Het Duitse Zustandspassiv met sein
Zustandspassiv
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Duits op Settemila Lingue.
In het kort
Het Zustandspassiv beschrijft de toestand die na een handeling bestaat. Je vormt het met een vervoegde vorm van sein + Partizip II (voltooid deelwoord): Die Tür ist geschlossen betekent dat de deur dicht is. Met werden staat juist de handeling of verandering centraal: Die Tür wird geschlossen betekent dat iemand de deur sluit.
Overzicht
Bij het Duitse passief ondergaat het onderwerp (de persoon of zaak waarover iets wordt gezegd) een handeling. Het Zustandspassiv, ook sein-Passiv genoemd, kijkt echter niet naar het verloop van die handeling, maar naar het bereikte resultaat. In Das Essen ist gekocht is het koken klaar en bevindt het eten zich in de toestand ‘gekookt’.
Dit onderwerp hoort bij niveau B2, omdat je niet alleen de vorm moet herkennen, maar ook bewust moet kiezen tussen sein en werden. Dat verschil is belangrijk in alledaagse mededelingen, beschrijvingen, instructies en zakelijke teksten: is iets bezig of afgerond, gaat het om een gebeurtenis of om de toestand erna?
Voor Nederlandstaligen voelt de basis vaak vertrouwd. Nederlands gebruikt immers ook zijn + voltooid deelwoord: de deur is gesloten. Toch is de overeenkomst verraderlijk. Nederlands worden en zijn volgen niet in iedere tijd precies dezelfde verdeling als Duits, en een Duitse vorm met sein kan soms ook als een gewoon bijvoeglijk naamwoord worden opgevat. Kijk daarom altijd naar betekenis én context.
Hoe het werkt
De basisvorm
Het patroon is eenvoudig:
onderwerp + vervoegde vorm van sein + Partizip II
Het Partizip II is het voltooid deelwoord, bijvoorbeeld gemacht, geöffnet, geschlossen of geschrieben. In deze constructie verandert het niet mee met geslacht, getal of naamval (de vorm die de functie van een woord in de zin aangeeft).
| Onderwerp | Vorm van sein | Partizip II | Volledige zin |
|---|---|---|---|
| die Tür | ist | geschlossen | Die Tür ist geschlossen. |
| das Fenster | ist | geöffnet | Das Fenster ist geöffnet. |
| die Zimmer | sind | reserviert | Die Zimmer sind reserviert. |
| der Brief | war | geschrieben | Der Brief war geschrieben. |
Het onderwerp van de passieve zin komt vaak overeen met het lijdend voorwerp in de actieve zin (wie of wat de handeling ondergaat):
- actief: Jemand schließt die Tür. — Iemand sluit de deur.
- toestand na de handeling: Die Tür ist geschlossen. — De deur is dicht/gesloten.
Sein bepaalt de tijd
Je zet sein in de gewenste tijd; het Partizip II blijft gelijk.
| Tijd of wijs | Vorm | Betekenis in het Nederlands |
|---|---|---|
| Präsens | Die Tür ist geschlossen. | De deur is gesloten. |
| Präteritum | Die Tür war geschlossen. | De deur was gesloten. |
| Perfekt | Die Tür ist geschlossen gewesen. | De deur is gesloten geweest. |
| Plusquamperfekt | Die Tür war geschlossen gewesen. | De deur was gesloten geweest. |
| Futur I | Die Tür wird geschlossen sein. | De deur zal gesloten zijn. |
| Konjunktiv II | Die Tür wäre geschlossen. | De deur zou gesloten zijn. |
In de praktijk zijn vooral ist/sind en war/waren gebruikelijk. De samengestelde vormen ist geschlossen gewesen en war geschlossen gewesen zijn grammaticaal mogelijk, maar vaak zwaar. Duits kiest dan geregeld voor een eenvoudiger tijdsvorm of een andere formulering als de context de tijd al duidelijk maakt.
Let bij wird geschlossen sein goed op de plaats van sein. Hier is wird het hulpwerkwoord van de toekomst en betekent de hele vorm ‘zal gesloten zijn’. Zonder het laatste sein krijg je wird geschlossen: het tegenwoordige procespassief, ‘wordt gesloten’.
Toestand tegenover handeling: sein of werden
Het gewone passief met werden, het Vorgangspassiv, beschrijft het proces of de gebeurtenis. Het Zustandspassiv met sein beschrijft het resultaat.
| Vraag die je stelt | Met werden: handeling | Met sein: toestand |
|---|---|---|
| Wat gebeurt er met de deur? | Die Tür wird geschlossen. | — |
| Hoe is de deur nu? | — | Die Tür ist geschlossen. |
| Wat gebeurde er om acht uur? | Die Tür wurde geschlossen. | — |
| Hoe was de situatie om negen uur? | — | Die Tür war geschlossen. |
| Wat is er met het document gedaan? | Das Dokument ist unterschrieben worden. | — |
| In welke staat verkeert het document? | — | Das Dokument ist unterschrieben. |
Een nuttige tijdlijn is:
- Die Köchin kocht das Essen. — De kokkin kookt het eten.
- Das Essen wird gekocht. — Het eten wordt gekookt; het proces loopt.
- Das Essen ist gekocht. — Het eten is gekookt; het resultaat is bereikt.
Het verschil is dus niet simpelweg ‘tegenwoordige tijd tegenover verleden tijd’. Beide zinnen kunnen over het heden gaan. Het gaat om het perspectief: gebeurtenis of bestaande toestand.
Welke werkwoorden passen erbij?
Het Zustandspassiv is vooral natuurlijk bij werkwoorden waarvan de handeling een herkenbaar resultaat achterlaat:
- öffnen → Das Fenster ist geöffnet.
- reparieren → Das Fahrrad ist repariert.
- reservieren → Der Tisch ist reserviert.
- unterschreiben → Der Vertrag ist unterschrieben.
- vorbereiten → Alles ist vorbereitet.
Niet ieder werkwoord levert zo'n toestand op. Van een activiteit als schlafen (‘slapen’) kun je niet normaal een Zustandspassiv maken: niet Das Bett ist geschlafen. Vraag jezelf af of het onderwerp na de handeling werkelijk in een nieuwe, relevante toestand kan verkeren.
Ontkenning, bijwoorden en woordvolgorde
Ontkenning en tijdsbepalingen veranderen de basisconstructie niet:
- Die Rechnung ist noch nicht bezahlt. — De rekening is nog niet betaald.
- Alle Plätze waren bereits reserviert. — Alle plaatsen waren al gereserveerd.
- Ist das Fenster wirklich geschlossen? — Is het raam echt dicht?
- ..., weil die Straße gesperrt ist. — ..., omdat de weg afgesloten is.
In een hoofdzin staat de vervoegde vorm van sein op de tweede plaats; in een ja-neevraag vooraan. In een bijzin met bijvoorbeeld weil staat die vorm achteraan. Het Partizip II staat doorgaans dicht bij het einde en vóór de achteraan geplaatste vorm van sein.
Voorbeelden in context
| Duits | Nederlands | Toelichting |
|---|---|---|
| Die Tür ist geschlossen. | De deur is gesloten. | Huidige toestand na het sluiten. |
| Das Essen ist gekocht. | Het eten is gekookt. | De bereiding is klaar. |
| Der Brief war schon geschrieben. | De brief was al geschreven. | Toestand op een moment in het verleden. |
| Die Fenster sind frisch geputzt. | De ramen zijn pas schoongemaakt. | Het resultaat is nog zichtbaar of relevant. |
| Der Tisch ist für vier Personen reserviert. | De tafel is voor vier personen gereserveerd. | Gebruikelijk in een restaurant. |
| Die Rechnung ist noch nicht bezahlt. | De rekening is nog niet betaald. | Ontkende resultaattoestand. |
| Als wir ankamen, war das Geschäft geschlossen. | Toen we aankwamen, was de winkel gesloten. | Beschrijft de situatie bij aankomst. |
| Keine Sorge, alles ist vorbereitet. | Geen zorgen, alles is voorbereid. | Het voorbereidende werk is voltooid. |
| Ist der Computer schon repariert? | Is de computer al gerepareerd? | Vraag naar het resultaat, niet naar het reparatieproces. |
| Während der Sitzung bleibt die Tür geschlossen. | Tijdens de vergadering blijft de deur dicht. | Bleiben benadrukt dat de toestand voortduurt. |
| Bis morgen wird der Bericht fertiggestellt sein. | Uiterlijk morgen zal het verslag afgerond zijn. | Toekomstige resultaattoestand. |
| Wenn der Vertrag unterschrieben wäre, könnten wir anfangen. | Als het contract ondertekend was, zouden we kunnen beginnen. | Veronderstelde toestand met Konjunktiv II. |
| Der Eingang ist durch Bauarbeiten blockiert. | De ingang is door bouwwerkzaamheden geblokkeerd. | Durch noemt de oorzaak. |
Veelgemaakte fouten
Sein en werden door elkaar halen
- Onjuist voor een toestand: Die Tür wird geschlossen, als je bedoelt dat de deur al dicht is.
- Juist: Die Tür ist geschlossen.
- Waarom: Wird geschlossen beschrijft het sluiten dat plaatsvindt; ist geschlossen beschrijft het resultaat.
Een voltooid proces verkeerd vormen
- Onjuist: Die Tür ist geschlossen geworden, als je alleen wilt zeggen dat iemand de deur heeft gesloten.
- Juist: Die Tür ist geschlossen worden.
- Waarom: Het Perfekt van het Vorgangspassiv gebruikt worden: ist ... worden. Geworden hoort bij het zelfstandige werkwoord werden in de betekenis ‘worden’: Es ist kalt geworden (‘Het is koud geworden’).
De Nederlandse woordvolgorde overnemen
- Onjuist: ..., weil ist die Tür geschlossen.
- Juist: ..., weil die Tür geschlossen ist.
- Waarom: In een Duitse bijzin staat de vervoegde werkwoordsvorm doorgaans achteraan.
Het Partizip II als predicatieve vorm verbuigen
- Onjuist: Die Türen sind geschlossene.
- Juist: Die Türen sind geschlossen.
- Waarom: Na sein krijgt het predicatief gebruikte deelwoord (een vorm die iets over het onderwerp zegt) geen uitgang. Vóór een zelfstandig naamwoord is er wel een uitgang: die geschlossenen Türen.
Een Zustandspassiv maken zonder resultaattoestand
- Onjuist: Das Bett ist geschlafen.
- Juist: In dem Bett wurde geschlafen of natuurlijker Jemand hat in dem Bett geschlafen.
- Waarom: Schlafen laat geen toestand van das Bett achter die met een Zustandspassiv wordt uitgedrukt. Bovendien heeft het werkwoord hier geen lijdend voorwerp dat onderwerp van een gewone passieve zin kan worden.
De toekomstige vorm te vroeg afbreken
- Onjuist: Morgen wird die Tür geschlossen, als je bedoelt dat ze morgen al dicht zal zijn.
- Juist: Morgen wird die Tür geschlossen sein.
- Waarom: Zonder sein betekent de zin dat de sluiting morgen gebeurt. Met sein gaat het om de bereikte toestand.
Gebruiksnotities
Het Zustandspassiv komt veel voor wanneer het resultaat praktisch belangrijker is dan degene die de handeling uitvoerde: Das Formular ist ausgefüllt, Die Plätze sind belegt, Der Zugang ist gesperrt. Daarom zie je het vaak op borden, in statusmeldingen, bij reserveringen en in werkinstructies.
De handelende persoon wordt meestal niet genoemd. Dat past bij de betekenis: de huidige toestand staat centraal. Een bepaling met von of durch is wel mogelijk, maar klinkt alleen natuurlijk als die informatie relevant is. Von wijst meestal op een persoon of instantie als oorsprong: Der Entwurf ist von der Direktorin genehmigt. Durch noemt eerder een middel of oorzaak: Die Straße ist durch Schnee blockiert. Vaak is een actieve zin duidelijker zodra de handelende persoon belangrijk wordt.
In het Nederlands vertalen we niet altijd letterlijk met zijn + voltooid deelwoord. Das Geschäft ist geschlossen kan gewoon ‘de winkel is dicht’ zijn, en Alle Plätze sind belegt vaak ‘alle plaatsen zijn bezet’. Kies dus de natuurlijkste Nederlandse weergave, maar let in de Duitse zin op het contrast met werden.
Bij woorden als bekannt, verheiratet of interessiert is niet altijd zinvol om bij elk gebruik een verborgen passieve handeling te zoeken. Sommige deelwoorden zijn vaste bijvoeglijke naamwoorden geworden. De grens tussen Zustandspassiv en een naamwoordelijk gezegde met een adjectief is geleidelijk; voor correct taalgebruik is de betekenis meestal belangrijker dan het etiket.
Verder dan de basis
Zustandspassiv of gewoon bijvoeglijk naamwoord?
Vergelijk Die Tür ist geschlossen. De vorm geschlossen kan worden opgevat als het resultaat van ‘sluiten’, maar ook als een eigenschap: ‘dicht’. Context kan de handelingsbetekenis sterker maken:
- Die Tür ist vom Hausmeister geschlossen. — De conciërge heeft de deur gesloten; de resulterende toestand staat centraal.
- Die Tür ist seit drei Stunden geschlossen. — De duur van de toestand staat centraal.
- Die geschlossene Tür — de gesloten deur; hier staat het deelwoord vóór het zelfstandig naamwoord en krijgt het een adjectiefuitgang.
Er bestaat geen eenvoudige test die elk grensgeval oplost. Hoe sterker een woord een gewone eigenschap benoemt en hoe minder je aan een concrete voorafgaande handeling denkt, hoe meer het als bijvoeglijk naamwoord functioneert.
Andere werkwoorden die een toestand markeren
Naast sein kunnen bleiben (‘blijven’) en scheinen (‘lijken’) met een Partizip II voorkomen:
- Die Tür bleibt geschlossen. — De deur blijft dicht.
- Das Problem scheint gelöst. — Het probleem lijkt opgelost.
Dit zijn strikt genomen niet simpelweg vervoegde vormen van het Zustandspassiv met sein. Ze bouwen wel voort op dezelfde resultaatbetekenis: bleiben benadrukt voortduring en scheinen een indruk of inschatting.
Modale werkwoorden
Met een modaal werkwoord kun je noodzaak, mogelijkheid of verwachting aan de toestand toevoegen:
- Die Tür muss geschlossen sein. — De deur moet dicht zijn.
- Der Antrag dürfte bereits bearbeitet sein. — De aanvraag is vermoedelijk al behandeld.
- Bis Freitag soll alles vorbereitet sein. — Uiterlijk vrijdag moet alles voorbereid zijn.
Hier staat sein als infinitief (de onbepaalde werkwoordsvorm) aan het einde. Let op het betekenisverschil tussen Die Tür muss geschlossen werden (‘de deur moet worden gesloten’: noodzakelijke handeling) en Die Tür muss geschlossen sein (‘de deur moet dicht zijn’: vereiste toestand).
Resultaat, duur en herstel
Een toestand kan tijdelijk zijn of later ongedaan worden gemaakt. Das Fenster war geöffnet zegt alleen dat het raam op dat moment openstond; het zegt niet wie het opende, wanneer dat gebeurde of hoelang het daarna openbleef. Zulke informatie voeg je apart toe: Das Fenster war nur zehn Minuten geöffnet und wurde dann wieder geschlossen. Zo kunnen Zustandspassiv en Vorgangspassiv in één zin verschillende fasen van dezelfde situatie weergeven.
Oefentips
- Maak drietallen. Neem vijf werkwoorden met een duidelijk resultaat en schrijf telkens actief, Vorgangspassiv en Zustandspassiv: Jemand repariert das Rad — Das Rad wird repariert — Das Rad ist repariert.
- Stel de controlevraag. Vraag bij elke zin: ‘Wat gebeurt er?’ Kies dan werden. Vraag je ‘Hoe is de toestand nu?’, kies dan sein.
- Oefen met tijdlijnen. Beschrijf eerst een proces en daarna het resultaat in heden, verleden en toekomst: wird vorbereitet — ist vorbereitet — war vorbereitet — wird vorbereitet sein. Zo voorkom je dat je wird geschlossen en wird geschlossen sein verwart.
Verwante onderwerpen
- Vereiste voorkennis: Passief in de tegenwoordige tijd — legt het Vorgangspassiv met werden uit, waarmee je de resultaattoestand contrasteert.
Vereiste kennis
Passief in de tegenwoordige tijd in het DuitsB1Meer B2-concepten
Oefen Zustandspassiv in Duits met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Duits · B2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen