A2

Trappen van vergelijking in het Noors

Komparasjon

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Noors op Settemila Lingue.

Kort gezegd

De meeste korte Noorse bijvoeglijke naamwoorden krijgen -ere in de vergrotende trap en -est in de overtreffende trap: kald – kaldere – kaldest. Bij langere woorden gebruik je vaak mer en mest, zoals mer interessant en mest interessant. Na een vergelijking staat enn: Hun er eldre enn meg — zij is ouder dan ik.

Overzicht

Met trappen van vergelijking geef je aan dat iets een eigenschap in sterkere of zwakkere mate heeft. De gewone vorm heet de stellende trap (positiv), de vorm waarmee je twee zaken vergelijkt de vergrotende trap (komparativ), en de vorm voor de hoogste of laagste graad de overtreffende trap (superlativ). Zo krijg je stor – større – størst: groot, groter, grootst.

Dit onderwerp komt in het Noors al op A2-niveau veel voor. Je gebruikt het om prijzen te vergelijken, een voorkeur uit te spreken, mensen te beschrijven of de beste mogelijkheid te kiezen. De basis lijkt sterk op het Nederlands: Noors -ere komt vaak overeen met Nederlands -er, en -est met -st. Toch zijn de vormen niet altijd voorspelbaar. Juist veel alledaagse woorden zijn onregelmatig, bijvoorbeeld god – bedre – best en gammel – eldre – eldst.

Je hebt hierbij ook de gewone verbuiging van het bijvoeglijk naamwoord nodig. Een bijvoeglijk naamwoord is een woord dat een eigenschap noemt, zoals groot, duur of interessant. Vooral bij de bepaalde overtreffende trap komt die verbuiging terug: den største byen (de grootste stad), det beste hotellet (het beste hotel) en de billigste billettene (de goedkoopste kaartjes).

Zo werkt het

Het basispatroon: -ere en -est

Bij veel korte bijvoeglijke naamwoorden voeg je -ere en -est toe aan de stam.

Stellende trap Vergrotende trap Overtreffende trap Nederlands
kald kaldere kaldest koud – kouder – koudst
rask raskere raskest snel – sneller – snelst
billig billigere billigst goedkoop – goedkoper – goedkoopst
rolig roligere roligst rustig – rustiger – rustigst
ny nyere nyest nieuw – nieuwer – nieuwst

Let op de spelling: de uitgang is -ere, niet -er. De overtreffende trap eindigt meestal op -est, maar bij verschillende woorden op -st, zoals billigst en roligst. Leer daarom bij een nieuw bijvoeglijk naamwoord liefst meteen alle drie de vormen.

Verandering in de woordstam

Sommige woorden verliezen een onbeklemtoonde klinker of veranderen van klinker. De woordstam zelf blijft dan niet helemaal gelijk.

Stellende trap Vergrotende trap Overtreffende trap Nederlands
vakker vakrere vakrest mooi – mooier – mooist
enkel enklere enklest eenvoudig – eenvoudiger – eenvoudigst
stor større størst groot – groter – grootst
ung yngre yngst jong – jonger – jongst
tung tyngre tyngst zwaar – zwaarder – zwaarst
lang lengre lengst lang – langer – langst

Voor Nederlandstaligen zijn vooral stor – større – størst en lang – lengre – lengst vormen om bewust in te oefenen. Je kunt ze niet veilig maken door alleen mechanisch een uitgang toe te voegen.

Belangrijke onregelmatige vormen

Net als goed – beter – best in het Nederlands hebben veelgebruikte Noorse woorden een eigen reeks.

Stellende trap Vergrotende trap Overtreffende trap Nederlands
god bedre best goed – beter – best
dårlig verre verst slecht – slechter – slechtst
gammel eldre eldst oud – ouder – oudst
liten mindre minst klein – kleiner – kleinst
mange flere flest veel, vele – meer – meest
mye mer mest veel – meer – meest
færre færrest weinig – minder – minst

Bij mange en mye maakt de stellende trap een onderscheid dat het Nederlands niet op dezelfde manier maakt. Gebruik mange bij telbare dingen in het meervoud: mange bøker (veel boeken). Gebruik mye bij iets dat je niet als losse eenheden telt: mye tid (veel tijd). In de vergrotende en overtreffende trap krijg je respectievelijk flere/flest en mer/mest.

Ook liten vraagt extra aandacht. Als gewoon bijvoeglijk naamwoord heeft het vormen zoals lita, lite en små, afhankelijk van geslacht en getal. In een vergelijking zijn de vormen echter mindre en minst.

Lange bijvoeglijke naamwoorden: mer en mest

Bij veel langere of samengestelde bijvoeglijke naamwoorden zet je mer of mest vóór de gewone vorm. Dit gebeurt vooral wanneer een vorm met een uitgang zwaar of onnatuurlijk zou klinken.

Stellende trap Vergrotende trap Overtreffende trap Nederlands
interessant mer interessant mest interessant interessant – interessanter – interessantst
komplisert mer komplisert mest komplisert ingewikkeld – ingewikkelder – ingewikkeldst
komfortabel mer komfortabel mest komfortabel comfortabeler – het comfortabelst
praktisk mer praktisk mest praktisk praktisch – praktischer – praktischst

Er bestaat geen eenvoudige regel op basis van alleen het aantal lettergrepen. Sommige woorden hebben een gangbare vorm met een uitgang, andere klinken natuurlijker met mer/mest, en soms komen beide mogelijkheden voor met een verschil in voorkeur of stijl. Controleer bij twijfel een goed woordenboek. Eén regel is wel absoluut: combineer de twee systemen niet. Mer bedre is fout; gebruik alleen bedre.

De vergrotende trap verandert niet mee

De vergrotende trap heeft dezelfde vorm bij een mannelijk, vrouwelijk of onzijdig zelfstandig naamwoord en ook in het meervoud. Een zelfstandig naamwoord is een woord voor een persoon, ding, plaats of begrip, zoals auto, huis of prijs.

Noors Nederlands
en større bil een grotere auto
ei større leilighet een groter appartement
et større hus een groter huis
større problemer grotere problemen

Dit verschilt duidelijk van het Nederlands. Wij voegen in een grotere auto en grotere problemen meestal een buigings-e toe aan groter. In het Noors blijft større steeds gelijk. Schrijf dus niet naar Nederlands voorbeeld een extra -e achter de Noorse vergrotende trap.

De overtreffende trap: størst of største?

Als de overtreffende trap na een werkwoord staat en niet direct vóór een bepaald zelfstandig naamwoord, gebruik je meestal de korte vorm: Huset er størst (het huis is het grootst). Staat de vorm vóór een bepaald zelfstandig naamwoord, dan krijgt hij doorgaans -e en gebruik je het passende bepaalde aanwijzende woord: den, det of de.

Patroon Voorbeeld Nederlands
na het werkwoord Denne bilen er billigst. Deze auto is het goedkoopst.
mannelijk/vrouwelijk enkelvoud den billigste bilen de goedkoopste auto
onzijdig enkelvoud det billigste hotellet het goedkoopste hotel
meervoud de billigste billettene de goedkoopste kaartjes

Bij onregelmatige vormen gebeurt hetzelfde: best wordt beste in det beste tilbudet, en størst wordt største in den største byen. Na een bezittelijk woord of een genitief (een vorm die bezit of verbondenheid aangeeft) staat geen extra den/det/de: min beste venn (mijn beste vriend), Norges største by (de grootste stad van Noorwegen).

Vergelijken met enn en som

Na een vergrotende trap gebruik je enn, vergelijkbaar met Nederlands dan:

  • Oslo er større enn Bergen. — Oslo is groter dan Bergen.
  • Toget er raskere enn bussen. — De trein is sneller dan de bus.

Voor gelijkheid gebruik je like … som of så … som:

  • Denne boka er like interessant som den andre. — Dit boek is even interessant als het andere.
  • Hotellet er ikke så dyrt som jeg trodde. — Het hotel is niet zo duur als ik dacht.

Een Nederlandse gewoonte kan hier helpen: na een verschil staat in verzorgd Nederlands dan, en in het Noors altijd enn. Na even/zo staat Nederlands als, terwijl Noors som gebruikt. De vaste paren zijn dus større enn en like stor som.

Voorbeelden in context

Noors Nederlands Opmerking
Denne jakka er billigere enn den blå. Deze jas is goedkoper dan de blauwe. Gewone vergrotende trap op -ere.
Hun er eldre enn meg. Zij is ouder dan ik. Onregelmatig: gammel – eldre – eldst.
Vi trenger et større bord. We hebben een grotere tafel nodig. Større verandert niet bij een onzijdig woord.
I dag er det kaldere enn i går. Vandaag is het kouder dan gisteren. Vergelijking van twee dagen.
Dette er den raskeste veien til sentrum. Dit is de snelste weg naar het centrum. Bepaalde overtreffende trap op -e.
Det er det beste tilbudet vi har. Dat is de beste aanbieding die we hebben. Onregelmatig best, verbogen als beste.
Oslo er Norges største by. Oslo is de grootste stad van Noorwegen. Na Norges staat geen extra den.
Den nye filmen er mer interessant enn den forrige. De nieuwe film is interessanter dan de vorige. Lang woord met mer.
Dette alternativet er mest praktisk. Dit alternatief is het praktischst. Mest in een naamwoordelijk gezegde.
Søsteren min er like høy som meg. Mijn zus is even lang als ik. Gelijkheid met like … som.
Rommet er ikke så lyst som på bildet. De kamer is niet zo licht als op de foto. Ongelijkheid met ikke så … som.
Det er mye lettere å ta toget. Het is veel gemakkelijker om de trein te nemen. Mye versterkt de vergrotende trap.
Kan vi finne en litt roligere kafé? Kunnen we een iets rustiger café vinden? Litt maakt het verschil kleiner.
Jo før vi drar, desto bedre. Hoe eerder we vertrekken, hoe beter. Vaste samenhang: jo … desto ….

Veelgemaakte fouten

Twee manieren van vergelijken door elkaar halen

  • Fout: Denne boka er mer bedre.
  • Goed: Denne boka er bedre.
  • Waarom: Bedre betekent al ‘beter’. Voeg daar geen mer aan toe. Kies óf een vorm met een uitgang, óf de constructie met mer/mest.

Enn vervangen door som

  • Fout: Oslo er større som Bergen.
  • Goed: Oslo er større enn Bergen.
  • Waarom: Na een vergrotende trap staat enn. Gebruik som bij gelijkheid: Oslo er ikke så stor som ….

Een regelmatige vorm maken van een onregelmatig woord

  • Fout: storere, godere of gammelere
  • Goed: større, bedre, eldre
  • Waarom: Deze veelgebruikte woorden hebben een eigen vorm. Leer ze als een reeks van drie: stor – større – størst.

De bepaalde -e vergeten

  • Fout: den størst byen
  • Goed: den største byen
  • Waarom: Vóór een bepaald zelfstandig naamwoord krijgt de overtreffende trap normaal -e. Dat geldt ook voor det beste svaret en de eldste husene.

De vergrotende trap naar Nederlands voorbeeld verbuigen

  • Fout: et størret hus of størrere biler
  • Goed: et større hus en større biler
  • Waarom: Anders dan Nederlands groter/grotere blijft de Noorse vergrotende trap onveranderd.

Færre en mindre verwisselen

  • Fout: mindre personer kom på møtet wanneer je het aantal personen bedoelt.
  • Goed: færre personer kom på møtet.
  • Waarom: Gebruik færre bij telbare zaken en mindre bij omvang of hoeveelheid: mindre tid, mindre plass.

Gebruiksnotities

De vergelijking nauwkeuriger maken

Vóór een vergrotende trap kunnen woorden staan die aangeven hoe groot het verschil is:

  • mye: mye bedre — veel beter
  • langt: langt billigere — veel goedkoper
  • litt: litt eldre — iets ouder
  • enda: enda viktigere — nog belangrijker

Gebruik veldig normaal niet rechtstreeks met een vergrotende trap. Voor ‘veel groter’ is mye større natuurlijker dan veldig større. Bij de stellende trap kan veldig wel: veldig stor (erg groot).

Wat volgt er na enn?

In alledaags Noors is enn meg, enn deg en enn henne heel gewoon: Han er høyere enn meg. Als de vergelijking duidelijk een volledige bijzin vertegenwoordigt — een zinsdeel met een eigen onderwerp en werkwoord — kun je dat werkwoord laten staan: Han er høyere enn jeg er. Met alleen enn jeg komt vooral een formelere of nadrukkelijk volledige lezing naar voren. Voor een A2-leerder is enn meg in gewone gesprekken een veilige en natuurlijke keuze.

Geen vergelijking, maar verandering

Een dubbele vergrotende trap kan uitdrukken dat iets geleidelijk verandert:

  • Det blir kaldere og kaldere. — Het wordt steeds kouder.
  • Norsk blir lettere og lettere. — Noors wordt steeds gemakkelijker.
  • Hun blir mer og mer interessert. — Ze raakt steeds meer geïnteresseerd.

Hier is de herhaling dus geen fout. Het is een vast patroon met de betekenis ‘steeds …’.

Verder dan de basis: gevorderd gebruik

De volgende patronen hoef je op A2 nog niet allemaal actief te beheersen, maar je zult ze later geregeld tegenkomen.

Jo … desto …

Met jo … desto … laat je zien dat twee veranderingen met elkaar samenhangen. Beide delen bevatten een vergrotende trap:

  • Jo mer du øver, desto lettere blir det. — Hoe meer je oefent, hoe gemakkelijker het wordt.
  • Jo tidligere vi bestiller, desto billigere er billettene. — Hoe eerder we boeken, hoe goedkoper de kaartjes zijn.

In minder formeel taalgebruik komt ook jo … jo … voor. Voor eigen zorgvuldig geschreven Noors is jo … desto … een helder basispatroon.

Een groep afbakenen

Bij een overtreffende trap kun je met av of i aangeven binnen welke groep de vergelijking geldt:

  • Hun er den yngste av søsknene. — Zij is de jongste van de broers en zussen.
  • Dette er den høyeste bygningen i byen. — Dit is het hoogste gebouw in de stad.
  • Hvem løper raskest av dere? — Wie van jullie loopt het snelst?

Gebruik vaak av voor een afgebakende groep personen of dingen en i voor een plaats of ruimer geheel. Het zelfstandig naamwoord hoeft niet altijd te worden herhaald: den eldste kan zelfstandig ‘de oudste’ betekenen.

Nest en aller

Met nest maak je de op één na hoogste graad: Norges nest største by is de op één na grootste stad van Noorwegen. Aller versterkt de overtreffende trap en betekent ongeveer ‘van allemaal’: det aller viktigste (het allerbelangrijkste). In een bepaalde woordgroep blijft de vorm op -e staan.

Bijvoeglijk naamwoord of bijwoord

Een vergrotende of overtreffende vorm kan ook beschrijven hoe een handeling gebeurt. Het woord functioneert dan als een bijwoord, een woord dat extra informatie geeft over een werkwoord:

  • Kan du snakke saktere? — Kun je langzamer praten?
  • Hvem løper raskest? — Wie loopt het snelst?
  • Jeg jobber bedre om morgenen. — Ik werk ’s ochtends beter.

Daarnaast bestaan enkele zeer frequente reeksen die vooral bijwoordelijk zijn, zoals gjerne – heller – helst: graag – liever – het liefst. Ze volgen niet het gewone patroon, maar drukken wel een vergelijking van voorkeur uit: Jeg vil heller gå, men jeg vil helst sykle (ik ga liever lopen, maar het liefst fiets ik).

Oefentips

  1. Leer reeksen, geen losse vormen. Maak kaartjes met drie vormen: god – bedre – best, dårlig – verre – verst, stor – større – størst. Spreek ze hardop uit en voeg bij elke reeks een korte zin toe.
  2. Vergelijk echte keuzes. Neem twee hotels, routes of producten en schrijf vijf zinnen met enn: Hotel A er billigere enn Hotel B. Voeg daarna één zin met like … som en één bepaalde overtreffende trap toe.
  3. Oefen de Nederlandse valkuil apart. Wissel doelbewust tussen en større bil, et større hus en større biler. Zo raak je eraan gewend dat de Noorse vergrotende trap, anders dan de Nederlandse, geen extra buigingsuitgang krijgt.

Verwante onderwerpen

Vereiste kennis

Bijvoeglijke naamwoorden in het NoorsA1

Meer A2-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Komparasjon in Noors met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Noors · A2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen