A1

Onbepaalde lidwoorden in het Frans

Articles Indéfinis

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Frans op Settemila Lingue.

In het kort

Gebruik un voor een mannelijk woord in het enkelvoud, une voor een vrouwelijk woord in het enkelvoud en des voor een onbepaald meervoud: un livre, une maison, des amis. Staat er vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord een bijvoeglijk naamwoord, dan wordt des meestal de of d’: de bons amis, d’excellentes idées.

Overzicht

Een onbepaald lidwoord staat bij een persoon of zaak die nog niet als bekend of uniek wordt voorgesteld. In Je cherche un hôtel zoekt iemand een hotel, niet één bepaald hotel dat gesprekspartners al kennen. Het zelfstandig naamwoord (een woord voor een persoon, dier, ding, plaats of begrip) bepaalt welke vorm nodig is.

In het Nederlands hebben we in het enkelvoud alleen een. Het Frans maakt daar onderscheid tussen un en une, omdat elk Frans zelfstandig naamwoord een grammaticaal geslacht heeft: mannelijk of vrouwelijk. Dat Franse geslacht komt niet betrouwbaar overeen met Nederlands de of het. Zo is het un problème maar une question. Leer een nieuw woord daarom bij voorkeur als een combinatie: niet alleen chaise, maar une chaise.

Dit onderwerp hoort bij A1, maar één verschil met het Nederlands vraagt blijvende aandacht. Bij een onbepaald meervoud laat het Nederlands het lidwoord meestal weg: “We kopen bloemen.” In het Frans staat er doorgaans des: Nous achetons des fleurs. Des betekent daardoor niet altijd letterlijk “enkele” of “een paar”; vaak heeft het in een natuurlijke Nederlandse vertaling geen afzonderlijk woord.

Hoe het werkt

De drie basisvormen

Getal en geslacht Lidwoord Voorbeeld Nederlands
mannelijk enkelvoud un un livre een boek
vrouwelijk enkelvoud une une maison een huis
meervoud, beide geslachten des des livres, des maisons boeken, huizen / enkele boeken, enkele huizen

Getal betekent hier eenvoudigweg enkelvoud of meervoud. In het meervoud hoef je voor het lidwoord dus niet meer tussen mannelijk en vrouwelijk te kiezen: beide krijgen des.

Un en une kiezen

De klank waarmee het volgende woord begint, verandert un of une niet. Anders dan le en la worden deze vormen niet afgekort voor een klinker:

  • un ami — een vriend
  • une amie — een vriendin
  • un hôtel — een hotel
  • une histoire — een verhaal

De keuze blijft gebaseerd op het geslacht van het zelfstandig naamwoord, ook wanneer er een bijvoeglijk naamwoord tussen staat. Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een zelfstandig naamwoord, zoals “goed”, “klein” of “interessant”:

  • un bon restaurant — een goed restaurant
  • une bonne adresse — een goed adres
  • un nouvel appartement — een nieuw appartement
  • une nouvelle voiture — een nieuwe auto

Bij beroepen en personen kan de vorm van het woord soms mee veranderen: un étudiant, une étudiante. Bij voorwerpen en begrippen is het geslacht grammaticaal en moet je het meestal leren: un musée, une langue, un voyage, une photo.

Des bij een onbepaald meervoud

Gebruik des wanneer je meer dan één telbaar exemplaar noemt zonder precies vast te leggen welke. Telbaar wil zeggen dat je er één, twee of meer van kunt tellen.

  • J’ai des frères. — Ik heb broers.
  • Elle pose des questions. — Ze stelt vragen.
  • Il y a des vélos devant la gare. — Er staan fietsen voor het station.
  • Nous cherchons des billets bon marché. — We zoeken goedkope kaartjes.

Laat je niet leiden door de afwezigheid van een Nederlands lidwoord. “Ik zie kinderen” wordt niet Je vois enfants, maar Je vois des enfants.

Des wordt de of d’ vóór een voorafgaand bijvoeglijk naamwoord

In verzorgd Frans verandert des meestal in de als een bijvoeglijk naamwoord vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord staat:

Zonder voorafgaand bijvoeglijk naamwoord Met voorafgaand bijvoeglijk naamwoord Nederlands
des amis de bons amis goede vrienden
des maisons de grandes maisons grote huizen
des livres de vieux livres oude boeken
des occasions d’excellentes occasions uitstekende kansen

Voor een klinker of een stille h wordt de afgekort tot d’: d’autres solutions, d’horribles erreurs. Staat het bijvoeglijk naamwoord ná het zelfstandig naamwoord, dan blijft des staan: des amis fidèles, des maisons modernes.

De beginnersregel is dus:

  1. Kies eerst des voor een onbepaald meervoud.
  2. Kijk of er vóór het zelfstandig naamwoord een bijvoeglijk naamwoord staat.
  3. Zo ja, verander des meestal in de of d’.

Voorbeelden in context

Frans Nederlands Toelichting
Paul achète un livre pour le voyage. Paul koopt een boek voor de reis. Mannelijk enkelvoud.
Nous louons une maison près de la mer. We huren een huis bij de zee. Vrouwelijk enkelvoud.
Elle cherche un appartement à Lille. Ze zoekt een appartement in Rijsel. Appartement is mannelijk.
J’ai une idée pour ce soir. Ik heb een idee voor vanavond. Idée is vrouwelijk, ondanks de klinker aan het begin.
Il y a des enfants dans le jardin. Er zijn kinderen in de tuin. Des wordt in het Nederlands niet apart vertaald.
On prend des photos pendant la visite. We maken foto’s tijdens het bezoek. Onbepaald meervoud.
Vous avez des amis à Paris ? Hebt u vrienden in Parijs? Het gaat niet om vooraf bepaalde vrienden.
Ils préparent de petits plats pour leurs invités. Ze bereiden kleine gerechten voor hun gasten. De vóór petits.
Ce sont de bons voisins. Het zijn goede buren. Voorafgaand bijvoeglijk naamwoord.
Nous avons d’excellentes nouvelles. We hebben uitstekend nieuws. D’ vóór een klinker.
Elle porte des chaussures élégantes. Ze draagt elegante schoenen. Het bijvoeglijk naamwoord staat erna, dus des blijft.
J’entends des oiseaux dans les arbres. Ik hoor vogels in de bomen. Natuurlijk Frans gebruikt hier des.

Veelgemaakte fouten

De Nederlandse lidwoorden op het Franse geslacht projecteren

  • Fout: un maison
  • Goed: une maison
  • Waarom: Frans geslacht volgt geen Nederlands de/het-patroon. Maison is vrouwelijk en krijgt daarom une.

Des weglaten omdat het Nederlands geen lidwoord heeft

  • Fout: Nous avons questions.
  • Goed: Nous avons des questions.
  • Waarom: Bij een onbepaald telbaar meervoud gebruikt het Frans normaal des, ook als de Nederlandse vertaling gewoon “vragen” luidt.

Une afkorten voor een klinker

  • Fout: un’idée of une’idée
  • Goed: une idée
  • Waarom: Un en une worden niet afgekort. Alleen de uitspraak vloeit door; in de spelling blijven het twee woorden.

Des houden vóór een voorafgaand bijvoeglijk naamwoord

  • Minder verzorgd: des bons amis
  • Standaardregel: de bons amis
  • Waarom: In neutraal verzorgd Frans wordt des meestal de wanneer het bijvoeglijk naamwoord vóór het meervoudige zelfstandig naamwoord staat. In alledaagse spreektaal hoor je des bons amis wel geregeld.

De regel voor bijvoeglijke naamwoorden te ruim toepassen

  • Fout: de chaussures élégantes
  • Goed: des chaussures élégantes
  • Waarom: De verandering geldt wanneer het bijvoeglijk naamwoord vóór het zelfstandig naamwoord staat. Hier volgt élégantes op chaussures.

Des automatisch als “een paar” vertalen

  • Misleidend: Elle achète des pommes altijd vertalen als “Ze koopt een paar appels.”
  • Beter: “Ze koopt appels”, tenzij de context echt een kleine hoeveelheid benadrukt.
  • Waarom: Des geeft een onbepaald meervoud aan, maar zegt op zichzelf niet hoeveel.

Gebruiksnotities

Uitspraak en liaison

Un en une klinken verschillend; het onderscheid is dus niet alleen zichtbaar in de spelling. Bij des is de slot-s meestal stil. Voor een woord dat met een klinker of stille h begint, ontstaat vaak liaison (het uitspreken van een normaal stille eindmedeklinker): des amis klinkt ongeveer met een verbindende z tussen beide woorden.

Bij een aangeblazen h (h aspiré) is er geen liaison, ook al wordt de h zelf niet uitgesproken: des héros. Zulke woorden moet je afzonderlijk leren; de spelling alleen vertelt niet altijd om welk type h het gaat.

Spreektaal en schrijftaal

De vorm de vóór een voorafgaand meervoudig bijvoeglijk naamwoord is de veilige keuze in schrijftaal, examens en verzorgde spraak: de belles fleurs. In informele gesprekken blijft des soms staan: des belles fleurs. Dat is nuttig om te herkennen, maar als leerder kun je de standaardregel het best consequent toepassen.

Onbepaald tegenover bepaald

Vergelijk:

  • J’achète un livre. — Ik koop een boek; nog niet nader bepaald.
  • J’achète le livre. — Ik koop het boek; de gesprekspartner kan weten welk boek.
  • J’achète des livres. — Ik koop boeken; onbepaald meervoud.
  • J’achète les livres. — Ik koop de boeken; een bepaalde verzameling.

“Onbepaald” betekent dus niet dat de spreker zelf niet weet waarover het gaat. De keuze hangt af van hoe de persoon of zaak in het gesprek wordt voorgesteld.

Verder dan de basis

De volgende punten hoef je op A1 nog niet allemaal actief te beheersen, maar je komt ze al snel tegen.

Na een ontkenning vaak de of d’

Na een ontkend werkwoord veranderen un, une en des meestal in de of d’:

  • J’ai un vélo.Je n’ai pas de vélo. — Ik heb geen fiets.
  • Elle a une voiture.Elle n’a pas de voiture. — Ze heeft geen auto.
  • Nous avons des enfants.Nous n’avons pas d’enfants. — We hebben geen kinderen.

Bij être blijft het lidwoord doorgaans behouden, omdat je een identiteit of categorie ontkent: Ce n’est pas un problème. — Dat is geen probleem. Ook bij een uitdrukkelijke tegenstelling kan het oorspronkelijke lidwoord blijven staan: Je n’ai pas un frère, mais deux. — Ik heb niet één broer, maar twee.

Na hoeveelheden staat de

Na een precieze hoeveelheid of een hoeveelheidsuitdrukking gebruik je meestal de, niet des:

  • beaucoup de livres — veel boeken
  • trois kilos de pommes — drie kilo appels
  • un groupe d’étudiants — een groep studenten

Hier hoort de bij de hoeveelheid. Vergelijk J’achète des pommes met J’achète beaucoup de pommes.

Vaste combinaties kunnen des behouden

Sommige combinaties van een bijvoeglijk naamwoord en zelfstandig naamwoord worden als één vaste benaming ervaren. Dan kan des blijven staan, bijvoorbeeld des petits pois (doperwten) en des grands-parents (grootouders). Ook des jeunes gens is een gevestigde combinatie. Dit zijn geen goede redenen om de basisregel los te laten; leer zulke veelvoorkomende uitdrukkingen als geheel.

Un kan ook het getal één zijn

Un kan onbepaald lidwoord zijn, maar ook het telwoord “één”. De context en nadruk maken het verschil:

  • J’ai un frère. — Ik heb een broer.
  • J’ai un frère, pas deux. — Ik heb één broer, niet twee.

De vrouwelijke vorm van het telwoord is eveneens une: une personne, vingt et une personnes.

Des heeft meer dan één grammaticale functie

Niet elk des dat je ziet, is een onbepaald lidwoord. Des kan ook de samentrekking van de + les zijn: la voiture des voisins betekent “de auto van de buren”. Bij J’ai des voisins sympathiques is des wel het onbepaalde meervoud. Kijk dus naar de functie in de zin, niet alleen naar de vorm.

Oefentips

  1. Leer zelfstandige naamwoorden met een pakketje. Noteer un billet, une gare, des billets in plaats van losse woorden. Zo oefen je geslacht en meervoud tegelijk.
  2. Vertaal korte Nederlandse meervouden naar het Frans. Maak zinnen van “Ik zie winkels”, “We hebben vragen” en “Ze zoeken appartementen”. Controleer steeds of je des hebt toegevoegd.
  3. Bouw drietallen. Neem bijvoorbeeld amis en maak des amis, de bons amis en des amis fidèles. Zo wordt de plaats van het bijvoeglijk naamwoord direct gekoppeld aan de keuze tussen des en de.

Verwante onderwerpen

Vereiste kennis

Het geslacht van zelfstandige naamwoorden in het FransA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Articles Indéfinis in Frans met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Frans · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen