Dagen, maanden en datums in het Engels
Days and Months
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Engels op Settemila Lingue.
Kort gezegd
Engelse weekdagen en maanden krijgen altijd een hoofdletter: Monday, Friday, January en July. Gebruik meestal on bij een dag of datum (on Friday, on 4 July) en in bij alleen een maand (in July). In Brits Engels staat de dag doorgaans vóór de maand; in Amerikaans Engels staat de maand meestal eerst.
Overzicht
Dagen, maanden en datums behoren tot de eerste onderwerpen op A1-niveau. Je hebt ze nodig om afspraken te maken, openingstijden te begrijpen, over verjaardagen te praten en formulieren in te vullen. De basis is overzichtelijk, maar er zijn drie verschillen met het Nederlands die gemakkelijk fouten veroorzaken: Engelse namen krijgen hoofdletters, bij een concrete dag staat meestal on en de volgorde van dag en maand verschilt per land.
Een datum bestaat uit een dagnummer, een maand en soms een jaar. In geschreven datums zie je zowel gewone cijfers (4 July) als rangtelwoorden (4th July). Een rangtelwoord geeft een plaats in een reeks aan: fourth betekent hier ‘vierde’. Bij het voorlezen gebruikt het Engels vrijwel altijd zo'n rangtelwoord, ook als de letters -th niet zijn uitgeschreven.
Het belangrijkste voor een beginner is dus: leer de namen met hun hoofdletter, kies on of in op basis van hoe precies de tijdsaanduiding is, en wees consequent in Britse of Amerikaanse datumvolgorde.
Hoe het werkt
De dagen van de week
| Engels | Nederlands | Gebruikelijke afkorting |
|---|---|---|
| Monday | maandag | Mon |
| Tuesday | dinsdag | Tue of Tues |
| Wednesday | woensdag | Wed |
| Thursday | donderdag | Thu of Thurs |
| Friday | vrijdag | Fri |
| Saturday | zaterdag | Sat |
| Sunday | zondag | Sun |
In het Engels begint iedere weekdag met een hoofdletter, ook midden in een zin: We work on Monday. In het Nederlands schrijf je normaal maandag; die Nederlandse gewoonte mag je dus niet meenemen naar het Engels.
In veel Britse agenda's begint de week op maandag. Amerikaanse kalenders tonen vaak zondag als eerste dag. Dat verandert de namen en de grammatica niet.
De maanden
| Engels | Nederlands | Gebruikelijke afkorting |
|---|---|---|
| January | januari | Jan |
| February | februari | Feb |
| March | maart | Mar |
| April | april | Apr |
| May | mei | May |
| June | juni | Jun |
| July | juli | Jul |
| August | augustus | Aug |
| September | september | Sep of Sept |
| October | oktober | Oct |
| November | november | Nov |
| December | december | Dec |
Ook alle maandnamen krijgen een hoofdletter: My course starts in September. Let vooral op January, February en August: de spelling lijkt op het Nederlands, maar is niet hetzelfde.
Afkortingen verschillen enigszins per huisstijl. In Amerikaans Engels staat er vaak een punt, bijvoorbeeld Jan.; in Brits Engels wordt die punt dikwijls weggelaten. May wordt meestal niet afgekort.
Welk voorzetsel gebruik je?
Een voorzetsel is een kort woord dat hier de relatie met de tijd aangeeft. De hoofdregel loopt van precies naar ruim:
| Tijdsaanduiding | Voorzetsel | Voorbeeld | Betekenis |
|---|---|---|---|
| dag van de week | on | on Friday | op vrijdag |
| volledige datum | on | on 15 May | op 15 mei |
| dag + deel van de dag | on | on Monday morning | maandagochtend |
| maand | in | in July | in juli |
| jaar | in | in 2027 | in 2027 |
| maand + jaar | in | in July 2027 | in juli 2027 |
| exacte kloktijd | at | at nine o'clock | om negen uur |
Vergelijk in July met on July 4th. Zodra je een concrete kalenderdag noemt, gebruik je on. Bij this, next, last en every staat normaal geen voorzetsel: this Monday, next July, last Friday, every Sunday. Zeg dus niet on next Monday in gewoon hedendaags Engels.
Britse en Amerikaanse datumvolgorde
Er bestaan twee gangbare patronen:
| Variant | Geschreven vorm | Uitgesproken vorm |
|---|---|---|
| Brits Engels | 15 May 2026 of 15th May 2026 | the fifteenth of May, twenty twenty-six |
| Amerikaans Engels | May 15, 2026 of May 15th, 2026 | May fifteenth, twenty twenty-six |
In Brits Engels is dag–maand–jaar normaal. Dat komt overeen met de Nederlandse volgorde, al schrijft het Nederlands de maand zonder hoofdletter. In Amerikaans Engels is maand–dag–jaar normaal. Bij de Amerikaanse vorm staat in doorlopende tekst gewoonlijk een komma vóór het jaar: May 15, 2026. Bij de Britse vorm staat daar doorgaans geen komma.
De woorden the en of hoor je vaak in de Britse uitspraak, ook als ze niet op papier staan:
- 15 May → the fifteenth of May
- 1 October → the first of October
In de Amerikaanse uitspraak staan die woorden meestal niet: October first.
Rangtelwoorden in datums
De meeste dagnummers eindigen als rangtelwoord op -th, maar 1, 2 en 3 hebben afwijkende vormen:
| Cijfer | Rangtelwoord | Cijfer | Rangtelwoord |
|---|---|---|---|
| 1 | first — 1st | 21 | twenty-first — 21st |
| 2 | second — 2nd | 22 | twenty-second — 22nd |
| 3 | third — 3rd | 23 | twenty-third — 23rd |
| 4 | fourth — 4th | 24 | twenty-fourth — 24th |
| 5 | fifth — 5th | 30 | thirtieth — 30th |
| 8 | eighth — 8th | 31 | thirty-first — 31st |
| 9 | ninth — 9th | ||
| 12 | twelfth — 12th |
Let op 11, 12 en 13: 11th, 12th, 13th. Het laatste cijfer alleen is dus niet genoeg: 11st is fout. De uitgangen st, nd, rd en th mogen in veel moderne geschreven datums worden weggelaten, maar de uitspraak blijft een rangtelwoord: July 4 lees je als July fourth.
Jaren uitspreken
Voor jaren vóór 2000 worden de cijfers vaak in twee groepen gelezen: 1998 is nineteen ninety-eight. 2000 is two thousand. Voor jaren vanaf 2010 zijn zowel twenty twenty-six als two thousand and twenty-six mogelijk; de eerste vorm is vaak korter en gebruikelijker. In Amerikaans Engels wordt and in de lange vorm vaak weggelaten: two thousand twenty-six.
Voorbeelden in context
| Engels | Nederlands | Toelichting |
|---|---|---|
| The meeting is on Monday. | De vergadering is op maandag. | Een concrete weekdag krijgt on. |
| I work from Tuesday to Saturday. | Ik werk van dinsdag tot en met zaterdag. | In het bereik from … to … is geen on nodig. |
| We usually visit them on Sundays. | We bezoeken hen meestal op zondag. | Meervoud duidt hier een terugkerende gewoonte aan. |
| Her course starts in September. | Haar cursus begint in september. | Bij alleen een maand gebruik je in. |
| My birthday is on July 4th. | Mijn verjaardag is op 4 juli. | Amerikaanse volgorde: maand vóór dag. |
| Our appointment is on 15 May. | Onze afspraak is op 15 mei. | Britse volgorde: dag vóór maand. |
| The shop is closed on Monday morning. | De winkel is maandagochtend gesloten. | Bij dag + dagdeel staat on. |
| Are you free next Friday? | Ben je volgende week vrijdag vrij? | Na next komt geen on. |
| We moved here in March 2024. | We zijn hier in maart 2024 komen wonen. | Maand + jaar krijgt in. |
| The deadline is May 15, 2026. | De uiterste datum is 15 mei 2026. | Amerikaanse notatie met komma vóór het jaar. |
| The festival runs from 2 to 5 August. | Het festival duurt van 2 tot en met 5 augustus. | Een datumbereik in Britse volgorde. |
| Today is Wednesday, 8 April. | Vandaag is het woensdag 8 april. | Na de weekdag kan een komma staan. |
| See you this Sunday! | Tot zondag! | Na this staat geen voorzetsel. |
Veelgemaakte fouten
Geen hoofdletter gebruiken
- Fout: The class starts on monday in september.
- Goed: The class starts on Monday in September.
- Waarom: Alle Engelse weekdagen en maanden beginnen met een hoofdletter. In het Nederlands geldt dat normaal niet, waardoor deze fout snel ontstaat.
In gebruiken bij een concrete dag
- Fout: My exam is in Friday.
- Goed: My exam is on Friday.
- Waarom: Gebruik on voor een weekdag of volledige datum; in hoort bij een maand of jaar.
Een overbodig voorzetsel toevoegen
- Fout: We will meet on next Tuesday.
- Goed: We will meet next Tuesday.
- Waarom: Voor this, next, last en every staat normaal geen on of in.
Nederlandse datumgewoonten mengen met Amerikaans Engels
- Fout of verwarrend: 04/07/2026 zonder verdere context.
- Duidelijk: 4 July 2026 of July 4, 2026.
- Waarom: De cijferdatum kan 4 juli betekenen in Britse en Nederlandse volgorde, maar 7 april in Amerikaanse volgorde. Schrijf de maandnaam uit als lezers uit verschillende landen de tekst zien.
Verkeerde uitgang bij 11, 12 of 13
- Fout: 11st June / 12nd June / 13rd June
- Goed: 11th June / 12th June / 13th June
- Waarom: Deze drie getallen eindigen altijd op -th. Pas bij 21st, 22nd en 23rd keren de andere uitgangen terug.
Een datum met een gewoon hoofdtelwoord uitspreken
- Fout: May fifteen voor May 15.
- Goed: May fifteenth.
- Waarom: Een geschreven datum gebruikt in de uitspraak een rangtelwoord: niet ‘vijftien’, maar ‘vijftiende’.
Gebruiksnotities
In lopende tekst is een uitgeschreven maand meestal duidelijker en verzorgder dan een volledig numerieke datum. Cijfernotaties verschillen niet alleen tussen het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, maar ook tussen organisaties en computersystemen. Op formulieren staat daarom vaak een aanwijzing als DD/MM/YYYY of MM/DD/YYYY. DD betekent dag, MM maand en YYYY een viercijferig jaar.
Bij herhaling zijn zowel on Fridays als every Friday natuurlijk. I work at home on Fridays betekent dat dit doorgaans iedere vrijdag gebeurt. I work at home every Friday benadrukt de regelmaat nog iets sterker. Na every Friday gebruik je geen on.
In informeel Amerikaans Engels hoor je soms July fourth als naam voor de datum en the Fourth of July voor de Amerikaanse feestdag. Hoofdletters in the Fourth of July zijn dan gebruikelijk omdat het om de naam van de feestdag gaat.
Voor een periode gebruik je vaak from … to … of from … through …. Vooral in Amerikaans Engels kan through Friday betekenen dat vrijdag inbegrepen is. Het neutralere from Monday to Friday is internationaal goed begrijpelijk, maar kan zonder context soms twijfel laten over de einddag. Voeg zo nodig inclusive (‘inclusief’) toe in formele informatie.
Verder dan de basis
De volgende details hoef je op A1-niveau nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later tegenkomen.
Datums zonder voorzetsel
Een datum kan zonder on staan wanneer hij als bijstelling extra informatie geeft: The conference begins Monday, 6 April. In krantenkoppen, agenda's en korte aankondigingen worden voorzetsels bovendien vaak weggelaten om ruimte te besparen. In een gewone volledige zin blijft on de veilige beginnerskeuze: The conference begins on Monday, 6 April.
At the weekend en on the weekend
Brits Engels gebruikt meestal at the weekend; Amerikaans Engels meestal on the weekend. Met een benoemde dag blijft het aan beide kanten on Saturday. Dit verschil hoort niet direct bij datums, maar is nuttig zodra je weekdagen in plannen gebruikt.
Formele datumnotaties
In internationale, technische en administratieve contexten komt de ISO-notatie jaar–maand–dag voor, bijvoorbeeld 2026-05-15. Deze vorm voorkomt veel verwarring en sorteert gemakkelijk op datum. In een persoonlijke e-mail of gesprek klinkt een uitgeschreven vorm meestal natuurlijker.
In zeer formeel Brits taalgebruik kan een datum worden geschreven als the 15th of May. In neutrale moderne tekst is 15 May compacter. Amerikaans Engels gebruikt in formele tekst doorgaans May 15, 2026. Kies binnen één document één stijl; wisselen oogt slordig, ook als beide vormen grammaticaal correct zijn.
Weekdagen als bijvoeglijke bepaling
Een zelfstandig naamwoord is een woord voor een persoon, ding of begrip. Een weekdag kan vóór zo'n woord staan om het nader te bepalen: the Monday meeting, Saturday night, Sunday lunch. Er komt dan niet automatisch on tussen. Vergelijk:
- The meeting is on Monday. — de vergadering vindt maandag plaats.
- The Monday meeting is cancelled. — de maandagvergadering gaat niet door.
Oefentips
- Maak twee vaste reeksen. Schrijf de zeven dagen en twaalf maanden uit het hoofd op en controleer daarna spelling én hoofdletters. Spreek vooral Wednesday en February een paar keer hardop uit; de uitspraak volgt niet elke geschreven letter even duidelijk.
- Oefen met je eigen agenda. Formuleer vijf echte zinnen, bijvoorbeeld I have a dentist's appointment on Tuesday en My holiday starts in August. Voeg ook één zin met next toe, zodat je oefent om het voorzetsel weg te laten.
- Lees dezelfde datum op twee manieren. Neem bijvoorbeeld 15 May 2026 en zeg eerst de Britse vorm, daarna May 15, 2026 in de Amerikaanse vorm. Zo leer je beide systemen herkennen zonder ze in één notatie te mengen.
Verwante onderwerpen
Er zijn in de aangeleverde leerlijn geen afzonderlijke verwante concepten aan dit onderwerp gekoppeld. Handige vervolgstappen zijn wel Engelse rangtelwoorden, kloktijden en andere voorzetsels van tijd; die bouwen voort op dezelfde keuzes tussen at, on en in.
Meer A1-concepten
Dit concept in andere talen
Vergelijk in alle talen
Oefen Days and Months in Engels met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Engels · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen