A1

Bezittelijke voornaamwoorden in het Portugees

Adjetivos Possessivos

Overzicht

Bezittelijke voornaamwoorden (adjetivos possessivos) geven aan van wie iets is: mijn, jouw, zijn, haar, ons, etc. In het Portugees moeten ze in geslacht en getal overeenstemmen met het bezeten object (niet met de bezitter, zoals ook in het Nederlands) én ze gaan in het Europees Portugees vergezeld van een bepaald lidwoord.

Het lidwoord vóór bezittelijke voornaamwoorden is verplicht in Portugal maar optioneel in Brazilië — een van de meest opvallende verschillen tussen de twee varianten.

Hoe het werkt

Bezittelijke voornaamwoorden:

Persoon Mannelijk enk. Vrouwelijk enk. Mannelijk mv. Vrouwelijk mv.
mijn meu minha meus minhas
jouw teu tua teus tuas
zijn/haar/uw seu sua seus suas
ons/onze nosso nossa nossos nossas
jullie/hun vosso/seu vossa/sua vossos/seus vossas/suas

Met bepaald lidwoord (Portugal verplicht, Brazilië optioneel):

  • o meu carro — mijn auto (Portugal)
  • meu carro — mijn auto (Brazilië)

Seu/sua ambiguïteit: kan "zijn", "haar" én "uw" betekenen — gebruik soms dele/dela ter verduidelijking:

  • o carro dele — zijn auto
  • a casa dela — haar huis

Voorbeelden in context

Portugees Nederlands Opmerking
o meu livro mijn boek Portugal
meu livro mijn boek Brazilië
a minha casa mijn huis vrouwelijk
o teu carro jouw auto informeel
a sua mãe zijn/haar moeder seu/sua
o nosso apartamento ons appartement nosso
as minhas amigas mijn vriendinnen vrouwelijk mv.
os seus filhos zijn/haar kinderen seu mv.

Veelgemaakte fouten

Lidwoord weglaten in Portugal

  • Fout: Meu livro está aqui. (in Portugal)
  • Correct: O meu livro está aqui.
  • Waarom: In het Europees Portugees is het bepaalde lidwoord voor bezittelijke voornaamwoorden verplicht.

Geslacht niet aanpassen

  • Fout: o meu casa
  • Correct: a minha casa
  • Waarom: Het bezittelijk voornaamwoord past zich aan in geslacht aan het bezeten object: casa is vrouwelijk, dus minha.

Seu/sua misverstand

  • Als seu/sua onduidelijk is (zijn, haar of uw?), gebruik dan o carro dele (zijn auto) of a casa dela (haar huis).

Oefentips

  1. Oefen met bezittingen: beschrijf jouw kamer, auto, familie met bezittelijke voornaamwoorden.
  2. Maak een tabel met alle vormen en vul die in met concrete voorbeelden.
  3. Bedenk zinnen waar seu/sua dubbelzinnig is en oefen met dele/dela ter verduidelijking.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Bepaalde lidwoorden in het PortugeesA1

Meer A1-concepten

Wil je Bezittelijke voornaamwoorden in het Portugees en meer Portugees-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen