A1

Fazer (doen/maken) in het Portugees

O Verbo Fazer

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Portugees op Settemila Lingue.

Overzicht

Fazer (doen/maken) is een van de meest gebruikte onregelmatige werkwoorden in het Portugees. Het heeft een breed toepassingsgebied: van letterlijk iets maken of doen tot idiomatische uitdrukkingen over leeftijd, weer en tijd.

Als A1-beginner kom je fazer meteen tegen in alledaagse contexten. De vervoeging is grotendeels regelmatig in de tegenwoordige tijd, op de eerste persoon enkelvoud na: faço (onregelmatig).

Hoe het werkt

Vervoeging fazer (tegenwoordige tijd):

Persoon Portugees Nederlands
eu faço ik doe/maak
tu fazes jij doet/maakt
ele/ela/você faz hij/zij doet/maakt
nós fazemos wij doen/maken
vós fazeis jullie doen/maken
eles/elas/vocês fazem zij/jullie doen/maken

Veelgebruikte uitdrukkingen met fazer:

  • fazer uma pergunta — een vraag stellen
  • fazer anos — verjaren (Faço anos amanhã. — Ik ben morgen jarig.)
  • Faz frio/calor. — Het is koud/warm. (over het weer)
  • fazer compras — boodschappen doen
  • O que fazes? — Wat doe jij?

Voorbeelden in context

Portugees Nederlands Opmerking
Faço os trabalhos de casa. Ik maak mijn huiswerk. letterlijk
O que fazes ao fim de semana? Wat doe jij in het weekend? activiteit
Ela faz anos hoje. Zij is vandaag jarig. verjaardag
Faz frio lá fora. Het is koud buiten. weer
Fazemos compras juntos. Wij doen samen boodschappen. activiteit
Não faço isso. Ik doe dat niet. ontkenning
Faz muito calor no verão. Het is erg warm in de zomer. weer
O que vais fazer? Wat ga jij doen? nabije toekomst

Veelgemaakte fouten

Faço vergeten (onregelmatige 1e persoon)

  • Fout: Eu faz, Eu fazo
  • Correct: Eu faço
  • Waarom: De eerste persoon enkelvoud is onregelmatig bij veel werkwoorden, ook bij fazer.

Fazer voor het weer

  • Faz frio. — Het is koud. (letterlijk: het maakt koud)
  • Dit is idiomatisch Portugees; in het Nederlands zeg je "het is koud", niet "het maakt koud".

Oefentips

  1. Memoriseer faço — de onregelmatige eerste persoon — als je de andere vormen kent.
  2. Leer de vaste uitdrukkingen met fazer: ze komen heel vaak voor.
  3. Oefen dagelijks door te beschrijven wat je doet: O que faço hoje...

Verwante concepten

Over dit concept

Irregular verb 'fazer' (faço, fazes, faz, fazemos, fazeis, fazem) with weather expressions (faz calor/frio) and common phrases (fazer desporto, fazer anos).

In Settemila Lingue genereert dit concept een oefendeck van ~40 kaarten op niveau A1.

Voorbeelden

O que fazes?What are you doing?
Faço desporto.I do sports.
Faz calor hoje.It's hot today.
Fazemos o jantar.We're making dinner.

Vereiste kennis

Regelmatige -ER werkwoorden in het PortugeesA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Probeer Settemila Lingue gratis — geen creditcard, geen verplichtingen. Maak een gratis account aan wanneer je klaar bent om te oefenen met spaced repetition.

Gratis beginnen