B1

De mais-que-perfeito in het Portugees

Mais-que-perfeito

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Portugees op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Met de mais-que-perfeito plaats je een gebeurtenis vóór een ander moment in het verleden: Quando cheguei, ela já tinha saído — ‘Toen ik aankwam, was ze al vertrokken.’ In alledaags Portugees gebruik je meestal een vorm van ter in de onvoltooid verleden tijd plus een voltooid deelwoord: tinha/tínhamos + falado, comido, partido.

Overzicht

De Portugese pretérito mais-que-perfeito komt grotendeels overeen met de Nederlandse voltooid verleden tijd: ‘ik had gegeten’, ‘wij waren vertrokken’. De tijd maakt duidelijk dat iets al voltooid was vóór een ander verleden tijdstip of een andere gebeurtenis. Daarom kun je hem zien als een ‘verleden vóór het verleden’.

Dit onderwerp wordt gewoonlijk op B1-niveau geïntroduceerd. Je kent dan al de pretérito perfeito, de gewone verleden tijd voor een afgeronde gebeurtenis. In Quando cheguei, eles já tinham começado staat cheguei voor het latere aankomstpunt en tinham começado voor wat daarvoor al was gebeurd.

Er bestaan twee vormen. De samengestelde vorm, zoals tinha falado, is normaal in gesprekken en in de meeste hedendaagse teksten. De enkelvoudige vorm, zoals falara, komt vooral voor in literaire of formele schrijftaal en wordt verderop kort behandeld. Voor actief dagelijks gebruik is de samengestelde vorm de juiste basis.

Zo werkt het

De basisconstructie

De samengestelde mais-que-perfeito bestaat uit:

onvoltooid verleden tijd van ter + voltooid deelwoord

Een voltooid deelwoord is de werkwoordsvorm die een voltooide handeling uitdrukt, zoals ‘gegeten’ in ‘had gegeten’. In het Portugees zijn dat vormen als falado, comido en partido.

Persoon ter Met falar (‘spreken’)
eu tinha tinha falado
tu tinhas tinhas falado
ele / ela / você tinha tinha falado
nós tínhamos tínhamos falado
vós tínheis tínheis falado
eles / elas / vocês tinham tinham falado

De vorm vós tínheis is correct, maar in de meeste hedendaagse omgangstaal zeldzaam. In Portugal gebruikt men vaak vocês tinham voor meerdere aangesproken personen; in Brazilië is dat eveneens de gewone vorm.

Het voltooid deelwoord maken

Bij regelmatige werkwoorden vervang je de uitgang van de infinitief (de woordenboekvorm van het werkwoord):

Werkwoordgroep Uitgang Infinitief Voltooid deelwoord Voorbeeld
werkwoorden op -ar -ado falar falado tinha falado
werkwoorden op -er -ido comer comido tinha comido
werkwoorden op -ir -ido partir partido tinha partido

Een aantal veelgebruikte werkwoorden heeft een onregelmatig voltooid deelwoord:

Infinitief Voltooid deelwoord Betekenis
abrir aberto geopend
dizer dito gezegd
escrever escrito geschreven
fazer feito gedaan, gemaakt
morrer morto gestorven
pôr posto gezet, gelegd
ver visto gezien

Leer deze vormen als één geheel: tinha dito, tinham feito, tínhamos visto. Vormen als dizido en fazido zijn niet correct.

Het deelwoord verandert niet

Na ter blijft het voltooid deelwoord onveranderd. Het past zich dus niet aan het onderwerp of aan een zelfstandig naamwoord (een woord voor een persoon, zaak of begrip) aan:

  • Ela tinha chegado.
  • Elas tinham chegado.
  • Ele tinha escrito as cartas.
  • Eles tinham escrito a carta.

Alleen ter laat zien om welke persoon en welk aantal het gaat. Dit is belangrijk als je ook constructies kent waarin een Portugees deelwoord wél kan veranderen, bijvoorbeeld as portas estavam fechadas.

Twee momenten in het verleden

De mais-que-perfeito heeft een verleden referentiepunt nodig. Dat kan uit dezelfde zin blijken, maar ook uit de voorafgaande context.

Tijdlijn Voorbeeld
eerst: zij vertrekt ela tinha saído
daarna: ik kom aan quando cheguei

Samen wordt dat: Ela tinha saído quando cheguei. Het Nederlands gebruikt hier vaak ‘was vertrokken’. Het Portugees kiest bij de samengestelde mais-que-perfeito echter ter, ook als het Nederlands het hulpwerkwoord ‘zijn’ gebruikt: Wij waren aangekomen is Tínhamos chegado, niet éramos chegado.

Het latere verleden moment staat vaak in de pretérito perfeito: cheguei, telefonou, começou. Het kan ook op een andere manier worden genoemd:

  • Às oito, já tínhamos terminado. — Om acht uur waren we al klaar.
  • Antes daquela viagem, nunca tinha voado. — Vóór die reis had ik nog nooit gevlogen.
  • Ela estava cansada porque não tinha dormido bem. — Ze was moe omdat ze niet goed had geslapen.

Ontkenning, bijwoorden en vragen

Não staat vóór de verbale groep:

  • Não tinha percebido o problema. — Ik had het probleem niet opgemerkt.
  • Eles ainda não tinham chegado. — Ze waren nog niet aangekomen.

Woorden als (‘al’), nunca (‘nooit’), ainda não (‘nog niet’), antes (‘eerder, daarvoor’) en até então (‘tot dan toe’) maken de tijdsvolgorde vaak extra duidelijk:

  • Já tinha comido. — Ik had al gegeten.
  • Nunca tínhamos estado ali. — We waren daar nog nooit geweest.

In een ja-neevraag blijft de vorm zelf gelijk. In geschreven taal herken je de vraag aan het vraagteken; in gesproken taal aan de intonatie:

  • Já tinhas visto este filme? — Had je deze film al gezien?

Voorbeelden in context

Portugees Nederlands Toelichting
Já tinha comido quando me telefonaste. Ik had al gegeten toen je me belde. benadrukt dat het eten al klaar was.
Tinha saído quando cheguei. Hij/zij was vertrokken toen ik aankwam. De vertreksituatie ligt vóór cheguei.
Tínhamos terminado o trabalho antes do almoço. We hadden het werk vóór de lunch afgemaakt. Een tijdsbepaling geeft het latere grenspunt.
Disse-me que tinha estado lá. Hij/zij vertelde me dat hij/zij daar was geweest. In vertelde informatie kijk je terug vanuit disse.
Quando abriram a porta, os clientes já tinham ido embora. Toen ze de deur openden, waren de klanten al weggegaan. Portugees gebruikt ter: tinham ido.
Eu nunca tinha visto tanta neve. Ik had nog nooit zoveel sneeuw gezien. Ervaring tot aan een bepaald verleden moment.
Ela estava cansada porque tinha trabalhado a noite toda. Ze was moe omdat ze de hele nacht had gewerkt. De eerdere handeling verklaart een toestand in het verleden.
Ainda não tinhas respondido à minha mensagem. Je had nog niet op mijn bericht geantwoord. Ainda não betekent ‘nog niet’.
Quando chegámos à estação, o comboio já tinha partido. Toen we op het station aankwamen, was de trein al vertrokken. Gebruikelijk Europees-Portugees woordgebruik.
Quando chegamos à estação, o trem já tinha partido. Toen we op het station aankwamen, was de trein al vertrokken. Braziliaanse woordkeuze; de grammaticale constructie is dezelfde.
Eles tinham reservado uma mesa, mas o restaurante não encontrou a reserva. Ze hadden een tafel gereserveerd, maar het restaurant vond de reservering niet. De reservering ging vooraf aan het zoeken.
Àquela altura, já tínhamos tomado uma decisão. Op dat moment hadden we al een besluit genomen. Àquela altura schept het verleden referentiepunt.
Só percebi depois que tinha deixado as chaves em casa. Pas later besefte ik dat ik de sleutels thuis had laten liggen. Het achterlaten gebeurde vóór het besef.
Já tinhas aprendido português antes de te mudares para Lisboa? Had je al Portugees geleerd voordat je naar Lissabon verhuisde? Vraag naar een eerdere ervaring.

Veelgemaakte fouten

Alleen tinha gebruiken zonder deelwoord

  • Niet goed: Eu tinha comer antes da reunião.
  • Wel goed: Eu tinha comido antes da reunião.
  • Waarom: Na tinha staat hier een voltooid deelwoord, niet de infinitief comer.

Het Nederlandse hulpwerkwoord ‘zijn’ letterlijk overnemen

  • Niet goed: Nós éramos chegado antes das oito.
  • Wel goed: Nós tínhamos chegado antes das oito.
  • Waarom: De samengestelde mais-que-perfeito wordt met ter gevormd. Dat geldt ook voor werkwoorden die in het Nederlands vaak ‘zijn’ krijgen: ‘we waren aangekomen’, ‘ze was vertrokken’.

Het deelwoord laten overeenkomen met meervoud of geslacht

  • Niet goed: Elas tinham chegadas cedo.
  • Wel goed: Elas tinham chegado cedo.
  • Waarom: Na ter blijft het deelwoord onveranderd. Het meervoud zie je al aan tinham.

De mais-que-perfeito voor elke oude gebeurtenis gebruiken

  • Niet goed in deze betekenis: No ano passado, tinha visitado o Porto.
  • Wel goed: No ano passado, visitei o Porto.
  • Waarom: Voor één afgeronde gebeurtenis in het verleden volstaat meestal de pretérito perfeito. Tinha visitado wordt logisch zodra er een later verleden referentiepunt is: Quando fui a Braga, já tinha visitado o Porto.

Een regelmatig deelwoord maken van een onregelmatig werkwoord

  • Niet goed: Ela tinha fazido tudo sozinha.
  • Wel goed: Ela tinha feito tudo sozinha.
  • Waarom: Fazer heeft het onregelmatige deelwoord feito. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor dizer → dito en ver → visto.

Tínhamos zonder accent schrijven

  • Niet goed: Nos tinhamos terminado.
  • Wel goed: Nós tínhamos terminado.
  • Waarom: Zowel nós als tínhamos heeft hier een geschreven accent. Zonder accent is tinhamos geen correcte standaardspelling.

Gebruiksnotities

Niet elke volgorde hoeft grammaticaal gemarkeerd te worden

Als woorden als antes de (‘vóór’) en depois de (‘na’) de volgorde volledig duidelijk maken, gebruiken moedertaalsprekers soms twee gewone verleden tijden. De mais-que-perfeito blijft echter nuttig wanneer je nadrukkelijk terugkijkt vanuit een verleden moment of verwarring wilt voorkomen.

Vergelijk:

  • Depois de terminar o trabalho, fui para casa. — Nadat ik het werk had afgemaakt, ging ik naar huis.
  • Quando o chefe ligou, eu já tinha terminado o trabalho. — Toen de baas belde, had ik het werk al afgemaakt.

In de eerste zin maakt depois de de volgorde al ondubbelzinnig. In de tweede zet tinha terminado het voltooide resultaat duidelijk tegenover het latere telefoontje.

Ter en haver

Naast ter kun je de samengestelde vorm met haver aantreffen: havia chegado, haviam terminado. Deze vorm is grammaticaal, maar klinkt doorgaans formeler of boekachtiger. Voor neutrale spreek- en schrijftaal is tinha chegado de veiligste keuze.

Verwar dit niet met onpersoonlijk havia in de betekenis ‘er was’ of ‘er waren’, zoals Havia muitas pessoas na sala. Daar volgt geen voltooid deelwoord op en gaat het dus niet om de mais-que-perfeito.

Portugal en Brazilië

De kernconstructie is in beide grote varianten hetzelfde. Verschillen vallen eerder op bij woordkeuze, uitspraak en de plaats van onbeklemtoonde voornaamwoorden (korte vormen als me en lhe):

  • Europees Portugees: Ele tinha-me avisado.
  • Braziliaans Portugees: Ele me tinha avisado.

Beide zinnen betekenen ‘Hij had me gewaarschuwd.’ Als B1-leerder is het vooral belangrijk dat je één variant consequent herkent en gebruikt; de tijdsvorm verandert niet.

Wanneer het Nederlands een andere tijd kiest

De Nederlandse voltooid verleden tijd is een goede eerste vergelijking, maar geen automatische vertaalformule. Nederlands kan in een levendig verhaal soms een gewone verleden tijd gebruiken waar Portugees het eerdere tijdsniveau expliciet markeert, of andersom wanneer de volgorde al vaststaat. Bepaal daarom eerst de tijdlijn: was de handeling al voltooid vóór het verleden referentiepunt? Zo ja, dan is de mais-que-perfeito meestal passend.

Verdieping: verder dan de basis

De enkelvoudige mais-que-perfeito

In literatuur, journalistieke stijl en formele teksten kun je één vervoegde vorm tegenkomen in plaats van tinha + deelwoord:

Infinitief Enkelvoudige vorm Gewone samengestelde vorm Nederlands
falar falara tinha falado had gesproken
comer comera tinha comido had gegeten
partir partira tinha partido was vertrokken
dizer dissera tinha dito had gezegd
fazer fizera tinha feito had gedaan
ver vira tinha visto had gezien

Quando chegaram, ela já partira betekent dus hetzelfde als Quando chegaram, ela já tinha partido. De enkelvoudige vorm is vooral belangrijk om te herkennen. In een normaal gesprek kan partira opvallend plechtig of literair klinken. De volledige beheersing ervan hoort bij een later niveau.

Let op dat vormen op -ra ook in bepaalde vaste of stilistische constructies andere waarden kunnen krijgen. Trek daarom bij een losse vorm altijd de hele zin en het register in je beoordeling mee.

Een eerder verleden binnen vertelde informatie

Na werkwoorden als dizer (‘zeggen’), explicar (‘uitleggen’), perceber (‘beseffen’) en descobrir (‘ontdekken’) geeft de mais-que-perfeito vaak aan dat de inhoud al vóór dat zeggen, beseffen of ontdekken gold:

  • Ela explicou que tinha perdido o documento. — Ze legde uit dat ze het document was kwijtgeraakt.
  • Descobrimos que alguém tinha aberto a janela. — We ontdekten dat iemand het raam had geopend.

Dit is geen mechanische regel waarbij elke bijzin na een verleden werkwoord automatisch tinha + deelwoord krijgt. De werkelijke tijdsverhouding bepaalt de keuze. In Ela disse que estava cansada is de vermoeidheid gelijktijdig met het zeggen; in Ela disse que tinha dormido mal ging het slechte slapen eraan vooraf.

Een niet-gebeurde mogelijkheid in het verleden

De mais-que-perfeito kan ook voorkomen in complexere voorwaardelijke zinnen, vaak samen met de aanvoegende wijs (een werkwoordsvorm voor onder meer veronderstellingen en niet-werkelijke situaties):

  • Se eu tivesse sabido, teria ajudado. — Als ik het had geweten, zou ik hebben geholpen.

Hier is tivesse sabido niet de gewone mais-que-perfeito van dit artikel, maar de mais-que-perfeito do conjuntivo. De betekenis ‘eerder in het verleden’ blijft herkenbaar, maar de vorm en de regels horen bij een apart, gevorderd onderwerp. Gebruik niet tinha sabido na se wanneer je een onwerkelijke voorwaarde bedoelt.

Oefentips

  1. Teken een tijdlijn met twee punten. Schrijf eerst de eerdere gebeurtenis met tinha + deelwoord en daarna het latere punt met de gewone verleden tijd: O filme tinha começado → chegámos. Maak er vervolgens één zin van.
  2. Oefen met Nederlandse ‘zijn’-werkwoorden. Vertaal bewust ‘we waren aangekomen’, ‘zij was vertrokken’ en ‘de kinderen waren wakker geworden’ met ter: tínhamos chegado, ela tinha partido, as crianças tinham acordado.
  3. Maak vaste combinaties met tijdsignalen. Formuleer elke dag enkele zinnen met , ainda não, nunca, antes en quando. Controleer daarna of er echt een later verleden referentiepunt aanwezig is.

Verwante onderwerpen

  • Vereiste voorkennis: Pretérito perfeito simples — de gewone verleden tijd voor afgeronde gebeurtenissen en vaak het latere punt op de tijdlijn.
  • Volgende stap: Mais-que-perfeito simples — de enkelvoudige, vooral literaire vorm zoals falara, comera en partira.

Vereiste kennis

Pretérito perfeito simples in het PortugeesA2

Concepten die hierop voortbouwen

Meer B1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Mais-que-perfeito in Portugees met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Portugees · B1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen