A1
Bijwoorden van Plaats in het Nederlands
Bijwoorden van Plaats
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Nederlands op Settemila Lingue.
Overzicht
Plaatsbijwoorden geven aan waar iets plaatsvindt of waar iemand/iets zich bevindt: hier, daar, thuis, buiten, boven. Ze zijn eenvoudig te leren en heel nuttig in alledaagse gesprekken.
Hoe het werkt
Veelgebruikte plaatsbijwoorden
| Bijwoord | Betekenis |
|---|---|
| hier | op deze plek, dichtbij |
| daar | op die plek, verder weg |
| thuis | in je eigen huis |
| buiten | buiten een gebouw |
| binnen | in een gebouw |
| boven | op een hogere verdieping |
| beneden | op een lagere verdieping |
| ergens | op een onbepaalde plek |
| nergens | op geen enkele plek |
| overal | op alle plekken |
| links | aan de linkerkant |
| rechts | aan de rechterkant |
| rechtdoor | zonder af te slaan vooruit |
Hier vs. daar
Hier = dichtbij de spreker; daar = veraf van de spreker:
- Kom hier naartoe.
- Hij staat daar.
Richting vs. locatie
Sommige bijwoorden veranderen met een richting:
- Hij is boven. (locatie)
- Hij gaat naar boven. (richting)
Voorbeelden in context
| Nederlands | Vertaling | Opmerking |
|---|---|---|
| Ik ben thuis. | Ik ben in mijn eigen huis. | Locatie |
| De kinderen spelen buiten. | De kinderen spelen buiten het huis. | Buiten het huis |
| Ze zit boven in haar kamer. | Ze zit op de bovenverdieping in haar kamer. | Boven = verdieping |
| Kom hier, ik wil je iets laten zien. | Kom naar deze plek, ik wil je iets tonen. | Dichtbij |
| Kijk daar, een haas! | Kijk op die plek, een haas! | Veraf |
| Hij is nergens te vinden. | Hij is op geen enkele plek te vinden. | Negatief |
| Het is overal hetzelfde. | Op alle plekken is het hetzelfde. | Alomtegenwoordig |
| Ga rechtdoor en dan links. | Ga vooruit en sla daarna linksaf. | Routebeschrijving |
Veelgemaakte fouten
| Fout | Correct | Waarom |
|---|---|---|
| Ik ben in thuis. | Ik ben thuis. | Thuis heeft geen voorzetsel nodig. |
| Ga naar hier. | Kom hier. | Hier als locatie: geen naar + hier. |
| Hij is in buiten. | Hij is buiten. | Plaatsbijwoorden staan alleen. |
Oefentips
- Locatie beschrijven. Beschrijf waar mensen/dingen zijn in je huis: De sleutels liggen ergens. De kat zit buiten.
- Routebeschrijving. Oefen eenvoudige routebeschrijvingen: Ga rechtdoor, dan rechts, dan links.
- Hier/daar-oefening. Wijs naar dingen dichtbij (hier) en ver weg (daar) en beschrijf ze.
Verwante concepten
- Geen directe verwante concepten geregistreerd
Meer A1-concepten
Persoonlijke Voornaamwoorden (Onderwerp) in het NederlandsPersoonlijke Voornaamwoorden (Onderwerp)Het Werkwoord Zijn in het NederlandsHet Werkwoord ZijnHet Werkwoord Hebben in het NederlandsHet Werkwoord HebbenDe- en Het-woorden in het NederlandsDe- en Het-woordenOnbepaald Lidwoord in het NederlandsOnbepaald Lidwoord
Dit concept in andere talen
Vergelijk in alle talen
Probeer Settemila Lingue gratis — geen creditcard, geen verplichtingen. Maak een gratis account aan wanneer je klaar bent om te oefenen met spaced repetition.
Gratis beginnen