A1

Aanwijzende voornaamwoorden in het Tagalog

Mga Panghalip na Pamatlig

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Filipijns op Settemila Lingue.

In het kort

Het Tagalog onderscheidt drie afstanden: ito wijst naar iets bij de spreker, iyan naar iets bij de luisteraar en iyon naar iets dat van beiden verder weg is. Ze kunnen zelfstandig staan — Ano ito? — of met een zelfstandig naamwoord worden verbonden: itong libro of librong ito betekent ‘dit boek’.

Overzicht

Met een aanwijzend voornaamwoord wijs je een persoon, voorwerp of idee aan. In het Nederlands hebben we vooral dit/deze voor dichtbij en dat/die voor verder weg. Het Tagalog maakt een extra onderscheid: bevindt iets zich bij degene tegen wie je praat, dan gebruik je iyan. Voor iets dat bij geen van beiden staat, gebruik je iyon. Dat driedelige systeem is de kern van dit onderwerp.

Dit is basisgrammatica op A1-niveau, omdat woorden als ito, iyan en iyon voortdurend voorkomen in vragen, winkels, gesprekken en aanwijzingen. De vormen veranderen niet naar grammaticaal geslacht: hetzelfde woord kan naar een boek, een tafel of een persoon verwijzen. Ook het Nederlandse verschil tussen dit/deze en dat/die, dat afhangt van het- en de-woorden, bestaat niet in het Tagalog.

De term panghalip na pamatlig betekent ‘aanwijzend voornaamwoord’. Een zelfstandig naamwoord (een woord voor bijvoorbeeld een persoon, zaak of plaats) kan erbij staan, maar dat hoeft niet. Vergelijk Bago ito (‘Dit is nieuw’) met bagong librong ito (‘dit nieuwe boek’). Verderop komen ook de vormen nito, niyan en noon aan bod. Die horen bij hetzelfde systeem, maar hebben een andere rol in de zin.

Zo werkt het

De eenvoudige regel: drie afstanden

Stel je een gesprek voor tussen twee mensen. De plaats van het aangewezen voorwerp ten opzichte van die twee bepaalt de keuze.

Vorm Plaats Gewone Nederlandse weergave Denkbeeld
ito bij de spreker dit, deze ‘hier bij mij’
iyan bij de luisteraar dat, die ‘daar bij jou’
iyon verder van beiden dat, die daar ‘ginds, niet bij ons’

Het Nederlands vertaalt zowel iyan als iyon meestal met dat of die. Daardoor is de Nederlandse vertaling alleen niet genoeg om de juiste Tagalog-vorm te kiezen. Vraag jezelf steeds af: ligt het bij mij, bij jou of verder bij ons allebei vandaan?

De afstand hoeft niet exact in meters uitgedrukt te worden. De gesprekssituatie is belangrijker. Een kopje dat de spreker vasthoudt is ito. Een formulier in de handen van de luisteraar is iyan. Een gebouw aan de overkant kan iyon zijn.

Zelfstandig gebruikt

Als het woord zelf de aangewezen zaak vertegenwoordigt, is het een voornaamwoord. Er volgt dan geen zelfstandig naamwoord direct op.

  • Ano ito? — Wat is dit?
  • Mahal iyan. — Dat bij jou is duur.
  • Iyon ang bundok. — Dat daar is de berg.

Tagalog-zinnen beginnen vaak met wat er over het onderwerp wordt gezegd. In Mahal iyan staat daarom eerst mahal (‘duur’) en daarna iyan. Een Nederlands klinkende volgorde hoeft dus niet letterlijk te worden nagebouwd.

In identificerende zinnen komt vaak ang voor. Ang markeert het zinsdeel dat als onderwerp of centraal aanknopingspunt wordt gepresenteerd. In Iyan ang aking bahay is aking bahay (‘mijn huis’) het door ang gemarkeerde deel: ‘Dat is mijn huis.’ Je hoeft hier geen apart werkwoord voor ‘zijn’ toe te voegen.

Bij een zelfstandig naamwoord

Een aanwijzend woord kan ook een zelfstandig naamwoord nader bepalen. Het Tagalog gebruikt dan de koppelaar na/-ng: een klein element dat woorden die bij elkaar horen met elkaar verbindt.

Aanwijzend woord vóór het zelfstandig naamwoord

Na een klinker wordt de koppelaar als -ng vast aan het voorafgaande woord geschreven:

Basisvorm Met koppelaar Voorbeeld Betekenis
ito itong itong libro dit boek
iyan iyang iyang bag die tas bij jou
iyon iyong iyong bahay dat huis daar

De -ng is dus geen meervoudsuitgang en ook geen onderdeel van het zelfstandig naamwoord. Het is de koppelaar: ito + -ng libro → itong libro.

Aanwijzend woord ná het zelfstandig naamwoord

De omgekeerde volgorde is eveneens gebruikelijk. Dan krijgt het woord vóór het aanwijzende voornaamwoord de passende koppelaar:

  • na een woord op een klinker: -ng, zoals mesa → mesang ito;
  • na de meeste woorden op een medeklinker: los na, zoals bahay na iyon;
  • na een woord op n: meestal -g, zoals pagkain → pagkaing iyan.
Voorop Achterop Betekenis
itong libro librong ito dit boek
iyang bag bag na iyan die tas bij jou
iyong bahay bahay na iyon dat huis daar

Voor een beginner is itong libro / iyang bag / iyong bahay een helder patroon om eerst actief te leren. De vormen met het zelfstandig naamwoord voorop zijn echter zeer gewoon en moeten al vroeg herkenbaar worden.

Meervoud

Tagalogse zelfstandige naamwoorden krijgen normaal geen aparte meervoudsuitgang. Voor een duidelijk meervoud staat mga (ongeveer uitgesproken als manga) vóór het zelfstandig naamwoord of vóór het zelfstandig gebruikte aanwijzende woord.

Enkelvoud Meervoud Betekenis
ito mga ito dit; deze dingen/personen
iyan mga iyan dat; die dingen/personen bij jou
iyon mga iyon dat daar; die dingen/personen daar
itong libro mga librong ito dit boek; deze boeken

Let op de natuurlijke woordgroep mga librong ito voor ‘deze boeken’. Zet mga niet nog eens vóór ito: mga librong ito is al meervoud.

De vormen nito, niyan en noon

Tot nu toe zijn de ang-vormen behandeld: de vormen die zelfstandig als centraal zinsdeel kunnen staan. Hetzelfde afstandssysteem heeft ook ng-vormen. Die worden onder meer gebruikt voor bezit (‘van dit/dat’) of wanneer de aangewezen zaak een niet-centraal zinsdeel is, bijvoorbeeld het voorwerp bij een werkwoord met acteursfocus. Een voorwerp is hier de persoon of zaak waarop de handeling gericht is.

Afstand Ang-vorm Ng-vorm Voorbeeld van de ng-vorm
bij de spreker ito nito kulay nito — de kleur hiervan
bij de luisteraar iyan niyan presyo niyan — de prijs daarvan
ver van beiden iyon noon dulo noon — het uiteinde daarvan daar

Vergelijk:

  • Maganda ito. — Dit is mooi.
  • Maganda ang kulay nito. — De kleur hiervan is mooi.
  • Gusto ko iyan. — Ik vind dat bij jou leuk / Ik wil dat.
  • Ayaw ko niyan. — Ik wil daar niets van weten / Dat wil ik niet.

De keuze tussen een ang- en ng-vorm hangt dus niet alleen van de Nederlandse vertaling ‘dit’ of ‘dat’ af, maar ook van de grammaticale rol in de Tagalog-zin. Voor A1 is het voldoende om ito, iyan, iyon stevig te beheersen en nito, niyan, noon als verwante vormen te herkennen.

Voorbeelden in context

Tagalog Nederlands Toelichting
Ano ito? Wat is dit? Ito verwijst naar iets bij de spreker.
Iyan ang aking bahay. Dat is mijn huis. Het huis is bij de luisteraar of in diens richting.
Iyon ang bundok. Dat daar is de berg. De berg is ver van beide gesprekspartners.
Itong libro ay bago. Dit boek is nieuw. Ito staat vóór libro en krijgt -ng.
Masarap itong pagkain. Dit eten is lekker. De woordgroep itong pagkain volgt op de beschrijving.
Kanino iyang payong? Van wie is die paraplu bij jou? Iyan helpt de bedoelde paraplu aanwijzen.
Huwag mong hawakan iyon. Raak dat daar niet aan. Iyon staat zelfstandig en wijst naar iets verder weg.
Bibili ako ng librong ito. Ik koop dit boek. Het zelfstandig naamwoord staat vóór ito.
Mahal ba ang bag na iyan? Is die tas bij jou duur? Na bag staat de losse koppelaar na.
Sino ang mga iyon? Wie zijn die mensen daar? Mga iyon verwijst naar meerdere personen.
Pakibigay sa akin ang mga papel na iyan. Geef me alsjeblieft die papieren bij jou. De luisteraar heeft de papieren binnen bereik.
Hindi akin ito; kay Ana ito. Dit is niet van mij; het is van Ana. Ito blijft hetzelfde bij bezitspredicaten.
Ano ang pangalan nito? Hoe heet dit? Letterlijk: ‘Wat is de naam hiervan?’
Ayaw ko ng kulay niyan. Ik vind de kleur daarvan niet mooi. Niyan betekent hier ‘van dat bij jou’.
Malayo ang bahay na iyon. Dat huis daar is ver weg. De ruimtelijke afstand past bij iyon.

Veelgemaakte fouten

Iyan en iyon allebei als één soort ‘dat’ behandelen

  • Onjuist in de bedoelde situatie: Iyon ba ang hawak mo? terwijl de luisteraar het voorwerp in de hand heeft.
  • Beter: Iyan ba ang hawak mo?
  • Waarom: iets bij of in handen van de luisteraar wordt normaal met iyan aangewezen. Iyon plaatst het verder van zowel spreker als luisteraar.

De Nederlandse keuze dit/deze volgen

  • Onjuist: voor deze tafel altijd een andere Tagalog-vorm zoeken dan voor dit boek.
  • Juist: itong mesa en itong libro.
  • Waarom: Nederlands kiest deze bij een de-woord en dit bij een het-woord. Tagalog heeft dat grammaticale geslachtsonderscheid niet; alleen de afstand bepaalt hier de vorm.

De koppelaar weglaten

  • Onjuist: ito libro
  • Juist: itong libro of librong ito
  • Waarom: een aanwijzend woord en een zelfstandig naamwoord worden door na/-ng gekoppeld. Na ito wordt dat vastgeschreven als itong.

Ang toevoegen aan Ano ito?

  • Onjuist: Ano ang ito?
  • Juist: Ano ito?
  • Waarom: in de gewone vraag ‘Wat is dit?’ kan ito direct naast het vraagwoord staan. Ano ang ...? is wel correct wanneer na ang een andere woordgroep volgt, bijvoorbeeld Ano ang pangalan nito? (‘Hoe heet dit?’).

Een ng-vorm gebruiken waar de basisvorm nodig is

  • Onjuist: Maganda nito. voor ‘Dit is mooi.’
  • Juist: Maganda ito.
  • Waarom: nito betekent in zo’n verband ‘hiervan’ en kan niet zonder meer de zelfstandige ang-vorm ito vervangen. Vergelijk het correcte Maganda ang kulay nito (‘De kleur hiervan is mooi’).

Mga dubbel gebruiken

  • Onjuist: mga librong mga ito
  • Juist: mga librong ito
  • Waarom: één mga vóór libro maakt de hele woordgroep meervoud. Ito hoeft zelf geen meervoudsuitgang te krijgen.

Gebruiksnotities

Aanwijzen is afhankelijk van het gesprek

De keuze kan tijdens een gesprek veranderen. Een telefoon op tafel bij de spreker heet eerst ito. Geeft de spreker hem aan de ander, dan kan diezelfde telefoon vanuit het standpunt van de oorspronkelijke spreker iyan worden. Het gaat dus niet om een vaste eigenschap van het voorwerp, maar om zijn plaats binnen de gesprekssituatie.

Ook in gesprekken op afstand blijft dat perspectief bestaan. Bij videobellen kan iyan verwijzen naar iets dat de ander in beeld houdt, hoewel beide mensen fysiek ver uit elkaar zijn. De betekenis is dan ‘daar in jouw omgeving’.

Personen aanwijzen

De vormen kunnen ook naar mensen verwijzen: Sino iyan? betekent ‘Wie is dat bij jou/daar aan jouw kant?’ Toch kan rechtstreeks naar iemand wijzen onbeleefd overkomen, net als in het Nederlands. Gebruik namen, aanspreekvormen en eventueel po wanneer respect belangrijk is.

Iyong kan dubbelzinnig zijn

Iyong kan ontstaan uit iyon + -ng en dan ‘dat ... daar’ betekenen: iyong gusali (‘dat gebouw daar’). Maar iyong is ook een bezittelijke vorm die ‘jouw/uw’ kan betekenen, zoals in iyong pangalan (‘jouw naam’). De context en de bedoelde afstand maken doorgaans duidelijk welke lezing past. In alledaagse taal komt voor bezit vaak ook de volgorde pangalan mo voor, waardoor de dubbelzinnigheid kleiner wordt.

Verder dan de basis: gevorderd gebruik

Je hoeft de volgende details nog niet actief te beheersen, maar ze verklaren vormen die je in natuurlijke gesprekken tegenkomt.

De volledige afstandsreeks

Het driedelige onderscheid loopt door in meerdere reeksen. Naast de aanwijzende vormen bestaan plaatswoorden met dezelfde afstanden:

Functie Bij de spreker Bij de luisteraar Ver van beiden
zelfstandig/ang-vorm ito iyan iyon
ng-vorm nito niyan noon
plaats dito diyan doon

Daarom passen combinaties als ito—dito, iyan—diyan en iyon—doon logisch bij elkaar. Nasa dito is in de standaardtaal meestal minder natuurlijk dan eenvoudig nandito of dito in een passende constructie; de plaatswoorden hebben hun eigen zinsbouw.

D- en r-varianten

Je kunt ook rito, riyan en roon horen of lezen naast dito, diyan en doon. De keuze tussen d en r hangt samen met klankomgeving, stijl en gebruiksvariant. In hedendaagse omgangstaal zijn de vormen met d zeer herkenbaar en bruikbaar. Leer de r-vormen voorlopig vooral herkennen in vaste verbindingen en in teksten.

Verkorte spreektaalvormen

In informele uitspraak worden de aanwijzende woorden vaak ingekort:

  • ito'to
  • iyan'yan
  • iyon'yon

Zo kan Ano ito? in een snel gesprek klinken als Ano 'to? en Sino iyan? als Sino 'yan? De apostrof geeft aan dat het begin is weggevallen. Gebruik in verzorgd schrijven de volledige vormen, tenzij je bewust gesproken taal weergeeft.

Abstracte verwijzing

De woorden wijzen niet alleen naar tastbare voorwerpen. Ze kunnen ook terugwijzen naar een opmerking, voorstel of gebeurtenis:

  • Tama iyan. — Dat klopt.
  • Hindi ko inaasahan iyon. — Dat had ik niet verwacht.
  • Ito ang problema. — Dit is het probleem.

Ook hier geeft iyan vaak iets aan dat van de gesprekspartner komt, bijvoorbeeld diens uitspraak of idee. Iyon kan verwijzen naar iets dat eerder ter sprake kwam en mentaal op afstand staat. Zulke keuzes zijn minder mechanisch dan letterlijk aanwijzen; context en perspectief wegen zwaarder.

Noon heeft ook een tijdsbetekenis

De vorm noon kan als ng-vorm bij iyon ‘daarvan’ betekenen, maar komt ook voor met de betekenis ‘toen/in die tijd’. Vergelijk kulay noon (‘de kleur daarvan’) en Noon, bata pa ako (‘Toen was ik nog jong’). De rest van de zin maakt het verschil doorgaans duidelijk.

Oefentips

  1. Werk met drie plaatsen. Leg een pen bij jezelf, een boek bij je gesprekspartner en een tas verderop. Zeg achtereenvolgens ito, iyan en iyon, en maak daarna woordgroepen als itong bolpen, iyang libro en bag na iyon.
  2. Vertaal niet alleen ‘dit’ en ‘dat’. Noteer bij elke oefenzin eerst bij mij, bij jou of verderop. Kies pas daarna de Tagalog-vorm. Zo voorkom je dat het Nederlandse tweedelige systeem je antwoord bepaalt.
  3. Oefen beide woordvolgordes in paren. Maak van itong libro ook librong ito, van iyang bag ook bag na iyan en van iyong bahay ook bahay na iyon. Spreek de koppelaar duidelijk mee.

Verwante onderwerpen

Concepten die hierop voortbouwen

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Mga Panghalip na Pamatlig in Filipijns met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Filipijns · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen