Triggers voor de conjuntivo in het Portugees
Usos do Conjuntivo
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Portugees op Settemila Lingue.
Kort gezegd
De Portugese conjuntivo (een werkwoordsvorm voor onder meer wensen, twijfel en nog niet vaststaande gebeurtenissen) verschijnt vaak na herkenbare woorden en uitdrukkingen. Denk aan quero que, é necessário que, é possível que, antes que, para que, embora en oxalá. Bij quando gebruik je voor een toekomstige gebeurtenis meestal de futuro do conjuntivo: Quando chegares, telefona-me.
Overzicht
In het Nederlands zeggen we zonder bijzondere werkwoordsvorm: ‘Ik wil dat je komt’, ‘Het is mogelijk dat hij thuis is’ en ‘Bel me wanneer je aankomt’. Het Portugees maakt in zulke zinnen wél zichtbaar hoe de spreker tegen de gebeurtenis aankijkt. Is die gewenst, onzeker, noodzakelijk, bedoeld als doel of nog toekomstig? Dan staat het werkwoord in de bijzin (het zinsdeel dat niet zelfstandig de hoofdboodschap vormt) vaak in de conjuntivo.
Dit onderwerp hoort bij B1. Je kent de vormen van de presente do conjuntivo dan al, bijvoorbeeld venha, estejas, façamos en possam. Hier gaat het vooral om de vraag waardoor je die vormen kiest. Een handige lijst met triggers helpt, maar betekenis blijft belangrijk: hetzelfde verbindingswoord kan bij een vaststaand feit soms een andere wijs krijgen.
Het grootste verschil met het Nederlands is dus niet de vertaling van een afzonderlijk woord. De Nederlandse tegenhanger ‘dat’, ‘voordat’, ‘zodat’ of ‘wanneer’ vertelt je meestal niet welke Portugese werkwoordsvorm nodig is. Kijk naar de bedoeling van de hele zin: feit of verwachting, zekerheid of mogelijkheid, één onderwerp of twee verschillende onderwerpen.
Zo werkt het
De basisstructuur: hoofdzin + que + conjuntivo
Veel triggers vormen dit patroon:
uitdrukking in de hoofdzin + que + ander onderwerp + conjuntivo
- Quero que tu venhas. — Ik wil dat je komt.
- É possível que eles estejam em casa. — Het is mogelijk dat ze thuis zijn.
Het onderwerp is degene die de handeling uitvoert. In Quero que tu venhas is het onderwerp van quero ‘ik’ en dat van venhas ‘jij’. Portugese onderwerpvoornaamwoorden worden vaak weggelaten, maar de twee uitvoerders blijven inhoudelijk verschillend.
Zijn de uitvoerder van beide handelingen en de tijd dezelfde, dan gebruikt het Portugees na veel werkwoorden liever een infinitief (de onverbogen vorm, zoals vir of sair):
- Quero sair cedo. — Ik wil vroeg vertrekken.
- Quero que saias cedo. — Ik wil dat jij vroeg vertrekt.
- Espero chegar a tempo. — Ik hoop op tijd aan te komen.
- Espero que chegues a tempo. — Ik hoop dat jij op tijd aankomt.
Voeg dus niet automatisch que toe na querer of esperar. Eerst bepaal je of de tweede handeling bij dezelfde persoon hoort.
Wens, wil en hoop
Werkwoorden die uitdrukken dat iemand een andere situatie wenst of probeert te beïnvloeden, worden gewoonlijk gevolgd door que en de conjuntivo:
| Trigger | Betekenis | Voorbeeld |
|---|---|---|
| querer que | willen dat | Quero que fiques. |
| esperar que | hopen dat | Espero que corra bem. |
| desejar que | wensen dat | Desejamos que tenham sucesso. |
| pedir que | vragen dat | Peço que esperem. |
| preferir que | liever willen dat | Prefiro que venhas amanhã. |
Bij esperar que is de conjuntivo de veilige standaard wanneer esperar ‘hopen’ betekent. De zin presenteert de uitkomst immers niet als een vastgesteld feit.
Noodzaak, oordeel en mogelijkheid
Onpersoonlijke uitdrukkingen met é ... que beoordelen een hele situatie. Ze krijgen vaak de conjuntivo wanneer ze noodzaak, wenselijkheid, emotie, twijfel of mogelijkheid uitdrukken:
- É necessário que preenchas o formulário. — Het is nodig dat je het formulier invult.
- É importante que todos participem. — Het is belangrijk dat iedereen meedoet.
- É possível que o comboio esteja atrasado. — Mogelijk heeft de trein vertraging.
- É pena que não possas ficar. — Jammer dat je niet kunt blijven.
Vergelijk dit met een uitdrukking van zekerheid. Na é evidente que, é certo que en é verdade que staat doorgaans de indicativo (de gewone werkwoordsvorm waarmee je iets als feit presenteert):
- É evidente que ele está cansado. — Het is duidelijk dat hij moe is.
- É possível que ele esteja cansado. — Het is mogelijk dat hij moe is.
Ook hier bestaat een kortere constructie met een infinitief wanneer geen afzonderlijk onderwerp hoeft te worden genoemd:
- É necessário sair agora. — Het is nodig om nu te vertrekken.
- É necessário que vocês saiam agora. — Het is nodig dat jullie nu vertrekken.
Twijfel tegenover zekerheid
Twijfel en ontkenning van een overtuiging trekken vaak de conjuntivo aan:
- Duvido que seja verdade. — Ik betwijfel of het waar is.
- Não acredito que ele venha hoje. — Ik geloof niet dat hij vandaag komt.
Een bevestigde overtuiging wordt normaal als informatie gepresenteerd en krijgt daarom de indicativo:
- Acredito que ele vem hoje. — Ik geloof dat hij vandaag komt.
- Sei que ele vem hoje. — Ik weet dat hij vandaag komt.
Voor Nederlandstaligen is dit onderscheid lastig, omdat ‘ik geloof dat’ en ‘ik geloof niet dat’ in het Nederlands dezelfde werkwoordsvorm hebben. In het Portugees kan de ontkenning de kijk op de bijzin veranderen.
Vaste voegwoorden
Sommige voegwoorden (woorden die zinsdelen verbinden) kondigen zelf de conjuntivo aan.
antes que: voordat
Antes que verwijst naar iets dat nog niet gebeurd is vanuit het gekozen tijdspunt:
- Fecha as janelas antes que chova. — Sluit de ramen voordat het regent.
Met één onderwerp is antes de + infinitief vaak eenvoudiger:
- Fecha as janelas antes de sair. — Sluit de ramen voordat je weggaat.
- Fecha as janelas antes que eu saia. — Sluit de ramen voordat ik wegga.
para que: zodat, opdat
Para que leidt een doel in en krijgt de conjuntivo:
- Falo devagar para que todos entendam. — Ik spreek langzaam zodat iedereen het begrijpt.
Bij hetzelfde onderwerp gebruik je meestal para + infinitief:
- Estudo para aprender. — Ik studeer om te leren.
- Explico outra vez para que aprendas. — Ik leg het nogmaals uit zodat jij het leert.
Het Nederlandse ‘om te’ is dus niet altijd para que. Alleen wanneer je een vervoegde bijzin nodig hebt, past para que.
embora: hoewel
Embora wordt standaard met de conjuntivo geleerd:
- Embora esteja cansada, vai trabalhar. — Hoewel ze moe is, gaat ze werken.
- Embora seja caro, vale a pena. — Hoewel het duur is, is het de moeite waard.
De spreker ontkent daarmee niet noodzakelijk dat ze moe is of dat iets duur is. De conjuntivo markeert hier vooral dat de informatie als toegeving wordt ingebouwd: ondanks dit gegeven geldt de hoofdzin toch.
oxalá: hopelijk, als ... toch
Oxalá drukt een sterke hoop of wens uit en wordt rechtstreeks gevolgd door de conjuntivo; que is niet nodig:
- Oxalá faça bom tempo amanhã. — Hopelijk is het morgen mooi weer.
- Oxalá tudo corra bem. — Hopelijk gaat alles goed.
Quando bij een toekomstige gebeurtenis
Quando is geen automatische trigger. Bij gewoontes en vastgestelde gebeurtenissen staat de indicativo:
- Quando chego a casa, faço café. — Wanneer ik thuiskom, zet ik koffie.
- Quando cheguei a casa, telefonei-lhe. — Toen ik thuiskwam, belde ik hem/haar.
Gaat het om een toekomstige, nog niet voltooide gebeurtenis, dan gebruikt het Portugees meestal de futuro do conjuntivo:
- Quando chegares, telefona-me. — Bel me wanneer je aankomt.
- Quando tivermos tempo, visitaremos o museu. — Wanneer we tijd hebben, bezoeken we het museum.
De Nederlandse tegenwoordige tijd na ‘wanneer’ kan hier misleiden. In het Portugees is chegares geen gewone tegenwoordige tijd, maar een toekomstige conjuntivo-vorm. De hoofdzin kan een gebiedende wijs, een toekomstige vorm of een andere passende tijd bevatten.
Een paar veelvoorkomende vormen van de futuro do conjuntivo:
| Infinitief | eu | tu | ele/ela/você | nós | eles/elas/vocês |
|---|---|---|---|---|---|
| chegar | chegar | chegares | chegar | chegarmos | chegarem |
| fazer | fizer | fizeres | fizer | fizermos | fizerem |
| ter | tiver | tiveres | tiver | tivermos | tiverem |
| vir | vier | vieres | vier | viermos | vierem |
Let vooral op de onregelmatige stammen fizer-, tiver- en vier-. De regelmatige vormen voor eu en de derde persoon lijken op de infinitief, maar hun functie is anders.
Voorbeelden in context
| Portugees | Nederlands | Toelichting |
|---|---|---|
| Quero que venhas comigo. | Ik wil dat je met me meegaat. | Wens met een ander onderwerp. |
| Espero que estejas melhor amanhã. | Ik hoop dat je je morgen beter voelt. | Hoop; estejas is presente do conjuntivo. |
| É necessário que venhas cedo. | Het is nodig dat je vroeg komt. | Noodzaak. |
| É possível que eles não saibam. | Het is mogelijk dat ze het niet weten. | Mogelijkheid, geen zekerheid. |
| Duvido que isso seja verdade. | Ik betwijfel of dat waar is. | Twijfel. |
| Antes que chova, vamos para casa. | Voordat het regent, gaan we naar huis. | Een nog niet ingetreden gebeurtenis. |
| Fechei a porta antes de sair. | Ik deed de deur dicht voordat ik vertrok. | Zelfde onderwerp: antes de + infinitief. |
| Escrevo tudo para que não te esqueças. | Ik schrijf alles op zodat je het niet vergeet. | Doel met een ander onderwerp. |
| Embora seja tarde, ainda há autocarros. | Hoewel het laat is, rijden er nog bussen. | Toegeving met embora. |
| Oxalá encontremos uma solução. | Hopelijk vinden we een oplossing. | Wens zonder que. |
| Quando chegares, telefona-me. | Bel me wanneer je aankomt. | Toekomstige quando-zin. |
| Quando tenho tempo, leio no jardim. | Wanneer ik tijd heb, lees ik in de tuin. | Gewoonte: indicativo. |
| Quando eles vierem, começamos a reunião. | Wanneer zij komen, beginnen we de vergadering. | Toekomst; onregelmatig vierem. |
| Não creio que seja uma boa ideia. | Ik denk niet dat het een goed idee is. | Ontkende overtuiging. |
Veelgemaakte fouten
Na elke que de conjuntivo gebruiken
- Niet goed: Sei que ele esteja em casa.
- Wel goed: Sei que ele está em casa.
- Waarom: Que is alleen een verbindingswoord. Sei presenteert de informatie als zeker en vraagt daarom de indicativo.
Twee keer hetzelfde onderwerp omslachtig uitdrukken
- Minder natuurlijk: Quero que eu saia cedo.
- Natuurlijk: Quero sair cedo.
- Waarom: Als dezelfde persoon wil én vertrekt, gebruikt het Portugees doorgaans querer + infinitief. Met een ander onderwerp is Quero que saias cedo wel passend.
De indicativo na para que zetten
- Niet goed: Repito para que tu entendes.
- Wel goed: Repito para que tu entendas.
- Waarom: Para que geeft het doel van de handeling aan en wordt gevolgd door de conjuntivo.
De Nederlandse tegenwoordige tijd kopiëren na toekomstig quando
- Niet goed: Quando chegas amanhã, telefona-me.
- Wel goed: Quando chegares amanhã, telefona-me.
- Waarom: De aankomst ligt nog in de toekomst en is nog niet voltooid. Daarom staat chegar in de futuro do conjuntivo.
Antes que en antes de verwarren
- Niet goed: Antes que sair, desliga o computador.
- Wel goed: Antes de sair, desliga o computador.
- Ook goed: Antes que saias, vou explicar uma coisa.
- Waarom: Voor een infinitief staat antes de. Antes que leidt een vervoegde bijzin met de conjuntivo in.
Oxalá que als enige mogelijkheid leren
- Onnodig zwaar: Oxalá que tudo corra bem.
- Gewoon: Oxalá tudo corra bem.
- Waarom: Oxalá kan direct voor de conjuntivo staan. De variant met que komt ook voor, maar que is niet vereist.
Gebruiksnotities
In Portugal heet deze wijs meestal conjuntivo; in Brazilië hoor en lees je ook vaak subjuntivo. Het gaat om hetzelfde grammaticale systeem. De triggerregels gelden in beide grote varianten, al verschillen voornaamwoorden en bijbehorende persoonsvormen: Europees Portugees gebruikt vaak tu venhas, terwijl Braziliaans Portugees in veel regio’s você venha gebruikt.
Een trigger kiest de wijs, maar niet automatisch de tijd. Quero que venhas gebruikt de tegenwoordige conjuntivo voor een huidige of toekomstige wens. Verwijst de hele situatie vanuit het verleden naar iets gelijktijdigs of laters, dan komt op hoger niveau vaak de imperfeito do conjuntivo: Queria que viesses. De betekenis en de tijdsverhouding bepalen dus samen de vorm.
In dagelijkse taal worden sommige constructies vereenvoudigd, maar het is onverstandig om alle conjuntivo-vormen als formeel te beschouwen. Zinnen als Espero que esteja tudo bem, Quando chegares, avisa en Tomara que dê certo zijn heel gewoon. Tomara que is vooral in Brazilië een frequente informele wensformule naast oxalá: Tomara que dê certo betekent ‘Hopelijk lukt het’.
Verder dan de basis
Een voegwoord is geen los waarschuwingslampje
Bij embora is de conjuntivo de norm in verzorgd hedendaags Portugees. Toch kom je vooral in spontaan taalgebruik soms een indicativo tegen wanneer de spreker sterk benadrukt dat de informatie een feit is. Als leerder kun je het best consequent de conjuntivo na embora gebruiken; daarmee zit je in zowel Portugal als Brazilië veilig.
Ook bij meningswerkwoorden is de keuze niet puur mechanisch. Não acho que seja caro zet afstand of twijfel centraal. Acho que não é caro bevestigt daarentegen de mening ‘ik denk dat het niet duur is’. De plaats van não verandert dus welke bewering wordt ontkend en kan daarmee de keuze van de wijs beïnvloeden.
Andere tijdsvoegwoorden met toekomstbetekenis
Het patroon van toekomstig quando komt ook voor na onder meer assim que (‘zodra’), logo que (‘zodra’) en enquanto wanneer de situatie nog in de toekomst ligt:
- Assim que souber, aviso-te. — Zodra ik het weet, laat ik het je weten.
- Logo que terminarmos, podemos sair. — Zodra we klaar zijn, kunnen we weggaan.
- Enquanto estiveres aqui, podes usar este quarto. — Zolang je hier bent, mag je deze kamer gebruiken.
Bij een gewoonte krijg je opnieuw de indicativo: Enquanto trabalho, ouço música — ‘Terwijl ik werk, luister ik naar muziek.’ Niet het voegwoord alleen, maar vooral de tijdsbetekenis is beslissend.
Conjuntivo of persoonlijke infinitief
Het Portugees heeft naast de conjuntivo een persoonlijke infinitief: een infinitief die kan laten zien wie handelt, zoals saíres en entendermos. Daardoor bestaan soms twee natuurlijke manieren om ongeveer dezelfde verhouding uit te drukken:
- Antes que saias, fala comigo. — Praat met me voordat je weggaat.
- Antes de saíres, fala comigo. — Praat met me voordat je weggaat.
- Expliquei devagar para que eles entendessem. — Ik legde het langzaam uit zodat zij het begrepen.
- Expliquei devagar para eles entenderem. — Ik legde het langzaam uit zodat zij het konden begrijpen.
De constructie met que vraagt een vervoegde conjuntivo. Na een voorzetsel zoals de of para kan de persoonlijke infinitief juist compact en heel Portugees klinken. Dit onderscheid is belangrijk voor een volledig begrip, maar je hoeft beide mogelijkheden niet meteen actief te beheersen.
Wensen met verschillende kansen en tijdstippen
Oxalá kan met meerdere tijden van de conjuntivo voorkomen. Oxalá venha amanhã uit een reële hoop voor morgen. Oxalá viesse klinkt meer als ‘kwam hij/zij maar’ en maakt de wens afstandelijker of minder waarschijnlijk. Voor een wens over iets dat al anders had moeten lopen, bestaan samengestelde vormen zoals Oxalá tivesse vindo — ‘Was hij/zij maar gekomen’. Dit zijn vervolgstappen na de B1-basis.
Oefentips
- Leer triggers in hele paren. Noteer niet alleen para que, maar bijvoorbeeld Falo devagar para que entendas. Zo koppel je de trigger meteen aan een echte conjuntivo-vorm.
- Maak drietallen met één betekenisveld. Oefen bijvoorbeeld Quero sair, Quero que saias en Queria que saísses. Daarmee train je tegelijk onderwerp en tijdsverhouding.
- Controleer elke quando-zin met één vraag: gaat dit om een gewoonte of feit, of om een nog toekomstige gebeurtenis? Schrijf daarna bewust Quando chego... tegenover Quando chegar....
Verwante onderwerpen
- Vooraf: Presente do conjuntivo — de vorming van de tegenwoordige conjuntivo die na veel van deze triggers staat.
- Verdieping: Persoonlijke infinitief — een typisch Portugese constructie die soms een bijzin met que kan vervangen.
Vereiste kennis
Conjuntivo presente in het PortugeesB1Meer B1-concepten
Dit concept in andere talen
Vergelijk in alle talen
Oefen Usos do Conjuntivo in Portugees met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Portugees · B1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen