A1

Rangtelwoorden in het Noors

Ordenstall

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Noors op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Noorse rangtelwoorden geven een plaats in een reeks aan: første (eerste), andre (tweede), tredje (derde) en fjerde (vierde). Ze staan vaak in een bepaalde woordgroep: den første dagen, det tredje forsøket, de første ukene. Bij data schrijf je een cijfer met een punt, bijvoorbeeld 5. juni, en lees je het als femte juni.

Overzicht

Een rangtelwoord zegt niet hoeveel personen of dingen er zijn, maar welke plaats iemand of iets inneemt: de eerste trein, de tweede verdieping of de derde poging. In het Noors heet zo'n woord een ordenstall. Je komt rangtelwoorden al op A1-niveau tegen in data, adressen, hotelkamers, wedstrijden, instructies en verhalen waarin gebeurtenissen op volgorde staan.

Voor Nederlandstaligen is de basis herkenbaar. Net als in het Nederlands staan de meeste rangtelwoorden vóór een zelfstandig naamwoord (een woord voor een persoon, voorwerp of begrip): den første dagen betekent ‘de eerste dag’. De vorm van het rangtelwoord verandert meestal niet: første blijft hetzelfde bij een mannelijk, vrouwelijk of onzijdig woord en ook in het meervoud.

Toch zijn er een paar belangrijke verschillen. Een Noorse datum krijgt na het cijfer een punt: 17. mai. Bij verdiepingen begint de telling in Noorwegen doorgaans op straatniveau met første etasje; wat een Nederlander vaak de begane grond noemt, is dus de Noorse eerste verdieping. Bovendien moet je andre ‘tweede’ onderscheiden van de verbogen vormen annen, anna, annet, andre, die meestal ‘ander’ of ‘nog een’ betekenen en in sommige uitdrukkingen ook een tweede exemplaar of moment aanduiden.

Hoe het werkt

De belangrijkste vormen

Veel vormen tot en met twaalf moet je gewoon leren. Vanaf dertien wordt de opbouw regelmatiger.

Getal Noors rangtelwoord Nederlands
1. første eerste
2. andre tweede
3. tredje derde
4. fjerde vierde
5. femte vijfde
6. sjette zesde
7. sjuende / syvende zevende
8. åttende achtste
9. niende negende
10. tiende tiende
11. ellevte elfde
12. tolvte twaalfde
13. trettende dertiende
14. fjortende veertiende
15. femtende vijftiende
16. sekstende zestiende
17. syttende zeventiende
18. attende achttiende
19. nittende negentiende
20. tjuende twintigste
30. trettiende dertigste

Bij samengestelde rangtelwoorden krijgt alleen het laatste deel de rangvorm. Alles wordt als één woord geschreven:

    1. tjueførste
    1. tjueandre
    1. tjuetredje
    1. trettiførste

De spelling sjuende en syvende is allebei toegestaan in Bokmål. Kies in je eigen tekst één vorm en gebruik die consequent.

De gewone bepaalde constructie

Bij een specifieke persoon of zaak gebruikt het Noors meestal de gewone bepaalde constructie:

den/det/de + rangtelwoord + zelfstandig naamwoord in de bepaalde vorm

‘Bepaalde vorm’ betekent dat het Noorse zelfstandig naamwoord zelf al een uitgang heeft die overeenkomt met Nederlands ‘de’ of ‘het’, zoals dagen ‘de dag’ en forsøket ‘de poging’. Daardoor staat de bepaaldheid in het Noors vaak op twee plaatsen. Dit heet dubbele bepaaldheid.

Soort woord Patroon Voorbeeld Betekenis
mannelijk of vrouwelijk enkelvoud den + rangtelwoord + bepaalde vorm den første dagen de eerste dag
onzijdig enkelvoud det + rangtelwoord + bepaalde vorm det tredje forsøket de derde poging
meervoud de + rangtelwoord + bepaalde vorm de første ukene de eerste weken

Het rangtelwoord zelf blijft gelijk: den første dagen, det første året, de første månedene. Je hoeft dus niet voor elk grammaticaal geslacht een aparte vorm van første, tredje of fjerde te leren.

Na een bezittelijk woord, zoals min ‘mijn’ of vår ‘onze’, gebruik je geen den/det/de en staat het zelfstandig naamwoord doorgaans in de onbepaalde vorm:

  • min første dag — mijn eerste dag
  • vårt andre forsøk — onze tweede poging
  • hennes tredje bok — haar derde boek

Wanneer het lidwoord wegblijft

Niet elke combinatie met een rangtelwoord heeft den, det of de. In vaste of classificerende uitdrukkingen blijft het lidwoord vaak weg en staat het zelfstandig naamwoord in de onbepaalde vorm:

  • i fjerde etasje — op de vierde verdieping
  • på første rad — op de eerste rij
  • for første gang — voor de eerste keer
  • første klasse — eerste klas
  • tredje kapittel — het derde hoofdstuk / hoofdstuk drie

Leer zulke veelvoorkomende combinaties als een geheel. Zeg je nadrukkelijk welke specifieke verdieping of rij je bedoelt, dan kan de volledige bepaalde constructie wel verschijnen: den fjerde etasjen i bygningen ‘de vierde verdieping van het gebouw’.

Tweede: andre tegenover annen, anna, annet en andre

Voor de tweede plaats in een duidelijk geordende reeks is andre de normale vorm:

  • den andre dagen — de tweede dag
  • det andre spørsmålet — de tweede vraag
  • de andre kapitlene — de tweede hoofdstukken in de bedoelde reeksen, of afhankelijk van de context: de andere hoofdstukken

Daarnaast heeft het Noors het woord annen, dat meestal ‘ander’, ‘nog een’ of ‘een tweede’ betekent. Dit woord wordt wél aangepast aan het grammaticale geslacht en getal:

Gebruik Vorm Voorbeeld Betekenis
mannelijk enkelvoud annen en annen dag een andere dag
vrouwelijk enkelvoud annen of anna ei annen/anna bok een ander boek
onzijdig enkelvoud annet et annet forsøk een andere / nog een poging
meervoud of bepaalde vorm andre andre mennesker andere mensen

Het verschil is inhoudelijk belangrijk. Det andre forsøket is poging nummer twee in een bekende reeks. Et annet forsøk is een andere of nieuwe poging; die hoeft niet nadrukkelijk als nummer twee te worden geteld. In annenhver dag ‘om de dag’ en hver annen uke ‘om de week’ heeft annen wel duidelijk de gedachte ‘elke tweede’.

Data schrijven en uitspreken

In een geschreven datum maakt de punt van een hoofdtelwoord een rangtelwoord:

  • 1. maiførste mai
  • 2. juniandre juni
  • 17. maisyttende mai
  • 21. desembertjueførste desember

De maandnamen krijgen in het Noors geen hoofdletter, behalve aan het begin van een zin. In lopende taal kan den vóór de datum staan: Vi møtes den tredje august ‘We spreken af op 3 augustus’. Je ziet en hoort ook data zonder den, vooral in korte mededelingen en bij het noemen van de datum zelf.

Verwar de punt niet met een Nederlandse notatie voor een afkorting. In 5. juni vertelt hij dat 5. als femte moet worden gelezen. In volledig numerieke data gebruikt het Noors vaak de volgorde dag-maand-jaar, bijvoorbeeld 05.06.2026.

Verdiepingen

Etasje betekent verdieping of bouwlaag. De gewone combinatie na i heeft geen lidwoord:

  • i første etasje — op de eerste bouwlaag
  • i andre etasje — op de tweede bouwlaag
  • i fjerde etasje — op de vierde bouwlaag

Let vooral op de culturele telwijze. In Noorwegen is første etasje doorgaans de bouwlaag op straatniveau. De verdieping daar direct boven heet dan andre etasje. Vertaal dus niet blind vanuit Nederlands ‘eerste verdieping’: controleer in een hotel, lift of routebeschrijving welke bouwlaag bedoeld wordt.

Voorbeelden in context

Noors Nederlands Toelichting
Den første bussen går klokka seks. De eerste bus vertrekt om zes uur. Volledige bepaalde constructie.
Dette er mitt andre besøk i Bergen. Dit is mijn tweede bezoek aan Bergen. Na mitt geen det.
Det tredje forsøket gikk bra. De derde poging ging goed. Forsøket is onzijdig, dus det.
Jeg bor i fjerde etasje. Ik woon op de vierde verdieping. Vaste combinatie zonder lidwoord.
Hun kom på femteplass. Ze eindigde op de vijfde plaats. Femteplass wordt hier als samenstelling geschreven.
Vi møtes den andre juni. We spreken af op 2 juni. Datum met den in de uitgesproken vorm.
17. mai er Norges nasjonaldag. 17 mei is de nationale feestdag van Noorwegen. 17. wordt uitgesproken als syttende.
Ta den andre døra til høyre. Neem de tweede deur rechts. Tweede element in een duidelijke volgorde.
Kan jeg få et annet rom? Kan ik een andere kamer krijgen? Annet past bij het onzijdige rom.
Vi prøver en annen gang. We proberen het een andere keer. Geen genummerde reeks; daarom annen.
Jeg trener hver annen dag. Ik train om de dag. Letterlijk: elke tweede dag.
De første ukene var travle. De eerste weken waren druk. Meervoud met de en bepaalde vorm ukene.
Hun leste boka for tredje gang. Ze las het boek voor de derde keer. Vaste uitdrukking for ... gang.
Harald den femte ble konge i 1991. Harald de Vijfde werd koning in 1991. Een vorstennaam met een rangtelwoord.
For det første har vi ikke tid, og for det andre er det dyrt. Ten eerste hebben we geen tijd en ten tweede is het duur. Rangtelwoorden ordenen argumenten.

Veelgemaakte fouten

Het zelfstandig naamwoord niet bepaald maken

  • Onjuist: den første dag
  • Juist: den første dagen
  • Waarom: Bij een specifieke ‘eerste dag’ gebruikt het Noors normaal dubbele bepaaldheid: den én de bepaalde vorm dagen. Na een bezittelijk woord is het anders: min første dag.

Andre en annet als vrije varianten behandelen

  • Onjuist: det annet forsøket als je duidelijk ‘poging nummer twee’ bedoelt
  • Juist: det andre forsøket
  • Waarom: Andre noemt de tweede plaats in de reeks. Et annet forsøk betekent meestal een andere of nieuwe poging. Bovendien hoort bij onzijdig annet, niet annen.

Een datum zonder punt schrijven

  • Onjuist: Møtet er 5 juni.
  • Juist: Møtet er 5. juni.
  • Waarom: De punt laat zien dat het cijfer een rangtelwoord is: femte juni. Zet ook geen hoofdletter in juni.

Een Nederlands verdiepingsnummer letterlijk overnemen

  • Onjuist idee: Nederlands ‘eerste verdieping’ is altijd første etasje.
  • Beter: Controleer de Noorse telling; de bouwlaag boven straatniveau is meestal andre etasje.
  • Waarom: Noorwegen telt de straatlaag doorgaans als første etasje, terwijl het Nederlands die meestal ‘begane grond’ noemt.

Første gebruiken waar først nodig is

  • Onjuist: Hun kom første.
  • Juist: Hun kom først.
  • Waarom: Første hoort als rangtelwoord bij een persoon of zaak: Hun var den første ‘zij was de eerste’. Først is een bijwoord (een woord dat hier vertelt in welke volgorde iets gebeurt): Hun kom først ‘zij kwam als eerste’.

Samengestelde vormen los schrijven

  • Onjuist: tjue første desember
  • Juist: tjueførste desember
  • Waarom: Samengestelde Noorse rangtelwoorden worden als één woord geschreven.

Gebruiksnotities

In formulieren, roosters en aankondigingen worden rangtelwoorden vaak als cijfers met een punt geschreven: 1. plass, 3. etasje, 21. desember. Bij hardop lezen gebruik je de volledige rangvorm. Een Romeins cijfer na een vorstennaam wordt eveneens als rangtelwoord uitgesproken: Harald V is Harald den femte.

Voor een genummerde lijst gebruikt het Noors vaak een hoofdtelwoord ná het zelfstandig naamwoord: kapittel tre, rom 214, buss nummer fem. Dat benoemt een nummer of etiket. Det tredje kapittelet beschrijft daarentegen de plaats van het hoofdstuk in de reeks. Dit verschil bestaat ook in het Nederlands: ‘hoofdstuk drie’ tegenover ‘het derde hoofdstuk’.

Met andre kan soms dubbelzinnigheid ontstaan, omdat het zowel ‘tweede’ als ‘andere’ kan betekenen. De rest van de woordgroep en de situatie lossen dat meestal op. Den andre boka kan ‘het tweede boek’ of ‘het andere boek’ zijn. Als nauwkeurigheid belangrijk is, kun je de reeks expliciet maken, bijvoorbeeld bok nummer to, of duidelijk twee zaken tegenover elkaar zetten.

Verder dan de basis

De volgende punten hoef je op A1-niveau nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later geregeld tegenkomen.

Argumenten en tekststructuur

Met for det første, for det andre en for det tredje kun je redenen overzichtelijk ordenen: ‘ten eerste’, ‘ten tweede’ en ‘ten derde’. In formele teksten is dit een heldere structuur, maar een lange reeks kan zwaar klinken. In alledaagse gesprekken zijn først, en til slutt vaak natuurlijker: ‘eerst’, ‘dan’ en ‘ten slotte’.

Eeuwen en jaartallen

Een eeuw wordt met een rangtelwoord genoemd: det tjuende århundret is de twintigste eeuw en det tjueførste århundret de eenentwintigste eeuw. Let op dezelfde schijnbare verschuiving als in het Nederlands: de jaren 1900–1999 vormen de twintigste eeuw. In het Noors is 1900-tallet echter een zeer gewone manier om juist die jarenperiode aan te duiden.

Rangtelwoord of bijwoord

Naast første staat først, en naast siste ‘laatste’ staat sist ‘als laatste / onlangs’, afhankelijk van de context:

  • Den første løperen kom tidlig. — De eerste loper kwam vroeg.
  • Løperen kom først. — De loper kwam als eerste.
  • Det siste toget har gått. — De laatste trein is vertrokken.
  • Han kom sist. — Hij kwam als laatste.

Het onderscheid helpt je natuurlijker te formuleren: gebruik een rangtelwoord om een persoon of zaak te rangschikken, en een bijwoord om de volgorde van de handeling te beschrijven.

Andere en tweede in vaste patronen

De vormen van annen komen ook voor in woorden en patronen die je niet letterlijk met ‘ander’ vertaalt. Annenhver betekent ‘om de’ of ‘elke tweede’: annenhver uke ‘om de week’. På den annen side betekent ‘aan de andere kant’. Hier gaat het niet om een gewone tweede plaats in een aftelbare reeks; leer daarom de hele uitdrukking in plaats van alleen het losse woord.

Oefentips

  1. Maak een persoonlijke reeks. Schrijf vijf echte zinnen: je eerste werkdag, tweede taal, derde kop koffie of vierde bezoek aan een plaats. Wissel den, det, de en een bezittelijk woord af.
  2. Lees een kalender hardop. Kies tien data en zet het geschreven cijfer om in de juiste vorm: 4. april → fjerde april, 18. juni → attende juni, 21. desember → tjueførste desember.
  3. Oefen het betekenisverschil. Maak paren zoals det andre rommet ‘de tweede kamer’ en et annet rom ‘een andere kamer’. Zo leer je andre niet automatisch te vervangen door annet.

Gerelateerde concepten

  • Eerst leren: Getallen en tijd — hoofdtelwoorden, kloktijden en kalenderwoorden vormen de basis voor rangtelwoorden en data.

Vereiste kennis

Getallen en tijd in het NoorsA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Ordenstall in Noors met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Noors · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen