Aanwijzende woorden 이/그/저 in het Koreaans
지시사
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Koreaans op Settemila Lingue.
Kort gezegd
Het Koreaans heeft een driedeling: 이 wijst naar iets bij de spreker, 그 naar iets bij de gesprekspartner of iets dat al genoemd is, en 저 naar iets dat van beiden verder weg is. Zet 이, 그 of 저 vóór een zelfstandig naamwoord: 이 책 ‘dit boek’, 그 책 ‘dat boek’ en 저 책 ‘dat boek daar’.
Overzicht
Met een aanwijzend woord maak je duidelijk over welke persoon, plaats of zaak je praat. In het Nederlands gebruiken we vooral dit/deze en dat/die. Het Koreaans verdeelt dezelfde ruimte anders: niet alleen dichtbij of ver weg telt, maar ook bij wie iets zich bevindt. Daardoor is het Nederlandse dat soms 그 en soms 저.
Deze driedeling kom je al op A1-niveau voortdurend tegen: in winkels, bij het aanwijzen van een plaats, in vragen als ‘Wat is dit?’ en wanneer je terugverwijst naar iets uit het gesprek. De basisregel is eenvoudig. De woorden 이, 그 en 저 staan vóór een zelfstandig naamwoord (een woord voor een mens, dier, ding of plaats) en veranderen niet van vorm.
Een belangrijk verschil met het Nederlands is dat Koreaans geen onderscheid maakt zoals dit boek tegenover deze tas of dat huis tegenover die persoon. Het aanwijzende deel blijft altijd 이, 그 of 저. Wel kiest het Koreaans verschillende vaste combinaties voor een ding, plaats of persoon.
Zo werkt het
De driedeling
| Koreaans | Kernbetekenis | Typische situatie | Mogelijke Nederlandse weergave |
|---|---|---|---|
| 이 | dichtbij de spreker | Ik houd het vast of het ligt bij mij. | dit, deze |
| 그 | dichtbij de gesprekspartner; of eerder genoemd | Jij houdt het vast, of we weten al waarover het gaat. | dat, die, het genoemde |
| 저 | verder weg van spreker én gesprekspartner | We zien het daar in de verte. | dat/die daar(ginds) |
Stel dat jij en een winkelmedewerker tegenover elkaar staan:
- Een pen in jouw hand is 이 펜: ‘deze pen’.
- Een pen naast de medewerker is voor jou 그 펜: ‘die pen bij u’.
- Een pen in een vitrine verderop is 저 펜: ‘die pen daar’.
그 heeft daarnaast een functie die niet ruimtelijk is. Het verwijst vaak terug naar informatie die al bekend of genoemd is. In het Nederlands gebruiken we dan bijvoorbeeld die, dat, de betreffende of gewoon de:
- 어제 영화를 봤어요. 그 영화가 정말 재미있었어요. — Gisteren heb ik een film gezien. Die film was erg leuk.
De film hoeft niet bij de gesprekspartner te liggen. 그 영화 betekent hier ‘de film waarover ik net sprak’.
Vóór een zelfstandig naamwoord
Voor een gewoon zelfstandig naamwoord schrijf je 이, 그 en 저 los van het volgende woord:
| Patroon | Voorbeelden | Betekenis |
|---|---|---|
| 이 + zelfstandig naamwoord | 이 책, 이 사람, 이 카페 | dit boek, deze persoon, dit café |
| 그 + zelfstandig naamwoord | 그 책, 그 사람, 그 카페 | dat boek, die persoon, dat café |
| 저 + zelfstandig naamwoord | 저 책, 저 사람, 저 카페 | dat boek daar, die persoon daar, dat café daar |
Anders dan Nederlandse dit/deze en dat/die passen deze vormen zich niet aan het soort woord aan. Je hoeft dus geen Koreaans equivalent van het Nederlandse de- of het-woord te leren om de juiste vorm te kiezen.
이, 그 en 저 zijn in dit gebruik bepalende woorden: ze bepalen welk exemplaar bedoeld wordt. Ze kunnen daarom niet zomaar alleen staan. Waar het Nederlands alleen ‘deze’ of ‘die’ kan zeggen, gebruikt het Koreaans meestal een combinatie met 것 ‘ding’.
Dingen: 이것, 그것 en 저것
| Vorm | Letterlijke opbouw | Betekenis |
|---|---|---|
| 이것 | 이 + 것 | dit; dit ding |
| 그것 | 그 + 것 | dat; dat ding; het genoemde |
| 저것 | 저 + 것 | dat daar; dat ding daar |
Deze combinaties worden als één woord geschreven. In alledaagse gesprekken hoor je veel vaker de kortere vormen 이거, 그거 en 저거. De vormen op -것 zijn niet fout: ze klinken alleen vollediger en komen relatief vaak in verzorgde taal en schrift voor.
Deeltjes — korte uitgangen die de rol van een woord in de zin aangeven — komen achter de hele combinatie:
| Volledige vorm | Gewone spreektaal | Functie en betekenis |
|---|---|---|
| 이것은 | 이건 | wat dit betreft / dit is … |
| 이것이 | 이게 | dit (als onderwerp) |
| 이것을 | 이걸 | dit (als voorwerp) |
| 그것은 | 그건 | wat dat betreft / dat is … |
| 그것이 | 그게 | dat (als onderwerp) |
| 그것을 | 그걸 | dat (als voorwerp) |
| 저것은 | 저건 | wat dat daar betreft |
| 저것이 | 저게 | dat daar (als onderwerp) |
| 저것을 | 저걸 | dat daar (als voorwerp) |
Een onderwerp is wie of wat iets doet of beschreven wordt; een voorwerp is wie of wat de handeling ondergaat. Voor beginners is vooral belangrijk dat het deeltje niet direct achter 이, 그 of 저 komt, maar achter het volledige woord: 이것은, niet 이은 것.
Plaatsen: 여기, 거기 en 저기
Voor plaatsen gebruikt het Koreaans zeer vaak deze vaste reeks:
| Vorm | Betekenis | Standpunt |
|---|---|---|
| 여기 | hier | bij de spreker |
| 거기 | daar | bij de gesprekspartner of op de genoemde plaats |
| 저기 | daar verderop | ver van beiden |
Let op de vorm: het is 여기, niet 이기. Naast deze alledaagse woorden bestaan 이곳, 그곳 en 저곳, met 곳 ‘plaats’. Die klinken vaak iets nadrukkelijker, beschrijvender of schriftelijker. In een gewoon gesprek is 여기 앉으세요 ‘Gaat u hier zitten’ natuurlijker dan een onnodig formeel klinkende variant met 이곳.
Bij bewegingswerkwoorden krijgen de plaatswoorden passende deeltjes:
- 여기에 있어요. — Het is hier.
- 거기로 가세요. — Ga daarheen.
- 저기에서 만나요. — Laten we daar verderop afspreken.
Personen: 사람 en 분
Met 사람 ‘persoon, mens’ krijg je 이 사람, 그 사람 en 저 사람. Deze vormen zijn grammaticaal eenvoudig, maar de sociale toon verdient aandacht. In het bijzijn van een onbekende volwassene kan ‘deze/die persoon’ vrij direct klinken.
Het beleefde woord 분 ‘persoon’ is dan vaak geschikter:
- 이분 — deze persoon, deze meneer/mevrouw
- 그분 — die persoon, de persoon over wie we spreken
- 저분 — die persoon daar
Met 사람 staat het aanwijzende woord los; 이분, 그분 en 저분 worden als vaste voornaamwoordelijke vormen aaneengeschreven. Gebruik voor voorwerpen nooit 분.
Dezelfde plaats, een ander perspectief
De keuze hangt af van het perspectief van de spreker. Wat jij 이것 noemt terwijl je het vasthoudt, kan je gesprekspartner 그것 noemen. Als je het aan de ander geeft, kan jouw woordkeuze dus veranderen. Dat perspectiefverschil is in het Nederlands minder zichtbaar, omdat beide sprekers vaak gewoon dit of dat gebruiken op basis van hun eigen gevoel van afstand.
Bij een telefoongesprek kan 거기 ook ‘daar waar jij bent’ betekenen, zelfs als die plaats kilometers ver weg is:
- 거기는 날씨가 어때요? — Hoe is het weer daar bij jou?
De fysieke afstand tot de spreker is groot, maar de plaats hoort bij de gesprekspartner. Daarom is 거기 logisch.
Voorbeelden in context
| Koreaans | Nederlands | Opmerking |
|---|---|---|
| 이것은 뭐예요? | Wat is dit? | Volledige vorm met het themadeeltje 은. |
| 이게 제 열쇠예요. | Dit is mijn sleutel. | 이게 is de gewone spreektaalvorm van 이것이. |
| 이 커피는 제 거예요. | Deze koffie is van mij. | 이 staat los vóór 커피. |
| 그 책 주세요. | Geeft u mij dat boek alstublieft. | Het boek ligt bijvoorbeeld bij de aangesprokene. |
| 그거 얼마예요? | Hoeveel kost dat? | Natuurlijk in een winkelgesprek. |
| 어제 그분을 만났어요. | Ik heb die persoon gisteren ontmoet. | 그분 is beleefd en kan naar een bekende persoon verwijzen. |
| 저 건물이 학교예요. | Dat gebouw daar is een school. | 저 wijst naar iets verder weg van beiden. |
| 저기 버스가 와요. | Daar komt de bus aan. | De bus is verderop zichtbaar. |
| 여기 앉으세요. | Gaat u hier zitten. | 여기 is de gewone vorm voor ‘hier’. |
| 거기에 가방이 있어요. | Daar ligt een tas. | De plek is bij de ander of al bekend. |
| 화장실은 저기예요. | Het toilet is daar verderop. | 저기 kan als naamwoordelijk deel van de zin optreden. |
| 이 사람은 제 친구예요. | Deze persoon is mijn vriend. | Neutrale informatie over iemand in de eigen kring. |
| 저분이 선생님이에요. | Die persoon daar is de docent. | 분 drukt beleefdheid uit. |
| 그 이야기는 나중에 해요. | Laten we het later over dat verhaal hebben. | 그 verwijst naar een al genoemd onderwerp. |
| 이건 좋지만 그건 너무 비싸요. | Dit is goed, maar dat is te duur. | Contrast met de verkorte vormen 이건 en 그건. |
Veelgemaakte fouten
그 en 저 behandelen als één soort ‘dat’
- Onhandig: 그 건물은 학교예요. terwijl jij en je gesprekspartner samen naar een ver gebouw wijzen.
- Natuurlijker: 저 건물은 학교예요.
- Waarom: 그 past bij iets aan de kant van de gesprekspartner of iets dat al bekend is. Voor iets dat zichtbaar verder van jullie beiden staat, kies je 저. Het Nederlandse dat vertelt je dus nog niet welke Koreaanse vorm nodig is.
이, 그 of 저 zelfstandig gebruiken
- Fout: 이 주세요.
- Goed: 이것 주세요. / 이거 주세요.
- Betekenis: Geef me dit alstublieft.
- Waarom: Voor ‘dit ding’ heb je 것 nodig. Vóór een genoemd zelfstandig naamwoord kan 이 wel direct staan: 이 책 주세요 ‘Geef me dit boek’.
Spaties verkeerd zetten
- Fout: 이책, 그사람, 저건물
- Goed: 이 책, 그 사람, 저 건물
- Waarom: Vóór een gewoon zelfstandig naamwoord schrijf je het aanwijzende woord los. Vaste vormen zoals 이것, 여기 en 이분 worden juist aaneengeschreven.
Nederlands grammaticaal geslacht proberen over te nemen
- Fout idee: een andere vorm zoeken omdat boek een het-woord is en tas een de-woord.
- Goed: 이 책 én 이 가방
- Waarom: Koreaans kent hier geen tegenstelling zoals dit/deze. De afstand en het perspectief bepalen de keuze, niet het Nederlandse lidwoord.
사람 gebruiken waar beleefdheid belangrijk is
- Minder passend: 이 사람은 누구예요? terwijl je beleefd vraagt wie een aanwezige oudere gast is.
- Beter: 이분은 누구세요?
- Betekenis: Wie is deze persoon?
- Waarom: 사람 kan in zo’n situatie te direct klinken. 분 is de respectvolle keuze; 누구세요 voegt bovendien een beleefde persoonsvorm toe.
거기 automatisch vervangen door 저기 omdat een plek ver weg is
- Onnatuurlijk: 저기는 몇 시예요? in een telefoongesprek met iemand in een ander land, als je bedoelt ‘bij jou’.
- Natuurlijk: 거기는 몇 시예요?
- Betekenis: Hoe laat is het daar bij jou?
- Waarom: 거기 kan de plaats van de gesprekspartner aanduiden. Afstand alleen beslist niet altijd.
Gebruiksnotities
In spontane spreektaal zijn 이거, 그거, 저거 veel gewoner dan de volledige vormen 이것, 그것 en 저것. Met deeltjes ontstaan nog kortere combinaties als 이건, 그게 en 저걸. Het is nuttig om beide reeksen te herkennen: leer de volledige opbouw om de grammatica te begrijpen, maar oefen de verkorte vormen om gesprekken te volgen.
그 is bijzonder frequent omdat gesprekken voortdurend teruggrijpen op gedeelde informatie. In 그때 ‘toen, op dat moment’, 그날 ‘die dag’ en 그 이야기 ‘dat verhaal’ gaat het meestal niet om iets dat letterlijk bij de luisteraar ligt. Het gaat om een moment, dag of verhaal dat al in beeld is. Nederlands kan zo’n verwijzing zelfs met het of de weergeven; vertaal 그 daarom niet woord voor woord.
Bij zichtbaar aanwijzen kan een gebaar de betekenis ondersteunen, maar in beleefde situaties is naar mensen wijzen niet altijd gepast. Gebruik liever een naam, titel of 분 als de identiteit uit de context duidelijk gemaakt kan worden.
Verder dan de basis
De volgende nuances hoef je op A1 nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later vaak tegenkomen.
그 als verwijzing in een tekst of verhaal
In langere teksten vormt 그 samenhang tussen zinnen. Eerst wordt iemand of iets geïntroduceerd; daarna kan 그 사람, 그 문제 of 그 결정 terugwijzen naar die eerdere informatie. Dit lijkt soms op Nederlands die/dat, maar vaak vertaalt natuurlijk Nederlands het met de persoon, het probleem of die beslissing. De functie is belangrijker dan een vaste vertaling.
이 en 저 voor betrokkenheid en afstand
Aanwijzende woorden kunnen ook een gevoelsmatige of stilistische afstand suggereren. 이 순간 ‘dit moment’ brengt iets dichtbij de huidige ervaring. 저 시절 ‘die tijd van toen’ kan een ver verleden als op afstand voorstellen. Zulke keuzes zijn contextgebonden; de ruimtelijke basisbetekenis blijft het beste vertrekpunt.
그 als onderdeel van vaste verwijzende uitdrukkingen
Veel frequente woorden en uitdrukkingen bouwen op dezelfde reeks voort:
| Dichtbij / huidig | Bekend / bij de ander | Verder weg | Betekenisgebied |
|---|---|---|---|
| 이쪽 | 그쪽 | 저쪽 | deze kant, die kant, die kant daar |
| 이렇게 | 그렇게 | 저렇게 | zo op deze manier, zo op die manier, zo daar |
| 이런 | 그런 | 저런 | zo’n … van dit/genoemd/ver type |
Vooral 그쪽 kan behalve een richting ook ‘uw/jouw kant’ of soms ‘u/jij’ betekenen. De precieze toon hangt sterk van de situatie af. De vormen 이런, 그런, 저런 staan net als 이, 그 en 저 vóór een zelfstandig naamwoord: 그런 문제 ‘zo’n probleem / een dergelijk probleem’.
Context kan belangrijker zijn dan meetbare afstand
De Koreaanse driedeling is geen meetsysteem in meters. Wat de gesprekspartners als hun eigen gebied beschouwen, wat al genoemd is en waar hun aandacht op gericht is, beïnvloedt de keuze. Twee voorwerpen op dezelfde tafel kunnen daarom verschillend worden aangeduid: 이 컵 bij mij en 그 컵 bij jou. Gevorderd natuurlijk gebruik ontstaat door zulke perspectiefwisselingen in echte gesprekken op te merken.
Oefentips
- Maak een driehoek om je heen. Kies voorwerpen bij jezelf, bij een oefenpartner en verderop. Benoem ze achtereenvolgens met 이, 그 en 저: 이 책, 그 컵, 저 의자. Wissel daarna van plaats en kijk welke woorden veranderen.
- Oefen vaste drietallen. Zeg hardop: 이것–그것–저것, 이거–그거–저거 en 여기–거기–저기. Maak bij elke vorm één korte vraag of mededeling. Zo leer je het systeem als patroon in plaats van als negen losse woorden.
- Luister naar verkortingen. Noteer in een Koreaans gesprek telkens 이거, 그거, 이게, 그건 en 저기. Schrijf er de volledige vorm naast. Dat helpt je zowel dagelijkse spreektaal als de deeltjes te herkennen.
Verwante onderwerpen
Voor ko-a1-demonstratives zijn in de huidige leerlijn geen directe vereisten of vervolgconcepten gekoppeld. Kennis van Koreaanse thema- en onderwerpsdeeltjes helpt wel om vormen als 이것은, 이것이, 이건 en 이게 in volledige zinnen te begrijpen.
Meer A1-concepten
Dit concept in andere talen
Vergelijk in alle talen
Oefen 지시사 in Koreaans met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Koreaans · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen