B2

Complexe voorwaardelijke zinnen in het Welsh

Amodau Cymhleth

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Welsh op Settemila Lingue.

In het kort

Voor een onwerkelijke of denkbeeldige voorwaarde gebruikt het Welsh vaak pe: Pe baswn i'n gyfoethog, baswn i'n teithio betekent ‘Als ik rijk was, zou ik reizen.’ Gaat het om een niet-gebeurd verleden, dan komt wedi erbij: Pe bawn i wedi gwybod, faswn i wedi dod — ‘Als ik het had geweten, was ik gekomen.’

Overzicht

Complexe voorwaardelijke zinnen beschrijven niet simpelweg wat er mogelijk gaat gebeuren, maar wat er zou gebeuren in een verzonnen of onwaarschijnlijke situatie, of wat er zou zijn gebeurd als het verleden anders was gelopen. Zo'n zin bestaat meestal uit een voorwaardelijke bijzin (het deel met ‘als’) en een hoofdzin (het gevolg). Op B2-niveau leer je de tijdsverhouding tussen die twee delen nauwkeurig uitdrukken.

In het Nederlands gebruiken we doorgaans vormen als ‘als ik rijk was, zou ik reizen’ en ‘als ik het had geweten, zou ik zijn gekomen’. Het Welsh zet voor zulke onwerkelijke voorwaarden meestal pe aan het begin. Daarnaast gebruikt het vormen van bod (‘zijn’), zoals baswn of bawn, om de persoon en de voorwaardelijke betekenis aan te geven.

Dit onderwerp bouwt voort op de gewone voorwaardelijke wijs (een werkwoordsvorm voor ‘zou’), bijvoorbeeld Baswn i'n mynd ‘Ik zou gaan’. Het nieuwe is dat je zo'n gevolg koppelt aan een expliciete voorwaarde en ook onderscheid maakt tussen een denkbeeldig heden en een niet-gebeurd verleden.

Zo werkt het

De twee hoofdpatronen

Betekenis Voorwaarde met pe Gevolg Nederlands patroon
Denkbeeldig heden of toekomst pe + voorwaardelijke vorm + yn + aanvulling voorwaardelijke vorm + yn + werkwoordelijk naamwoord als … was/deed, zou …
Niet-gebeurd verleden pe + bawn/baset/bai… + wedi + werkwoordelijk naamwoord baswn/baset/basai… + wedi + werkwoordelijk naamwoord als … had gedaan, zou … hebben gedaan

Een werkwoordelijk naamwoord is de Welshe basisvorm waarmee je na hulpwerkwoorden een handeling noemt, zoals mynd ‘gaan’, gwybod ‘weten’ of darllen ‘lezen’. Het gedraagt zich niet precies als een Nederlandse infinitief, maar in deze patronen is ‘hele werkwoord’ een bruikbare eerste vergelijking.

Tweede voorwaarde: een onwerkelijk heden

Het kernschema is:

Pe + voorwaardelijke vorm van bod + onderwerp + yn + aanvulling, voorwaardelijke vorm van bod + onderwerp + yn + werkwoordelijk naamwoord.

In Pe baswn i'n gyfoethog, baswn i'n teithio staat de rijkdom als veronderstelling tegenover het denkbeeldige gevolg. De spreker zegt niet dat hij rijk is; de situatie wordt juist op afstand gezet.

De apostrof in i'n vertegenwoordigt hier meestal yn: baswn i + yn + cyfoethog wordt baswn i'n gyfoethog. Voor een werkwoordelijke handeling gebeurt hetzelfde: baswn i'n teithio. Laat yn dus niet weg doordat het Nederlands geen los woord op die plek heeft.

Veelgebruikte voorwaardelijke vormen van bod zijn:

Persoon Vorm Betekenis in een gevolgzin
ik baswn i ik zou
jij baset ti jij zou
hij/zij/het basai fe/hi hij/zij/het zou
wij basen ni wij zouden
u/jullie basech chi u/jullie zouden
zij basen nhw zij zouden

In teksten en in verschillende regionale varianten kun je andere vormen tegenkomen, waaronder vormen met bydd- of kortere vormen zonder s. Voor dit onderwerp zijn de gegeven *bas-*vormen een helder en productief uitgangspunt. Bij de derde voorwaarde is vooral bawn i zeer gebruikelijk in het deel met pe.

Derde voorwaarde: een niet-gebeurd verleden

Voor een voorwaarde die in het verleden niet is vervuld, gebruik je wedi (‘na’, hier onderdeel van een voltooide werkwoordsvorm):

Pe + bawn-vorm + onderwerp + wedi + werkwoordelijk naamwoord, bas-vorm + onderwerp + wedi + werkwoordelijk naamwoord.

  • Pe bawn i wedi gwybod … — Als ik het had geweten …
  • … baswn i wedi dod. — … zou ik zijn gekomen.

wedi komt direct voor het werkwoordelijk naamwoord: wedi gwybod, wedi dod, wedi gorffen. Er komt in dit voltooide patroon geen yn tussen. Vergelijk:

Niet-voltooid, denkbeeldig Voltooid, niet gebeurd
baswn i'n dod — ik zou komen baswn i wedi dod — ik zou zijn gekomen
basai hi'n prynu — zij zou kopen basai hi wedi prynu — zij zou hebben gekocht
basen ni'n gorffen — wij zouden afronden basen ni wedi gorffen — wij zouden hebben afgerond

Dit verschil is belangrijk voor Nederlandstaligen. Het Nederlandse ‘zou hebben gedaan’ bevat zowel zou als hebben; in het Welsh draagt de vorm van bod de voorwaardelijke betekenis en markeert wedi dat de handeling voltooid is.

Pe tegenover os

os betekent ook ‘als’, maar wordt vooral gebruikt voor een open, reële mogelijkheid: Os bydd hi'n braf, awn ni am dro — ‘Als het mooi weer is, gaan we wandelen.’ Met pe presenteer je de voorwaarde als denkbeeldig, onwaarschijnlijk of strijdig met de feiten: Pe basai'n braf, basen ni'n mynd — ‘Als het mooi weer was, zouden we gaan.’

De Nederlandse voegwoordkeuze helpt hier niet: het Nederlands gebruikt in beide gevallen ‘als’. Je moet dus naar de bedoeling kijken. Is de mogelijkheid nog gewoon open, dan ligt os voor de hand; bouw je een hypothetische wereld of kijk je terug op iets dat niet gebeurd is, dan past pe.

Ontkenning

ddim maakt het werkwoordelijke deel ontkennend. De precieze plaats volgt het gewone patroon rond bod:

  • Pe baswn i ddim yn gweithio, baswn i'n teithio mwy. — Als ik niet werkte, zou ik meer reizen.
  • Pe bawn i ddim wedi colli'r trên, baswn i wedi cyrraedd yn brydlon. — Als ik de trein niet had gemist, was ik op tijd aangekomen.
  • Fasen ni ddim yn aros. — We zouden niet blijven.

Let op het verschil tussen ddim yn gweithio bij een niet-voltooide handeling en ddim wedi colli bij een voltooide handeling.

Voorbeelden in context

Welsh Nederlands Toelichting
Pe baswn i'n gyfoethog, baswn i'n teithio. Als ik rijk was, zou ik reizen. Denkbeeldige huidige situatie.
Pe basai'n braf, basen ni'n mynd. Als het mooi weer was, zouden we gaan. Onwerkelijke of onwaarschijnlijke voorwaarde.
Pe baset ti'n byw'n nes, baswn i'n ymweld yn amlach. Als je dichterbij woonde, zou ik vaker langskomen. De twee zinsdelen hebben verschillende personen.
Pe basai hi'n siarad Cymraeg, basai hi'n deall y rhaglen. Als zij Welsh sprak, zou ze het programma begrijpen. Twee gelijktijdige denkbeeldige situaties.
Pe basen ni ddim yn gweithio yfory, basen ni'n mynd i'r môr. Als we morgen niet hoefden te werken, zouden we naar zee gaan. Ontkenning met ddim yn.
Pe bawn i wedi gwybod, faswn i wedi dod. Als ik het had geweten, zou ik zijn gekomen. Niet-vervulde voorwaarde in het verleden.
Pe bawn i wedi codi'n gynharach, baswn i wedi dal y trên. Als ik eerder was opgestaan, zou ik de trein hebben gehaald. Beide handelingen liggen in het verleden.
Pe bai hi wedi ffonio, basen ni wedi aros. Als zij had gebeld, zouden we hebben gewacht. Derde voorwaarde met een ander onderwerp.
Pe baen nhw wedi darllen y neges, basen nhw wedi deall. Als ze het bericht hadden gelezen, zouden ze het hebben begrepen. Meervoud in voorwaarde en gevolg.
Pe bawn i ddim wedi anghofio'r allwedd, baswn i wedi agor y drws. Als ik de sleutel niet was vergeten, zou ik de deur hebben geopend. Ontkennende verleden voorwaarde.
Pe bawn i wedi gwrando arnat ti, faswn i ddim wedi gwneud y camgymeriad. Als ik naar je had geluisterd, zou ik de fout niet hebben gemaakt. Ontkend gevolg in het verleden.
Pe basai gen i fwy o amser, baswn i'n dysgu Cymraeg bob dydd. Als ik meer tijd had, zou ik elke dag Welsh leren. Bezit met gan: letterlijk ongeveer ‘als er bij mij meer tijd was’.

Veelgemaakte fouten

1. os gebruiken voor elk Nederlands ‘als’

  • Onjuist voor de bedoelde onwerkelijke betekenis: Os dw i'n gyfoethog, baswn i'n teithio.
  • Beter: Pe baswn i'n gyfoethog, baswn i'n teithio.
  • Waarom: os introduceert normaal een open mogelijkheid; pe past bij een ingebeelde toestand die niet als feit wordt voorgesteld.

2. wedi vergeten bij het niet-gebeurde verleden

  • Onjuist: Pe bawn i gwybod, baswn i dod.
  • Juist: Pe bawn i wedi gwybod, baswn i wedi dod.
  • Waarom: wedi markeert hier de voltooide handeling, zowel in de voorwaarde als in het gevolg.

3. yn en wedi opstapelen

  • Onjuist: Baswn i'n wedi dod.
  • Juist: Baswn i wedi dod.
  • Waarom: voor ‘zou komen’ gebruik je yn (baswn i'n dod), maar voor ‘zou zijn gekomen’ gebruik je wedi zonder yn.

4. De persoonsvorm niet aan het onderwerp aanpassen

  • Onjuist: Pe baswn hi'n rhydd, baswn ni'n mynd.
  • Juist: Pe basai hi'n rhydd, basen ni'n mynd.
  • Waarom: hi vraagt om de derde persoon enkelvoud en ni om de eerste persoon meervoud. Het Nederlands gebruikt overal ‘zou(den)’, waardoor dit Welshe onderscheid gemakkelijk wordt gemist.

5. De Nederlandse woordvolgorde kopiëren

  • Onjuist: Pe i wedi gwybod bawn …
  • Juist: Pe bawn i wedi gwybod …
  • Waarom: de vorm van bod komt vóór het onderwerp: bawn i, niet i bawn. Houd de Welshe bouwstenen als vaste groep bij elkaar.

6. Een verleden voorwaarde als een echt verleden presenteren

  • Minder passend: Pan oeddwn i wedi gwybod … als je ‘als ik het had geweten’ bedoelt.
  • Juist: Pe bawn i wedi gwybod …
  • Waarom: pan betekent ‘toen/wanneer’ en presenteert iets als werkelijk. Pe geeft juist aan dat de voorwaarde niet vervuld was.

Gebruiksnotities

In gesproken Welsh bestaan regionale en persoonlijke verschillen in de vormen van bod. Je kunt bijvoorbeeld naast baswn, basai ook vormen met bys- of bydd- horen of lezen, en in het deel na pe komen bawn, bai, baen veel voor. Dat zijn niet automatisch verschillende betekenissen. Leer eerst één samenhangend paradigma actief gebruiken en oefen daarna vooral met het herkennen van varianten.

Ook beginmutatie kan ervoor zorgen dat een bekende vorm er anders uitziet. In de opgegeven voorbeelden staat zowel baswn i als faswn i. De vorm met f- weerspiegelt zachte mutatie of gangbaar gesproken gebruik in de betreffende constructie. Voor begrip is het belangrijk dat je baswn en faswn met dezelfde voorwaardelijke basis verbindt; volg bij actief taalgebruik het model van je cursus, regio of gesprekspartner.

De bijzin met pe hoeft niet vooraan te staan. Net als in het Nederlands kun je het gevolg eerst noemen: Baswn i wedi dod pe bawn i wedi gwybod. De voorwaarde vooraan maakt de logica vaak iets gemakkelijker te volgen, vooral in een langere zin.

Voorzichtigheid of beleefdheid kan eveneens met een voorwaardelijke vorm worden uitgedrukt, maar niet elke losse zin met ‘zou’ is een complexe voorwaardelijke zin. Fasech chi'n gallu helpu? (‘Zou u kunnen helpen?’) heeft een verzwegen of pragmatische voorwaarde en functioneert vooral als beleefd verzoek.

Verder dan de basis

Gemengde voorwaarden

Soms ligt de voorwaarde in het verleden, maar is het gevolg nu merkbaar. Dan combineer je een voltooid deel met een niet-voltooid gevolg:

  • Pe bawn i wedi astudio meddygaeth, baswn i'n feddyg nawr. — Als ik geneeskunde had gestudeerd, zou ik nu arts zijn.

Omgekeerd kan een blijvende toestand een gevolg in het verleden verklaren:

  • Pe baswn i'n fwy trefnus, faswn i ddim wedi anghofio'r apwyntiad. — Als ik georganiseerder was, zou ik de afspraak niet zijn vergeten.

Kijk bij zulke zinnen niet naar een etiket voor de hele zin, maar bepaal per deel de tijd: wedi + werkwoordelijk naamwoord voor een voltooide, niet-gebeurde handeling; yn + aanvulling voor een huidige toestand of niet-voltooide handeling.

Bezit en andere constructies met bod

Het Welsh zegt bezit vaak niet met een rechtstreeks equivalent van Nederlands ‘hebben’, maar met gan (‘bij’): mae gen i betekent ‘ik heb’. Dat patroon blijft zichtbaar in een hypothese: Pe basai gen i fwy o arian … — ‘Als ik meer geld had …’. Probeer dus niet automatisch een apart werkwoord voor ‘hebben’ in te voegen.

Ook adjectieven en naamwoorden kunnen na de voorwaardelijke vorm staan: Pe basai hi'n barod ‘Als ze klaar was’; Pe baswn i'n athro ‘Als ik leraar was’. Het element yn verbindt bod met die aanvulling en kan een beginmutatie veroorzaken, zoals parodbarod.

Wat de zin werkelijk suggereert

Een pe-zin beschrijft niet alleen tijd, maar vaak ook de houding van de spreker. Pe baset ti'n gofyn iddo … kan een mogelijkheid voorzichtig op afstand zetten, terwijl een zin met os directer als praktisch plan klinkt. De grens is niet altijd puur logisch: context, waarschijnlijkheid en beleefdheid spelen mee. Daarom is het nuttiger complete zinnen te leren dan pe mechanisch als één Nederlandse werkwoordstijd te vertalen.

Oefentips

  1. Bouw zinnen in paren. Begin met Baswn i'n mynd en voeg daarna een passende voorwaarde toe: Pe basai'n braf, baswn i'n mynd. Zo blijft de basisvoorwaardelijke vorm herkenbaar.
  2. Maak een tijdlijn. Schrijf boven elk zinsdeel ‘nu/toekomst’ of ‘afgelopen’. Kies yn voor een niet-voltooide toestand of handeling en wedi voor een voltooide handeling. Dit voorkomt dat je beide markeerders combineert.
  3. Oefen contrasten met dezelfde inhoud. Vergelijk Os bydd gen i amser … (‘Als ik tijd heb …’, open mogelijkheid), Pe basai gen i amser … (‘Als ik tijd had …’) en Pe bawn i wedi cael amser … (‘Als ik tijd had gehad …’).

Verwante onderwerpen

  • Vereiste voorkennis: De voorwaardelijke wijs — de vormen baswn, baset, basai, basen en basech vormen de basis van deze zinnen.

Vereiste kennis

De voorwaardelijke wijs in het WelshB1

Meer B2-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Amodau Cymhleth in Welsh met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Welsh · B2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen