A1
Tijdsvoorzetsels in het Duits
Präpositionen der Zeit
Overzicht
Tijdsvoorzetsels geven aan wanneer iets plaatsvindt. De drie meest fundamentele zijn um (bij een klokslag), am (op een dag of dagdeel) en im (in een maand of seizoen). Daarnaast zijn er vor (geleden), nach (na), seit (sinds) en bis (tot).
Voor Nederlandstaligen zijn de meeste betekenissen vertrouwd, maar de keuze van het juiste voorzetsel per tijdstype vereist aandacht. Het geheugensteuntje uur→um, dag→am, maand→im helpt enorm.
Hoe het werkt
| Voorzetsel | Gebruik | Voorbeeld |
|---|---|---|
| um | klokslag | um drei Uhr |
| am | dag, dagdeel | am Montag, am Morgen |
| im | maand, seizoen | im Januar, im Sommer |
| in | tijdsduur (toekomst) | in zwei Stunden |
| vor | ... geleden | vor einer Stunde |
| nach | na | nach der Schule |
| seit | sinds (doorlopend) | seit drei Jahren |
| bis | tot (en met) | bis Freitag |
| für | voor (duur) | für eine Woche |
| gegen | ongeveer (tijd) | gegen acht Uhr |
Voorbeelden in context
| Duits | Nederlands | Opmerking |
|---|---|---|
| Der Zug kommt um 14 Uhr. | De trein komt om 14 uur. | um + klokslag |
| Wir treffen uns am Montag. | Wij ontmoeten elkaar op maandag. | am + dag |
| Im Sommer reise ich gern. | In de zomer reis ik graag. | im + seizoen |
| In zwei Stunden bin ich fertig. | Over twee uur ben ik klaar. | in + duur |
| Ich warte seit einer Stunde. | Ik wacht al een uur. | seit + datief |
| Nach dem Essen gehen wir spazieren. | Na het eten gaan we wandelen. | nach + datief |
| Vor einer Woche war ich krank. | Een week geleden was ik ziek. | vor + datief |
| Bis morgen! | Tot morgen! | bis + tijdstip |
| Ich lerne Deutsch am Morgen. | Ik leer Duits in de ochtend. | am + dagdeel |
| Der Unterricht beginnt um acht. | De les begint om acht uur. | um + klokslag |
Veelgemaakte fouten
"in" voor dagen gebruiken
- Fout: in Montag
- Correct: am Montag
- Waarom: Voor dagen gebruik je altijd am. Niet 'in', niet 'op'.
"um" voor maanden gebruiken
- Fout: um Januar
- Correct: im Januar
- Waarom: Voor maanden en seizoenen gebruik je im (= in dem).
Seit verwarren met voor/geleden
- Fout: vor drei Jahren lerne ich Deutsch (doorlopend)
- Correct: Ich lerne Deutsch seit drei Jahren.
- Waarom: Seit drukt een doorlopende toestand tot nu uit en vereist de tegenwoordige tijd.
Oefentips
- Leer het driehoeksschema: uur → um, dag/dagdeel → am, maand/seizoen → im.
- Maak een weekplanning: wat doe jij am Montag, am Dienstag, etc.?
- Schrijf zinnen over je dagelijkse routine met tijdsvoorzetsels.
Verwante concepten
- Volgende stappen: Tijdsbijwoorden — heute, gestern, morgen
- Volgende stappen: Getallen en tijden — kloktijden
- Volgende stappen: Tijdelijke bijzinnen — als, wenn, während
Vereiste kennis
Accusatief (lidwoorden) in het DuitsA1Meer A1-concepten
Persoonlijke voornaamwoorden (nominatief) in het DuitsPersonalpronomen im NominativBepaalde lidwoorden (nominatief) in het DuitsBestimmte Artikel im NominativOnbepaalde lidwoorden (nominatief) in het DuitsUnbestimmte Artikel im NominativWerkwoord 'sein' (tegenwoordige tijd) in het DuitsVerb 'sein' im PräsensWerkwoord 'haben' (tegenwoordige tijd) in het DuitsVerb 'haben' im Präsens
Wil je Tijdsvoorzetsels in het Duits en meer Duits-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.
Gratis beginnen