Partizip II als bijvoeglijk naamwoord in het Duits
Partizip II als Adjektiv
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Duits op Settemila Lingue.
In het kort
Een Duits Partizip II (voltooid deelwoord) kan vóór een zelfstandig naamwoord als bijvoeglijk naamwoord staan: die Tür ist geöffnet wordt dan die geöffnete Tür. Het deelwoord krijgt in die positie dezelfde uitgang als ieder ander Duits bijvoeglijk naamwoord. Welke uitgang nodig is, hangt af van het lidwoord, het geslacht, het getal en de naamval.
Overzicht
Het Partizip II ken je waarschijnlijk al uit voltooide tijden en de lijdende vorm: Sie hat die Tür geöffnet en Die Tür wurde geöffnet. Op B2-niveau leer je dezelfde vorm als attributief bijvoeglijk naamwoord te gebruiken: een woord dat direct vóór een zelfstandig naamwoord staat en daar iets over zegt. Zo betekent die geöffnete Tür ‘de geopende deur’ of, natuurlijker in veel situaties, ‘de deur die geopend is’.
De overeenkomst met het Nederlands is groot: het geschreven boek, de gekookte rijst en de geopende deur werken ongeveer hetzelfde. Toch maakt het Duits de vorm ingewikkelder. In het Nederlands kies je meestal alleen tussen een vorm met of zonder -e. In het Duits moet geschrieben- een adjectiefuitgang krijgen die informatie draagt over naamval (de functie van de woordgroep in de zin), geslacht en getal: ein geschriebenes Buch, mit einem geschriebenen Text, die geschriebenen Bücher.
De constructie is compact en komt veel voor in nieuws, instructies, zakelijke teksten en beschrijvingen. In spreektaal kiest men bij lange aanvullingen vaak liever een bijzin: das Buch, das gestern veröffentlicht wurde. Korte combinaties als gekochte Eier en die geschlossene Tür zijn in alle registers normaal.
Hoe het werkt
Stap 1: vorm het Partizip II
Bij regelmatige werkwoorden bestaat het Partizip II meestal uit ge- + stam + -t: kochen → gekocht, öffnen → geöffnet. Veel sterke werkwoorden eindigen op -en en veranderen soms van klinker: schreiben → geschrieben, brechen → gebrochen.
Bij werkwoorden met een onscheidbaar voorvoegsel (be-, emp-, ent-, er-, ge-, miss-, ver-, zer-) en bij werkwoorden op -ieren komt geen extra ge-:
| Infinitief | Partizip II | Als bijvoeglijk naamwoord |
|---|---|---|
| kochen | gekocht | der gekochte Reis |
| schreiben | geschrieben | das geschriebene Buch |
| öffnen | geöffnet | die geöffnete Tür |
| verkaufen | verkauft | das verkaufte Haus |
| reparieren | repariert | die reparierte Maschine |
| abschließen | abgeschlossen | der abgeschlossene Vertrag |
Bij scheidbare werkwoorden staat ge- tussen het voorvoegsel en de stam: ausfüllen → ausgefüllt, einladen → eingeladen. Leer onregelmatige vormen als één geheel; een fout in het deelwoord blijft ook in het bijvoeglijk gebruik zichtbaar.
Stap 2: voeg de adjectiefuitgang toe
Neem het volledige Partizip II als stam en zet daar de passende uitgang achter:
- geschrieben + es → ein geschriebenes Buch
- geöffnet + e → die geöffnete Tür
- gekocht + en → mit dem gekochten Reis
De uitgang wordt dus niet aan de infinitief toegevoegd. Ook verwijder je de uitgang -t of -en van het deelwoord niet: geöffnet wordt geöffnete, en geschrieben wordt geschriebenes.
Na een bepaald lidwoord: zwakke verbuiging
Na der, die, das en woorden die hetzelfde patroon volgen, zoals dieser en jeder, is de uitgang bijna altijd -en. Alleen in de nominatief enkelvoud en de accusatief vrouwelijk/on-zijdig verschijnt -e.
| Naamval | Mannelijk | Vrouwelijk | Onzijdig | Meervoud |
|---|---|---|---|---|
| nominatief | der gekochte Reis | die geöffnete Tür | das geschriebene Buch | die gekauften Bücher |
| accusatief | den gekochten Reis | die geöffnete Tür | das geschriebene Buch | die gekauften Bücher |
| datief | dem gekochten Reis | der geöffneten Tür | dem geschriebenen Buch | den gekauften Büchern |
| genitief | des gekochten Reises | der geöffneten Tür | des geschriebenen Buches | der gekauften Bücher |
De nominatief is meestal de vorm van het onderwerp (wie of wat iets doet of is), de accusatief vaak die van het lijdend voorwerp (wie of wat de handeling ondergaat), en de datief onder meer die van het meewerkend voorwerp of een woordgroep na voorzetsels als mit. De genitief drukt vaak bezit of verbondenheid uit.
Na ein of een bezittelijk woord: gemengde verbuiging
Na ein, kein, mein, dein, sein, ihr, unser, euer en Ihr moet de adjectiefuitgang soms informatie aanvullen die het voorafgaande woord niet laat zien.
| Naamval | Mannelijk | Vrouwelijk | Onzijdig | Meervoud met keine |
|---|---|---|---|---|
| nominatief | ein gekochter Reis | eine geöffnete Tür | ein geschriebenes Buch | keine gekauften Bücher |
| accusatief | einen gekochten Reis | eine geöffnete Tür | ein geschriebenes Buch | keine gekauften Bücher |
| datief | einem gekochten Reis | einer geöffneten Tür | einem geschriebenen Buch | keinen gekauften Büchern |
| genitief | eines gekochten Reises | einer geöffneten Tür | eines geschriebenen Buches | keiner gekauften Bücher |
Er bestaat geen meervoud van ein. De laatste kolom toont daarom keine; bij bezittelijke woorden werkt het net zo: meine gekauften Bücher.
Zonder lidwoord: sterke verbuiging
Zonder lidwoord draagt de uitgang van het deelwoord zelf de meeste grammaticale informatie.
| Naamval | Mannelijk | Vrouwelijk | Onzijdig | Meervoud |
|---|---|---|---|---|
| nominatief | gekochter Reis | geöffnete Post | gekochtes Gemüse | gekochte Eier |
| accusatief | gekochten Reis | geöffnete Post | gekochtes Gemüse | gekochte Eier |
| datief | gekochtem Reis | geöffneter Post | gekochtem Gemüse | gekochten Eiern |
| genitief | gekochten Reises | geöffneter Post | gekochten Gemüses | gekochter Eier |
Attributief en predicatief zijn niet hetzelfde
Vóór een zelfstandig naamwoord is het deelwoord attributief en krijgt het een uitgang: die reparierte Heizung. Na sein, werden of bleiben staat het predicatief (als deel van wat over het onderwerp wordt gezegd) en blijft het onveranderd: Die Heizung ist repariert; Die Tür bleibt geschlossen.
Dat verschil lijkt op Nederlands de gesloten deur tegenover de deur is gesloten. Het Duits verbuigt echter veel uitgebreider in de attributieve positie.
De kernbetekenis
Een Partizip II wijst meestal op het resultaat van een voltooide handeling. Die geöffnete Tür is een deur waarop openen heeft plaatsgevonden; het zichtbare resultaat is dat zij open is. Bij overgankelijke werkwoorden — werkwoorden die een lijdend voorwerp kunnen hebben — heeft de woordgroep vaak een passieve betekenis:
- Jemand hat den Brief unterschrieben. → der unterschriebene Brief
- Die Firma reparierte die Maschine. → die reparierte Maschine
Bij sommige onovergankelijke werkwoorden is attributief gebruik ook mogelijk wanneer een afgeronde verandering of beweging wordt bedoeld: die angekommenen Gäste, das eingeschlafene Kind, die verschwundenen Schlüssel. Niet ieder Partizip II kan echter zomaar vóór een zelfstandig naamwoord staan; daarover meer bij de gebruiksnotities.
Voorbeelden in context
| Duits | Nederlands | Toelichting |
|---|---|---|
| Das geschriebene Buch liegt auf dem Tisch. | Het geschreven boek ligt op tafel. | Bepaald lidwoord, nominatief onzijdig. |
| Der gekochte Reis ist schon kalt. | De gekookte rijst is al koud. | Bepaald lidwoord, nominatief mannelijk. |
| Die geöffnete Tür führt zum Garten. | De geopende deur leidt naar de tuin. | Resultaat van öffnen. |
| Ich habe einen unterschriebenen Vertrag erhalten. | Ik heb een ondertekend contract ontvangen. | Accusatief mannelijk na einen. |
| Sie trägt ein handgenähtes Kleid. | Ze draagt een met de hand genaaide jurk. | Accusatief onzijdig na ein. |
| Wir sprechen mit den eingeladenen Gästen. | We spreken met de uitgenodigde gasten. | Datief meervoud na mit. |
| Frisch gebackenes Brot riecht wunderbar. | Versgebakken brood ruikt heerlijk. | Zonder lidwoord, nominatief onzijdig. |
| Bitte senden Sie uns das ausgefüllte Formular. | Stuur ons alstublieft het ingevulde formulier. | Veelgebruikte formele combinatie. |
| Die gestern bestellte Ware ist angekommen. | De gisteren bestelde goederen zijn aangekomen. | gestern breidt het attribuut uit. |
| Die angekommenen Gäste warten in der Halle. | De aangekomen gasten wachten in de hal. | Afgeronde beweging, actieve betekenis. |
| Er sucht seine verlorenen Schlüssel. | Hij zoekt zijn verloren sleutels. | Meervoud na een bezittelijk woord. |
| Wegen der gesperrten Straße nehmen wir einen Umweg. | Vanwege de afgesloten weg nemen we een omweg. | Genitief na wegen in verzorgd taalgebruik. |
| Die Heizung ist repariert, aber die reparierte Heizung macht noch Geräusche. | De verwarming is gerepareerd, maar de gerepareerde verwarming maakt nog geluid. | Zonder uitgang na ist, met uitgang vóór het zelfstandig naamwoord. |
Veelgemaakte fouten
De adjectiefuitgang vergeten
- Fout: die geöffnet Tür
- Goed: die geöffnete Tür
- Waarom: Vóór een zelfstandig naamwoord wordt het Partizip II als een bijvoeglijk naamwoord verbogen. Het lidwoord die vraagt hier om -e.
De Nederlandse uitgang automatisch overnemen
- Fout: mit eine geöffnete Tür
- Goed: mit einer geöffneten Tür
- Waarom: Nederlands met een geopende deur laat de naamval niet zien. Duits mit verlangt de datief: einer geöffneten Tür.
De uitgang van het deelwoord vervangen
- Fout: ein geschriebtes Buch
- Goed: ein geschriebenes Buch
- Waarom: geschrieben is het volledige onregelmatige Partizip II. Voeg -es eraan toe; maak niet opnieuw een regelmatige vorm op -t.
ge- gebruiken waar het niet hoort
- Fout: die gereparierte Maschine
- Goed: die reparierte Maschine
- Waarom: Werkwoorden op -ieren krijgen geen ge- in het Partizip II. Dat blijft zo bij bijvoeglijk gebruik.
Een uitgang na sein toevoegen
- Fout: Die Tür ist geöffnete.
- Goed: Die Tür ist geöffnet.
- Waarom: Na sein staat het deelwoord predicatief en krijgt het geen adjectiefuitgang. Vergelijk die geöffnete Tür.
Ieder voltooid deelwoord attributief gebruiken
- Fout: der geschlafene Mann voor ‘de man die heeft geslapen’
- Goed: der Mann, der geschlafen hat
- Waarom: schlafen beschrijft hier alleen een activiteit, geen resultaat of afgeronde verandering die het zelfstandig naamwoord karakteriseert. Een bijzin is natuurlijker en grammaticaal veilig.
Gebruiksnotities
Veel Partizip-II-combinaties zijn zo gangbaar dat ze bijna als gewone bijvoeglijke naamwoorden aanvoelen: bekannt (‘bekend’), verheiratet (‘getrouwd’), geschlossen (‘gesloten’) en interessiert (‘geïnteresseerd’). Hun precieze betekenis is niet altijd simpelweg ‘is door iemand ...’. Ein bekannter Autor betekent doorgaans ‘een bekende auteur’, niet alleen ‘een auteur die bekendgemaakt is’.
Let bij vertalen uit het Nederlands op het verschil tussen een handeling en een toestand. Duits die geschlossene Tür kan zowel het resultaat van sluiten als de toestand ‘dicht’ beschrijven. Afhankelijk van de context is de beste Nederlandse vertaling dus ‘de gesloten deur’ of gewoon ‘de dichte deur’. Omgekeerd hoeft een Nederlands bijvoeglijk naamwoord niet altijd met een Duits deelwoord te worden weergegeven.
Korte attributen zijn ook in gesprekken normaal: Hast du die gekochten Eier in den Kühlschrank gelegt? Lange groepen vóór het zelfstandig naamwoord zijn kenmerkender voor geschreven Duits. Een zin als die von der zuständigen Behörde gestern veröffentlichte Entscheidung is correct, maar zwaar. In een gesprek klinkt die Entscheidung, die die zuständige Behörde gestern veröffentlicht hat vaak duidelijker.
Het Partizip II van een overgankelijk werkwoord heeft gewoonlijk een passieve relatie met het zelfstandig naamwoord: der gelobte Mitarbeiter is de medewerker die iemand heeft geprezen. Bij werkwoorden van beweging of toestandsverandering die hun voltooide tijd met sein vormen, kan de relatie actief zijn: die abgereisten Teilnehmer zijn zelf vertrokken. Kijk dus niet alleen naar de vorm, maar ook naar het soort werkwoord.
Verder dan de basis
Uitgebreide participiumgroepen
Een Partizip II kan aanvullingen meenemen die vóór het deelwoord en het zelfstandig naamwoord komen:
- der gestern veröffentlichte Bericht
- die von allen Beteiligten unterschriebene Vereinbarung
- das erst vor wenigen Monaten renovierte Gebäude
Zo'n hele groep heet een uitgebreid participiaal attribuut: een compacte beschrijving rond een deelwoord vóór het zelfstandig naamwoord. Het lidwoord staat aan het begin, het verbogen deelwoord direct vóór het zelfstandig naamwoord. De andere informatie komt ertussen. Dit is een belangrijk verschil met een Duitse betrekkelijke bijzin, waarin de persoonsvorm meestal achteraan staat:
- die von allen Beteiligten unterschriebene Vereinbarung
- die Vereinbarung, die von allen Beteiligten unterschrieben wurde
De twee versies betekenen vrijwel hetzelfde. De eerste is compacter en formeler; de tweede is vaak makkelijker te verwerken.
Dubbelzinnigheid tussen proces en toestand
Die Tür ist geschlossen kan, afhankelijk van de context, een toestand uitdrukken (‘de deur is dicht’) of het resultaat van een handeling. In de attributieve vorm die geschlossene Tür is dat onderscheid meestal niet belangrijk. Wil je de handeling of handelende persoon benadrukken, voeg dan informatie toe: die vom Hausmeister geschlossene Tür. Wil je uitsluitend de toestand beschrijven, dan kan een gewoon bijvoeglijk naamwoord duidelijker zijn, bijvoorbeeld die offene Tür tegenover die geschlossene Tür.
Ontkenning en samenstellingen
De ontkenning nicht kan onderdeel worden van het attribuut: eine noch nicht beantwortete Frage. Ook komen vaste samenstellingen veel voor: selbst gemacht, handgeschrieben, lang erwartet. De spelling verschilt per combinatie en mate van lexicalisering: das selbst gemachte Geschenk, maar ein handgeschriebener Brief. Controleer bij twijfel een actueel Duits woordenboek; de grammaticale uitgang blijft in elk geval aan het laatste element staan.
Partizip I tegenover Partizip II
Het Partizip I op -end legt meestal de nadruk op een gelijktijdige, actieve handeling; het Partizip II meestal op voltooiing of resultaat.
| Partizip I | Partizip II | Verschil |
|---|---|---|
| die kochende Frau | der gekochte Reis | De vrouw kookt zelf; de rijst is gekookt. |
| die öffnende Person | die geöffnete Tür | De persoon opent; de deur ondergaat het openen. |
| die ankommenden Gäste | die angekommenen Gäste | Ze zijn onderweg naar aankomst; ze zijn al aangekomen. |
Dit contrast helpt om de betekenis te kiezen: actief en bezig tegenover afgerond of resulterend. Het is een tendens, geen mechanische vertaalregel; vaste bijvoeglijke betekenissen kunnen daarvan afwijken.
Oefentips
- Werk in drietallen. Maak bij één werkwoord steeds een actieve zin, een voltooide of passieve zin en een attributieve woordgroep: Jemand öffnet die Tür → Die Tür wurde geöffnet → die geöffnete Tür.
- Markeer vier keuzes. Schrijf bij elk voorbeeld lidwoordtype, geslacht/getal, naamval en uitgang op. Zo leer je dat de moeilijke stap meestal niet het deelwoord, maar de adjectiefverbuiging is.
- Zet compacte groepen om in bijzinnen. Verander der gestern veröffentlichte Bericht in der Bericht, der gestern veröffentlicht wurde en weer terug. Dit traint zowel betekenis als woordvolgorde.
Verwante onderwerpen
- Vereiste voorkennis: Partizip I als bijvoeglijk naamwoord — vergelijk een actieve, doorgaande handeling met een voltooid resultaat.
- Volgende stap: Uitgebreide participiumgroepen — voeg tijd, handelende persoon en andere bepalingen aan het attribuut toe.
Vereiste kennis
Partizip I als bijvoeglijk naamwoord in het DuitsB2Concepten die hierop voortbouwen
Meer B2-concepten
Dit concept in andere talen
Vergelijk in alle talen
Oefen Partizip II als Adjektiv in Duits met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Duits · B2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen