A1

Aanwijzende voornaamwoorden in het Pools

Zaimki Wskazujące

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Pools op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Het Pools gebruikt ten, ta, to bij een mannelijk, vrouwelijk of onzijdig zelfstandig naamwoord: ten dom, ta książka, to okno. Voor iets verder weg of een duidelijk contrast gebruik je tamten, tamta, tamto. Anders dan Nederlands dit, deze, dat, die veranderen deze woorden ook met het getal en de naamval.

Overzicht

Met een aanwijzend voornaamwoord wijs je iemand of iets aan: ten dom ‘dit/dat huis’, ta kobieta ‘deze/die vrouw’. In de Poolse grammatica heet zo’n woord een zaimek wskazujący. Het kan vóór een zelfstandig naamwoord staan, maar ook zelfstandig worden gebruikt: Wolę ten betekent ‘Ik heb liever deze/die’.

Dit onderwerp begint op A1-niveau, omdat je de vormen ten, ta, to, ci, te al snel nodig hebt bij winkelen, kiezen en mensen of voorwerpen beschrijven. De eerste regel is eenvoudig: kijk naar het grammaticale geslacht van het zelfstandig naamwoord. Later komt daar de naamval bij: de vorm van een woord verandert dan volgens zijn functie in de zin, bijvoorbeeld als onderwerp, lijdend voorwerp (wie of wat de handeling ondergaat) of na een voorzetsel.

Voor Nederlandstaligen is vooral belangrijk dat Pools geen lidwoorden zoals de, het en een heeft. Ten is dus niet simpelweg het Poolse woord voor de. Het wijst echt iets aan, al kan het in een gesprek soms minder nadrukkelijk klinken dan Nederlands deze of die.

Hoe het werkt

De basisvormen

In de nominatief (de naamval van het onderwerp en de woordenboekvorm) kies je de vorm op basis van geslacht en getal.

Soort zelfstandig naamwoord ten-reeks tamten-reeks Voorbeeld Betekenis
mannelijk enkelvoud ten tamten ten telefon deze/die telefoon
vrouwelijk enkelvoud ta tamta ta ulica deze/die straat
onzijdig enkelvoud to tamto to dziecko dit/dat kind
mannelijk-persoonlijk meervoud ci tamci ci studenci deze/die studenten
overig meervoud te tamte te książki deze/die boeken

Mannelijk-persoonlijk betekent dat een meervoudige groep uit mannelijke personen bestaat of ten minste één mannelijke persoon omvat. Daarom krijg je ci mężczyźni en ci rodzice, maar te kobiety, te dzieci, te psy en te stoły.

Het verschil tussen de twee reeksen is niet precies hetzelfde als het Nederlandse verschil tussen deze/dit en die/dat:

  • ten, ta, to is de gewone, niet nadrukkelijk op afstand gerichte reeks. Afhankelijk van de situatie kan de vertaling deze/dit of die/dat zijn.
  • tamten, tamta, tamto wijst naar iets verder weg, naar de andere van twee mogelijkheden, of naar iets dat verder van het huidige gesprek af staat.
  • Voor extra duidelijkheid hoor je ook ten tutaj ‘deze hier’ en tamten tam ‘die daar’.

Overeenstemming

Het aanwijzende woord stemt overeen met het zelfstandig naamwoord: het krijgt hetzelfde geslacht, hetzelfde getal en dezelfde naamval. Staat er ook een bijvoeglijk naamwoord bij, dan passen alle drie de woorden zich aan:

  • ta nowa książka — dit/die nieuwe boek
  • widzę tę nową książkę — ik zie dit/dat nieuwe boek
  • rozmawiam o tej nowej książce — ik praat over dit/dat nieuwe boek

Kijk dus niet naar het Nederlandse lidwoord. Książka is in het Pools vrouwelijk, ook al is boek in het Nederlands een het-woord. Daarom zeg je ta książka, niet to książka.

De verbuiging van ten

Voor de eerste gesprekken zijn vooral de nominatief en accusatief belangrijk. De accusatief is onder andere de naamval van het lijdend voorwerp. De overige vormen worden belangrijk zodra je meer voorzetsels en zinsbouw leert.

Naamval Mannelijk enkelvoud Onzijdig enkelvoud Vrouwelijk enkelvoud Mannelijk-persoonlijk meervoud Overig meervoud
nominatief — onderwerp ten to ta ci te
genitief — onder meer bezit/ontkenning tego tego tej tych tych
datief — vaak ontvanger temu temu tej tym tym
accusatief — lijdend voorwerp ten / tego to tych te
instrumentalis — onder meer na z ‘met’ tym tym tymi tymi
locatief — na bepaalde voorzetsels tym tym tej tych tych

De twee mannelijke vormen in de accusatief hebben een reden:

  • bij een mannelijk levenloos woord blijft de vorm gelijk aan de nominatief: Widzę ten dom ‘Ik zie dit/dat huis’;
  • bij een mannelijk levend woord komt de vorm overeen met de genitief: Widzę tego psa ‘Ik zie deze/die hond’.

In het mannelijk-persoonlijk meervoud geldt hetzelfde patroon op groepsniveau: Znam tych ludzi ‘Ik ken deze/die mensen’. Bij niet-mannelijk-persoonlijke meervouden blijft het te: Kupuję te gazety ‘Ik koop deze/die kranten’.

De verbuiging van tamten

Tamten volgt vrijwel hetzelfde patroon. De uitgangen komen achter de stam tamt-; let op tamtemu in de datief van het mannelijk en onzijdig enkelvoud.

Naamval Mannelijk enkelvoud Onzijdig enkelvoud Vrouwelijk enkelvoud Mannelijk-persoonlijk meervoud Overig meervoud
nominatief tamten tamto tamta tamci tamte
genitief tamtego tamtego tamtej tamtych tamtych
datief tamtemu tamtemu tamtej tamtym tamtym
accusatief tamten / tamtego tamto tamtą tamtych tamte
instrumentalis tamtym tamtym tamtą tamtymi tamtymi
locatief tamtym tamtym tamtej tamtych tamtych

Ook hier hangt de mannelijke accusatief af van levend of levenloos: tamten samochód maar tamtego kota.

Twee verschillende functies van to

To kan een onzijdige vorm zijn die bij een zelfstandig naamwoord hoort:

  • to okno — dit/dat raam
  • Widzę to okno — ik zie dit/dat raam

Maar to kan ook een vast aanwijzend woord zijn in een zin van het type ‘dit/dat is …’. Dan verandert het niet om mee te gaan met het woord erna:

  • To jest mój brat. — Dit is mijn broer.
  • To jest moja siostra. — Dit is mijn zus.
  • To są moje klucze. — Dit zijn mijn sleutels.

In To są moje klucze blijft to dus enkelvoudig van vorm, terwijl het werkwoord in het meervoud staat. Dit zinstype is bijzonder nuttig om iemand of iets aan te wijzen en voor te stellen.

Voorbeelden in context

Pools Nederlands Toelichting
Ten dom jest stary. Dit/dat huis is oud. Mannelijk enkelvoud, onderwerp.
Ta książka jest moja. Dit/dat boek is van mij. Książka is vrouwelijk.
To okno jest otwarte. Dit/dat raam staat open. Okno is onzijdig.
Ci ludzie są mili. Deze/die mensen zijn aardig. Mannelijk-persoonlijk meervoud.
Te kobiety pracują tutaj. Deze/die vrouwen werken hier. Niet-mannelijk-persoonlijk meervoud.
To jest dobre. Dit/dat is goed. To wordt zelfstandig gebruikt.
To są moje klucze. Dit zijn mijn sleutels. Vast to met het meervoudige .
Widzę tego psa codziennie. Ik zie deze/die hond elke dag. Mannelijk levend in de accusatief.
Widzę ten hotel z okna. Ik zie dit/dat hotel vanuit het raam. Mannelijk levenloos in de accusatief.
Kupuję tę książkę. Ik koop dit/dat boek. Vrouwelijke accusatief: .
Daję tej dziewczynie mapę. Ik geef dit/dat meisje een kaart. Datief na daję ‘ik geef’.
Rozmawiam z tym lekarzem. Ik praat met deze/die arts. Instrumentalis na z ‘met’.
Mieszkaliśmy w tamtym domu. We woonden in dat huis daar. Locatief na w ‘in’.
Nie znam tamtej kobiety. Ik ken die vrouw daar niet. Genitief na de ontkenning.
Wolisz te czy tamte? Heb je liever deze of die? Zelfstandig gebruikt, over meerdere niet-mannelijk-persoonlijke dingen.

Veelgemaakte fouten

De Nederlandse woordgeslachten volgen

  • Onjuist: to książka
  • Juist: ta książka
  • Waarom: De vorm volgt het Poolse geslacht. Książka is vrouwelijk, ook al is de Nederlandse vertaling het boek.

Ci voor ieder meervoud gebruiken

  • Onjuist: ci książki
  • Juist: te książki
  • Waarom: Ci hoort alleen bij het mannelijk-persoonlijk meervoud. Boeken, voorwerpen, dieren, vrouwen en kinderen krijgen in de nominatief te.

De basisvorm laten staan in het lijdend voorwerp

  • Onjuist: Widzę ten pies.
  • Juist: Widzę tego psa.
  • Waarom: Een mannelijke levende referent krijgt in de accusatief de vorm tego. Ook het zelfstandig naamwoord verandert: pies wordt psa.

Tą schrijven waar de standaardtaal tę verwacht

  • Onjuist in verzorgde standaardtaal: Kupuję tą książkę.
  • Juist: Kupuję tę książkę.
  • Waarom: is de standaardvorm van de vrouwelijke accusatief. hoort bij de instrumentalis, zoals in z tą książką. In alledaagse Poolse spreektaal hoor je ook vaak als accusatief, maar als leerder kun je in spreken én schrijven het best gebruiken.

Tamten automatisch voor ieder Nederlands die of dat kiezen

  • Minder natuurlijk zonder afstand of contrast: Podaj mi tamten długopis terwijl de pen vlakbij ligt.
  • Natuurlijker: Podaj mi ten długopis.
  • Waarom: Nederlands kiest vaak die/dat zonder sterk afstandscontrast. Pools gebruikt doorgaans ten/ta/to als neutrale aanwijzing; tamten maakt ‘die daar’ of ‘de andere’ duidelijk.

Gebruiksnotities

In een echte situatie bepaalt de context vaak hoe ten in het Nederlands wordt vertaald. Bij een voorwerp op tafel kan ten kubek ‘deze mok’ zijn. Als spreker en luisteraar al weten over welke mok het gaat, kan ‘die mok’ natuurlijker Nederlands zijn. Probeer daarom niet voor elke vorm één vaste Nederlandse vertaling uit het hoofd te leren.

Pools heeft geen apart lidwoordstelsel. Laat ten dus weg als je niets aanwijst: Mam samochód betekent gewoon ‘Ik heb een auto’. Mam ten samochód betekent eerder ‘Ik heb die auto’ of, afhankelijk van de context, ‘Ik heb de bedoelde auto’.

Tamten hoeft niet altijd om fysieke afstand te gaan. Het kan ook tijd of een tegenstelling aangeven: w tamtych czasach ‘in die tijd’ en ten problem, nie tamten ‘dit probleem, niet dat andere’. De afstand kan dus ruimtelijk, tijdelijk of mentaal zijn.

Verder dan de basis

De volgende punten hoef je op A1 nog niet actief te beheersen, maar je komt ze later wel tegen.

Zelfstandig gebruik

Een aanwijzend voornaamwoord kan zonder uitgesproken zelfstandig naamwoord staan als duidelijk is wat bedoeld wordt. De naamval en het geslacht blijven dan afhangen van het weggelaten woord:

  • Który sweter wybierasz? — Ten. — Welke trui kies je? — Deze/die.
  • Którą sukienkę kupujesz? — Tę. — Welke jurk koop je? — Deze/die.
  • Z kim rozmawiasz? — Z tamtym. — Met wie praat je? — Met die daar.

Daarom is de volledige verbuiging ook nuttig wanneer er geen zelfstandig naamwoord zichtbaar naast staat.

Ów in geschreven taal

In formele, verzorgde of literaire teksten kun je ów tegenkomen. Het betekent ongeveer ‘die genoemde’, ‘die bewuste’ of ‘die van toen’ en klinkt duidelijk stijver dan ten of tamten: ów człowiek ‘die bewuste man’. Voor alledaags spreken is dit woord niet nodig.

Taki is niet hetzelfde

Taki betekent meestal ‘zo’n’, ‘zulk’ of ‘van dat soort’, niet simpelweg ‘deze/die’:

  • Chcę ten telefon. — Ik wil deze/die telefoon, een specifiek exemplaar.
  • Chcę taki telefon. — Ik wil zo’n telefoon, dus een telefoon van dat type.

Dit verschil voorkomt een veelvoorkomende verwarring wanneer je niet een voorwerp, maar een soort of eigenschap bedoelt.

Oefentips

  1. Werk met voorwerpen om je heen. Wijs vijf dingen aan en combineer ze met hun Poolse geslacht: ten stół, ta lampa, to krzesło. Zet ze daarna in het meervoud.
  2. Oefen naamvallen in korte paren. Maak bijvoorbeeld ten pies → widzę tego psa, ta książka → kupuję tę książkę en to miasto → mieszkam w tym mieście. Zo leer je het aanwijzende woord samen met het zelfstandig naamwoord.
  3. Maak afstand zichtbaar. Leg twee voorwerpen neer en zeg afwisselend ten tutaj en tamten tam. Daarmee koppel je tamten aan een echt contrast in plaats van aan één vaste Nederlandse vertaling.

Verwante onderwerpen

Vereiste kennis

Geslacht van zelfstandige naamwoorden in het PoolsA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Zaimki Wskazujące in Pools met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Pools · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen