A2

Por versus para: de basis in het Spaans

Por vs Para - Básico

Overzicht

Por en para zijn twee Spaanse voorzetsels die allebei met "voor" worden vertaald in het Nederlands, maar verschillende betekenissen hebben. Dit is een van de meest verwarrende aspecten van de Spaanse grammatica voor Nederlandstaligen.

Op A2-niveau leer je de meest voorkomende gebruikssituaties. Later, op B2-niveau, komen de meer geavanceerde nuances aan bod.

Hoe het werkt

Para: doel, bestemming, deadline

Gebruik Voorbeeld Vertaling
Doel / bedoeling Estudio para aprender. Ik studeer om te leren.
Bestemming (richting) Salgo para Madrid. Ik vertrek naar Madrid.
Bestemming (ontvanger) Este regalo es para ti. Dit cadeau is voor jou.
Deadline Lo necesito para el lunes. Ik heb het nodig voor maandag.
Mening Para mí, es difícil. Voor mij is het moeilijk.

Por: reden, duur, ruil, beweging door/langs

Gebruik Voorbeeld Vertaling
Reden / oorzaak Lo hago por amor. Ik doe het uit liefde.
Duur Estudié por dos horas. Ik studeerde twee uur lang.
Ruil Lo cambio por esto. Ik ruil het voor dit.
Beweging door/langs Camino por el parque. Ik loop door het park.
Tijdstip (approximatief) Llega por la tarde. Hij/zij komt 's middags.
Communicatiemiddel Habla por teléfono. Hij/zij praat via de telefoon.

Voorbeelden in context

Spaans Nederlands por/para
Compro flores para Ana. Ik koop bloemen voor Ana. para — ontvanger
Gracias por las flores. Bedankt voor de bloemen. por — reden/oorzaak
Lo hago para ti. Ik doe het voor jou. para — bestemming
Lo hago por ti. Ik doe het voor jou (omwille van jou). por — reden
Necesito el libro para mañana. Ik heb het boek nodig voor morgen. para — deadline
Estudié por la mañana. Ik studeerde 's ochtends. por — tijdstip
Salgo para Barcelona. Ik vertrek naar Barcelona. para — bestemming
Pagué cien euros por este libro. Ik betaalde honderd euro voor dit boek. por — ruil/prijs

Veelgemaakte fouten

para en por door elkaar halen bij "voor"

  • Fout: Gracias para la ayuda.
  • Correct: Gracias por la ayuda.
  • Waarom: Gracias por... = bedankt voor... (reden/oorzaak) vereist por.

por voor doel/bestemming

  • Fout: Estudio por aprender. (als je doel uitdrukt)
  • Correct: Estudio para aprender.
  • Waarom: Doel en bedoeling vragen para.

Oefentips

  • Leer de twee meest gebruikte gevallen. Para voor doel (para + infinitief) en ontvanger; por voor reden (por + zelfstandig naamwoord) en duur.
  • Maak twee lijsten. Schrijf tien zinnen met para en tien met por.
  • Luister actief. Merk por en para bewust op in Spaanse media.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Voorzetsels van plaats in het SpaansA1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer A2-concepten

Wil je Por versus para: de basis in het Spaans en meer Spaans-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen