A1

Onbepaalde lidwoorden in het Roemeens

Articolul Nehotărât

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Roemeens op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Zet un voor een mannelijk of onzijdig zelfstandig naamwoord in het enkelvoud, o voor een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud en niște voor een meervoud: un om, o casă, un scaun, niște cărți. Deze woorden staan vóór het zelfstandig naamwoord. Bij beroepen en sommige algemene aanduidingen gebruikt het Roemeens echter vaak helemaal geen lidwoord.

Overzicht

Een onbepaald lidwoord introduceert doorgaans iemand of iets dat nog niet nader is aangewezen: un om betekent ‘een man’ en o casă ‘een huis’. Het zelfstandig naamwoord is het woord waarmee je een persoon, zaak, plek of begrip benoemt. Net als het Nederlandse een staan un en o vóór zo’n woord.

Toch werkt het Roemeense systeem niet precies zoals het Nederlandse. De keuze tussen un en o hangt af van het grammaticale geslacht van het zelfstandig naamwoord: mannelijk, vrouwelijk of onzijdig. Het onzijdig gedraagt zich in het enkelvoud als mannelijk en krijgt dus un. In het meervoud is er één vorm voor alle geslachten: niște, ongeveer ‘enkele’, ‘wat’ of ‘een paar’.

Dit is basisstof op A1-niveau, maar de lidwoorden zijn meteen belangrijk voor natuurlijke zinnen als Am o întrebare (‘Ik heb een vraag’) en Cumpăr niște mere (‘Ik koop wat appels’). Leer een nieuw zelfstandig naamwoord daarom liefst samen met zijn lidwoord. Zo onthoud je niet alleen de betekenis, maar ook het geslacht.

Zo werkt het

De basisvormen

Getal en geslacht Lidwoord Voorbeeld Betekenis
mannelijk enkelvoud un un om een man
vrouwelijk enkelvoud o o casă een huis
onzijdig enkelvoud un un scaun een stoel
meervoud, alle geslachten niște niște cărți enkele boeken / wat boeken

De eenvoudige beginnersregel is dus:

  • un + mannelijk zelfstandig naamwoord: un băiat — een jongen;
  • o + vrouwelijk zelfstandig naamwoord: o fată — een meisje;
  • un + onzijdig zelfstandig naamwoord: un hotel — een hotel;
  • niște + meervoud: niște băieți, niște fete, niște hoteluri.

Het Roemeens kent drie grammaticale geslachten. Dat is anders dan het Nederlands, waar je vooral met de- en het-woorden werkt en een bij alle enkelvoudige woorden hetzelfde blijft. Uit het Nederlandse lidwoord kun je dus niet afleiden of je in het Roemeens un of o nodig hebt. Zo is casă vrouwelijk, maar scaun onzijdig.

De plaats in de woordgroep

Het onbepaalde lidwoord staat vóór de hele naamwoordgroep (het zelfstandig naamwoord met de woorden die erbij horen):

  • un om bun — een goede man;
  • o casă mare — een groot huis;
  • un scaun confortabil — een comfortabele stoel;
  • niște cărți interesante — enkele interessante boeken.

Een bijvoeglijk naamwoord (een woord dat een eigenschap noemt, zoals ‘groot’ of ‘interessant’) staat in neutrale Roemeense zinnen vaak ná het zelfstandig naamwoord. Het lidwoord blijft vooraan. Bij sommige vaste of nadrukkelijke combinaties kan het bijvoeglijk naamwoord vóór het zelfstandig naamwoord staan: un bun prieten (‘een goede vriend’). Ook dan staat un vóór de combinatie.

Waarom onzijdig in het enkelvoud un krijgt

Roemeense onzijdige zelfstandige naamwoorden gedragen zich in het enkelvoud als mannelijke woorden en in het meervoud als vrouwelijke woorden. Voor het onbepaalde lidwoord hoef je in het meervoud echter geen aparte vorm te kiezen, want niște is overal gelijk:

Enkelvoud Meervoud
un scaun — een stoel niște scaune — enkele stoelen
un hotel — een hotel niște hoteluri — enkele hotels

Je hoeft dus geen vierde lidwoord te leren. Wel blijft het geslacht belangrijk voor andere woorden, bijvoorbeeld voor de vorm van een bijvoeglijk naamwoord.

Niște en een meervoud zonder lidwoord

Het Nederlands heeft geen echt meervoud van een. Je zegt bijvoorbeeld ‘boeken’, ‘enkele boeken’ of ‘wat boeken’. In het Roemeens kun je eveneens kiezen tussen een kaal meervoud en niște:

  • Cumpăr cărți. — Ik koop boeken.
  • Cumpăr niște cărți. — Ik koop wat/enkele boeken.

Zonder niște gaat het eerder om de soort in het algemeen of blijft de hoeveelheid geheel op de achtergrond. Met niște introduceer je een niet nader bepaalde hoeveelheid of groep. Het verschil is vaak klein en hangt van de situatie af; vertaal daarom niet ieder Nederlands meervoud automatisch met niște.

Wanneer er geen lidwoord staat

Een Nederlands een heeft niet altijd een Roemeens onbepaald lidwoord als tegenhanger. Vooral na a fi (‘zijn’) blijft het lidwoord bij een beroep, functie, nationaliteit of religieuze aanduiding vaak weg wanneer je alleen zegt wat iemand is:

  • Sunt profesor. — Ik ben leraar.
  • Ea este studentă. — Zij is studente.
  • El este român. — Hij is Roemeen.

Komt er een nadere beschrijving bij, dan is een lidwoord juist heel normaal: Este un profesor excelent (‘Hij is een uitstekende leraar’). Het gaat dus niet om een absoluut verbod, maar om het verschil tussen een kale indeling en een concreet of nader beschreven persoon.

Ook stofnamen (woorden voor materiaal of een niet-afgemeten hoeveelheid) staan vaak zonder lidwoord: Beau apă (‘Ik drink water’), Cumpăr pâine (‘Ik koop brood’). Met niște maak je de onbepaalde hoeveelheid nadrukkelijker: niște apă (‘wat water’), niște pâine (‘wat brood’). Hier staat niște dus ook bij een enkelvoudige stofnaam; dat is een nuttige uitbreiding op de A1-regel ‘niște bij het meervoud’.

Voorbeelden in context

Roemeens Nederlands Toelichting
Am un frate și o soră. Ik heb een broer en een zus. un bij mannelijk, o bij vrouwelijk
Este un om la ușă. Er staat een man bij de deur. Een nog niet nader bekende persoon
Caut o farmacie. Ik zoek een apotheek. farmacie is vrouwelijk
Vreau un scaun. Ik wil een stoel. scaun is onzijdig en krijgt in het enkelvoud un
Locuim într-un hotel mic. We verblijven in een klein hotel. un bij het onzijdige hotel
Ea cumpără niște cărți. Zij koopt enkele boeken. niște bij een vrouwelijk meervoud
În parc sunt niște copii. In het park zijn een paar kinderen. Een onbepaalde groep
Avem niște mere și niște portocale. We hebben wat appels en wat sinaasappels. Dezelfde vorm bij verschillende meervouden
Aș dori o cafea, vă rog. Ik wil graag een koffie, alstublieft. Een afzonderlijke portie of bestelling
Sunt medic. Ik ben arts. Bij een kale beroepsaanduiding geen lidwoord
Este un medic foarte bun. Hij/Zij is een zeer goede arts. Met nadere beschrijving is un natuurlijk
Beau apă. Ik drink water. Stofnaam zonder lidwoord
Îmi dai niște apă? Geef je me wat water? niște drukt een onbepaalde hoeveelheid uit
Am văzut un câine. Câinele era alb. Ik zag een hond. De hond was wit. Eerst onbepaald, daarna bepaald

Let in het laatste voorbeeld op de overgang van un câine naar câinele. Zodra de hond bekend is in het gesprek, gebruikt het Roemeens het bepaalde lidwoord. Dat bepaalde lidwoord wordt meestal achter aan het zelfstandig naamwoord vastgemaakt.

Veelgemaakte fouten

un gebruiken bij een vrouwelijk woord

  • Fout: un casă
  • Goed: o casă
  • Waarom: casă is vrouwelijk. Het Nederlandse ‘een’ verandert nooit, maar het Roemeense lidwoord wel.

o gebruiken bij een onzijdig woord

  • Fout: o scaun
  • Goed: un scaun
  • Waarom: een onzijdig zelfstandig naamwoord krijgt in het enkelvoud dezelfde vorm als een mannelijk woord: un.

un of o voor een meervoud zetten

  • Fout: un cărți
  • Goed: niște cărți of eenvoudig cărți
  • Waarom: un en o horen bij het enkelvoud. Voor een onbepaald meervoud gebruik je niște, tenzij een kaal meervoud beter bij de betekenis past.

Ieder Nederlands een letterlijk overnemen

  • Onnatuurlijk als neutrale beroepsaanduiding: Sunt un profesor.
  • Natuurlijk: Sunt profesor.
  • Waarom: bij een beroep na ‘zijn’ laat het Roemeens het lidwoord meestal weg. Met een beschrijving is het wel normaal: Sunt un profesor exigent (‘Ik ben een veeleisende leraar’).

niște overal voor Nederlandse meervouden gebruiken

  • Minder passend voor een algemene gewoonte: Citesc niște cărți seara.
  • Beter: Citesc cărți seara. — Ik lees ’s avonds boeken.
  • Waarom: niște wijst eerder op een onbepaalde maar concrete hoeveelheid of groep. Een kaal meervoud past vaak beter bij een activiteit in het algemeen.

Het lidwoord achter het zelfstandig naamwoord zetten

  • Fout: casă o
  • Goed: o casă
  • Waarom: het onbepaalde lidwoord staat vóór het zelfstandig naamwoord. Alleen het bepaalde lidwoord wordt in het Roemeens meestal als een uitgang vastgemaakt.

Gebruiksnotities

Un en o kunnen zowel ‘een willekeurige’ als het getal ‘één’ betekenen. Vergelijk Am o carte (‘Ik heb een boek’) met Am doar o carte (‘Ik heb maar één boek’). Woorden als doar (‘slechts’) of een duidelijke tegenstelling maken de telbetekenis expliciet. In gewone tekst blijft de spelling hetzelfde.

Niște klinkt vaak concreter dan een kaal meervoud, maar het geeft geen exact aantal. Afhankelijk van de context vertaal je het als ‘wat’, ‘enkele’, ‘een paar’ of laat je het in het Nederlands onvertaald. Am întâlnit niște prieteni kan dus ‘Ik kwam een paar vrienden tegen’ betekenen, zonder dat de spreker hun aantal noemt.

Leer de combinatie als één geheel: un băiat, o fată, un scaun. De woorduitgang geeft soms een aanwijzing voor het geslacht, maar er bestaan genoeg uitzonderingen. Alleen op de vorm gokken leidt daarom snel tot fouten.

Verder dan de basis: gevorderd gebruik

De volgende vormen hoef je op A1 nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later tegenkomen. Tot nu toe ging het vooral om de nominatief en accusatief: de naamvalsvormen die onder meer voor het onderwerp en het lijdend voorwerp worden gebruikt. Het onderwerp is wie of wat de handeling uitvoert; het lijdend voorwerp is wie of wat die handeling rechtstreeks ondergaat.

In de genitief en datief — vormen voor onder meer bezit en de ontvanger van iets — veranderen de onbepaalde lidwoorden:

Gebruik Mannelijk/onzijdig enkelvoud Vrouwelijk enkelvoud Meervoud, alle geslachten
basisvorm un student / un oraș o studentă niște studenți
genitief/datief unui student / unui oraș unei studente unor studenți

Voorbeelden:

  • cartea unui student — het boek van een student;
  • unei prietene — aan/van een vriendin;
  • le dau unor copii — ik geef ze aan enkele kinderen.

Deze vormen laten nog duidelijker zien dat het lidwoord zich aan geslacht, getal en grammaticale functie aanpast. Behandel unui, unei en unor als een volgende leerstap; ze veranderen niets aan de eenvoudige A1-keuze un–o–niște.

Let later ook op o buiten dit onderwerp. Hetzelfde geschreven woord kan in andere zinnen bijvoorbeeld een onbeklemtoond voornaamwoord zijn: O văd betekent ‘Ik zie haar’. De plaats in de zin maakt het verschil duidelijk: in o casă staat o direct voor een zelfstandig naamwoord en is het een lidwoord.

Oefentips

  1. Leer woorden in drietallen. Noteer het enkelvoud met lidwoord en meteen het meervoud: un scaun — scaune — niște scaune. Zo oefen je geslacht en getal tegelijk.
  2. Sorteer tien alledaagse voorwerpen. Maak drie lijstjes met un, o en niște. Kijk niet naar het Nederlandse de of het, maar controleer het Roemeense geslacht.
  3. Oefen het verschil tussen concreet en algemeen. Maak per meervoud twee zinnen: Cumpăr cărți voor boeken in het algemeen en Cumpăr niște cărți voor een onbepaalde concrete hoeveelheid. Voeg ook beroepszinnen toe, zoals Sunt inginer tegenover Sunt un inginer bun.

Verwante onderwerpen

Vereiste kennis

Geslacht van zelfstandige naamwoorden in het RoemeensA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Articolul Nehotărât in Roemeens met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Roemeens · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen