A1

Meervoudsvorming in het Spaans

Formación del Plural

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Spaans op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Eindigt een Spaans zelfstandig naamwoord op een onbeklemtoonde klinker, dan voeg je meestal -s toe: libro → libros. Na een medeklinker komt meestal -es: ciudad → ciudades. Een slot-z verandert in -ces: pez → peces.

Overzicht

Een zelfstandig naamwoord is een woord voor een mens, dier, ding of begrip, zoals profesor (leraar), gato (kat), mesa (tafel) of idea (idee). De meeste Spaanse zelfstandige naamwoorden hebben een enkelvoud en een meervoud. De basisregels leer je al op A1-niveau en werken voor een groot deel van de alledaagse woordenschat.

In het Nederlands kan een meervoud op -en of -s eindigen en verandert soms ook de spelling: stad → steden, auto → auto's. Het Spaans gebruikt andere aanwijzingen: vooral de laatste letter en de klemtoon bepalen de uitgang. Een apostrof zoals in het Nederlandse auto's gebruik je daarbij niet: het is autos.

Het meervoud staat bovendien niet los. Lidwoorden (el, la, un, una) en bijvoeglijke naamwoorden (woorden die een eigenschap noemen, zoals rojo, rood) moeten meestal ook bij het meervoud passen. Daarom wordt la casa blanca in het meervoud las casas blancas.

Zo werkt het

1. Na een onbeklemtoonde klinker: voeg -s toe

Bij woorden op een onbeklemtoonde -a, -e, -i, -o of -u voeg je doorgaans -s toe.

Enkelvoud Meervoud Betekenis
casa casas huis, huizen
coche coches auto, auto's
libro libros boek, boeken
taxi taxis taxi, taxi's
tribu tribus stam, stammen

Let vooral op het verschil met de Nederlandse apostrof. Spaans schrijft fotos, taxis en menús, niet vormen met 's.

2. Na een medeklinker: voeg meestal -es toe

Eindigt het woord op een medeklinker, dan komt er meestal -es bij.

Enkelvoud Meervoud Betekenis
ciudad ciudades stad, steden
papel papeles papier/vel, papieren/vellen
profesor profesores leraar, leraren
reloj relojes horloge, horloges
mes meses maand, maanden

De toevoeging van een extra lettergreep kan gevolgen hebben voor het accentteken. Dat komt verderop aan bod.

3. Woorden op -z: verander z in c en voeg -es toe

Voor een e wordt de slot-z geschreven als c. Het patroon is dus -z → -ces.

Enkelvoud Meervoud Betekenis
pez peces vis, vissen
luz luces licht, lichten
voz voces stem, stemmen
lápiz lápices potlood, potloden
actriz actrices actrice, actrices

Schrijf dus niet pezes of lápizes. De verandering is een vaste Spaanse spellingsregel.

4. Woorden op -y: meestal -es

Wanneer y aan het einde na een klinker als medeklinker klinkt, krijgt het woord meestal -es.

Enkelvoud Meervoud Betekenis
rey reyes koning, koningen
ley leyes wet, wetten
buey bueyes os, ossen

Bij sommige recentere leenwoorden op -y komt ook -s voor, waarbij de y vaak i wordt: jersey → jerséis. Dit hoef je voor de basisregel nog niet actief te beheersen.

5. Beklemtoonde eindklinkers

Woorden op een beklemtoonde -á, -é of krijgen doorgaans -s: sofá → sofás, café → cafés, dominó → dominós. Bij een beklemtoonde of zijn vaak zowel -s als -es mogelijk. De vorm op -es is traditioneel en veelvoorkomend: rubíes, tabúes. Ook rubís en tabús zijn correct.

Veel gangbare woorden hebben een vaste gebruikelijke vorm die je het best als geheel leert. Zo is het meervoud van menú meestal menús en dat van esquí meestal esquís.

6. Het accentteken kan veranderen

Een geschreven accentteken geeft aan waar de klemtoon ligt wanneer die niet uit de gewone Spaanse klemtoonregels volgt. Door -s of -es toe te voegen, verandert de woorduitgang. Daardoor kan een accentteken nodig worden of juist verdwijnen.

Enkelvoud Meervoud Wat verandert er?
examen exámenes Er komt een accentteken bij.
joven jóvenes Er komt een accentteken bij.
canción canciones Het accentteken verdwijnt.
inglés ingleses Het accentteken verdwijnt.
régimen regímenes Accent en klemtoonplaats verschuiven.

Probeer het accentteken dus niet blind uit het enkelvoud te kopiëren. Spreek de vorm uit en controleer bij twijfel een woordenboek.

7. Lidwoord en bijvoeglijk naamwoord doen mee

Spaans kent congruentie: woorden die grammaticaal bij elkaar horen, krijgen passende vormen. Bij een meervoudig zelfstandig naamwoord staat daarom een meervoudig lidwoord. Een veranderlijk bijvoeglijk naamwoord wordt eveneens meervoudig.

Enkelvoud Meervoud Nederlands
el libro rojo los libros rojos het rode boek, de rode boeken
la ciudad grande las ciudades grandes de grote stad, de grote steden
un examen difícil unos exámenes difíciles een moeilijk examen, enkele moeilijke examens
una luz blanca unas luces blancas een wit licht, enkele witte lichten

Dit voelt anders dan in het Nederlands. In de rode boeken verraadt rode niet apart dat boeken meervoud is; dezelfde vorm staat in het rode boek. In het Spaans zijn los, libros én rojos allemaal zichtbaar meervoudig.

Voorbeelden in context

Spaans Nederlands Toelichting
Tengo dos libros nuevos. Ik heb twee nieuwe boeken. Klinker + -s; ook nuevos past zich aan.
Las casas son pequeñas. De huizen zijn klein. Lidwoord, zelfstandig naamwoord en bijvoeglijk naamwoord staan in het meervoud.
Visitamos varias ciudades españolas. We bezoeken verschillende Spaanse steden. Medeklinker + -es.
Los profesores preparan las clases. De leraren bereiden de lessen voor. profesor → profesores en clase → clases.
Hay tres peces en el acuario. Er zitten drie vissen in het aquarium. -z → -ces.
Necesito dos lápices azules. Ik heb twee blauwe potloden nodig. lápiz → lápices; azul → azules.
Estas luces son muy fuertes. Deze lampen zijn erg fel. luz → luces.
Los reyes viven en el palacio. De koningen wonen in het paleis. Woord op -y krijgt -es.
Tomamos dos cafés después de comer. We drinken twee koffies na het eten. Beklemtoonde krijgt -s.
Los exámenes empiezan mañana. De examens beginnen morgen. In het meervoud is het accentteken nodig.
Las canciones son muy conocidas. De liedjes zijn erg bekend. Het accent van canción verdwijnt in canciones.
Los lunes trabajo desde casa. Op maandag werk ik thuis. lunes verandert niet in het meervoud.

Veelgemaakte fouten

Na elke medeklinker alleen -s schrijven

  • Fout: dos ciudads
  • Goed: dos ciudades
  • Waarom: Na de slotmedeklinker d voeg je normaal -es toe. De Nederlandse gewoonte om vaak alleen -s te gebruiken helpt hier niet.

De z laten staan

  • Fout: tres pezes of tres pezs
  • Goed: tres peces
  • Waarom: Een slot-z verandert voor de meervoudsuitgang in c: -z → -ces.

Een Nederlandse apostrof gebruiken

  • Fout: dos taxi's
  • Goed: dos taxis
  • Waarom: De apostrof die het Nederlands in taxi's en foto's gebruikt, hoort niet in het Spaanse meervoud.

Alleen het zelfstandig naamwoord meervoudig maken

  • Fout: la casas blanca
  • Goed: las casas blancas
  • Waarom: Het lidwoord en het veranderlijke bijvoeglijk naamwoord moeten met het zelfstandig naamwoord overeenkomen.

Accenttekens automatisch behouden of weglaten

  • Fout: examenes; canciónes
  • Goed: exámenes; canciones
  • Waarom: De nieuwe uitgang verandert de toepassing van de Spaanse klemtoonregels. Soms komt er een accent bij, soms verdwijnt het.

Een onveranderlijk woord nogmaals meervoudig maken

  • Fout: los luneses
  • Goed: los lunes
  • Waarom: Bepaalde woorden op onbeklemtoond -s of -x houden dezelfde vorm. Het lidwoord laat dan het getal zien.

Gebruiksnotities

Woorden die eindigen op een onbeklemtoonde klinker plus -s of -x blijven vaak onveranderd: el lunes → los lunes, la crisis → las crisis, el tórax → los tórax. Bij een beklemtoonde laatste lettergreep komt daarentegen meestal -es: el mes → los meses, el compás → los compases. Het accentteken van compás verdwijnt daarbij.

Sommige woorden worden vooral of uitsluitend in het meervoud gebruikt, bijvoorbeeld las gafas (bril), las tijeras (schaar) en las vacaciones (vakantie). Het Nederlands gebruikt bij bril en vakantie juist een enkelvoud. Leer zulke woorden daarom samen met hun lidwoord.

Na een hoeveelheid kan het Spaans een telbaar woord in het meervoud zetten: dos cafés kan twee kopjes of porties koffie betekenen. Als stofnaam blijft het vaak enkelvoudig: Bebo café (ik drink koffie). Hetzelfde verschil bestaat tussen papel als materiaal en papeles als losse documenten of papieren.

Verder dan de basis

De volgende bijzonderheden hoef je op A1-niveau nog niet allemaal te beheersen, maar je zult ze later tegenkomen.

Samengestelde woorden en vaste vormen

Sommige samengestelde zelfstandige naamwoorden eindigen al op -s en veranderen niet: el paraguas → los paraguas (paraplu), el cumpleaños → los cumpleaños (verjaardag). Het lidwoord maakt duidelijk of het om één of meer gaat.

Leenwoorden en variatie

Bij woorden uit andere talen concurreren soms een aangepaste Spaanse meervoudsvorm en een vorm die dicht bij de brontaal blijft. Gangbaar zijn bijvoorbeeld club → clubes of clubs en eslogan → eslóganes. Zulke variatie hangt af van regio, register en hoe ingeburgerd een woord is. Een actueel woordenboek is betrouwbaarder dan één zelfbedachte regel.

Afkortingen hebben eveneens eigen gewoonten. Initialen die als letters worden uitgesproken, blijven in verzorgd schrift vaak onveranderd: una ONG → varias ONG (niet-gouvernementele organisatie). Gewone verkorte woorden volgen eerder de normale regels, zoals la foto → las fotos.

Betekenis kan het getal bepalen

Niet elk Nederlands enkelvoud correspondeert met een Spaans enkelvoud. La gente betekent ‘de mensen’, maar is grammaticaal enkelvoudig: La gente está cansada, niet están cansadas wanneer gente het onderwerp is. Omgekeerd gebruikt Spaans vaak een meervoud in Buenos días en gracias. Meervoudsvorming is dus niet alleen spelling; je leert ook hoe een woord werkelijk wordt gebruikt.

Oefentips

  1. Sorteer nieuwe woorden op uitgang. Maak drie kolommen: klinker + -s, medeklinker + -es en -z → -ces. Zet elk nieuw zelfstandig naamwoord meteen met enkelvoud én meervoud in de juiste kolom.
  2. Oefen woordgroepen, geen losse woorden. Zeg niet alleen libros, maar los libros nuevos. Zo train je tegelijk het lidwoord en de congruentie van het bijvoeglijk naamwoord.
  3. Lees vormen hardop. Wissel bijvoorbeeld examen–exámenes en canción–canciones af. Markeer de beklemtoonde lettergreep en controleer het accentteken daarna in een woordenboek.

Verwante onderwerpen

  • Eerst of tegelijk leren: Geslacht van zelfstandige naamwoorden — verklaart waarom je el/los of la/las gebruikt en vormt de basis voor passende lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden.

Vereiste kennis

Het geslacht van Spaanse zelfstandige naamwoordenA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Formación del Plural in Spaans met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Spaans · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen