Rangtelwoorden in het Italiaans
Numeri Ordinali
languages.seo.contextNote
In het kort
De Italiaanse rangtelwoorden van eerste tot en met tiende zijn primo, secondo, terzo, quarto, quinto, sesto, settimo, ottavo, nono en decimo. Ze gedragen zich meestal als bijvoeglijke naamwoorden: hun uitgang past zich aan het geslacht en getal van het zelfstandig naamwoord aan, bijvoorbeeld il primo giorno, la prima volta en i primi giorni.
Overzicht
Een rangtelwoord geeft een plaats in een volgorde aan: eerste, tweede, derde enzovoort. Dat is iets anders dan een hoofdtelwoord, dat een hoeveelheid noemt: tre libri betekent ‘drie boeken’, terwijl il terzo libro ‘het derde boek’ betekent. Je komt rangtelwoorden al op A1-niveau tegen in adressen, gebouwen, lessen, wedstrijden en alledaagse uitdrukkingen zoals per la prima volta.
Voor Nederlandstaligen zijn de betekenissen doorgaans herkenbaar. Het belangrijkste verschil zit in de vorm. In het Nederlands zeggen we bijvoorbeeld de eerste dag en het eerste jaar; het rangtelwoord verandert daarbij maar beperkt. In het Italiaans moeten zowel het lidwoord als de uitgang passen bij het zelfstandig naamwoord: il primo giorno, la prima settimana, i primi giorni, le prime settimane.
Begin met de tien basisvormen en met de eenvoudige regel voor overeenkomst. Daarmee kun je de meeste A1-zinnen maken. De vorming van hogere rangtelwoorden, het bijzondere gebruik in data en de meer formele plaatsing achter het zelfstandig naamwoord komen later in dit artikel aan bod.
Hoe het werkt
De eerste tien vormen
| Rang | Italiaans, mannelijke basisvorm | Nederlands |
|---|---|---|
| 1e | primo | eerste |
| 2e | secondo | tweede |
| 3e | terzo | derde |
| 4e | quarto | vierde |
| 5e | quinto | vijfde |
| 6e | sesto | zesde |
| 7e | settimo | zevende |
| 8e | ottavo | achtste |
| 9e | nono | negende |
| 10e | decimo | tiende |
Deze vormen moet je als woorden leren. Ze zijn niet allemaal rechtstreeks af te leiden van de moderne hoofdtelwoorden uno, due, tre enzovoort. Vooral primo, secondo, terzo en sesto herken je niet betrouwbaar door alleen naar het bijbehorende getal te kijken.
Let bij het schrijven op dubbele medeklinkers: settimo heeft dubbel t en ottavo ook. Quarto heeft daarentegen maar één t.
Overeenkomst met het zelfstandig naamwoord
Een zelfstandig naamwoord is een woord voor een persoon, zaak, plaats of begrip, zoals ragazzo, casa of giorno. Italiaanse rangtelwoorden werken als regelmatige bijvoeglijke naamwoorden op -o. Dat betekent dat ze vier uitgangen kunnen hebben:
| Geslacht en getal | Uitgang | Voorbeeld | Betekenis |
|---|---|---|---|
| mannelijk enkelvoud | -o | il secondo piano | de tweede verdieping |
| vrouwelijk enkelvoud | -a | la seconda porta | de tweede deur |
| mannelijk meervoud | -i | i secondi piani | de tweede verdiepingen |
| vrouwelijk meervoud | -e | le seconde porte | de tweede deuren |
Het grammaticale geslacht is de Italiaanse indeling van zelfstandige naamwoorden in mannelijk en vrouwelijk. Het gaat niet noodzakelijk om biologisch geslacht. Zo is piano mannelijk en porta vrouwelijk. Het rangtelwoord neemt die kenmerken over:
- primo → prima → primi → prime
- terzo → terza → terzi → terze
- decimo → decima → decimi → decime
Bij een gemengde groep personen gebruikt het Italiaans gewoonlijk het mannelijk meervoud: i primi studenti e le prime studentesse kan gezamenlijk worden samengevat als i primi studenti wanneer de groep uit mannen en vrouwen bestaat.
Lidwoord + rangtelwoord + zelfstandig naamwoord
In de gewone woordvolgorde staat het rangtelwoord vóór het zelfstandig naamwoord:
lidwoord + rangtelwoord + zelfstandig naamwoord
- il primo giorno — de eerste dag
- la terza strada — de derde straat
- l'ottavo capitolo — het achtste hoofdstuk
- le prime settimane — de eerste weken
Vaak staat er een bepaald lidwoord (il, lo, la, l’, i, gli, le), net als de of het in het Nederlands. De keuze van het Italiaanse lidwoord wordt bepaald door geslacht, getal en de beginklank van het rangtelwoord. Meestal zie je il of la in het enkelvoud: il secondo, la quinta. Vóór ottavo en ottava wordt het lidwoord afgekapt: l’ottavo capitolo, l’ottava pagina. In het meervoud krijg je onder meer i primi giorni en le seconde volte.
Een onbepaald lidwoord is ook mogelijk als de betekenis ‘een eerste’, ‘een tweede’ of ‘nog een’ is:
- un primo passo — een eerste stap
- una seconda possibilità — een tweede kans
- un terzo tentativo — een derde poging
Zelfstandig gebruikt
Het zelfstandig naamwoord kan worden weggelaten als al duidelijk is waarover je spreekt. Het rangtelwoord staat dan zelfstandig, maar blijft overeenkomen met het bedoelde woord:
- Quale autobus prendi? Il primo. — Welke bus neem je? De eerste.
- Quale squadra è arrivata? La seconda. — Welk team is aangekomen? Het tweede.
- Maria è stata la prima. — Maria was de eerste.
In Maria è stata la prima past prima bij Maria. Bij een man zeg je Marco è stato il primo.
Verdiepingen
Bij gebouwen staat het rangtelwoord gewoonlijk bij piano:
- il piano terra — de begane grond
- il primo piano — de eerste verdieping
- il secondo piano — de tweede verdieping
Dit sluit beter aan bij Nederlands gebruik dan bij systemen waarin de begane grond als eerste verdieping wordt geteld. Toch is piano terra de veiligste term om expliciet de begane grond aan te duiden. In een lift kun je daarnaast cijfers of afkortingen zien.
Voorbeelden in context
| Italiaans | Nederlands | Toelichting |
|---|---|---|
| È la prima volta che visito Firenze. | Het is de eerste keer dat ik Florence bezoek. | Volta is vrouwelijk enkelvoud. |
| Il nostro ufficio è al secondo piano. | Ons kantoor is op de tweede verdieping. | Na a + il ontstaat al. |
| Gira a destra alla terza strada. | Sla bij de derde straat rechtsaf. | Strada is vrouwelijk. |
| I primi giorni sono stati difficili. | De eerste dagen waren moeilijk. | Mannelijk meervoud: primi. |
| Questa è la quarta lezione del corso. | Dit is de vierde les van de cursus. | Lezione is vrouwelijk, ondanks de uitgang -e. |
| Luca è arrivato quinto nella gara. | Luca is als vijfde geëindigd in de wedstrijd. | Het rangtelwoord verwijst naar Luca. |
| Anna è arrivata sesta. | Anna is als zesde geëindigd. | De vrouwelijke vorm past bij Anna. |
| Abitiamo nella settima casa a sinistra. | We wonen in het zevende huis aan de linkerkant. | Italiaans casa is vrouwelijk; Nederlands huis is onzijdig. |
| Leggete l’ottavo capitolo per domani. | Lees voor morgen het achtste hoofdstuk. | Het lidwoord wordt l’ vóór een klinker. |
| È il nono mese dell’anno. | Het is de negende maand van het jaar. | Mese is mannelijk. |
| Oggi festeggiano il decimo anniversario. | Vandaag vieren ze het tiende jubileum. | Anniversario is mannelijk enkelvoud. |
| Siamo i primi clienti della giornata. | Wij zijn de eerste klanten van de dag. | Mannelijk meervoud of een gemengde groep. |
| Vorrei una seconda tazza di caffè. | Ik zou een tweede kop koffie willen. | Hier betekent het ook: nog een kop. |
| Chi risponde alla quinta domanda? | Wie beantwoordt de vijfde vraag? | Vrouwelijk enkelvoud: quinta. |
Veelgemaakte fouten
De mannelijke basisvorm overal gebruiken
- Fout: la primo volta
- Goed: la prima volta
- Waarom: Volta is vrouwelijk enkelvoud. Daarom moeten zowel la als prima vrouwelijk enkelvoud zijn. Leer vaste combinaties niet alleen als primo, maar oefen ook prima, primi, prime.
Alleen het lidwoord aanpassen
- Fout: le primo settimane
- Goed: le prime settimane
- Waarom: In het Italiaans draagt niet alleen het lidwoord informatie over geslacht en getal. Ook het rangtelwoord moet meeveranderen. Bij vrouwelijk meervoud eindigt het op -e.
Een hoofdtelwoord gebruiken waar een rangtelwoord nodig is
- Fout: il tre capitolo
- Goed: il terzo capitolo
- Waarom: Tre telt een hoeveelheid; terzo geeft een plaats in een reeks aan. Vergelijk tre capitoli ‘drie hoofdstukken’ met il terzo capitolo ‘het derde hoofdstuk’.
Nederlandse woordgeslachten volgen
- Fout: il settimo casa, gedacht vanuit ‘het zevende huis’
- Goed: la settima casa
- Waarom: De vorm volgt het Italiaanse woord casa, niet het Nederlandse vertaalwoord huis. Controleer dus altijd het geslacht van het Italiaanse zelfstandig naamwoord.
Secondo altijd als ‘tweede’ lezen
- Misleidend: Secondo Marco, il treno è in ritardo.
- Juiste lezing: Volgens Marco heeft de trein vertraging.
- Waarom: Secondo kan ook een voorzetsel zijn met de betekenis ‘volgens’. Alleen de context laat zien of het om het rangtelwoord gaat: il secondo treno is ‘de tweede trein’.
Bij elke datum een rangtelwoord gebruiken
- Fout: il secondo giugno voor 2 juni
- Goed: il due giugno
- Waarom: Italiaanse kalenderdata gebruiken normaal hoofdtelwoorden. Alleen de eerste dag van de maand wordt vaak met primo gezegd: il primo maggio.
Gebruiksnotities
Vóór of achter het zelfstandig naamwoord
In alledaags Italiaans staat het rangtelwoord meestal vóór het zelfstandig naamwoord: la seconda pagina, il quinto giorno. Achterplaatsing komt voor in opschriften, officiële indelingen en een plechtige of oudere stijl: capitolo primo, parte seconda. Voor een beginner is voorplaatsing de beste standaardkeuze.
Bij wedstrijden en volgordes kan het rangtelwoord zonder lidwoord als bepaling bij een persoon staan: Giulia è arrivata prima en Paolo è arrivato secondo. De vorm past dan nog steeds bij de persoon. Met een lidwoord leg je meer nadruk op de positie als zelfstandig begrip: Giulia è la prima.
Vaste combinaties
Sommige combinaties kom je zo vaak tegen dat het handig is ze als geheel te onthouden:
- per la prima volta — voor de eerste keer
- a prima vista — op het eerste gezicht
- in primo luogo — in de eerste plaats
- di prima classe — eersteklas
- una seconda volta — een tweede keer
- primo piano — voorgrond, maar ook eerste verdieping afhankelijk van de context
Primo en secondo kunnen bovendien zelfstandige naamwoorden zijn. In een Italiaans menu is un primo een voorgerecht in de categorie pasta, rijst of soep, en un secondo meestal een daaropvolgend vlees-, vis- of ander hoofdgerecht. Dat gebruik kun je niet letterlijk met ‘een eerste’ en ‘een tweede’ vertalen.
Verder dan de basis
De volgende punten hoef je op A1-niveau nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later wel tegenkomen.
Rangtelwoorden boven tien
Vanaf elf worden rangtelwoorden meestal gevormd met -esimo. De laatste klinker van het hoofdtelwoord valt doorgaans weg voordat de uitgang wordt toegevoegd:
| Hoofdtelwoord | Rangtelwoord | Nederlands |
|---|---|---|
| undici | undicesimo | elfde |
| dodici | dodicesimo | twaalfde |
| tredici | tredicesimo | dertiende |
| venti | ventesimo | twintigste |
| ventuno | ventunesimo | eenentwintigste |
| ventotto | ventottesimo | achtentwintigste |
| cento | centesimo | honderdste |
| mille | millesimo | duizendste |
Ook deze vormen verbuigen: il ventunesimo secolo, la ventunesima pagina, i ventunesimi classificati. Bij samengestelde getallen op tre zie je bijvoorbeeld ventitreesimo; het accent van ventitré verdwijnt wanneer het woord wordt verlengd.
Namen, pausen en vorsten
Romeinse cijfers achter namen worden als rangtelwoorden gelezen. Carlo V lees je als Carlo quinto en Giovanni Paolo II als Giovanni Paolo secondo. Het rangtelwoord staat hier na de naam, omdat het onderdeel is van de officiële naamgeving.
Romeinse cijfers komen ook voor bij eeuwen, hoofdstukken en evenementen. De precieze leeswijze hangt van het soort aanduiding af, maar il XXI secolo wordt bijvoorbeeld il ventunesimo secolo. In lopende tekst is de voluit geschreven vorm vaak duidelijker voor een taalleerder.
Afkortingen
In praktische teksten kun je vormen zien als 1º, 2º, 3º voor mannelijk en 1ª, 2ª, 3ª voor vrouwelijk: 1º piano, 2ª edizione. Het kleine teken is een rangtelwoordteken, niet simpelweg het gradenteken, ook al lijken ze typografisch sterk op elkaar. In formele lopende tekst is uitschrijven meestal het duidelijkst.
Oefentips
- Leer in viertallen. Neem elke dag twee rangtelwoorden en zeg alle vormen hardop: primo, prima, primi, prime; daarna secondo, seconda, secondi, seconde. Voeg telkens een echt zelfstandig naamwoord toe.
- Maak een route door een gebouw of boek. Beschrijf il piano terra, il primo piano, il secondo piano of il primo capitolo, la seconda pagina, il terzo esercizio. Zo koppel je de vorm aan een concrete volgorde.
- Oefen het contrast met hoeveelheden. Maak paren zoals tre domande / la terza domanda en due settimane / la seconda settimana. Controleer bij elk paar of je telt of rangschikt, en of de Italiaanse uitgangen kloppen.
Verwante onderwerpen
- Vereiste voorkennis: Hoofdtelwoorden — hiermee tel je hoeveelheden en vorm je later hogere rangtelwoorden.
- Handige vervolgstap: Tijd en data — laat zien waarom kalenderdata meestal hoofdtelwoorden gebruiken en hoe je een volledige datum zegt.
- Handige herhaling: Regelmatige bijvoeglijke naamwoorden — verdiept de overeenkomst in mannelijk, vrouwelijk, enkelvoud en meervoud.
languages.concept.prerequisite
Hoofdtelwoorden in het ItaliaansA1languages.concept.related
languages.concept.otherLanguages
languages.concept.compareLanguages
languages.cta.conceptText
languages.cta.practiceConceptButton