A1

Poder in het Spaans: kunnen en mogen

El Verbo Poder

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Spaans op Settemila Lingue.


concept: es-a1-poder lang: es ui: nl title: Poder in het Spaans: kunnen en mogen description: >- Leer poder gebruiken voor kunnen, mogen en mogelijkheid: alle vormen in de tegenwoordige tijd, duidelijke voorbeelden en veelgemaakte fouten. generation: article: version: native-ui-reference-v3.1 model: openai-codex/gpt-5.6-sol at: 2026-07-12T15:57:51Z reviews: spell-check: status: flagged at: 2026-07-12T15:57:50Z score: 0.0022 score-english: 0 score-coverage: 0.0022 suspects: ["onderwerpvoornaamwoorden", "puedemos", "ue", "vastgeschreven"] criteria: v7 language-mixing: status: clean at: 2026-07-12T15:59:27Z criteria: v2


Kort gezegd

Poder betekent meestal kunnen of mogen. In de tegenwoordige tijd zeg je puedo, puedes, puede, podemos, podéis, pueden; daarna komt doorgaans een infinitief (het hele werkwoord): Puedo venir betekent ‘Ik kan komen’. Let op de stamwisseling o → ue, behalve bij nosotros en vosotros.

Overzicht

Poder is een van de nuttigste Spaanse werkwoorden. Je gebruikt het om te zeggen dat iemand ergens toe in staat is, toestemming heeft of dat iets mogelijk is. Daardoor kan dezelfde Spaanse vorm in het Nederlands nu eens kunnen en dan weer mogen betekenen. De situatie maakt meestal duidelijk welke vertaling past: ¿Puedo entrar? is eerder ‘Mag ik binnenkomen?’ dan ‘Kan ik binnenkomen?’.

Dit werkwoord hoort bij de basisstof van niveau A1. Het is een modaal werkwoord: een werkwoord dat de betekenis van een ander werkwoord aanvult met bijvoorbeeld mogelijkheid of toestemming. In Podemos esperar draagt esperar de concrete betekenis ‘wachten’, terwijl podemos aangeeft dat dit mogelijk is.

Voor Nederlandstaligen is de zinsbouw gelukkig vaak herkenbaar: vervoegde vorm van poder + heel werkwoord lijkt op kunnen/mogen + heel werkwoord. Het belangrijkste verschil is dat het Spaans poder naar persoon vervoegt en daarbij in een deel van de vormen de klinker van de stam verandert.

Hoe het werkt

De tegenwoordige tijd

De infinitief is poder. Haal je de uitgang -er weg, dan blijft de stam pod- over. In de beklemtoonde vormen verandert de o in ue: pued-. Bij nosotros en vosotros ligt de klemtoon niet op de stam en blijft de o staan.

Persoon Vorm Nederlandse betekenis
yo puedo ik kan / mag
puedes jij kunt / mag
él, ella, usted puede hij/zij kan of mag; u kunt/mag
nosotros, nosotras podemos wij kunnen / mogen
vosotros, vosotras podéis jullie kunnen / mogen
ellos, ellas, ustedes pueden zij kunnen/mogen; jullie kunnen/mogen

De onderwerpvoornaamwoorden (yo, tú, él enzovoort) mogen meestal weg, omdat de werkwoordsvorm al laat zien wie bedoeld wordt: No puedo ir is volledig en natuurlijk. Zet het voornaamwoord erbij als je nadruk of een tegenstelling wilt: Yo puedo, pero ella no puede — ‘Ik kan wel, maar zij niet.’

Poder met een infinitief

Het basispatroon is:

persoon + poder + infinitief + overige informatie

  • Ana puede conducir. — Ana kan autorijden.
  • Podemos hablar mañana. — We kunnen morgen praten.
  • ¿Puedes abrir la ventana? — Kun je het raam openen?

Alleen poder wordt vervoegd. Het tweede werkwoord blijft in de infinitief: dus puedo hablar, niet puedo hablo. Tussen poder en de infinitief komt geen voorzetsel zoals a of de.

Drie kernbetekenissen

1. Vermogen of praktische mogelijkheid

Hier betekent poder dat iemand in staat is iets te doen of dat de omstandigheden het toelaten.

  • Sé nadar, pero hoy no puedo nadar. — Ik kan zwemmen, maar vandaag kan ik niet zwemmen.
  • No podemos pagar en efectivo. — We kunnen niet contant betalen.

Het eerste voorbeeld laat een nuttig verschil zien. Saber + infinitief gaat vaak over een aangeleerde vaardigheid: je weet hoe iets moet. Poder + infinitief gaat over de mogelijkheid op dit moment of in deze situatie. Sé conducir betekent ‘Ik kan autorijden’ in de zin dat ik het geleerd heb; Puedo conducir esta noche betekent dat ik vanavond kan rijden.

2. Toestemming

In vragen komt poder vaak overeen met Nederlands mogen:

  • ¿Puedo usar tu teléfono? — Mag ik je telefoon gebruiken?
  • ¿Podemos sentarnos aquí? — Mogen we hier zitten?

Ook bij het geven of weigeren van toestemming gebruik je poder: Puedes pasar (‘Je mag binnenkomen’) en No puedes fumar aquí (‘Je mag hier niet roken’). De Nederlandse keuze tussen kunnen en mogen zit dus niet rechtstreeks in een aparte Spaanse vorm.

3. Mogelijkheid of kans

Met een gebeurtenis als onderwerp drukt poder uit dat iets mogelijk is:

  • El tren puede llegar tarde. — De trein kan te laat aankomen.
  • Puede llover esta tarde. — Het kan vanmiddag regenen.

In zulke zinnen is er niet per se een persoon die iets kan. De hele gebeurtenis wordt als mogelijkheid voorgesteld.

Vragen en ontkenningen

Voor een ja-neevraag hoef je de woordvolgorde niet drastisch te veranderen. In schrift geven de omgekeerde vraagtekens de vraag aan; in gesproken taal helpt de intonatie:

  • ¿Puedes venir? — Kun je komen?
  • ¿Usted puede esperar un momento? — Kunt u even wachten?

Voor een ontkenning zet je no direct vóór de vervoegde vorm van poder:

  • No puedo venir. — Ik kan niet komen.
  • No pueden quedarse. — Ze kunnen niet blijven.

Let op een verschil met het Nederlands: het Nederlandse losse deel niet staat vaak later in de zin, maar Spaans no staat vóór puedo, puedes, puede enzovoort.

Voornaamwoorden bij de infinitief

Een onbeklemtoond voornaamwoord zoals me, te, lo, la of nos kan vóór de vervoegde vorm staan of aan de infinitief worden vastgeschreven. Beide varianten zijn correct:

  • ¿Me puedes ayudar? = ¿Puedes ayudarme? — Kun je me helpen?
  • Lo podemos hacer. = Podemos hacerlo. — We kunnen het doen.

Meng de twee plaatsen niet: gebruik dus niet tegelijk me vóór puedes én -me achter ayudar.

Voorbeelden in context

Spaans Nederlands Opmerking
¿Puedo ayudarte? Kan ik je helpen? Aanbod; -te staat achter de infinitief.
No puedo venir esta noche. Ik kan vanavond niet komen. Ontkenning met no vóór puedo.
¿Podemos entrar? Mogen we binnenkomen? Vraag om toestemming.
No pueden quedarse. Ze kunnen niet blijven. Derde persoon meervoud.
Marta puede hablar con el médico. Marta kan met de arts praten. Praktische mogelijkheid.
¿Puedes cerrar la puerta, por favor? Kun je de deur sluiten, alsjeblieft? Beleefd verzoek.
Usted puede pagar con tarjeta. U kunt met een kaart betalen. Formele aanspreekvorm.
Hoy no podemos usar la cocina. Vandaag kunnen we de keuken niet gebruiken. Podemos houdt de o.
¿Podéis venir el sábado? Kunnen jullie zaterdag komen? Vosotros-vorm, vooral in Spanje.
Los niños pueden jugar aquí. De kinderen mogen hier spelen. Toestemming; Nederlands gebruikt mogen.
El autobús puede llegar tarde. De bus kan te laat komen. Mogelijkheid, geen vaardigheid.
Puede hacer frío por la noche. Het kan ’s nachts koud zijn. Onpersoonlijke mogelijkheid.
Yo puedo cocinar, pero no sé conducir. Ik kan koken, maar ik kan niet autorijden. De tweede betekenis is ‘niet weten hoe’.
¿Me puedes repetir la dirección? Kun je het adres voor me herhalen? Voornaamwoord vóór puedes.

Veelgemaakte fouten

De stamwisseling overal toepassen

  • Fout: Nosotros puedemos salir.
  • Goed: Nosotros podemos salir.
  • Waarom: De o → ue-wisseling komt niet voor bij nosotros en vosotros: podemos, podéis. In de andere vormen staat ue.

De stamwisseling vergeten

  • Fout: Yo podo ayudarte.
  • Goed: Yo puedo ayudarte.
  • Waarom: In yo, tú, él/ella/usted en ellos/ellas/ustedes is de stam beklemtoond en wordt pod- dus pued-.

Ook het tweede werkwoord vervoegen

  • Fout: No puedo vengo mañana.
  • Goed: No puedo venir mañana.
  • Waarom: Na de vervoegde vorm van poder volgt de infinitief: venir, hablar, hacer. Dit lijkt op Nederlands ‘ik kan komen’, waar komen ook het hele werkwoord blijft.

Een voorzetsel toevoegen

  • Fout: ¿Puedes a abrir la ventana?
  • Goed: ¿Puedes abrir la ventana?
  • Waarom: Poder sluit rechtstreeks aan op de infinitief. Er komt geen a of de tussen.

Kunnen en mogen woord voor woord uit elkaar houden

  • Onnatuurlijk gedacht: Spaans moet voor Nederlands mogen altijd een ander werkwoord hebben.
  • Goed: ¿Puedo entrar? — Mag ik binnenkomen?
  • Waarom: Poder bestrijkt zowel mogelijkheid als toestemming. Kies de Nederlandse vertaling op basis van de situatie, niet op basis van één vaste woordenboekbetekenis.

Poder gebruiken voor een aangeleerde vaardigheid zonder context

  • Minder precies: Puedo nadar als je alleen wilt zeggen dat je hebt leren zwemmen.
  • Preciezer: Sé nadar.
  • Waarom: Saber + infinitief benadrukt dat je weet hoe iets moet. Poder past beter bij feitelijke mogelijkheid: Hoy puedo nadar (‘Vandaag kan ik zwemmen’). In gewone gesprekken kan de grens soms minder scherp zijn, maar dit onderscheid voorkomt veel verwarring.

Gebruiksnotities

Verzoeken klinken niet automatisch even beleefd

¿Puedes ayudarme? is een gewoon verzoek aan iemand die je met aanspreekt. Tegen een onbekende, klant of oudere kan ¿Puede ayudarme? met de formele aanspreekvorm usted passender zijn. Voeg por favor toe als dat in de situatie natuurlijk is. De grammaticale vorm alleen bepaalt dus niet de hele beleefdheid; toon en aanspreekvorm tellen mee.

Vosotros en ustedes

In Spanje wordt podéis veel gebruikt voor informeel ‘jullie’. In een groot deel van Latijns-Amerika gebruikt men ustedes pueden voor zowel formeel als informeel meervoud. Beide systemen zijn correct. Als beginner hoef je vooral de variant te herkennen die je in je leeromgeving het vaakst hoort.

Soms staat poder zonder uitgesproken infinitief

Als uit de context duidelijk is welke handeling bedoeld wordt, kan de infinitief worden weggelaten:

  • ¿Puedes venir mañana? — Sí, puedo. — Kun je morgen komen? — Ja, dat kan.
  • Yo no puedo. — Ik kan niet.

Het ontbrekende werkwoord wordt dan uit de vorige zin of uit de situatie aangevuld.

Verder dan de basis

De volgende vormen hoef je op A1 nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later vaak tegenkomen. Ze laten zien dat poder niet alleen in de tegenwoordige tijd wordt gebruikt.

Vorm Voorbeeld Hoofdbetekenis
podía (onvoltooid verleden tijd) Antes podía correr diez kilómetros. Vroeger kon ik tien kilometer lopen; achtergrond of duurzame mogelijkheid.
pude (afgesloten verleden) Al final pude hablar con ella. Uiteindelijk lukte het mij met haar te praten.
he podido (voltooide tijd) No he podido dormir. Ik heb niet kunnen slapen.
podría (voorwaardelijke wijs) ¿Podría ayudarme? Zou u mij kunnen helpen?; beleefder of hypothetisch.
pueda (aanvoegende wijs) Espero que pueda venir. Ik hoop dat hij/zij kan komen.

Vooral het verschil tussen podía en pude is belangrijk. Podía hacerlo beschrijft doorgaans een vermogen of mogelijkheid in het verleden. Pude hacerlo presenteert de handeling als een afgerond resultaat en betekent vaak ‘het lukte me om het te doen’. Bij een ontkenning kan no pude betekenen dat een concrete poging niet lukte: No pude abrir la puerta — ‘Het lukte me niet de deur te openen.’

Een veelvoorkomende constructie is puede que + aanvoegende wijs. De aanvoegende wijs is een werkwoordsvorm voor onder meer onzekerheid, wens of beoordeling. Puede que llueva betekent ‘Misschien regent het’ of ‘Het kan zijn dat het gaat regenen’. Vergelijk dat met Puede llover: ook ‘Het kan regenen’, maar rechtstreeks opgebouwd met poder + infinitief.

Verder bestaan vaste combinaties zoals no poder evitar + infinitief (‘niet kunnen voorkomen/nalaten’): No puedo evitar reírme — ‘Ik kan het niet laten te lachen.’ Zie zulke combinaties eerst als herkenningsstof; de A1-kern blijft eenvoudig: kies de juiste vorm van poder en zet er een infinitief achter.

Oefentips

  1. Leer de vormen in twee groepen. Zeg eerst puedo, puedes, puede, pueden met ue en daarna podemos, podéis met o. Zo onthoud je de uitzondering beter dan wanneer je zes losse vormen uit het hoofd leert.
  2. Maak per situatie drie zinnen. Schrijf één zin over vermogen, één vraag om toestemming en één zin over mogelijkheid, bijvoorbeeld Puedo cocinar, ¿Puedo abrir la ventana? en Puede llover. Zo leer je dat één Spaans werkwoord meerdere Nederlandse vertalingen heeft.
  3. Oefen met korte antwoorden en voornaamwoorden. Wissel ¿Me puedes ayudar? af met ¿Puedes ayudarme? en antwoord met Sí, puedo of No, no puedo. Daarmee train je tegelijk natuurlijke woordvolgorde en luisterherkenning.

Verwante onderwerpen

  • Voorkennis: Regelmatige werkwoorden op -ar — helpt je herkennen hoe Spaanse werkwoorden van vorm veranderen, ook al is poder zelf een onregelmatig werkwoord op -er.

Vereiste kennis

Regelmatige werkwoorden op -ar in het SpaansA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen El Verbo Poder in Spaans met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Spaans · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen