B1

De Toekomende Tijd (Futuro Semplice) in het Italiaans

Futuro Semplice

Overzicht

De futuro semplice is de enkelvoudige toekomende tijd in het Italiaans. Je gebruikt hem om toekomstige acties te beschrijven, maar hij heeft ook een tweede gebruik: het uitdrukken van waarschijnlijkheid of veronderstelling in het heden.

In de dagelijkse spreektaal gebruiken Italianen voor de nabije toekomst vaker de tegenwoordige tijd (vado domani = ik ga morgen) of andare a + infinitief. De futuro semplice klinkt iets formeler of benadrukt dat de actie echt in de toekomst ligt.

De vorming is vrij regelmatig, maar er zijn een aantal werkwoorden met een afgekorte stam die je moet kennen.

Hoe het werkt

Regelmatige vorming

De uitgangen zijn voor alle werkwoordsgroepen bijna identiek. De stam van -are en -ere werkwoorden verliest de eindklinker; -ire werkwoorden houden hun stam:

Uitgangen: -ò, -ai, -à, -emo, -ete, -anno

Persoon parlare vedere partire
io parlerò vedrò partirò
tu parlerai vedrai partirai
lui/lei parlerà vedrà partirà
noi parleremo vedremo partiremo
voi parlerete vedrete partirete
loro parleranno vedranno partiranno

Werkwoorden met stamwijziging

Infinitief Stam in futuro
essere sar-
avere avr-
andare andr-
venire verr-
fare far-
dare dar-
stare star-
potere potr-
volere vorr-
dovere dovr-
sapere sapr-
tenere terr-

Voorbeelden:

  • Sarò a casa domani. — Ik zal morgen thuis zijn.
  • Avrà trent'anni. — Hij zal wel dertig zijn. (veronderstelling)
  • Andremo in vacanza a luglio. — We gaan in juli op vakantie.

Futuro voor veronderstelling in het heden

Dit is een bijzonder gebruik: de toekomende tijd om te speculeren over het heden:

  • Saranno le dieci. — Het zal wel tien uur zijn. / Het is waarschijnlijk tien uur.
  • Starà dormendo ancora. — Hij slaapt waarschijnlijk nog.
  • Avrà quarant'anni. — Ze is waarschijnlijk veertig jaar.

Voorbeelden in context

Italiaans Nederlands Opmerking
Domani andrò al cinema. Morgen ga ik naar de bioscoop. toekomst
L'anno prossimo ci sposeremo. Volgend jaar trouwen we. toekomst
Saranno le dieci. Het zal wel tien uur zijn. veronderstelling heden
Quando finirai il lavoro? Wanneer ben je klaar met het werk? vraag over toekomst
Sarò a Roma la prossima settimana. Ik zal volgende week in Rome zijn. toekomst
Non so cosa farò domani. Ik weet niet wat ik morgen zal doen. toekomst in bijzin
Vorranno partire presto. Ze zullen vroeg willen vertrekken. volere in futuro
Avrà fame, mangiamo! Hij heeft vast honger, laten we eten! veronderstelling
Finiremo presto, non preoccuparti. We zijn snel klaar, maak je geen zorgen. geruststelling
Dove saranno? Waar zouden ze zijn? veronderstelling

Veelgemaakte fouten

Regelmatige uitgang vergeten toe te passen op gewijzigde stam

  • Fout: Io sarò ✓ maar Io andrà
  • Correct: Io andrò
  • Waarom: De uitgang van de eerste persoon enkelvoud is -ò (met accent), niet -à.

Stomme -e vergeten bij -are/-ere werkwoorden

  • Fout: Io parlarò.
  • Correct: Io parlerò.
  • Waarom: Bij -are werkwoorden verandert de -a- van de infinitiefeinding in -e-: parlare → parler-.

Toekomende tijd voor onmiddellijke nabije toekomst

  • Fout (te formeel): Apro la finestra. is in de spreektaal juist gangbaarder dan Aprirò la finestra.
  • Waarom: Voor de nabije toekomst gebruiken Italianen in de spreektaal dikwijls de tegenwoordige tijd. De futuro semplice klinkt formeler.

Gebruiksnotities

In zinnen met quando (wanneer) voor toekomstige situaties gebruik je in het Italiaans de futuro semplice, anders dan in het Nederlands/Engels waar je de tegenwoordige tijd gebruikt:

  • Quando arriverai, ti chiamo. — Wanneer je aankomt, bel ik je. (beiden in futuro)
  • Quando sarò grande, diventerò medico. — Als ik groot ben, word ik dokter.

Oefentips

  1. Schrijf een lijst van vijf dingen die je volgende week gaat doen en formuleer ze met de futuro semplice.
  2. Oefen de veronderstellingsfunctie: beschrijf wat je denkt dat iemand aan het doen is zonder het zeker te weten: Starà lavorando, avrà fame, sarà stanco.
  3. Memoriseer de tien meest gebruikte onregelmatige stammen (essere → sar-, avere → avr-, andare → andr-, venire → verr-, fare → far-, enz.) als een groep.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Regelmatige werkwoorden op -ARE in het ItaliaansA1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer B1-concepten

Wil je De Toekomende Tijd (Futuro Semplice) in het Italiaans en meer Italiaans-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen