Bijvoeglijke Naamwoorden in het Engels
Basic Adjectives
Overzicht
Bijvoeglijke naamwoorden (adjectives) beschrijven eigenschappen van zelfstandige naamwoorden: groot, klein, mooi, goedkoop. In het Engels staat het bijvoeglijk naamwoord altijd vóór het zelfstandig naamwoord — en het verandert nooit van vorm, ongeacht het geslacht of getal.
Dit is een groot voordeel ten opzichte van het Nederlands of Duits, waar bijvoeglijke naamwoorden worden verbogen (een groen boek, een groene fiets). In het Engels is het altijd: a green book, a green bike, green books — geen verbuiging.
Bijvoeglijke naamwoorden kunnen ook na werkwoorden zoals "to be", "to feel", "to look" staan als predicatief bijvoeglijk naamwoord: The book is interesting. She feels tired.
Hoe het werkt
Positie: vóór het zelfstandig naamwoord (attributief)
a big house, a beautiful day, an old car, happy children
Positie: na koppelwerkwoorden (predicatief)
The house is big. She looks tired. It feels cold.
Geen verbuiging in het Engels
| Nederlands | Engels |
|---|---|
| een groot huis | a big house |
| grote huizen | big houses |
| de grote man | the big man |
Veelgebruikte basisadjektieven
| Eigenschap | Woord | Tegenstelling |
|---|---|---|
| Grootte | big / large | small / little |
| Lengte | long | short |
| Hoogte | tall / high | short / low |
| Leeftijd | old | young / new |
| Kleur | red, blue, green, yellow, white, black | — |
| Temperatuur | hot / warm | cold / cool |
| Geld | expensive | cheap |
| Gevoel | happy / glad | sad / unhappy |
| Kwaliteit | good / nice | bad |
| Snelheid | fast / quick | slow |
Voorbeelden in context
| Engels | Nederlands | Opmerking |
|---|---|---|
| That's a beautiful house! | Dat is een mooi huis! | attributief |
| The film was boring. | De film was saai. | predicatief |
| I need a bigger bag. | Ik heb een grotere tas nodig. | vergrotende trap |
| She has short hair. | Ze heeft kort haar. | voor zelfstandig naamwoord |
| The coffee is too hot. | De koffie is te heet. | met bijwoord |
| It's a difficult question. | Het is een moeilijke vraag. | geen verbuiging |
| He looks tired. | Hij ziet er moe uit. | na koppelwerkwoord |
| They live in a small apartment. | Ze wonen in een klein appartement. | |
| What a lovely day! | Wat een heerlijke dag! | uitroep |
| The exam was really hard. | Het examen was erg moeilijk. | met bijwoord "really" |
Veelgemaakte fouten
Bijvoeglijk naamwoord ná het zelfstandig naamwoord plaatsen
- Fout: a house big
- Correct: a big house
- Waarom: In het Engels staat het bijvoeglijk naamwoord altijd vóór het zelfstandig naamwoord (behalve na koppelwerkwoorden).
Bijvoeglijk naamwoord verbuigen
- Fout: a bigs house, two olds men
- Correct: a big house, two old men
- Waarom: Engelse bijvoeglijke naamwoorden veranderen nooit van vorm — geen meervoud, geen buiging.
Bijwoord gebruiken als bijvoeglijk naamwoord
- Fout: She is a fastly runner.
- Correct: She is a fast runner.
- Waarom: Vóór een zelfstandig naamwoord gebruik je het bijvoeglijk naamwoord, niet het bijwoord.
Oefentips
- Beschrijf je omgeving: Kijk om je heen en beschrijf wat je ziet met zoveel mogelijk bijvoeglijke naamwoorden.
- Maak woordparen: Leer bijvoeglijke naamwoorden als tegenstellingsparen: big-small, hot-cold, old-new.
- Gebruik ze in zinnen: Schrijf tien zinnen over mensen of dingen die je kent: "My apartment is small but cozy."
Verwante concepten
- Volgende stappen: Vergrotende en Overtreffende Trap — bigger, the biggest
- Volgende stappen: Bijwoorden van Manier — quickly, slowly
Concepten die hierop voortbouwen
Meer A1-concepten
Wil je Bijvoeglijke Naamwoorden in het Engels en meer Engels-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.
Gratis beginnen