A2

Accusatief voorzetsels in het Duits

Präpositionen mit Akkusativ

Overzicht

Een aantal voorzetsels in het Duits regeren altijd de accusatief. Anders dan de tweewegsvoorzetsels (in, auf, an, etc.) is er bij deze voorzetsels geen keuze: ze vereisen altijd de accusatief, ongeacht of het om locatie of richting gaat.

De meest gebruikte accusatief voorzetsels zijn: durch (door), für (voor), gegen (tegen), ohne (zonder), um (om), bis (tot), entlang (langs) en wider (tegen, formeel).

Hoe het werkt

Voorzetsel Betekenis Voorbeeld
durch door durch den Park
für voor für einen Freund
gegen tegen gegen den Wind
ohne zonder ohne einen Plan
um om (heen) um das Haus
bis tot bis nächsten Montag
entlang langs den Fluss entlang

Na deze voorzetsels verandert het lidwoord:

  • der → den (mannelijk accusatief)
  • die → die (vrouwelijk — onveranderd)
  • das → das (onzijdig — onveranderd)
  • ein → einen (mannelijk onbepaald)

Voorbeelden in context

Duits Nederlands Opmerking
Ich gehe durch den Park. Ik loop door het park. durch + acc. mannelijk
Das ist für dich. Dat is voor jou. für + acc. pronomen
Er kauft ein Geschenk für einen Freund. Hij koopt een cadeau voor een vriend. für + einen
Ich bin gegen den Plan. Ik ben tegen het plan. gegen + acc. mannelijk
Sie geht ohne einen Mantel raus. Zij gaat zonder jas naar buiten. ohne + einen
Wir sitzen um den Tisch. Wij zitten om de tafel. um + acc.
Der Zug fährt bis Hamburg. De trein rijdt tot Hamburg. bis + plaatsnaam
Wir gehen den Fluss entlang. Wij lopen langs de rivier. entlang achter naamwoord
Er kämpft gegen den Strom. Hij vecht tegen de stroom. figuurlijk
Das ist nicht für mich. Dat is niet voor mij. voor pronomen

Veelgemaakte fouten

Nominatief gebruiken na accusatief-voorzetsel

  • Fout: Das ist für der Mann.
  • Correct: Das ist für den Mann.
  • Waarom: Für regeert altijd de accusatief. Mannelijke naamwoorden krijgen den of einen.

"Entlang" voor in plaats van na het naamwoord

  • Fout: entlang den Fluss
  • Correct: den Fluss entlang
  • Waarom: Entlang staat normaal gesproken ná het naamwoord in de accusatief.

"Bis" verwarren met "bis zu"

  • Noot: Bis Hamburg (tot Hamburg) werkt zonder extra voorzetsel bij plaatsnamen. Bij gewone naamwoorden gebruik je bis zu + datief: bis zum Bahnhof.

Oefentips

  1. Leer de zeven voorzetsels als lijst: durch, für, gegen, ohne, um, bis, entlang.
  2. Maak zinnen: "Das ist für... / Ich gehe durch... / Ich bin gegen..."
  3. Ooefen de mannelijke accusatief na elk voorzetsel.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Accusatief (lidwoorden) in het DuitsA1

Meer A2-concepten

Wil je Accusatief voorzetsels in het Duits en meer Duits-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen