A2

De gebiedende wijs in het Portugees

Imperativo

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Portugees op Settemila Lingue.

Kort gezegd

De Portugese gebiedende wijs heet de imperativo. Voor een bevestigend bevel aan tu gebruik je meestal de vorm zonder de -s van de gewone tegenwoordige tijd: falas wordt Fala! Bij você en vocês, en bij elk ontkennend bevel, gebruik je vormen van de conjuntivo (de aanvoegende wijs): Coma!, Não fales! en Não falem!

Overzicht

Met de gebiedende wijs geef je niet alleen bevelen. Je gebruikt hem ook voor een verzoek, advies, uitnodiging, waarschuwing of instructie: Entra! (“Kom binnen!”), Experimente este prato! (“Probeer dit gerecht!”) en Não toque! (“Niet aanraken!”). Je ziet en hoort deze vormen dus voortdurend in gesprekken, recepten, routebeschrijvingen, handleidingen en op borden.

Voor een Nederlandstalige voelt de basis vertrouwd: ook in het Nederlands kan een zin direct met het werkwoord beginnen, zoals “wacht even” of “neem de tweede straat”. Het grote verschil is dat het Portugese werkwoord verandert naargelang degene die je aanspreekt. Fala! richt zich tot informeel tu, Fale! tot één persoon die met een derde-persoonsvorm wordt aangesproken, en Falem! tot meerdere personen. Het Nederlands heeft in “praat!” geen vergelijkbaar vormverschil.

De kern hoort bij A2: veelvoorkomende positieve en negatieve instructies leren herkennen en zelf maken. Sommige vormen zijn ontleend aan de conjuntivo (een werkwoordsvorm die onder andere bij wensen en onzekerheid voorkomt). Je hoeft die hele wijs nu nog niet te kennen. Begin met de duidelijke patronen hieronder; regionale spreektaal en bijzondere voornaamwoordcombinaties staan apart bij de gevorderde uitleg.

Hoe het werkt

Eerst bepalen wie je aanspreekt

Een Portugees bevel heeft normaal geen uitgesproken onderwerp: je zegt Abre a janela! en niet noodzakelijk Tu abre a janela! Toch bepaalt de bedoelde aanspreekvorm de werkwoordsvorm.

Aanspreekvorm Wie bedoel je? Voorbeeld Nederlandse betekenis
tu één persoon, informeel Fala! Praat!
você één persoon met derde-persoonsvorm Fale! Praat! / Praat u!
vocês meerdere personen Falem! Praat allemaal!
nós de spreker en anderen: “laten we” Falemos! Laten we praten!

In Portugal is tu gebruikelijk bij familie, vrienden en in veel informele contacten. Voor meer afstand gebruikt men vaak o senhor, a senhora, een titel of alleen de bijbehorende derde-persoonsvorm: Entre, por favor. In Brazilië is você in grote delen van het land de gewone dagelijkse enkelvoudsvorm en dus niet vanzelf beleefd of formeel. De keuze van een voornaamwoord zegt daarom niet overal precies hetzelfde over de onderlinge verhouding.

Bevestigend bevel met tu

Bij regelmatige werkwoorden neem je de derde persoon enkelvoud van de presente do indicativo (de gewone tegenwoordige tijd). Anders gezegd: haal bij de normale tu-vorm de laatste -s weg.

Hele werkwoord Gewone vorm met tu Bevestigend bevel Betekenis
falar falas Fala! Praat!
esperar esperas Espera! Wacht!
comer comes Come! Eet!
escrever escreves Escreve! Schrijf!
abrir abres Abre! Open!
partir partes Parte! Vertrek!

Deze eenvoudige regel levert meteen veel bruikbare vormen op. Let wel op onregelmatige werkwoorden; die staan verderop.

Bevestigend bevel met você en vocês

Voor você en vocês gebruik je de tegenwoordige conjuntivo. Bij regelmatige werkwoorden wisselt de klinker van de uitgang: werkwoorden op -ar krijgen -e/-em, terwijl werkwoorden op -er en -ir -a/-am krijgen.

Hele werkwoord você vocês Betekenis
falar Fale! Falem! Praat!
estudar Estude! Estudem! Studeer!
comer Coma! Comam! Eet!
escrever Escreva! Escrevam! Schrijf!
abrir Abra! Abram! Open!
partir Parta! Partam! Vertrek!

Verwar dus Come! en Coma! niet. Beide betekenen “Eet!”, maar de eerste hoort bij tu en de tweede bij você.

Een ontkennend bevel

Een ontkenning begint met não. Daarna komt voor alle aanspreekvormen de tegenwoordige conjuntivo. Ook bij tu werkt de regel “haal alleen de -s weg” dan niet meer.

Hele werkwoord tu você vocês
falar Não fales! Não fale! Não falem!
comer Não comas! Não coma! Não comam!
abrir Não abras! Não abra! Não abram!
partir Não partas! Não parta! Não partam!

Vergelijk Fala mais alto! (“Praat harder!”) met Não fales tão alto! (“Praat niet zo hard!”). Bij een Nederlands bevel zet je eenvoudig “niet” in de zin; in het Portugees verandert tegelijk de werkwoordsvorm.

Veelvoorkomende onregelmatige vormen

De volgende werkwoorden komen zo vaak voor dat het loont hun vormen als vaste paren te leren.

Hele werkwoord Bevestigend tu Bevestigend você Ontkennend tu Betekenis
ser Sê! Seja! Não sejas! Wees (niet)!
estar Está! Esteja! Não estejas! Wees / blijf (niet)!
ir Vai! Vá! Não vás! Ga (niet)!
dar Dá! Dê! Não dês! Geef (niet)!
dizer Diz! Diga! Não digas! Zeg (niet)!
fazer Faz! Faça! Não faças! Doe / maak (niet)!
ter Tem! Tenha! Não tenhas! Heb (niet)!
vir Vem! Venha! Não venhas! Kom (niet)!
pôr Põe! Ponha! Não ponhas! Zet / leg (niet)!

De accenten in sê, está, dá, vá en zijn onderdeel van de spelling. Laat ze dus niet weg.

Voornaamwoorden bij een bevel

Een objectvoornaamwoord vervangt een persoon of zaak die bij de handeling betrokken is. In Escreve-me betekent me “aan mij”; in Abre-o vervangt o een mannelijk woord, bijvoorbeeld o ficheiro (“het bestand”). In de standaardtaal komt zo’n voornaamwoord bij een bevestigend bevel achter het werkwoord, met een koppelteken:

  • Escreve-me amanhã. — Schrijf me morgen.
  • Senta-te aqui. — Ga hier zitten.
  • Ajude-nos, por favor. — Help ons alstublieft.
  • Abram-no agora. — Open het nu.

Bij een ontkennend bevel staat het voornaamwoord vóór het werkwoord, direct na não:

  • Não me escrevas hoje. — Schrijf me vandaag niet.
  • Não te sentes aí. — Ga daar niet zitten.
  • Não o abram ainda. — Open het nog niet.

Voor Nederlandstaligen is vooral het koppelteken wennen. In het Nederlands schrijf je “help me” als twee losse woorden; in formeel geschreven Portugees vormt ajude-me één groep met een koppelteken.

“Laten we” met nós

Voor een voorstel waaraan de spreker zelf meedoet, bestaat een echte nós-vorm: Falemos com calma (“Laten we rustig praten”). In het dagelijkse taalgebruik is vamos + heel werkwoord vaak natuurlijker: Vamos falar com calma. Bij een ontkenning zijn zowel Não falemos disso als Não vamos falar disso mogelijk.

Voorbeelden in context

Portugees Nederlands Toelichting
Fala mais devagar! Praat wat langzamer! Bevestigend bevel met informeel tu.
Coma a sopa antes que arrefeça. Eet de soep voordat hij koud wordt. Enkelvoud met você of een beleefde derde-persoonsvorm.
Não fales tão alto! Praat niet zo hard! Ontkennend bevel met tu.
Escreve-me quando chegares. Schrijf me wanneer je aankomt. Het voornaamwoord staat achter het positieve bevel.
Esperem aqui, por favor. Wacht hier alstublieft. Gericht tot meerdere personen.
Não abram a porta. Doe de deur niet open. Ontkenning met vocês.
Vira à esquerda depois da ponte. Sla na de brug links af. Informele routeaanwijzing met tu.
Misture os ingredientes numa tigela. Meng de ingrediënten in een kom. Instructiestijl met de derde persoon enkelvoud.
Diz-me a verdade. Vertel me de waarheid. Onregelmatig dizer plus me.
Não te esqueças das chaves. Vergeet de sleutels niet. Wederkerend werkwoord; te staat vóór het ontkennende bevel.
Venha conhecer a nossa loja. Kom onze winkel bekijken. Uitnodiging met você of een beleefde aanspreekvorm.
Sejam cuidadosos na estrada. Wees voorzichtig onderweg. Meervoud van het onregelmatige ser.
Vamos começar pela primeira pergunta. Laten we met de eerste vraag beginnen. Gebruikelijke omschrijving met vamos + heel werkwoord.
Não me diga que se esqueceu outra vez! Zeg me niet dat u het alweer vergeten bent! Ontkennend bevel met derde-persoonsvorm.

Een Portugees uitroepteken is normaal maar niet verplicht. Fecha a janela, por favor. kan door por favor en de intonatie vriendelijk klinken, ook zonder uitroepteken.

Veelgemaakte fouten

De gewone tu-vorm als positief bevel gebruiken

  • Onjuist: Falas mais devagar! wanneer je “Praat wat langzamer!” bedoelt.
  • Juist: Fala mais devagar!
  • Waarom: Falas is een mededeling: “je praat”. Voor het bevestigende bevel verdwijnt bij een regelmatig werkwoord de -s.

De positieve tu-vorm na não laten staan

  • Onjuist: Não fala tão alto! volgens de Europese standaard met tu.
  • Juist: Não fales tão alto!
  • Waarom: Een ontkennend bevel gebruikt de conjuntivo. In sommige Braziliaanse spreektaal hoor je vormen als não fala, maar dat is niet het basispatroon voor verzorgde algemene taal.

Tu en você door elkaar halen

  • Onjuist: Você abre a janela, por favor! als standaardbevel.
  • Juist: Você, abra a janela, por favor! of meestal gewoon Abra a janela, por favor!
  • Waarom: Het standaardbevel bij você is abra. Het voornaamwoord zelf wordt vaak weggelaten.

Het voornaamwoord op de verkeerde plek zetten

  • Onjuist: Não escreva-me.
  • Juist: Não me escreva.
  • Waarom: Não trekt het voornaamwoord vóór de werkwoordsvorm. Vergelijk het positieve Escreva-me.

Denken dat een gebiedende wijs altijd onbeleefd is

  • Minder passend: Dê-me água! in een restaurant, zonder verdere verzachting.
  • Natuurlijker: Pode trazer-me água, por favor? of Traga-me água, por favor.
  • Waarom: De grammaticale vorm alleen bepaalt de toon niet. Por favor, een vragende formulering, intonatie en de relatie tussen de sprekers maken een verzoek zachter of directer.

Accenten bij korte onregelmatige vormen vergeten

  • Onjuist: Da-me um minuto.
  • Juist: Dá-me um minuto.
  • Waarom: is de bevelsvorm van dar voor tu en draagt een accent. Da zonder accent is hier niet de juiste vorm.

Gebruiksnotities

Een verzoek vriendelijker maken

Een directe vorm kan warm, neutraal of streng klinken. Senta-te! kan thuis heel gewoon zijn, maar tegen een onbekende is Sente-se, por favor of een vraag als Pode sentar-se aqui? vaak gepaster. Het Nederlandse woord “u” heeft geen perfecte rechtstreekse tegenhanger: Braziliaans você kan heel alledaags zijn, terwijl men in Portugal voor afstand eerder o senhor/a senhora of een titel gebruikt.

Woorden als por favor (“alstublieft”), se faz favor (“alstublieft”, vooral in Portugal) en um momento kunnen de toon verzachten. Ook de verkleinvorm of een inleidende vraag kan helpen, maar de juiste keuze hangt meer van de situatie af dan van één vaste beleefdheidsregel.

Portugal en Brazilië

De tabellen geven de standaardvormen die in verzorgde schrijftaal breed herkenbaar zijn. In gesproken Braziliaans is de praktijk beweeglijker. Sprekers die vooral você gebruiken, zeggen vaak toch fala, olha, espera in informele aansporingen. Ook staan onbeklemtoonde voornaamwoorden in Brazilië in de omgangstaal vaak vóór het werkwoord: me diz in plaats van het formelere diga-me of het Europese diz-me.

Dat betekent niet dat je alle patronen willekeurig kunt mengen. Kies bij het leren eerst één consequente standaard. Leer daarnaast veelvoorkomende spreektaal herkennen, zodat me fala of não esquece je niet verrast.

Borden, recepten en handleidingen

Openbare instructies gebruiken vaak de derde persoon: Não fume, Aperte o botão, Adicione o açúcar. Daarnaast komt de infinitief (het hele werkwoord) voor in onpersoonlijke opschriften, zoals Não fumar (“Niet roken”) of Agitar antes de usar (“Schudden voor gebruik”). Zo’n infinitief is geen vervoegde gebiedende wijs, maar heeft in deze context wel dezelfde instructieve functie.

Verder dan de basis

De details in deze paragraaf hoef je op A2 nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later tegenkomen.

Vós in oudere, plechtige en religieuze taal

Naast vocês bestaat de historische meervoudsvorm vós. De positieve uitgangen zijn -ai, -ei, -i: falai, comei, parti. Ontkennend krijg je onder andere não faleis, não comais, não partais. In hedendaagse gewone gesprekken is vós zeldzaam, maar in religieuze teksten, oudere literatuur en plechtige taal blijft het zichtbaar.

Spelling bij aangehechte o, a, os, as

Wanneer de voornaamwoorden o, a, os, as achter bepaalde werkwoordsvormen komen, kan de spelling veranderen. Na een eind-r, -s of -z valt die medeklinker weg en wordt het voornaamwoord lo, la, los, las: dizer + o wordt dizê-lo bij de infinitief en Diz + o! wordt Di-lo! Na een neusklank verschijnen no, na, nos, nas, bijvoorbeeld in het bevel Ponham-nos aqui! (“Zet ze hier neer!”). Dit is vooral belangrijk in verzorgde schrijftaal; leer zulke vormen eerst herkennen voordat je ze zelf probeert te bouwen.

Het verschil tussen bevel, aansporing en wens

Niet elke imperativo legt iemand iets op. Tenha um bom dia! is een wens: “Fijne dag!” Vá com cuidado! is advies: “Doe voorzichtig!” Venha daí! kan een aansporing zijn. De gesprekssituatie en intonatie geven de precieze kracht. Een letterlijke Nederlandse vertaling met een streng uitroepteken kan daardoor harder lijken dan de Portugese zin bedoeld is.

Voornaamwoorden en regionale normen

De plaats van voornaamwoorden is een groter onderwerp op zichzelf. Europees Portugees gebruikt bij een bevestigend bevel heel consequent een aangehechte vorm: diz-me, ajude-me, sentem-se. Braziliaans Portugees gebruikt in alledaagse gesprekken vaak me diz, me ajude, se sentem, terwijl formele teksten dichter bij de traditionele norm blijven. Beide varianten begrijpen is nuttig; in één formele tekst is consequent gebruik belangrijker dan alle regionale mogelijkheden tegelijk toepassen.

Oefentips

  1. Leer positieve en negatieve vormen als paar. Zeg bij elk nieuw werkwoord bijvoorbeeld Abre! — Não abras! en Abra! — Não abra! Zo oefen je meteen het verschil tussen tu en você én tussen bevestiging en ontkenning.
  2. Maak praktische miniscènes. Geef hardop een routebeschrijving, schrijf drie stappen van een recept of formuleer huisregels. Gebruik daarbij afwisselend tu en vocês: Vira à direita, Esperem aqui, Não entrem ainda.
  3. Markeer aanspreekvorm en voornaamwoord. Onderstreep in een tekst de werkwoordsvorm en omcirkel vormen als me, te, o en se. Vraag vervolgens: wordt één persoon of een groep aangesproken, is de zin positief of negatief, en waarom staat het voornaamwoord daar?

Verwante onderwerpen

Vereiste kennis

Regelmatige werkwoorden op -ar in het PortugeesA1

Meer A2-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Imperativo in Portugees met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Portugees · A2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen