A1

Vragen over hoeveelheid en keuze in het Frans

Questions de Quantité et Sélection

languages.seo.contextNote

Kort gezegd

Gebruik combien voor een hoeveelheid of prijs en combien de + zelfstandig naamwoord voor een aantal: Combien ça coûte ? en Combien de billets voulez-vous ? Gebruik quel, quelle, quels of quelles als je vraagt welke persoon of zaak bedoeld wordt; de vorm past zich aan het geslacht en getal van het zelfstandig naamwoord aan.

Overzicht

Wie in het Frans naar een hoeveelheid vraagt, heeft geen apart onderscheid zoals het Nederlandse hoeveel en hoeveel stuks nodig. Combien kan zowel ‘hoeveel’ als ‘hoeveel geld’ betekenen. Staat er direct een zelfstandig naamwoord achter — een woord voor een persoon, dier, voorwerp of begrip — dan komt daar de tussen: combien de personnes, combien de temps.

Voor een keuze of identificatie gebruik je quel. Dat komt vaak overeen met Nederlands welk/welke, maar ook met wat in vaste vragen zoals ‘Hoe laat is het?’ en ‘Hoe oud ben je?’. Daardoor kun je Nederlandse zinnen niet altijd woord voor woord omzetten: Frans vraagt letterlijk welke tijd en welke leeftijd.

Dit onderwerp hoort bij A1, omdat je deze vormen meteen nodig hebt in winkels, hotels, gesprekken en formulieren. De beginnersregel is overzichtelijk: combien (de) vraagt naar een hoeveelheid; quel vraagt om een keuze of nadere bepaling. Later komen er verfijningen bij, zoals formele inversie, combien des en het zelfstandige voornaamwoord lequel.

Hoe het werkt

Combien zonder zelfstandig naamwoord

Gebruik combien alleen wanneer het gevraagde aantal of bedrag al duidelijk is, of wanneer je naar een prijs vraagt.

  • Combien ça coûte ? — Hoeveel kost dat?
  • Vous en voulez combien ? — Hoeveel wilt u/ wil je er?
  • Ils sont combien ? — Met hoeveel zijn ze?

Combien verandert niet: er bestaan geen mannelijke, vrouwelijke of meervoudsvormen. In een korte winkelvraag kan Combien ? simpelweg ‘Hoeveel?’ of ‘Hoeveel kost het?’ betekenen, afhankelijk van de situatie.

Combien de voor een naamwoord

Komt er een zelfstandig naamwoord achter, dan is het patroon:

combien de + zelfstandig naamwoord + vraagzin

Patroon Frans voorbeeld Betekenis
combien de + telbaar meervoud combien de pommes hoeveel appels
combien de + niet-telbare stof combien de café hoeveel koffie
combien de + tijdsbegrip combien de temps hoeveel tijd / hoelang
combien de + bedragseenheid combien d’euros hoeveel euro

Voor een klinker of een stomme h wordt de ingekort tot d’: combien d’amis, combien d’heures. Normaal staat er geen un, une, du, de la of des tussen de en het naamwoord. Vergelijk:

  • Tu as trois frères. — Je hebt drie broers.
  • Combien de frères as-tu ? — Hoeveel broers heb je?

Dat verschilt van het Nederlands, waar ‘hoeveel broers’ zonder extra voorzetsel wordt gevormd. Leer combien de daarom als één vast blok.

De vier vormen van quel

Quel is een vragend bijvoeglijk woord: het staat bij een zelfstandig naamwoord en zegt over welk exemplaar of welke categorie je informatie wilt. Het past zich aan het grammaticale geslacht (mannelijk of vrouwelijk) en het getal (enkelvoud of meervoud) van dat naamwoord aan.

Enkelvoud Meervoud
Mannelijk quel quels
Vrouwelijk quelle quelles

Voorbeelden:

  • quel train — welke trein
  • quelle adresse — welk adres
  • quels documents — welke documenten
  • quelles chaussures — welke schoenen

De Nederlandse vorm helpt je niet om de Franse vorm te kiezen. Nederlands het adres is onzijdig, maar Frans adresse is vrouwelijk: quelle adresse. Je moet dus het geslacht van het Franse naamwoord kennen.

Quel direct bij het naamwoord

Meestal staat de vorm van quel direct vóór het zelfstandig naamwoord:

quel/quelle/quels/quelles + zelfstandig naamwoord + vraagzin

  • Quel film regardez-vous ? — Welke film kijkt u?
  • Quelle couleur préfères-tu ? — Welke kleur heb je liever?
  • Quels jours travaillez-vous ? — Op welke dagen werkt u?
  • Quelles langues parle-t-elle ? — Welke talen spreekt zij?

Het voorzetsel dat in het antwoord nodig is, kan vóór quel staan: À quelle heure ? (‘Hoe laat?’), Dans quel hôtel ? (‘In welk hotel?’), Avec quels collègues ? (‘Met welke collega’s?’).

Quel met être

Bij être (‘zijn’) kan quel van het naamwoord gescheiden staan. Toch blijft het ermee overeenstemmen:

  • Quelle est votre adresse ? — Wat is uw adres?
  • Quels sont vos projets ? — Wat zijn uw plannen?

Hier is quelle of quels geen zelfstandig woord: de vorm wordt nog steeds bepaald door adresse of projets. Let ook op het werkwoord: est bij enkelvoud, sont bij meervoud.

Dezelfde drie vraagvormen

Net als bij andere Franse vragen kun je intonatie, est-ce que of inversie gebruiken. Inversie betekent dat het werkwoord vóór het onderwerp komt.

Vraagvorm Met combien Met quel
Gesproken taal, intonatie Ça coûte combien ? Tu veux quel dessert ?
Neutraal en duidelijk Combien est-ce que ça coûte ? Quel dessert est-ce que tu veux ?
Verzorgd of formeel Combien cela coûte-t-il ? Quel dessert veux-tu ?

Voor beginners is est-ce que vaak het veiligste patroon: de gewone woordvolgorde blijft intact. Vragen met alleen intonatie zijn heel normaal in gesprekken. Inversie komt veel voor in verzorgde vragen, maar hoeft niet in elke alledaagse zin.

Belangrijke vaste vragen

Sommige combinaties leer je het best als geheel:

Frans Natuurlijk Nederlands Letterlijke gedachte
Quel âge as-tu ? Hoe oud ben je? Welke leeftijd heb je?
Quelle heure est-il ? Hoe laat is het? Welk uur is het?
À quelle heure part-on ? Hoe laat vertrekken we? Op welk uur vertrekken we?
Combien de temps restez-vous ? Hoelang blijft u? Hoeveel tijd blijft u?
Quel est votre nom ? Wat is uw naam? Welke is uw naam?

Bij leeftijd gebruikt het Frans avoir (‘hebben’), niet être. Daarom is Quel âge es-tu ? fout.

Voorbeelden in context

Frans Nederlands Toelichting
Combien ça coûte ? Hoeveel kost dat? combien vraagt naar de prijs.
Combien coûte ce billet ? Hoeveel kost dit kaartje? Het werkwoord kan direct na combien staan.
Combien de frères as-tu ? Hoeveel broers heb je? de staat vóór het naamwoord.
Combien d’heures dure le trajet ? Hoeveel uur duurt de reis? de wordt d’ vóór een klinker.
Vous voulez combien de café ? Hoeveel koffie wilt u? Ook bij een niet-telbare hoeveelheid.
Combien de personnes viennent ce soir ? Hoeveel mensen komen er vanavond? De hoeveelheid vormt hier het onderwerp.
Quel âge a votre fille ? Hoe oud is uw dochter? Frans gebruikt avoir bij leeftijd.
Quelle heure est-il ? Hoe laat is het? Vaste combinatie met vrouwelijk heure.
À quelle heure ferme le musée ? Hoe laat sluit het museum? Het voorzetsel à blijft staan.
Quel train va à Lyon ? Welke trein gaat naar Lyon? Keuze uit of identificatie van treinen.
Quelle taille cherchez-vous ? Welke maat zoekt u? taille is vrouwelijk enkelvoud.
Quels plats sont végétariens ? Welke gerechten zijn vegetarisch? plats is mannelijk meervoud.
Quelles photos veux-tu garder ? Welke foto’s wil je bewaren? photos is vrouwelijk meervoud.
Quel est votre numéro de téléphone ? Wat is uw telefoonnummer? quel stemt af op mannelijk numéro.
Vous êtes combien à table ? Met hoeveel zijn jullie aan tafel? Informele, veelgebruikte manier om groepsgrootte te vragen.

Veelgemaakte fouten

De vergeten de na combien

  • Fout: Combien livres avez-vous ?
  • Goed: Combien de livres avez-vous ?
  • Waarom: vóór een zelfstandig naamwoord heeft combien normaal de nodig. Het Nederlandse ‘hoeveel boeken’ bevat geen voorzetsel, waardoor Nederlandstaligen dit gemakkelijk vergeten.

Een lidwoord toevoegen na combien de

  • Fout: Combien des billets voulez-vous ? als algemene vraag
  • Goed: Combien de billets voulez-vous ?
  • Waarom: bij een gewone, onbepaalde hoeveelheid staat direct de + naamwoord. Combien des bestaat wel in een beperktere betekenis en wordt hieronder bij de gevorderde uitleg behandeld.

Quel niet laten overeenstemmen

  • Fout: Quel heure est-il ?
  • Goed: Quelle heure est-il ?
  • Waarom: heure is vrouwelijk enkelvoud, dus je kiest quelle. De uitspraak van quel en quelle is hetzelfde; in schrift moet het verschil wel zichtbaar zijn.

Leeftijd met être vormen

  • Fout: Quel âge es-tu ?
  • Goed: Quel âge as-tu ?
  • Waarom: Frans zegt letterlijk dat iemand een leeftijd heeft: avoir un âge. Nederlands gebruikt juist ‘zijn’, dus dit is een belangrijke vaste tegenstelling.

Combien de verwarren met à quelle heure

  • Minder passend: Combien de temps part le train ?
  • Goed: À quelle heure part le train ?
  • Waarom: vraag je naar een tijdstip, dan gebruik je à quelle heure. Combien de temps vraagt naar een duur: Combien de temps dure le trajet ?

Quel zelfstandig gebruiken waar lequel nodig is

  • Fout: Quel préfères-tu ? zonder naamwoord
  • Goed: Lequel préfères-tu ? — Welke heb je liever?
  • Waarom: quel hoort normaal bij een genoemd naamwoord. Als ‘welke’ het naamwoord volledig vervangt, gebruikt het Frans meestal lequel, laquelle, lesquels of lesquelles.

Gebruiksnotities

In een gesprek staat combien vaak achteraan: Ça coûte combien ? en Vous en prenez combien ? Dat klinkt natuurlijk en alledaags. Een vooropgeplaatst combien met inversie — Combien coûte ce modèle ? — is compact en verzorgd, bijvoorbeeld in een winkel of in geschreven taal. Beide zijn correct.

Bij quel klinkt Tu prends quel bus ? heel gewoon in informele spreektaal. Quel bus est-ce que tu prends ? is neutraal en expliciet; Quel bus prends-tu ? is verzorgder. Kies dus niet alleen op basis van grammaticale correctheid, maar ook op basis van de situatie.

Franse typografie zet normaal een spatie vóór een vraagteken: Quelle heure est-il ? In digitale berichten zie je die spatie soms ontbreken. Dat verandert de grammatica niet, maar in verzorgd Frans is de spatie de gebruikelijke schrijfwijze.

Let ten slotte op het verschil tussen combien en quel prix. Combien coûte la chambre ? is de gewone vraag ‘Hoeveel kost de kamer?’. Quel est le prix de la chambre ? betekent ‘Wat is de prijs van de kamer?’ en klinkt iets zakelijker, maar vraagt naar dezelfde informatie.

Verder dan de basis

De volgende punten hoef je op A1 nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later tegenkomen.

Combien des bij een afgebakende groep

De combinatie combien des kan correct zijn wanneer de wordt gevolgd door les en de vraag ‘hoeveel van de ...’ betekent:

  • Combien des invités sont déjà arrivés ? — Hoeveel van de gasten zijn al aangekomen?
  • Combien de ces invités sont déjà arrivés ? — Hoeveel van deze gasten zijn al aangekomen?

Vergelijk dit met Combien d’invités sont arrivés ? (‘Hoeveel gasten zijn aangekomen?’), zonder vooraf bepaalde groep. Gebruik voor de beginnersbetekenis ‘hoeveel + naamwoord’ dus gewoon combien de.

Combien als uitroep

Combien kan in verzorgde of literaire taal een sterke graad uitdrukken:

  • Combien de fois te l’ai-je dit ! — Hoe vaak heb ik je dat niet gezegd!
  • Combien ce paysage est beau ! — Wat is dit landschap mooi!

In alledaagse spreektaal zijn andere uitroepvormen vaak gebruikelijker. Herkennen is voorlopig belangrijker dan zelf gebruiken.

Quel als uitroep

Ook de vier vormen van quel kunnen een uitroep inleiden. De overeenkomst blijft gelden:

  • Quelle bonne idée ! — Wat een goed idee!
  • Quels beaux jardins ! — Wat een mooie tuinen!

Hier wordt niets gevraagd. Toon en uitroepteken maken duidelijk dat het om bewondering, verrassing of een andere reactie gaat.

Quel of lequel

Quel staat bij een naamwoord: Quelle robe préfères-tu ? Lequel vervangt het naamwoord wanneer de mogelijke zaken al bekend zijn: Laquelle préfères-tu ? De vormen van lequel stemmen eveneens overeen met geslacht en getal. Dit onderscheid lijkt op Nederlands ‘welke jurk?’ tegenover ‘welke?’, maar het Frans markeert het grammaticaal duidelijker.

Overeenkomst als het naamwoord later komt

In vragen met être kan het woord dat de vorm bepaalt later staan:

  • Quelle est la meilleure solution ?
  • Quelles sont les conditions ?

Je moet dus soms vooruitdenken voordat je quel uitspreekt of schrijft. In spontaan spreken helpt het om zulke patronen als vaste woordgroepen te oefenen: Quel est le... ?, Quelle est la... ?, Quels sont les... ?, Quelles sont les... ?

Oefentips

  1. Maak vier persoonlijke vragen met quel. Kies één mannelijk enkelvoud, vrouwelijk enkelvoud, mannelijk meervoud en vrouwelijk meervoud: Quel livre... ? Quelle ville... ? Quels sports... ? Quelles langues... ? Zo oefen je de vorm samen met het naamwoord.
  2. Train combien de als één geheel. Kijk om je heen en vraag: Combien de chaises ? Combien de fenêtres ? Combien d’ordinateurs ? Laat de/d’ nooit weg, ook niet wanneer het Nederlands daar geen voorzetsel heeft.
  3. Oefen tijdstip tegenover duur. Maak telkens een paar: À quelle heure commence le film ? en Combien de temps dure le film ? Daarmee voorkom je een veelvoorkomende verwarring.

Verwante onderwerpen

  • Voorkennis: Basisvragen — behandelt vraagwoorden en de drie basismanieren om Franse vragen te vormen.

languages.concept.prerequisite

Basisvragen in het FransA1

languages.concept.related

languages.concept.otherLanguages

languages.concept.compareLanguages

languages.cta.conceptText

languages.cta.practiceConceptButton