorm van een werkwoord, zoals 食べる ‘eten’ en 行く ‘gaan’. De gewone vorm is een grotere reeks van vier niet-beleefde vormen: 食べる, 食べない, 食べた en 食べなかった. Je gebruikt die vormen aan het einde van informele zinnen, maar ook midden in een beleefde zin vóór patronen zoals と思います en vóór een zelfstandig naamwoord (een woord voor een persoon, ding of begrip).

Overzicht

In de eerste Japanse lessen leer je vaak zinnen met ます: 食べます, 行きます en 見ます. Dat is handig, want ます maakt een zin beleefd en de uitgangen zijn regelmatig. In natuurlijk Japans heb je echter ook de gewone vorm, 普通形(ふつうけい)nodig. Vrienden en familieleden gebruiken die onderling, en veel grammaticale constructies vereisen deze vorm ook wanneer de hele zin beleefd blijft.

De term 辞書形(じしょけい), letterlijk ‘woordenboekvorm’, is smaller dan 普通形. In een woordenboek zoek je 食べる op, niet 食べます. 食べる is tegelijk de woordenboekvorm én de bevestigende gewone vorm voor niet-verleden tijd. 食べない, 食べた en 食べなかった zijn wel gewone vormen, maar geen woordenboekvormen.

Dit onderwerp hoort bij A2 omdat je nu niet alleen beleefdheid leert kiezen, maar ook vorm en zinsbouw van elkaar leert scheiden. Dat voelt anders dan in het Nederlands. Nederlands verandert een werkwoord niet in een speciale ‘beleefde vorm’; Japans doet dat wel. Bovendien kan één Japanse niet-verleden vorm zowel ‘eet’ als ‘zal eten’ betekenen. De context bepaalt de tijd.

Zo werkt het

De vier basisvormen

Neem 食べる ‘eten’ als overzicht:

Betekenis Gewone vorm Beleefde vorm
bevestigend, niet-verleden 食べる 食べます
ontkennend, niet-verleden 食べない 食べません
bevestigend, verleden 食べた 食べました
ontkennend, verleden 食べなかった 食べませんでした

Niet-verleden betekent dat dezelfde vorm voor het heden en de toekomst dient. 毎日食べる betekent bijvoorbeeld ‘ik eet elke dag’, terwijl 明日食べる ‘ik eet morgen’ of ‘ik zal morgen eten’ betekent. Japans heeft hier dus geen aparte toekomende tijd zoals Nederlands vaak zal kan gebruiken.

Van ます naar de woordenboekvorm

Japanse werkwoorden worden meestal in drie groepen geleerd. De ます-uitgang er simpelweg afhalen is niet genoeg: 食べます wordt niet 食べ, maar 食べる.

Ichidan-werkwoorden

Bij een ichidan-werkwoord blijft de stam (het vaste deel van het werkwoord) gelijk. Vervang ます door る:

ます-vorm Woordenboekvorm Betekenis
食べます 食べる eten
見ます 見る zien, kijken
起きます 起きる opstaan
開けます 開ける openen

Godan-werkwoorden

Bij een godan-werkwoord verandert de laatste kana (een Japans klankteken) van de i-rij vóór ます naar de overeenkomstige kana van de u-rij. Dat klinkt technisch, maar vaste paren zijn goed te leren: き→く, ぎ→ぐ, し→す, ち→つ, に→ぬ, び→ぶ, み→む en り→る.

ます-vorm Woordenboekvorm Betekenis
書きます 書く schrijven
泳ぎます 泳ぐ zwemmen
話します 話す spreken
待ちます 待つ wachten
死にます 死ぬ sterven
遊びます 遊ぶ spelen
読みます 読む lezen
帰ります 帰る teruggaan, thuiskomen

Let op werkwoorden op る: niet elk werkwoord dat op る eindigt is een ichidan-werkwoord. 食べる en 見る zijn ichidan, maar 帰る, 入る en 走る zijn godan. Leer bij een nieuw werkwoord daarom meteen de groep of minstens de ます-vorm én woordenboekvorm.

Onregelmatige werkwoorden

ます-vorm Woordenboekvorm Betekenis
します する doen
来ます(きます) 来る(くる) komen

Samenstellingen volgen hetzelfde patroon: 勉強します wordt 勉強する en 電話します wordt 電話する.

De gewone ontkenning met ない

Bij ichidan-werkwoorden vervang je る door ない: 食べる → 食べない en 見る → 見ない.

Bij godan-werkwoorden gaat de laatste kana naar de overeenkomstige a-rij en voeg je ない toe:

Woordenboekvorm Gewone ontkenning Betekenis
書く 書かない niet schrijven
泳ぐ 泳がない niet zwemmen
話す 話さない niet spreken
待つ 待たない niet wachten
読む 読まない niet lezen
帰る 帰らない niet teruggaan
買う 買わない niet kopen

Bij een werkwoord op う wordt う dus , niet あ: 買わない. De onregelmatige vormen zijn する → しない en 来る → 来ない(こない). Ook ある ‘er zijn/hebben voor levenloze zaken’ is bijzonder: de ontkenning is gewoon ない, niet あらない.

De gewone verleden tijd met た

De bevestigende verleden vorm is de た-vorm. Bij ichidan-werkwoorden vervang je る door た: 食べる → 食べた en 見る → 見た. Bij godan-werkwoorden hangt de verandering af van de laatste klank:

Einde woordenboekvorm Verandering Voorbeeld
う, つ, る った 買う → 買った; 待つ → 待った; 帰る → 帰った
む, ぶ, ぬ んだ 読む → 読んだ; 遊ぶ → 遊んだ; 死ぬ → 死んだ
いた 書く → 書いた
いだ 泳ぐ → 泳いだ
した 話す → 話した

De bekende uitzondering is 行く → 行った, niet 行いた. Verder worden する → した en 来る → 来た(きた).

De gewone ontkennende verleden tijd

Deze vorm is gelukkig voor alle groepen regelmatig. Neem de ない-vorm en vervang ない door なかった:

  • 食べない → 食べなかった
  • 行かない → 行かなかった
  • しない → しなかった
  • 来ない(こない)→ 来なかった(こなかった)

Gewone vorm betekent niet automatisch een informele hele zin

De vorm kan midden in een beleefde zin staan:

  • 明日行くと思います。— Ik denk dat ik morgen ga.
  • 日本語を話すことができます。— Ik kan Japans spreken.

行く en 話す zijn gewoon omdat de patronen と思います en ことができます dat vereisen. De laatste vorm, 思います of できます, maakt de hele zin beleefd. Dit is een belangrijk verschil met Nederlands: ‘gewone vorm’ beschrijft hier de Japanse grammaticale vorm, niet noodzakelijk de sociale toon van de volledige uiting.

Voorbeelden in context

Japans Nederlands Toelichting
毎朝、コーヒーを飲む。 Ik drink elke ochtend koffie. Gewoon niet-verleden, als gewoonte.
明日、何する? Wat ga je morgen doen? Informele vraag; する drukt hier de toekomst uit.
今日は肉を食べない。 Vandaag eet ik geen vlees. Gewone ontkenning.
昨日、京都に行った。 Gisteren ben ik naar Kyoto gegaan. Gewone bevestigende verleden tijd.
朝ご飯を食べなかった。 Ik heb niet ontbeten. Gewone ontkennende verleden tijd.
これ、知ってる? Ken je dit? Informele verkorting van 知っている?
田中さんは来ないと思います。 Ik denk dat Tanaka niet komt. Gewone vorm vóór と, maar een beleefd zinslot.
父が作ったカレーはおいしい。 De curry die mijn vader heeft gemaakt is lekker. 作った staat vóór het zelfstandig naamwoord カレー.
寝る前に、歯を磨く。 Voordat ik ga slapen, poets ik mijn tanden. Woordenboekvorm vóór 前に.
日本へ行くとき、カメラを買った。 Toen ik naar Japan ging, kocht ik een camera. 行くとき plaatst de koop vóór of tijdens het vertrek.
日本へ行ったとき、写真をたくさん撮った。 Toen ik in Japan was, maakte ik veel foto’s. 行ったとき bekijkt het gaan als voltooid.
漢字を読むことができる。 Ik kan kanji lezen. Woordenboekvorm vóór ことができる.
もう帰る? Ga je al naar huis? Een gewone vraag kan alleen door intonatie worden gemarkeerd.
週末は家で勉強するけど、日曜日は休む。 In het weekend studeer ik thuis, maar zondag rust ik uit. Gewone vormen verbinden informele zinsdelen.

Japanse onderwerpen worden vaak weggelaten wanneer de context duidelijk is. In 明日、何する? staan dus geen woorden voor ‘jij’ of ‘gaat’. Een Nederlandse vertaling moet die informatie meestal wel aanvullen.

Veelgemaakte fouten

1. De ます-uitgang alleen verwijderen

  • Onjuist: 毎日、日本語を勉強し。
  • Juist: 毎日、日本語を勉強する。
  • Waarom: 勉強します wordt 勉強する. Na het verwijderen van ます moet je nog de woordenboekuitgang vormen.

2. Elk werkwoord op る als ichidan behandelen

  • Onjuist: 七時に帰ない。
  • Juist: 七時に帰らない。
  • Waarom: 帰る is een godan-werkwoord. De る verandert daarom in ら vóór ない. De vorm 帰ない ontstaat door ten onrechte de regel van 食べる toe te passen.

3. ません rechtstreeks combineren met een gewone vorm

  • Onjuist: 明日は行くません。
  • Juist: 明日は行かない。 / 明日は行きません。
  • Waarom: Kies één systeem. 行かない is gewoon; 行きません is beleefd. De uitgangen kunnen niet worden gestapeld.

4. De woordenboekvorm als uitsluitend toekomstig zien

  • Onjuist idee: 毎日、本を読む zou alleen ‘ik zal elke dag een boek lezen’ betekenen.
  • Juist: 毎日、本を読む。— Ik lees elke dag een boek.
  • Waarom: 読む is niet-verleden. Woorden als 毎日 en 明日 geven aan of het om een gewoonte, een algemene waarheid of een toekomstige handeling gaat.

5. Overal een Nederlands onderwerp toevoegen

  • Onnatuurlijk: 私は明日、私は友達に会う。
  • Natuurlijk: 私は明日、友達に会う。 / 明日、友達に会う。
  • Waarom: Japans laat 私は of あなた vaak weg zodra duidelijk is over wie het gaat. Vooral あなた telkens gebruiken klinkt veel minder vanzelfsprekend dan Nederlands ‘jij’.

6. Denken dat gewone vorm altijd onbeleefd is

  • Onjuist idee: 行くと思います zou onbeleefd zijn doordat 行く gewoon is.
  • Juist: 明日行くと思います。
  • Waarom: 行く moet vóór と in de gewone vorm staan; 思います bepaalt hier de beleefde toon van de hoofdzin.

Gebruiksnuances

Aan het eind van een zin past de gewone vorm vooral bij vrienden, gezinsleden en mensen met wie je een informele verhouding hebt. Tegen een klant, onbekende, docent of leidinggevende is een ます-vorm doorgaans veiliger. De juiste keuze hangt af van relatie en situatie, niet alleen van leeftijd.

Een losse gewone vorm kan door intonatie een vraag worden: 行く? ‘Ga je?’ In informele gesprekken verdwijnt het vraagpartikel か vaak. Met の kun je om uitleg of bevestiging vragen: どうして行かないの? ‘Waarom ga je niet?’ Kopieer echter niet gedachteloos elk informeel patroon; zinsdeeltjes kunnen de toon zachter, nadrukkelijker of emotioneler maken.

Gesproken Japans trekt sommige vormen samen. 知っている? wordt vaak 知ってる? en 食べている wordt 食べてる. Dat is geen nieuwe vervoeging van de woordenboekvorm, maar een verkorting waarbij de い van いる wegvalt. In verzorgde schrijftaal en formele gesprekken is de volledige vorm gebruikelijker.

De gewone stijl omvat meer dan werkwoorden. Bij zelfstandige naamwoorden en な-bijvoeglijke naamwoorden verschijnt in een bevestigende gewone zin vaak だ: 学生だ ‘is student’ en 静かだ ‘is rustig’. Bij werkwoorden voeg je juist geen だ toe: 行く is correct, 行くだ niet. い-bijvoeglijke naamwoorden hebben weer hun eigen uitgangen, zoals 高い en 高くない.

Verder dan de basis

Dit hoef je op A2 nog niet allemaal actief te beheersen, maar je zult de gewone vorm in steeds meer constructies tegenkomen.

Een bijzin kan gewoon zijn terwijl de hoofdzin beleefd is

Een bijzin is een deel van een grotere zin dat extra informatie geeft. Japans gebruikt daarin vaak gewone vormen, ook als de hoofdzin (de centrale zin) beleefd is:

  • 雨が降ると思います。— Ik denk dat het gaat regenen.
  • 母が買った本を読みました。— Ik heb het boek gelezen dat mijn moeder kocht.

In de tweede zin staat de beschrijvende bijzin 母が買った direct vóór 本. Anders dan Nederlands gebruikt Japans geen betrekkelijk voornaamwoord zoals ‘die’ of ‘dat’. Ook staat de beschrijving vóór het woord waarop ze betrekking heeft.

De vorm vóór とき verandert het tijdsperspectief

Vergelijk 出かけるとき、鍵をかける ‘wanneer ik wegga, doe ik de deur op slot’ met 出かけたとき、雨が降っていた ‘toen ik vertrok, regende het’. De vorm vóór とき vertelt vanuit welk punt de handeling wordt bekeken: nog niet voltooid of al als gebeurd. Een Nederlandse vertaling met alleen ‘toen’ laat dat verschil soms minder duidelijk zien.

Gewone stijl is niet hetzelfde als ruwe taal

Gewone vormen kunnen warm en neutraal klinken tussen bekenden. Omgekeerd kan een grammaticaal beleefde zin toch koel of scherp worden door woordkeus en intonatie. Ook wordt zinseindigend だ soms weggelaten of vervangen door andere elementen om de toon aan te passen. Simpele regels als ‘だ is mannelijk’ of ‘gewone vorm is grof’ zijn daarom misleidend; sociale relatie, context en zinsdeeltjes werken samen.

De woordenboekvorm werkt als bouwsteen

Latere grammatica gebruikt vaak de woordenboekvorm of een andere gewone vorm als vaste aansluiting:

  • 日本へ行くことができる — naar Japan kunnen gaan
  • 来ないと思う — denken dat iemand niet komt
  • 昨日買った本 — het boek dat gisteren is gekocht
  • 来週出発するそうです — naar verluidt volgende week vertrekken

Leer nieuwe patronen daarom niet alleen met hun Nederlandse betekenis. Noteer ook welke vorm ervoor moet staan. Dat voorkomt dat je automatisch een vertrouwde ます-vorm invult.

Oefentips

  1. Maak viertallen. Kies dagelijks vijf werkwoorden en zeg alle vier de gewone vormen hardop: 書く・書かない・書いた・書かなかった. Wissel ichidan-, godan- en onregelmatige werkwoorden af.
  2. Zet één zin in twee registers. Maak paren zoals 明日行きます。en 明日行く。Bedenk daarbij tegen wie je spreekt. Zo leer je dat de boodschap gelijk kan blijven terwijl de sociale toon verandert.
  3. Markeer vormen tijdens het lezen. Onderstreep in een korte tekst gewone vormen aan het zinslot, vóór と of そうです en vóór een zelfstandig naamwoord. Vraag telkens: is dit informeel taalgebruik, of vereist de zinsbouw deze vorm?

Verwante onderwerpen

Vereiste kennis

De beleefde ます-vorm in het JapansA1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer A2-concepten

Oefen 普通形(辞書形) in Japans met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Japans · A2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen