Vergelijkingszinnen met *als ob* en *als wenn* in het Duits
Vergleichssätze: als ob/als wenn
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Duits op Settemila Lingue.
Kort gezegd
Met als ob of als wenn beschrijf je een indruk die niet als feit wordt voorgesteld: Er tut, als ob er nichts wüsste — ‘Hij doet alsof hij niets weet.’ Daarom staat het werkwoord meestal in de Konjunktiv II. Na als ob en als wenn staat de persoonsvorm achteraan; bij de kortere vorm met alleen als staat die juist direct na als: als wüsste er nichts.
Overzicht
Duitse vergelijkingszinnen met als ob, als wenn of alleen als vergelijken wat je waarneemt met een denkbeeldige situatie. Het gaat vaak om uiterlijk, gedrag, geluid of een indruk: iemand ziet eruit alsof hij ziek is, praat alsof hij alles weet of reageert alsof er iets ernstigs is gebeurd. De spreker zegt daarmee niet dat die situatie werkelijk zo is.
Dit onderwerp hoort bij niveau B2, omdat je tegelijk moet letten op betekenis, woordvolgorde en de Konjunktiv II (de werkwoordsvorm waarmee het Duits onder meer onwerkelijkheid, veronderstellingen en afstand uitdrukt). De vormen wäre en hätte zijn daarbij bijzonder belangrijk. Ook modale werkwoorden zoals könnte en sterke vormen zoals wüsste komen vaak voor.
Voor Nederlandstaligen is de betekenis meestal intuïtief: Nederlands gebruikt ‘alsof’. Het grote verschil is dat het Nederlands doorgaans een gewone werkwoordsvorm gebruikt — ‘alsof hij ziek is’ — terwijl het Duits in een duidelijk onwerkelijke vergelijking meestal de Konjunktiv II kiest: als ob er krank wäre. Juist die Nederlandse gewoonte leidt gemakkelijk tot Duitse zinnen in de indicatief (de gewone vorm voor feiten), ook waar een Duitstalige eerder afstand zou markeren.
Hoe het werkt
Drie mogelijke verbindingsvormen
De drie constructies hebben vrijwel dezelfde kernbetekenis, maar niet dezelfde woordvolgorde.
| Constructie | Patroon | Voorbeeld | Gebruik |
|---|---|---|---|
| als ob | hoofdzin + als ob + onderwerp + overige delen + persoonsvorm | Sie tut so, als ob sie mich nicht kennen würde. | neutraal en zeer gebruikelijk |
| als wenn | hoofdzin + als wenn + onderwerp + overige delen + persoonsvorm | Sie tut so, als wenn sie mich nicht kennen würde. | vooral in gesproken en informeler Duits |
| als + inversie | hoofdzin + als + persoonsvorm + onderwerp + overige delen | Sie tut so, als würde sie mich nicht kennen. | compact; vaak verzorgd of schrijftalig |
Bij inversie wisselen persoonsvorm en onderwerp van hun gewone volgorde. In als würde sie ... staat würde dus vóór sie. Deze korte als-constructie is geen gewone bijzin met het werkwoord achteraan.
De woorden so en danach in de hoofdzin kunnen de vergelijking aankondigen:
- Er tut so, als ob er beschäftigt wäre.
- Es klingt danach, als ob wir länger warten müssten.
So is vaak natuurlijk bij tun, maar niet altijd verplicht: Er tut, als ob er nichts wüsste is eveneens correct.
Waarom de Konjunktiv II?
De Konjunktiv II laat zien dat de inhoud van de vergelijkingszin niet als vaststaand feit geldt. Vergelijk:
- Sie sieht aus, als ob sie krank wäre. De ziekte is een indruk; de spreker bevestigt haar niet.
- Ich weiß, dass sie krank ist. Hier wordt haar ziekte als feit meegedeeld.
De vergelijking kan zelfs duidelijk in strijd zijn met de werkelijkheid:
- Er redet, als wäre er der Chef. In werkelijkheid is hij waarschijnlijk niet de baas.
- Du siehst aus, als hättest du einen Geist gesehen. Dat is een beeldende beschrijving van iemands geschrokken gezicht, geen letterlijke bewering.
Gelijktijdigheid: de gewone Konjunktiv II
Als de denkbeeldige situatie tegelijk plaatsvindt met wat in de hoofdzin wordt waargenomen, gebruik je meestal de gewone Konjunktiv II.
| Infinitief | Geschikte vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| sein | wäre | Sie wirkt, als wäre sie müde. |
| haben | hätte | Er tut, als hätte er keine Zeit. |
| wissen | wüsste | Sie spricht, als wüsste sie alles. |
| können | könnte | Er läuft, als könnte er fliegen. |
| müssen | müsste | Du siehst aus, als müsstest du dich ausruhen. |
Bij veel zwakke werkwoorden is de enkelvoudige Konjunktiv II gelijk aan de verleden tijd. Om dubbelzinnigheid of een stijve indruk te vermijden, gebruikt men dan vaak würde + infinitief:
- als ob er dort arbeiten würde
- als würde er dort arbeiten
Bij sein, haben, modale werkwoorden en gangbare vormen zoals wüsste, käme en ginge verdient de korte vorm meestal de voorkeur: als wäre, als hätte, als könnte. Zinnen als als würde er sein zijn in deze functie doorgaans onnatuurlijk.
Een eerdere gebeurtenis: de verleden Konjunktiv II
Als de denkbeeldige handeling al vóór het moment van de hoofdzin plaatsvond, gebruik je hätte/wäre + voltooid deelwoord. Het voltooid deelwoord is de vorm zoals gemacht, gesehen of gegangen.
| Type werkwoord | Patroon | Voorbeeld |
|---|---|---|
| werkwoord met haben | hätte + voltooid deelwoord | als ob er nichts gehört hätte |
| werkwoord met sein | wäre + voltooid deelwoord | als ob sie schon gegangen wäre |
| korte als-vorm | als hätte/wäre + onderwerp + ... | als hätte er nichts gehört |
De tijd van de hoofdzin verandert deze verhouding niet automatisch:
- Er spricht, als hätte er nie Deutsch gelernt. Het niet-leren ligt vóór het spreken.
- Er sprach, als hätte er nie Deutsch gelernt. Ook hier ligt het niet-leren vóór het spreken.
Het gaat dus vooral om de verhouding tussen beide gebeurtenissen, niet simpelweg om ‘heden’ tegenover ‘verleden’.
De plaats van scheidbare werkwoorden en infinitieven
In een als ob- of als wenn-bijzin gelden de gewone regels voor een Duitse bijzin:
- Es sieht aus, als ob der Zug gleich abfahren würde.
- Er tut, als ob er die Tür nicht aufmachen könnte.
- Sie sah mich an, als ob sie mich nicht erkannt hätte.
Bij de korte constructie staat alleen de vervoegde vorm direct na als; de infinitief of het voltooid deelwoord blijft later staan:
- Es sieht aus, als würde der Zug gleich abfahren.
- Er tut, als könnte er die Tür nicht aufmachen.
- Sie sah mich an, als hätte sie mich nicht erkannt.
Voorbeelden in context
| Duits | Nederlands | Toelichting |
|---|---|---|
| Er tut, als ob er nichts wüsste. | Hij doet alsof hij niets weet. | als ob met persoonsvorm achteraan |
| Sie sieht aus, als wäre sie krank. | Ze ziet eruit alsof ze ziek is. | korte als-vorm met inversie |
| Er spricht, als hätte er nie Deutsch gelernt. | Hij praat alsof hij nooit Duits heeft geleerd. | denkbeeldige eerdere situatie |
| Du klingst, als ob du erkältet wärst. | Je klinkt alsof je verkouden bent. | indruk op basis van iemands stem |
| Das Kind rennt, als würde es verfolgt. | Het kind rent alsof het achtervolgd wordt. | würde met een passieve infinitief |
| Sie behandelt mich, als wenn ich ein Anfänger wäre. | Ze behandelt me alsof ik een beginner ben. | informeler als wenn |
| Warum schaust du mich an, als hätte ich etwas Falsches gesagt? | Waarom kijk je me aan alsof ik iets verkeerds heb gezegd? | eerdere veronderstelde handeling |
| Nach dem Urlaub fühlte er sich, als wäre er ein neuer Mensch. | Na de vakantie voelde hij zich als een nieuw mens. | toestand tegelijk met het gevoel |
| Es hört sich an, als ob jemand an die Tür klopfen würde. | Het klinkt alsof er iemand op de deur klopt. | voorzichtige interpretatie van een geluid |
| Sie gab mir Anweisungen, als wäre sie meine Chefin. | Ze gaf me aanwijzingen alsof ze mijn leidinggevende was. | duidelijke afstand tot de werkelijkheid |
| Ihr tut so, als könntet ihr das Problem allein lösen. | Jullie doen alsof jullie het probleem alleen kunnen oplossen. | meervoudsvorm könntet |
| Der Boden war nass, als ob es geregnet hätte. | De grond was nat, alsof het had geregend. | mogelijke verklaring, niet bevestigd |
| Er ging einfach weiter, als wäre nichts passiert. | Hij liep gewoon verder alsof er niets was gebeurd. | vaste, zeer gebruikelijke formulering |
Veelgemaakte fouten
1. Nederlandse woordvolgorde na als ob overnemen
- Fout: Er tut, als ob er weiß nichts.
- Goed: Er tut, als ob er nichts wüsste.
- Waarom: Als ob leidt een bijzin in. Het onderwerp komt vóór de overige zinsdelen en de vervoegde werkwoordsvorm staat achteraan.
2. De woordvolgorde van als ob gebruiken na alleen als
- Fout: Sie sieht aus, als sie krank wäre.
- Goed: Sie sieht aus, als wäre sie krank.
- Waarom: Na alleen als komt in deze constructie meteen de persoonsvorm. Wil je bijzinvolgorde gebruiken, voeg dan ob toe: als ob sie krank wäre.
3. Automatisch de indicatief kiezen omdat het Nederlands dat doet
- Minder passend bij een onwerkelijke vergelijking: Er tut, als ob er alles weiß.
- Gebruikelijk: Er tut, als ob er alles wüsste.
- Waarom: Nederlands ‘alsof hij alles weet’ bevat geen zichtbare aanvoegende vorm. Het Duits markeert de afstand meestal wel met Konjunktiv II.
4. Würde combineren met een vervoegde werkwoordsvorm
- Fout: als ob er würde alles wusste
- Goed: als ob er alles wissen würde / als ob er alles wüsste
- Waarom: Na würde staat een infinitief: wissen. Kies óf würde + infinitief óf de korte vorm wüsste.
5. Een gelijktijdige vorm gebruiken voor iets wat eerder gebeurde
- Onjuist voor de bedoelde tijd: Er sieht aus, als wäre er die ganze Nacht nicht geschlafen.
- Goed: Er sieht aus, als hätte er die ganze Nacht nicht geschlafen.
- Waarom: Het niet-slapen gebeurde vóór het huidige uiterlijk. Schlafen vormt zijn voltooide tijden met haben, dus krijg je hätte ... geschlafen.
6. Als ob verwarren met ob
- Fout: Ich weiß nicht, als ob er kommt.
- Goed: Ich weiß nicht, ob er kommt.
- Waarom: Los ob betekent hier ‘of’ en leidt een indirecte ja-neevraag in. Als ob betekent ‘alsof’ en drukt een vergelijking of indruk uit.
Gebruiksnotities
Als ob is de veiligste keuze in vrijwel alle registers. Je vindt deze vorm zowel in gesprekken als in zakelijke en literaire teksten. Als wenn is ook correct, maar klinkt voor veel sprekers losser, spreektaalachtiger of regionaal gekleurd. In formeel geschreven Duits ligt als ob daarom meestal meer voor de hand.
De korte vorm als + Konjunktiv II is compact en stilistisch verzorgd: Es scheint, als gäbe es keine Lösung. Ze komt veel voor na werkwoorden en uitdrukkingen van waarneming of indruk, zoals aussehen, klingen, wirken, scheinen, sich anhören en den Eindruck machen.
De indicatief na als ob komt wel voor, vooral wanneer de spreker de vergelijking als een reële mogelijkheid of directe waarneming presenteert: Es sieht so aus, als ob es gleich regnet. In verzorgde taal en bij duidelijke onwerkelijkheid blijft de Konjunktiv II de betrouwbare standaard: als ob es gleich regnen würde. Zie de indicatief dus niet als onmogelijk, maar gebruik hem ook niet automatisch naar Nederlands voorbeeld.
Let ook op de vertaling van Nederlands ‘alsof’. Soms bedoelt het Nederlands geen irreële vergelijking maar een werkelijke manier of rol. Dan past een andere Duitse constructie beter. ‘Hij werkt als arts’ is Er arbeitet als Arzt, niet als ob er Arzt wäre: in de eerste zin is hij daadwerkelijk arts.
Verder dan de basis
Afstand, twijfel en ironie
De Konjunktiv II geeft niet alleen grammaticale onwerkelijkheid aan. Hij kan ook de houding van de spreker laten horen. Er tut, als wüsste er alles kan kritisch of ironisch klinken: de spreker vindt juist dat hij niet alles weet. Intonatie en context bepalen hoe scherp die kritiek is.
Een vergelijking kan ook voorzichtig blijven zonder dat ze beslist onwaar is:
- Es sieht aus, als hätte jemand das Fenster geöffnet.
Misschien heeft iemand het raam werkelijk geopend, maar de spreker trekt alleen een conclusie uit aanwijzingen. De Konjunktiv II markeert dat de oorzaak niet is vastgesteld.
Als ob zonder volledige hoofdzin
In gesprekken kan een reactie sterk worden ingekort:
- Als ob! — ‘Alsof!’ / ‘Echt niet!’
- Als ob das so einfach wäre! — ‘Alsof dat zo eenvoudig was!’
Hier drukt als ob ongeloof, afwijzing of spot uit. De losse uitroep Als ob! is informeel. In de uitgebreidere zin blijft de persoonsvorm volgens de bijzinregel achteraan.
Passieve en modale combinaties
Ook complexere werkwoordsgroepen volgen hetzelfde principe:
- Er benimmt sich, als ob er ständig kontrolliert würde.
- Sie spricht, als ob die Entscheidung längst getroffen worden wäre.
- Du tust so, als hättest du das nicht verhindern können.
De laatste zin bevat een modaal werkwoord in een voltooide constructie. Zulke groepen zijn nuttig op hoger niveau, maar de kern blijft eenvoudig: bepaal eerst of de situatie gelijktijdig of eerder is, en zet daarna de werkwoordsgroep op de juiste plaats.
Vergelijking met als en wie
Niet elk Duits als leidt een alsof-zin in. Bij een gewone vergelijking na een vergrotende trap gebruik je eveneens als: größer als sein Bruder. Daar volgt echter geen Konjunktiv II uit; als verbindt alleen de twee delen van de vergelijking. Bij gelijkheid staat meestal wie: so groß wie sein Bruder. Alleen wanneer als een denkbeeldige volledige situatie introduceert — als wäre er sein Bruder — hoort de constructie bij deze les.
Oefentips
- Maak telkens een dubbelpaar. Schrijf één zin met als ob en herschrijf hem daarna met alleen als: als ob sie müde wäre → als wäre sie müde. Zo oefen je de twee woordvolgordes bewust.
- Orden voorbeelden op tijdsverhouding. Zet indrukken van nu bij wäre/hätte/wüsste en eerdere oorzaken bij hätte/wäre + voltooid deelwoord. Vraag steeds: gebeurt dit tegelijk, of was het al gebeurd?
- Luister naar vaste aanlopen. Noteer in Duitse gesprekken of podcasts combinaties als Es sieht so aus, als ..., Es klingt, als ... en Er tut so, als ob .... Vul daarna zelf een realistisch einde in.
Verwante onderwerpen
- Vooraf: Konjunktiv II: wäre, hätte — de basisvormen die je in deze vergelijkingszinnen het vaakst nodig hebt.
Vereiste kennis
Konjunktiv II met *wäre* en *hätte* in het DuitsB1Meer B2-concepten
Oefen Vergleichssätze: als ob/als wenn in Duits met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Duits · B2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen