Voorzetsels van plaats in het Portugees
Preposições de Lugar
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Portugees op Settemila Lingue.
Kort gezegd
Het Portugees gebruikt vooral em voor een plaats waar iets zich bevindt, a of para voor een bestemming en de voor een herkomst: Estou em casa, Vou ao cinema, Venho do trabalho. Voor een zelfstandig naamwoord (een woord voor een persoon, ding of plaats) smelten em, de en a vaak verplicht samen met het lidwoord: em + a = na, de + o = do, a + o = ao.
Overzicht
Voorzetsels leggen een verband tussen woorden. Bij plaats vertellen ze waar iemand of iets is, waarheen iemand gaat of waarvandaan iemand komt. In het Portugees zijn korte vormen als em, de en a belangrijk, maar ook vaste combinaties als debaixo de ‘onder’, em frente de ‘voor’ en atrás de ‘achter’.
Dit onderwerp hoort bij A1, omdat je deze vormen meteen nodig hebt: thuis, op het werk, in een winkel of onderweg. De basis is overzichtelijk. Voor stilstand kies je meestal em; voor een vertrekpunt de; voor een bestemming vaak a of para. Toch kun je Nederlandse voorzetsels niet woord voor woord omzetten. Nederlands op wordt bijvoorbeeld soms em, soms sobre en soms een langere uitdrukking.
Daar komt nog iets bij: het Portugese voorzetsel en lidwoord worden vaak één woord. Na mesa bestaat uit em + a mesa en do hotel uit de + o hotel. Die samentrekkingen zijn geen informele afkortingen, maar gewone grammatica.
Hoe werkt het?
De basis: plaats, richting en herkomst
| Betekenis | Portugese vorm | Basisvoorbeeld | Nederlandse betekenis |
|---|---|---|---|
| plaats of positie | em | em casa | thuis, in huis |
| bestemming of richting | a | ao cinema | naar de bioscoop |
| bestemming, vaak met nadruk op de richting of het doel | para | para Lisboa | naar Lissabon |
| herkomst of vertrekpunt | de | do trabalho | van het werk |
| tussen of te midden van | entre | entre as casas | tussen de huizen |
| op, bovenop; ook over als onderwerp | sobre | sobre a mesa | op de tafel |
| onder | debaixo de | debaixo da cama | onder het bed |
| vóór, aan de voorkant van | em frente de | em frente da estação | voor het station |
| achter | atrás de | atrás da porta | achter de deur |
| met | com | com os amigos | met de vrienden |
| zonder | sem | sem os amigos | zonder de vrienden |
Com en sem geven strikt genomen geen positie aan. Ze horen toch bij eenvoudige plaatsbeschrijvingen, omdat je ermee zegt wie of wat op een plek aanwezig of afwezig is: Estou no café com a Ana en Ele saiu sem o casaco.
Em: in, op of bij
Em is het gewone voorzetsel voor de plaats waar iemand of iets zich bevindt. Het Nederlandse equivalent hangt af van de situatie:
- em casa — thuis
- na cozinha — in de keuken
- na mesa — op de tafel
- no aeroporto — op de luchthaven
- em Lisboa — in Lissabon
De Nederlandse gewoonte om scherp tussen in, op en bij te kiezen helpt hier dus maar beperkt. Leer liever de Portugese combinatie. Em zegt in de eerste plaats dat iets zich op een bepaalde plek bevindt; de soort plek bepaalt de Nederlandse vertaling.
Bij steden staat meestal geen lidwoord: em Lisboa, em Amesterdão/Amsterdã. Landen verschillen per naam. Het is em Portugal, maar no Brasil en nos Países Baixos. Het lidwoord hoort bij de plaatsnaam en moet je daarom samen met die naam leren.
De: van of uit
De markeert bij plaats meestal de herkomst of het vertrekpunt:
- Venho de Lisboa. — Ik kom uit Lissabon.
- Ela saiu do banco. — Zij kwam de bank uit / ging bij de bank weg.
- Voltamos da praia. — We komen terug van het strand.
Daarnaast vormt de het laatste deel van veel plaatsuitdrukkingen: debaixo de, em frente de, atrás de, ao lado de, perto de en longe de. Als daarna een lidwoord komt, trekt de daarmee samen: debaixo da mesa, atrás do carro.
A en para: naar een bestemming
A geeft beweging naar een punt of bestemming aan. Het komt veel voor na ir ‘gaan’ en in vaste verbindingen:
- Vou ao mercado. — Ik ga naar de markt.
- Vamos à praia. — We gaan naar het strand.
- Cheguei à estação. — Ik kwam bij/op het station aan.
Para betekent eveneens ‘naar’, maar legt vaak meer nadruk op de richting of de bestemming: Vou para o centro. In Europees Portugees kan ir a een kort of doelgericht bezoek suggereren en ir para een langere verplaatsing of bestemming. Dat is geen absolute regel. In Braziliaans Portugees is ir para zeer gewoon, en in informele taal hoor je ook vaak ir em, bijvoorbeeld ir no mercado. In verzorgde, neutrale taal blijft ir ao mercado of ir para o mercado een veilige keuze.
Let op het verschil tussen positie en beweging:
| Positie: waar? | Beweging: waarheen? |
|---|---|
| Estou no mercado. — Ik ben op de markt. | Vou ao mercado. — Ik ga naar de markt. |
| Ela está na praia. — Zij is op het strand. | Ela vai para a praia. — Zij gaat naar het strand. |
| Estamos em casa. — Wij zijn thuis. | Vamos para casa. — Wij gaan naar huis. |
De verplichte samentrekkingen
Een bepaald lidwoord is een woord als o, a, os of as, vergelijkbaar met Nederlands de/het. Na em, de en a wordt het doorgaans met het voorzetsel samengevoegd.
| Voorzetsel + lidwoord | Mannelijk enkelvoud | Vrouwelijk enkelvoud | Mannelijk meervoud | Vrouwelijk meervoud |
|---|---|---|---|---|
| em + | no | na | nos | nas |
| de + | do | da | dos | das |
| a + | ao | à | aos | às |
Voorbeelden: no quarto, na escola, dos jardins, atrás das cadeiras, ao centro en às lojas.
De accent grave in à en às geeft de samenkomst van twee a’s aan: a + a = à en a + as = às. Het is geen klemtoonteken. Schrijf dus Vou à biblioteca, niet Vou a biblioteca wanneer biblioteca hier het lidwoord a heeft.
Met het onbepaalde lidwoord um/uma trekt em eveneens samen: num quarto, numa loja, nuns hotéis, numas caixas. Na entre, sobre, com en sem blijft het lidwoord los: entre o banco e a farmácia, sobre a mesa, com os colegas, sem a chave.
Samengestelde plaatsuitdrukkingen
Bij een samengestelde uitdrukking moet je de hele groep leren, inclusief het laatste voorzetsel.
| Uitdrukking | Betekenis | Voorbeeld |
|---|---|---|
| debaixo de | onder | debaixo da cadeira |
| em frente de | voor, tegenover de voorkant van | em frente do museu |
| atrás de | achter | atrás das árvores |
| ao lado de | naast | ao lado da janela |
| perto de | dicht bij | perto do centro |
| longe de | ver van | longe da estação |
| em cima de | bovenop, op | em cima da secretária |
| à esquerda de | links van | à esquerda da entrada |
| à direita de | rechts van | à direita do hotel |
Bij debaixo da cadeira is da dus niet zomaar een onderdeel van het woord voor ‘onder’. De opbouw is debaixo de + a cadeira, waarna de + a verandert in da.
Estar en ficar bij plaats
Het werkwoord estar beschrijft waar iemand of iets zich op een bepaald moment bevindt: O gato está debaixo da mesa. Ficar gebruik je vaak voor de vaste ligging van een plaats of gebouw: Onde fica a estação? — ‘Waar is het station?’ Voor een beginner is deze vuistregel nuttig:
- persoon of voorwerp nu ergens: estar
- ligging van een gebouw, straat of bestemming: vaak ficar
Voorbeelden in context
| Portugees | Nederlands | Opmerking |
|---|---|---|
| Estou em casa. | Ik ben thuis. | Vaste combinatie zonder lidwoord. |
| As chaves estão na mesa. | De sleutels liggen op tafel. | na = em + a; Nederlands gebruikt hier ‘op’. |
| O gato está debaixo da mesa. | De kat zit onder de tafel. | da = de + a. |
| Vou ao cinema depois do trabalho. | Ik ga na het werk naar de bioscoop. | Bestemming met a + o = ao. |
| O livro está sobre a mesa. | Het boek ligt op de tafel. | sobre benadrukt de positie op/boven het oppervlak. |
| A farmácia fica em frente do banco. | De apotheek ligt tegenover de bank. | Vaste ligging met ficar. |
| Há um jardim atrás da casa. | Er is een tuin achter het huis. | atrás de + a = atrás da. |
| O café fica entre o hotel e a estação. | Het café ligt tussen het hotel en het station. | Na entre blijft het lidwoord los. |
| Ela mora num apartamento perto do centro. | Zij woont in een appartement dicht bij het centrum. | num = em + um en do = de + o. |
| Venho do supermercado com o Rui. | Ik kom met Rui van de supermarkt. | Herkomst met de; gezelschap met com. |
| Vamos para Portugal amanhã. | Morgen gaan we naar Portugal. | Portugal heeft hier geen lidwoord. |
| Eles vivem no Brasil, mas são de Portugal. | Ze wonen in Brazilië, maar komen uit Portugal. | Vergelijk no Brasil met de Portugal. |
| A bicicleta está ao lado da porta. | De fiets staat naast de deur. | ao lado de is één vaste uitdrukking. |
| O autocarro para em frente à escola. | De bus stopt voor de school. | Hier volgt op em frente de vorm a + a = à. |
| Saí de casa sem o telemóvel. | Ik ging zonder mijn mobiele telefoon van huis. | Zowel na de casa als na sem staat geen samentrekking. |
Veelgemaakte fouten
Em los schrijven van het lidwoord
- Fout: Estou em a cozinha.
- Goed: Estou na cozinha.
- Waarom: Em + a wordt verplicht na. Hetzelfde geldt voor no, nos en nas.
Het Nederlandse voorzetsel letterlijk overnemen
- Fout: As chaves estão sobre a bolsa wanneer je bedoelt dat ze ín de tas zitten.
- Goed: As chaves estão na bolsa.
- Waarom: Nederlands in, op en bij hebben niet overal één vaste Portugese tegenhanger. Kies op basis van de werkelijke ruimtelijke verhouding.
De verkeerde vorm na ir gebruiken
- Fout: Vou no cinema in neutrale formele taal.
- Goed: Vou ao cinema of Vou para o cinema.
- Waarom: Voor een bestemming zijn a en para de veilige standaardvormen. Ir em komt wel voor in informeel Braziliaans Portugees, maar is regionaal en minder neutraal.
Het tweede de vergeten
- Fout: O gato está debaixo a mesa.
- Goed: O gato está debaixo da mesa.
- Waarom: De uitdrukking is debaixo de. Daarna trekt de samen met a tot da.
À zonder accent schrijven
- Fout: Chegamos a estação.
- Goed: Chegamos à estação.
- Waarom: Het voorzetsel a en het vrouwelijke lidwoord a vormen samen à.
Estar gebruiken voor elke soort ligging
- Minder natuurlijk: Onde está o museu? wanneer je naar de vaste locatie vraagt.
- Natuurlijk: Onde fica o museu?
- Waarom: Estar kan begrijpelijk zijn, maar ficar is vaak idiomatischer voor de vaste ligging van een gebouw of plaats.
Gebruiksnotities
Sobre kan letterlijk ‘op/boven’ betekenen, maar ook ‘over’ in de betekenis ‘betreffende’: um livro sobre Portugal is ‘een boek over Portugal’. Wil je bij een voorwerp heel duidelijk ‘bovenop’ zeggen, dan is em cima de vaak concreter: O telemóvel está em cima da mesa.
Voor ‘onder’ is debaixo de breed bruikbaar. In Brazilië hoor je daarnaast vaak embaixo de. Sob bestaat ook, maar klinkt in veel alledaagse plaatsbeschrijvingen formeler: sob a ponte ‘onder de brug’.
De formulering voor ‘voor/tegenover’ varieert. Em frente de is heel gewoon in Europees Portugees. Em frente a komt eveneens voor en leidt vóór een vrouwelijk lidwoord tot em frente à. In Brazilië hoor je ook na frente de, maar dat kan afhankelijk van de context eerder ‘aan de voorkant van’ dan ‘tegenover’ betekenen. Als precieze afstand of oriëntatie belangrijk is, geeft de rest van de zin de doorslag.
Ook woordenschat verschilt per regio. Zo is ‘bus’ meestal autocarro in Portugal en ônibus in Brazilië. Dat verandert niets aan het voorzetselpatroon: no autocarro, no ônibus, em frente da paragem, em frente do ponto de ônibus.
Verder dan de basis
De volgende punten hoef je op A1 nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later geregeld tegenkomen.
A of para is niet altijd alleen een kwestie van afstand
Het verschil hangt samen met werkwoord, regio en bedoeling. Europees Portugees maakt bij ir a tegenover ir para soms een betekenisverschil tussen een bezoek en een bestemming met langere duur: Vou a Paris por três dias tegenover Vou para Paris trabalhar. In de praktijk is de grens niet altijd scherp. Leer daarom ook de combinatie bij het werkwoord, bijvoorbeeld chegar a, voltar de en partir para.
Plaatsnamen hebben hun eigen lidwoordpatroon
Sommige landen en regio’s krijgen een lidwoord, andere niet: no Brasil, na Alemanha, maar em Portugal en de Angola. Bij steden is geen lidwoord de hoofdregel, maar er bestaan bekende uitzonderingen, zoals no Rio de Janeiro en na Haia. Dit is grotendeels woordenschat, geen regel die je volledig uit de spelling kunt afleiden.
Figuurlijke plaats
Plaatsvoorzetsels krijgen vaak een abstracte betekenis:
- sob pressão — onder druk
- entre amigos — onder vrienden
- em frente a um problema — tegenover een probleem / geconfronteerd met een probleem
- debaixo de controlo — onder controle
- sobre este assunto — over dit onderwerp
De ruimtelijke kern blijft herkenbaar, maar een letterlijke Nederlandse vertaling is niet altijd de natuurlijkste.
Voornaamwoorden na een voorzetsel
Na een voorzetsel staan speciale persoonlijke vormen: comigo ‘met mij’, contigo ‘met jou’, com ele ‘met hem’, entre nós ‘tussen ons’. Dat is een apart onderwerp. Voor nu is vooral nuttig dat je niet automatisch de gewone onderwerpvorm gebruikt: comigo, niet com eu.
Oefentips
- Teken een eenvoudige kamer. Beschrijf vijf voorwerpen met na, sobre, debaixo de, ao lado de en atrás de. Verplaats daarna één voorwerp en beschrijf de nieuwe positie.
- Oefen in drietallen: waar, waarheen, waarvandaan. Maak bij één plek drie zinnen, bijvoorbeeld Estou no café, Vou ao café, Venho do café. Zo leer je em, a en de als systeem.
- Leer plaatsnamen met hun voorzetsel. Noteer niet alleen Brasil of Portugal, maar meteen no Brasil/do Brasil en em Portugal/de Portugal. Dat voorkomt later veel giswerk.
Verwante onderwerpen
- Basis: Bepaalde lidwoorden — voor de keuze tussen o, a, os en as.
- Verdieping: Samentrekkingen van voorzetsel en lidwoord — voor no, da, ao, à en andere combinaties.
- Verdieping: Plaatsbijwoorden — voor woorden als aqui, aí, ali en lá.
- Aanvulling: Aanwijzende woorden — voor este, esse en aquele, ook in vormen als neste en naquele.
Meer A1-concepten
Dit concept in andere talen
Vergelijk in alle talen
Oefen Preposições de Lugar in Portugees met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Portugees · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen