A1

Telwoorden in het Catalaans

Nombres

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Catalaans op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Bij Catalaanse hoofdtelwoorden staat het tiental vóór de eenheid: vint-i-tres is 23. Alleen tussen 21 en 29 komt daar -i- tussen; vanaf 30 gebruik je wel een koppelteken maar geen i: trenta-quatre. De vormen voor één en twee passen zich aan het geslacht van het zelfstandig naamwoord aan: un/una en dos/dues.

Overzicht

Getallen heb je al snel nodig: om een prijs te begrijpen, een telefoonnummer te geven, een tafel voor twee te reserveren of te zeggen hoeveel mensen ergens zijn. De hoofdtelwoorden — woorden die een hoeveelheid aangeven, zoals drie en twintig — horen daarom bij de basisstof van niveau A1. In dit artikel staat de reeks tot en met 100 centraal.

Voor Nederlandstaligen zijn vooral twee verschillen belangrijk. Ten eerste zegt het Catalaans bij samengestelde getallen eerst het tiental en dan de eenheid. Het Nederlandse drieëntwintig wordt dus letterlijk opgebouwd als ‘twintig en drie’: vint-i-tres. Ten tweede kent het Catalaans bij één en twee mannelijke en vrouwelijke vormen. In het Nederlands verandert twee niet, maar in het Catalaans staan bijvoorbeeld dos llibres en dues revistes naast elkaar.

Ook maak je kort kennis met rangtelwoorden — woorden die een plaats in een volgorde aangeven, zoals eerste en tweede. De gewone getallen vormen de kern van deze les; de uitgebreidere regels voor rangtelwoorden en andere hoeveelheidswoorden komen later aan bod.

Hoe het werkt

De basisgetallen van 0 tot 20

De vormen van 0 tot 20 moet je grotendeels als afzonderlijke woorden leren. Ze vormen de bouwstenen voor alle volgende getallen.

Getal Catalaans Getal Catalaans
0 zero 11 onze
1 un / una 12 dotze
2 dos / dues 13 tretze
3 tres 14 catorze
4 quatre 15 quinze
5 cinc 16 setze
6 sis 17 disset
7 set 18 divuit
8 vuit 19 dinou
9 nou 20 vint
10 deu

Let bij het leren niet alleen op de spelling, maar ook op herkenning in gesproken taal. Vooral cinc, vuit, deu, onze en dotze lijken weinig op hun Nederlandse equivalenten.

Eén: un en una

Voor één gebruik je un bij een mannelijk zelfstandig naamwoord (een woord voor een persoon, dier, ding of begrip) en una bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord:

  • un home — één man
  • una dona — één vrouw
  • un llibre — één boek
  • una taula — één tafel

Het gaat om het grammaticale geslacht van het Catalaanse woord, niet om het Nederlandse lidwoord de of het. Leer een nieuw zelfstandig naamwoord daarom liefst meteen met zijn lidwoord: el llibre, la taula. Dan kun je ook makkelijker voor un of una kiezen.

Eindigt een samengesteld getal op één, dan blijft hetzelfde onderscheid bestaan: vint-i-un llibres maar vint-i-una pàgines. In een kale telreeks hoor je gewoonlijk un: un, dos, tres... Wanneer het om het cijfer of nummer 1 als label gaat, komt ook u voor, bijvoorbeeld el número u. Dat onderscheid is vooral nuttig bij huisnummers, lijnnummers en cijfers; voor een hoeveelheid gebruik je un/una.

Twee: dos en dues

Ook twee heeft twee vormen:

  • dos gats — twee katers of twee katten van mannelijk geslacht
  • dues gates — twee poezen
  • dos minuts — twee minuten
  • dues hores — twee uur

Dos hoort bij een mannelijk meervoud en dues bij een vrouwelijk meervoud. Het Nederlands bereidt je niet op dit verschil voor, want twee blijft altijd gelijk. Ook in samengestelde getallen blijft de aanpassing zichtbaar: vint-i-dos dies en vint-i-dues setmanes.

Van 21 tot 29: vint-i-...

Tussen twintig en de eenheid staat bij 21 tot en met 29 de verbinding -i-, met aan beide kanten een koppelteken. I betekent hier ‘en’.

Getal Catalaans Getal Catalaans
21 vint-i-un / vint-i-una 26 vint-i-sis
22 vint-i-dos / vint-i-dues 27 vint-i-set
23 vint-i-tres 28 vint-i-vuit
24 vint-i-quatre 29 vint-i-nou
25 vint-i-cinc

De volgorde is anders dan in het Nederlands: vint-i-tres is opgebouwd als twintig-en-drie, niet als drie-en-twintig. Probeer het Catalaanse getal daarom niet woord voor woord vanuit het Nederlandse getal op te bouwen. Kijk eerst naar het tiental.

Van 30 tot 99: tiental + koppelteken + eenheid

De tientallen zijn:

Getal Catalaans Getal Catalaans
20 vint 60 seixanta
30 trenta 70 setanta
40 quaranta 80 vuitanta
50 cinquanta 90 noranta
100 cent

Vanaf 30 verbind je het tiental en de eenheid met één koppelteken, zonder i:

  • 31: trenta-un of trenta-una
  • 34: trenta-quatre
  • 42: quaranta-dos of quaranta-dues
  • 58: cinquanta-vuit
  • 67: seixanta-set
  • 99: noranta-nou

De eenvoudige beginnersregel is dus:

  1. Zeg eerst het tiental.
  2. Is het getal 21–29? Gebruik -i- vóór de eenheid.
  3. Is het getal 31–99? Gebruik alleen een koppelteken.
  4. Eindigt het getal op één of twee? Kies de vorm die bij het zelfstandig naamwoord past.

Hele tientallen krijgen niets erachter: trenta, quaranta, cinquanta. Honderd is cent.

De eerste rangtelwoorden

Een rangtelwoord geeft aan op welke plaats iemand of iets staat. De meest gebruikte basisvormen zijn:

Plaats Mannelijk enkelvoud Vrouwelijk enkelvoud Nederlands
1e primer primera eerste
2e segon segona tweede
3e tercer tercera derde
4e quart quarta vierde
5e cinquè cinquena vijfde
6e sisè sisena zesde
7e setè setena zevende
8e vuitè vuitena achtste
9e novè novena negende
10e desè desena tiende

Rangtelwoorden gedragen zich als bijvoeglijke naamwoorden (woorden die een eigenschap of plaats bij een zelfstandig naamwoord aangeven). Ze passen zich dus aan: el primer dia, la primera setmana, els primers dies, les primeres setmanes. Voor A1 is het voldoende om vooral primer, segon, tercer en quart met hun vrouwelijke vormen actief te gebruiken.

Voorbeelden in context

Catalaans Nederlands Toelichting
Tinc un germà i una germana. Ik heb één broer en één zus. Un/una volgt het geslacht van het woord.
Hi ha dos llibres sobre la taula. Er liggen twee boeken op tafel. Llibres is mannelijk meervoud.
Necessitem dues cadires més. We hebben nog twee stoelen nodig. Cadires is vrouwelijk meervoud.
El bitllet costa quinze euros. Het kaartje kost vijftien euro. Een niet-samengesteld getal onder 20.
Som vint-i-tres persones. We zijn met drieëntwintig personen. Bij 23 staat -i- tussen tiental en eenheid.
Té vint-i-una pàgines. Het heeft eenentwintig bladzijden. Una past bij het vrouwelijke pàgines.
El mes té vint-i-vuit dies. De maand heeft achtentwintig dagen. De vaste vorm van 28 is vint-i-vuit.
L'autobús arriba en trenta-cinc minuts. De bus komt over vijfendertig minuten. Vanaf 30 geen i tussen tiental en eenheid.
La sala té quaranta-dues places. De zaal heeft tweeënveertig plaatsen. Dues past bij het vrouwelijke places.
Avui celebrem cinquanta anys de casats. Vandaag vieren we dat we vijftig jaar getrouwd zijn. Een heel tiental heeft geen koppelteken.
Hi ha noranta-nou respostes. Er zijn negenennegentig antwoorden. Eerst het tiental, daarna de eenheid.
Cent persones han vingut al concert. Er zijn honderd mensen naar het concert gekomen. Precies 100 is cent.
Avui és el primer dia del curs. Vandaag is de eerste dag van de cursus. Primer past bij het mannelijke dia.
És la segona vegada que vinc aquí. Het is de tweede keer dat ik hier kom. Segona past bij het vrouwelijke vegada.

Veelgemaakte fouten

Nederlandse getalvolgorde gebruiken

  • Fout: tres-i-vint voor 23
  • Goed: vint-i-tres
  • Waarom: Het Catalaans noemt eerst het tiental en dan de eenheid. De Nederlandse volgorde in drieëntwintig kun je niet overnemen.

De i bij alle tientallen invoegen

  • Fout: trenta-i-quatre
  • Goed: trenta-quatre
  • Waarom: De verbinding -i- hoort alleen bij 21 tot en met 29. Vanaf 30 staat er alleen een koppelteken tussen tiental en eenheid.

Het koppelteken helemaal weglaten

  • Fout: vint i tres of quaranta dos
  • Goed: vint-i-tres, quaranta-dos
  • Waarom: In uitgeschreven samengestelde getallen horen de delen volgens deze patronen met koppeltekens aan elkaar.

Altijd un en dos gebruiken

  • Fout: un revista, dos hores
  • Goed: una revista, dues hores
  • Waarom: Eén en twee passen zich aan het grammaticale geslacht aan. Dat geldt ook aan het einde van een samengesteld getal: trenta-una revistes, quaranta-dues hores.

Een rangtelwoord niet laten overeenkomen

  • Fout: el primera dia, la segon vegada
  • Goed: el primer dia, la segona vegada
  • Waarom: Een rangtelwoord past bij het zelfstandig naamwoord in geslacht en getal. Het Nederlands kent dit verschil niet bij eerste en tweede.

Gebruiksnotities

Wanneer je gewoon telt, zijn de losse vormen praktisch: un, dos, tres, quatre... Zodra er een zelfstandig naamwoord volgt, moet je bij één en twee op het geslacht letten. In snel gesproken Catalaans kunnen de delen van een samengesteld getal dicht tegen elkaar klinken, maar in verzorgde spelling blijven de koppeltekens staan.

Voor telefoonnummers, codes, buslijnen en andere labels worden cijfers vaak afzonderlijk gelezen. Bij het cijfer 1 kun je dan u horen in plaats van un: el número u. Bij een echte hoeveelheid blijft un/una de veilige keuze: un bitllet, una entrada. Telefoonnummers kunnen afhankelijk van gewoonte ook in groepjes worden gelezen; er is dus niet één verplichte indeling voor elke cijferreeks.

Bij prijzen staat het getal vóór de munteenheid: vint euros, trenta-cinc euros. Na een getal groter dan één staat het zelfstandig naamwoord normaal in het meervoud. Denk verder aan de vorm van twee: dos euros, maar dues lliures als het vrouwelijke woord lliures bedoeld is.

Verder dan de basis

De volgende punten hoef je op A1 nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later tegenkomen.

Honderdtallen en de D-U-C-regel

Boven 100 helpt de traditionele geheugensteun D-U-C: er komt een koppelteken tussen desena en unitat (tiental en eenheid) en tussen unitat en centena (eenheid en honderdtal). Daardoor schrijf je bijvoorbeeld trenta-dos en dos-cents. Tussen een honderdtal en een volgend tiental staat niet automatisch een koppelteken: cent trenta-dos.

Vanaf 200 past ook het honderdtal zich aan het geslacht aan: dos-cents llibres maar dues-centes pàgines. Precies 100 is cent; voor 200 gebruik je dos-cents. Duizend is mil, zonder meervoudsuitgang in gewone getallen: dos mil. Deze vormen vallen buiten de kernreeks 1–100, maar laten zien dat geslachtsovereenkomst ook bij grotere getallen terugkomt.

Rangtelwoorden worden uitgebreider verbogen

Niet alleen het geslacht, maar ook het getal kan veranderen: primer, primera, primers, primeres. Hetzelfde basisprincipe geldt voor segon/segona/segons/segones en andere rangtelwoorden. In adressen, verdiepingen, wedstrijden en hoofdstukken kom je vaak afkortingen tegen, maar leer eerst de voluit geschreven en gesproken vormen. Zo voorkom je dat je een afkorting wel herkent maar het woord niet kunt uitspreken.

In sommige contexten gebruikt het Catalaans voor hogere posities liever een gewoon hoofdtelwoord, vooral bij nummers en labels, zoals hoofdstukken, eeuwen of namen van vorsten. De precieze keuze hangt van de constructie af. Behandel dat als vervolgmateriaal; voor dagelijkse A1-zinnen zijn primer, segon, tercer en quart het belangrijkst.

Getallen als zelfstandig woord

Een getal kan zelf als naam van een cijfer, buslijn, maat of beoordeling optreden. Dan staat er vaak een lidwoord bij: el cinc, el vint-i-dos. Dat is iets anders dan een hoeveelheid vóór een zelfstandig naamwoord. Vergelijk el dos (‘het cijfer/de twee’) met dos bitllets (‘twee kaartjes’). Dit verklaart waarom je in echte gesprekken soms vormen hoort die niet rechtstreeks een aantal voorwerpen tellen.

Oefentips

  1. Leer in bouwstenen. Oefen eerst 0–20 en de tientallen. Maak daarna elke dag tien willekeurige combinaties, bijvoorbeeld 24, 37 en 82. Zeg altijd eerst het Catalaanse tiental; zo doorbreek je de Nederlandse omgekeerde volgorde.
  2. Oefen geslacht in paren. Maak korte paren als un llibre / una revista, dos llibres / dues revistes en daarna vint-i-un llibres / vint-i-una revistes. Zo leer je de getalvorm samen met het zelfstandig naamwoord.
  3. Gebruik getallen uit je eigen dag. Zeg hardop hoe laat iets begint, hoeveel boodschappen je koopt of wat iets kost. Controleer vervolgens de spelling, vooral -i- bij 21–29 en het enkele koppelteken vanaf 30.

Verwante onderwerpen

Concepten die hierop voortbouwen

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Nombres in Catalaans met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Catalaans · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen