A1

Lijdendvoorwerpvoornaamwoorden in het Spaans

Pronombres de Objeto Directo

Overzicht

Lijdendvoorwerpvoornaamwoorden vervangen het lijdend voorwerp in een zin om herhaling te voorkomen. In het Nederlands zeg je "ik zie hem" in plaats van "ik zie de man". In het Spaans werkt dit vergelijkbaar, maar de plaatsing is anders dan je gewend bent.

Hoe het werkt

De vormen

Persoon Enkelvoud Meervoud
1e persoon me (mij) nos (ons)
2e persoon te (jou) os (jullie)
3e persoon mannelijk lo (hem/het) los (hen/ze)
3e persoon vrouwelijk la (haar/het) las (hen/ze)

Plaatsing

  • Vóór een vervoegd werkwoord: Lo veo. (Ik zie hem.)
  • Achter en verbonden aan een infinitief: Quiero verlo. of Lo quiero ver.
  • Achter en verbonden aan een gerundio: Estoy viéndolo. of Lo estoy viendo.

Voorbeelden in context

Spaans Nederlands Opmerking
Lo veo. Ik zie hem/het. mannelijk enkelvoud
La conozco. Ik ken haar. vrouwelijk enkelvoud
Los tengo. Ik heb ze. mannelijk meervoud
Las compro. Ik koop ze. vrouwelijk meervoud
Me llama todos los días. Hij/zij belt me elke dag. 1e persoon
Te quiero. Ik hou van jou. 2e persoon
¿Lo ves? Zie jij het? vraag
No lo entiendo. Ik begrijp het niet. ontkenning
Quiero verla. Ik wil haar zien. achter infinitief
Estoy haciéndolo. Ik ben het aan het doen. achter gerundio

Veelgemaakte fouten

Voornaamwoord ná het vervoegde werkwoord plaatsen

  • Fout: Veo lo.
  • Correct: Lo veo.
  • Waarom: Het voornaamwoord staat vóór het vervoegde werkwoord.

lo/la/los/las verwarren

  • Fout: La veo. (als je bedoelt: ik zie het boek = mannelijk)
  • Correct: Lo veo.
  • Waarom: Het voornaamwoord moet overeenstemmen met het geslacht van het vervangen woord.

Gebruiksnotities

In Spanje wordt soms le gebruikt voor mannelijke personen als lijdend voorwerp (leísmo). Dit is officieel geaccepteerd, maar verwarrend voor beginners. In Latijns-Amerika wordt bijna altijd lo gebruikt.

Oefentips

  • Vervang het lijdend voorwerp in zinnen. Neem zinnen die je al kent en vervang het object door een voornaamwoord.
  • Oefen met vragen en antwoorden. ¿Ves a María? Sí, la veo. ¿Tienes el libro? Sí, lo tengo.
  • Let op de positie. Vóór het vervoegde werkwoord, achter en vast bij infinitief/gerundio.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Persoonlijke voornaamwoorden als onderwerp in het SpaansA1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Wil je Lijdendvoorwerpvoornaamwoorden in het Spaans en meer Spaans-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen