Passé composé in het Frans
Passé Composé
Overzicht
De passé composé is de meest gebruikte verleden tijd in het gesproken en informeel geschreven Frans. Je gebruikt hem voor afgesloten handelingen in het verleden: een eenmalige gebeurtenis, een actie met een duidelijk begin en einde, of een reeks opeenvolgende handelingen.
De passé composé wordt gevormd met een hulpwerkwoord (avoir of être) plus het voltooid deelwoord (participe passé). De meeste werkwoorden gebruiken avoir als hulpwerkwoord; een specifieke groep van bewegings- en toestandswerkwoorden plus alle reflexieve werkwoorden gebruiken être.
Voor Nederlandstaligen is de passé composé vergelijkbaar met de Nederlandse voltooide tijd (ik heb gegeten, ik ben gegaan).
Hoe het werkt
Structuur: Onderwerp + avoir/être (geconjugeerd) + voltooid deelwoord
Vorming van het voltooid deelwoord:
- -ER werkwoorden: stam + -é (parler → parlé)
- -IR werkwoorden: stam + -i (finir → fini)
- -RE werkwoorden: stam + -u (attendre → attendu)
Met avoir (meeste werkwoorden):
| Persoon | Voorbeeld | Vertaling |
|---|---|---|
| j'ai | j'ai parlé | ik heb gesproken |
| tu as | tu as fini | jij hebt beëindigd |
| il/elle a | il a attendu | hij heeft gewacht |
| nous avons | nous avons mangé | wij hebben gegeten |
| vous avez | vous avez choisi | u heeft gekozen |
| ils/elles ont | ils ont vendu | zij hebben verkocht |
Voorbeelden in context
| Frans | Nederlands | Opmerking |
|---|---|---|
| J'ai mangé une pizza. | Ik heb een pizza gegeten. | avoir + -ER |
| Il a fini son travail. | Hij heeft zijn werk afgemaakt. | avoir + -IR |
| Nous avons attendu le bus. | We hebben op de bus gewacht. | avoir + -RE |
| Tu as vu ce film ? | Heb jij die film gezien? | onregelmatig deelwoord |
| Elle a pris un taxi. | Ze heeft een taxi genomen. | onregelmatig: pris |
| Vous avez parlé avec lui ? | Heeft u met hem gesproken? | formeel |
| Ils ont fini hier soir. | Ze hebben het gisteravond afgemaakt. | tijdsaanduiding |
| Je n'ai pas dormi. | Ik heb niet geslapen. | ontkenning |
| Qu'est-ce que tu as fait ? | Wat heb jij gedaan? | vraagzin |
| Elles ont choisi le rouge. | Ze hebben de rode gekozen. | vrouwelijk meervoud |
Veelgemaakte fouten
Être i.p.v. avoir als hulpwerkwoord gebruiken
- Fout: Je suis mangé.
- Correct: J'ai mangé.
- Waarom: De meeste werkwoorden gebruiken avoir. Alleen een specifieke lijst gebruikt être (zie passé composé met être).
Het voltooid deelwoord niet aanpassen bij être-werkwoorden
- Fout: Elle est parti.
- Correct: Elle est partie.
- Waarom: Bij être-hulpwerkwoord past het deelwoord zich aan in geslacht en getal.
Ontkenning rond hulpwerkwoord vergeten
- Fout: Je ai pas mangé.
- Correct: Je n'ai pas mangé.
- Waarom: De ontkenning omringt het hulpwerkwoord: ne...pas om avoir/être.
Oefentips
- Vervoeg vijf veelgebruikte werkwoorden in de passé composé: manger, finir, attendre, voir, prendre.
- Beschrijf wat je gisteren gedaan hebt in vijf zinnen met de passé composé.
- Leer de meest voorkomende onregelmatige deelwoorden: eu, été, fait, pris, vu, dit, écrit, lu, mis, su.
Verwante concepten
- Vereiste: Avoir (hebben) — hulpwerkwoord
- Vereiste: Être (zijn) — hulpwerkwoord voor specifieke werkwoorden
- Volgende stappen: Onregelmatige voltooid deelwoorden — eu, fait, pris...
- Volgende stappen: Passé composé met être — aller, venir, partir...
- Volgende stappen: Imperfectum vs passé composé — wanneer gebruik je welke
Vereiste kennis
Avoir (hebben) in het FransA1Concepten die hierop voortbouwen
Meer A2-concepten
Wil je Passé composé in het Frans en meer Frans-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.
Gratis beginnen