Partizip I als bijvoeglijk naamwoord in het Duits
Partizip I als Adjektiv
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Duits op Settemila Lingue.
In het kort
Het Duitse Partizip I maak je meestal door -d aan de infinitief (de onverbogen werkwoordsvorm) toe te voegen: schlafen → schlafend. Staat deze vorm vóór een zelfstandig naamwoord, dan krijgt hij bovendien de gewone adjectiefuitgang: das schlafende Kind, ein schlafendes Kind. De vorm beschrijft doorgaans iemand of iets dat de handeling zelf uitvoert terwijl de beschreven situatie voortduurt.
Overzicht
Een participium of deelwoord is een werkwoordsvorm die ook andere functies kan krijgen. Het Duitse Partizip I, ook Präsenspartizip genoemd, eindigt op -d: kommend, lachend, wartend. Als het als bijvoeglijk naamwoord vóór een zelfstandig naamwoord staat, gedraagt het zich grammaticaal precies als een ander Duits adjectief. Daarom zie je niet alleen kommend, maar bijvoorbeeld der kommende Zug, mit dem kommenden Zug en die kommenden Züge.
Dit onderwerp hoort bij B2 omdat twee systemen samenkomen: de werkwoordsvorm drukt een actieve, meestal gelijktijdige handeling uit, terwijl de uitgang geslacht, getal en naamval volgt. Een naamval geeft aan welke rol een woordgroep in de zin speelt, bijvoorbeeld onderwerp, lijdend voorwerp of meewerkend voorwerp. Wie de Duitse adjectiefverbuiging al kent, hoeft dus geen nieuwe reeks uitgangen te leren; alleen de stam is langer.
Voor Nederlandstaligen voelt de betekenis vaak vertrouwd. Nederlands gebruikt eveneens vormen op -end: het slapende kind, de komende trein. Het belangrijke verschil zit vooral in de Duitse verbuiging. Nederlands heeft vrijwel alleen het onderscheid slapend/slapende, maar Duits kiest uit meerdere uitgangen: schlafender, schlafende, schlafendes, schlafenden enzovoort.
Zo werkt het
Stap 1: vorm het Partizip I
De hoofdregel is eenvoudig:
infinitief + d = Partizip I
| Infinitief | Partizip I | Betekenis |
|---|---|---|
| schlafen | schlafend | slapend |
| kommen | kommend | komend, aankomend |
| überraschen | überraschend | verrassend |
| warten | wartend | wachtend |
| arbeiten | arbeitend | werkend |
| lächeln | lächelnd | glimlachend |
| wandern | wandernd | wandelend, rondtrekkend |
| sein | seiend | zijnd |
| tun | tuend | doend |
Bij werkwoorden op -eln en -ern zie je in de geschreven vorm lächelnd en wandernd. Ook dat is gewoon de infinitief met -d: lächeln + d, wandern + d. De vorm seiend van sein is correct, maar komt buiten formele of filosofische teksten weinig voor.
Een scheidbaar voorvoegsel blijft aan het werkwoord vast en er komt geen ge- bij:
- ankommen → ankommend
- vorbeifahren → vorbeifahrend
- teilnehmen → teilnehmend
Ook bij niet-scheidbare werkwoorden blijft de regel hetzelfde: entstehen → entstehend, beobachten → beobachtend. Het Partizip I kent dus niet de variatie met ge- die je van het Partizip II kent.
Stap 2: voeg de adjectiefuitgang toe
Vóór een zelfstandig naamwoord is het Partizip I attributief: het staat direct bij het woord dat het beschrijft. Dan krijgt het dezelfde uitgang als elk ander bijvoeglijk naamwoord. Je kunt de vorm praktisch in twee delen lezen:
schlafend + adjectiefuitgang = schlafendes
In das schlafende Kind is schlafend- de participiumvorm en -e de adjectiefuitgang. In ein schlafendes Kind is de uitgang -es. Het lidwoord, het geslacht, enkelvoud of meervoud en de naamval bepalen samen welke uitgang nodig is.
Onderstaand overzicht gebruikt kommend- in enkele veelvoorkomende patronen. De tabel is geen nieuw verbuigingssysteem: het zijn de gewone adjectiefuitgangen.
| Constructie | Mannelijk | Vrouwelijk | Onzijdig | Meervoud |
|---|---|---|---|---|
| nominatief met bepaald lidwoord | der kommende Zug | die kommende Woche | das kommende Jahr | die kommenden Monate |
| accusatief met bepaald lidwoord | den kommenden Zug | die kommende Woche | das kommende Jahr | die kommenden Monate |
| datief met bepaald lidwoord | dem kommenden Zug | der kommenden Woche | dem kommenden Jahr | den kommenden Monaten |
| nominatief met ein- | ein kommender Zug | eine kommende Woche | ein kommendes Jahr | keine kommenden Monate |
De genitief volgt eveneens de normale adjectiefverbuiging: wegen des kommenden Sturms, während der laufenden Verhandlungen.
Zonder zelfstandig naamwoord: geen uitgang
Niet elk Partizip I krijgt een adjectiefuitgang. Na werkwoorden als sein en wirken kan het predicatief worden gebruikt: het zegt iets over het onderwerp zonder vóór een zelfstandig naamwoord te staan. Dan blijft het onverbogen:
- Die Nachricht ist überraschend. — Het bericht is verrassend.
- Die Musik wirkt beruhigend. — De muziek werkt kalmerend.
Het kan ook adverbiaal zijn: het beschrijft hoe iemand een handeling uitvoert. Ook dan komt er geen uitgang:
- Sie kam lächelnd herein. — Ze kwam glimlachend binnen.
- Er saß schweigend am Fenster. — Hij zat zwijgend bij het raam.
Vergelijk dus die lächelnde Frau met Die Frau kam lächelnd herein. Alleen in de eerste zin staat de vorm attributief vóór het zelfstandig naamwoord en is -e nodig.
Betekenis: actief en meestal gelijktijdig
Het Partizip I heeft doorgaans een actieve betekenis. Het beschreven woord voert de handeling zelf uit:
- der bellende Hund — de hond blaft zelf;
- die wartenden Gäste — de gasten wachten zelf;
- das fließende Wasser — het water stroomt zelf.
Vaak is de handeling bezig op het moment waarover de hoofdzin spreekt. In Die wartenden Gäste wurden ungeduldig waren de gasten aan het wachten terwijl ze ongeduldig werden. Toch hoeft het niet altijd letterlijk om één zichtbaar moment te gaan. Vormen als eine überzeugende Erklärung en eine wachsende Stadt kunnen een kenmerk, effect of ontwikkeling beschrijven.
Voorbeelden in context
| Duits | Nederlands | Toelichting |
|---|---|---|
| Das schlafende Kind liegt im Kinderwagen. | Het slapende kind ligt in de kinderwagen. | Het kind voert de handeling zelf uit. |
| Der kommende Zug fährt nach Hamburg. | De aankomende trein rijdt naar Hamburg. | Bepaald lidwoord, nominatief mannelijk. |
| Sie bekam eine überraschende Nachricht. | Ze kreeg een verrassend bericht. | Nachricht is vrouwelijk en staat in de accusatief. |
| Wir begrüßen die wartenden Gäste. | We begroeten de wachtende gasten. | Meervoud na een bepaald lidwoord: -en. |
| Ein bellender Hund weckte die Nachbarn. | Een blaffende hond maakte de buren wakker. | Gemengde verbuiging, nominatief mannelijk: -er. |
| Er beruhigte das weinende Baby. | Hij kalmeerde de huilende baby. | Accusatief onzijdig na das: -e. |
| Mit zitternden Händen öffnete sie den Brief. | Met trillende handen opende ze de brief. | Datief meervoud zonder lidwoord: -en. |
| Die Feuerwehr löschte das brennende Gebäude. | De brandweer bluste het brandende gebouw. | Het gebouw ondergaat löschen, maar voert brennen zelf uit. |
| Die steigenden Preise belasten viele Haushalte. | De stijgende prijzen belasten veel huishoudens. | Een ontwikkeling die langer duurt. |
| Wir sprechen über die laufenden Verhandlungen. | We spreken over de lopende onderhandelingen. | Vaste, veelgebruikte combinatie in nieuws en werktaal. |
| Sie stieg in den bereits wartenden Bus. | Ze stapte in de bus die al stond te wachten. | Een bijwoord kan het participium nader bepalen. |
| Der am Bahnsteig wartende Mann liest eine Zeitung. | De man die op het perron wacht, leest een krant. | Uitgebreide participiumgroep vóór het zelfstandig naamwoord. |
| Die Nachricht war beunruhigend. | Het bericht was verontrustend. | Predicatief: geen adjectiefuitgang. |
| Das Kind lief lachend in den Garten. | Het kind rende lachend de tuin in. | Adverbiaal: beschrijft hoe het kind rende. |
Veelgemaakte fouten
De adjectiefuitgang vergeten
- Onjuist: das schlafend Kind
- Juist: das schlafende Kind
- Waarom: Voor een zelfstandig naamwoord wordt schlafend als een adjectief verbogen. Na das krijgt het hier -e.
De Nederlandse uitgang automatisch overnemen
- Onjuist: mit die wartende Gäste
- Juist: mit den wartenden Gästen
- Waarom: Nederlands heeft de wachtende gasten, maar Duits markeert hier de datief na mit. Het lidwoord wordt den, het participium krijgt -en en ook Gäste krijgt een extra -n.
ge- toevoegen alsof het een Partizip II is
- Onjuist: der ankommende Zug schrijven als der geankommende Zug
- Juist: der ankommende Zug
- Waarom: Het Partizip I bestaat uit de infinitief plus -d. Angekommen is het Partizip II en heeft een andere betekenis en functie.
Actieve en passieve betekenis verwisselen
- Onjuist bedoeld: die öffnende Tür voor een deur die iemand heeft geopend
- Juist: die geöffnete Tür — de geopende deur
- Waarom: die sich öffnende Tür is een deur die zelf opengaat; die geöffnete Tür beschrijft het resultaat van openen. Het Partizip I is meestal actief, het Partizip II vaak voltooid of passief.
Een volledige Nederlandse bijzin woord voor woord nabouwen
- Onjuist: der Mann, wartend am Bahnhof, ... als neutrale Duitse weergave van “de man die op het station wacht”
- Juist: der am Bahnhof wartende Mann ... of der Mann, der am Bahnhof wartet, ...
- Waarom: Een Duitse attributieve participiumgroep staat normaal volledig vóór het zelfstandig naamwoord. In gewone spreektaal is een betrekkelijke bijzin vaak natuurlijker.
Een uitgang gebruiken bij predicatief of adverbiaal gebruik
- Onjuist: Die Musik ist beruhigende. / Sie antwortete lächelnde.
- Juist: Die Musik ist beruhigend. / Sie antwortete lächelnd.
- Waarom: Zonder een volgend zelfstandig naamwoord krijgt de vorm geen adjectiefuitgang.
Gebruiksnotities
Korte combinaties als kochendes Wasser, führende Experten, laufende Kosten en steigende Temperaturen zijn in alle registers normaal. Sommige participia zijn zo ingeburgerd dat ze bijna als gewone adjectieven aanvoelen: spannend, dringend, entscheidend, anstrengend. Hun betekenis is soms minder letterlijk dan “op dit moment de handeling uitvoeren”. Eine spannende Geschichte is een spannend verhaal; het verhaal is niet letterlijk bezig met een werkwoordelijke handeling spannen.
Lange participiumgroepen komen vooral in geschreven Duits voor, bijvoorbeeld in journalistieke, wetenschappelijke, juridische of ambtelijke teksten: die seit Monaten in der Region steigenden Preise. Ze maken veel informatie compact, maar kunnen zwaar leesbaar worden. In een gesprek zegt men eerder die Preise, die in der Region seit Monaten steigen. Ook in heldere zakelijke teksten is zo'n betrekkelijke bijzin vaak de betere keuze.
Let bovendien op de vertaling naar het Nederlands. Een Duitse participiumconstructie hoeft niet met een Nederlands tegenwoordig deelwoord te worden vertaald. Der kommende Zug is meestal “de aankomende trein”, die laufenden Verhandlungen zijn “de lopende onderhandelingen” en der am Fenster sitzende Mann klinkt natuurlijker als “de man die bij het raam zit” dan als “de bij het raam zittende man”. Kies dus in het Nederlands wat idiomatisch is, zonder daaruit een verkeerde Duitse woordvolgorde af te leiden.
Verder dan de basis
Uitgebreide participiumgroepen
Een Partizip I kan aanvullingen krijgen die normaal bij het werkwoord horen. De hele groep staat vóór het zelfstandig naamwoord, terwijl de adjectiefuitgang helemaal achter aan het participium komt:
- der auf den Bus wartende Fahrgast
- die leise mit ihrer Kollegin sprechende Ärztin
- die seit Jahren in Berlin lebenden Künstler
Je kunt zo'n groep omzetten in een betrekkelijke bijzin (een bijzin met der, die of das die een zelfstandig naamwoord nader omschrijft):
- der Fahrgast, der auf den Bus wartet
- die Ärztin, die leise mit ihrer Kollegin spricht
- die Künstler, die seit Jahren in Berlin leben
Deze omzetting is ook een goede controlemethode. Het zelfstandig naamwoord moet het onderwerp van het werkwoord in de betrekkelijke bijzin worden. Als dat niet logisch lukt, is het Partizip I waarschijnlijk verkeerd gekozen.
Ontkenning en nadere bepalingen
Woorden die het participium nader bepalen, staan ervoor: die nicht sinkenden Kosten, ein schnell wachsendes Unternehmen, die noch fehlenden Unterlagen. De adjectiefuitgang blijft aan het laatste deel vast: wachsendes, fehlenden. Bij samengestelde woorden kan de spelling gelexicaliseerd raken, maar vrije woordgroepen schrijf je doorgaans los: ein gut funktionierendes System.
Partizip I tegenover Partizip II
Het verschil is vaak dat tussen een actieve, voortgaande handeling en een toestand als resultaat van een handeling:
| Partizip I | Partizip II | Verschil |
|---|---|---|
| die sich öffnende Tür | die geöffnete Tür | de deur gaat open / de deur is geopend |
| das schmelzende Eis | das geschmolzene Eis | het ijs smelt / het ijs is gesmolten |
| der schreibende Student | der geschriebene Text | de student schrijft / de tekst is geschreven |
| die fallenden Blätter | die gefallenen Blätter | de bladeren vallen / de bladeren zijn gevallen |
Die tegenstelling is nuttig, maar niet absoluut voor elk los woord. Sommige vormen hebben een vaste adjectivische betekenis ontwikkeld. Kijk daarom bij twijfel naar de betekenis van de hele woordgroep, niet alleen naar de uitgang van het deelwoord.
Tijd is afhankelijk van de hoofdzin
De naam Präsenspartizip betekent niet dat de hele zin in de tegenwoordige tijd moet staan. De handeling is doorgaans gelijktijdig met het tijdstip van de hoofdzin:
- Die wartenden Gäste werden ungeduldig. — ze wachten nu.
- Die wartenden Gäste wurden ungeduldig. — ze wachtten toen.
Het participium zelf verandert niet; wartend- krijgt alleen de passende adjectiefuitgang. De persoonsvorm van de hoofdzin bepaalt het tijdskader.
Oefentips
- Werk in twee stappen. Maak eerst de vaste vorm infinitief + d en bepaal pas daarna de adjectiefuitgang: warten → wartend → die wartenden Gäste. Zo vermeng je woordvorming en verbuiging niet.
- Zet vormen om in betrekkelijke bijzinnen. Controleer der bellende Hund met der Hund, der bellt. Doe dit ook met langere groepen; zo toets je meteen wie de handeling uitvoert.
- Oefen contrastparen. Noteer naast elkaar die sich öffnende Tür en die geöffnete Tür, of das schmelzende Eis en das geschmolzene Eis. Spreek hardop uit of de handeling bezig is of het resultaat al aanwezig is.
Verwante onderwerpen
- Voorkennis: Adjectiefverbuiging met bepaald lidwoord — de uitgangen van een attributief Partizip I volgen ditzelfde systeem.
- Vervolg: Partizip II als bijvoeglijk naamwoord — leer het contrast met voltooide, resulterende en vaak passieve betekenissen.
Vereiste kennis
Duitse adjectiefuitgangen na der, die en dasA2Concepten die hierop voortbouwen
Meer B2-concepten
Oefen Partizip I als Adjektiv in Duits met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Duits · B2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen