B1

Verleden tijd: regelmatige werkwoorden in het Duits

Präteritum: regelmäßige Verben

Overzicht

De Präteritum (verleden tijd) van regelmatige werkwoorden vormt zich door de stam + -te + persoonsvorm. In de schrijftaal en bij verhalend proza is de Präteritum de standaard verleden tijd. In de spreektaal gebruik je voor de meeste werkwoorden het perfectum, maar voor de geschreven taal moet je de Präteritum goed beheersen.

Regelmatige werkwoorden (schwache Verben) veranderen hun stam niet — dit onderscheidt ze van onregelmatige werkwoorden.

Hoe het werkt

Patroon: stam + -te + persoonsvorm

Persoon Uitgang Voorbeeld: machen
ich -te machte
du -test machtest
er/sie/es -te machte
wir -ten machten
ihr -tet machtet
sie/Sie -ten machten

Stam op -t of -d: voeg -ete in: arbeiten → arbeitete, warten → wartete

Samentrekkingen: de ich- en er/sie/es-vormen zijn altijd gelijk.

Voorbeelden in context

Duits Nederlands Opmerking
Ich machte die Hausaufgaben. Ik maakte de huiswerkopdrachten. machen
Er spielte gestern Fußball. Hij speelde gisteren voetbal. spielen
Wir lernten Deutsch. Wij leerden Duits. lernen
Sie arbeitete bis spät. Zij werkte tot laat. arbeiten (-ete)
Du wohntest in Berlin. Jij woonde in Berlijn. wohnen
Ihr kauftet viel ein. Jullie deden veel boodschappen. einkaufen
Die Kinder spielten im Park. De kinderen speelden in het park. spielen mv.
Er wartete lange. Hij wachtte lang. warten (-ete)
Ich lebte damals in Wien. Ik woonde toen in Wenen. leben
Sie fragten nach dem Weg. Zij vroegen naar de weg. fragen

Veelgemaakte fouten

-te vergeten of -t gebruiken

  • Fout: ich macht / ich machen
  • Correct: ich machte
  • Waarom: De Präteritum-stam is stam + -te.

Extra -e- vergeten bij stam op -t/-d

  • Fout: er arbeit
  • Correct: er arbeitete
  • Waarom: Stam op -t of -d: je voegt -ete in om uitspraak te vergemakkelijken.

Oefentips

  1. Vervoeg vijf regelmatige werkwoorden volledig in de Präteritum.
  2. Schrijf een kort verhaal in de verleden tijd met regelmatige werkwoorden.
  3. Vergelijk de Präteritum en het perfectum van dezelfde werkwoorden.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Verleden tijd: sein, haben in het DuitsB1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer B1-concepten

Wil je Verleden tijd: regelmatige werkwoorden in het Duits en meer Duits-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen