B2

Voorzetseluitdrukkingen in het Nederlands

Voorzetseluitdrukkingen

Overzicht

Voorzetseluitdrukkingen zijn vaste combinaties van werkwoord, bijvoeglijk naamwoord of zelfstandig naamwoord met een voorzetsel. Ze zijn idiomatisch: je kunt het voorzetsel niet altijd logisch voorspellen. Op B2-niveau bouw je een actieve woordenschat van veelgebruikte uitdrukkingen op.

Hoe het werkt

Werkwoord + voorzetsel (vaste combinaties)

Uitdrukking Betekenis Voorbeeld
denken aan to think about Ik denk aan je.
houden van to like/love Ze houdt van muziek.
wachten op to wait for We wachten op de bus.
zorgen voor to take care of Hij zorgt voor zijn moeder.
kijken naar to look at/watch Ze kijkt naar de film.
praten over to talk about We praten over het probleem.
luisteren naar to listen to Hij luistert naar muziek.
helpen met to help with Ze helpt me met mijn huiswerk.
beginnen met to start with Hij begint met de introductie.

Bijvoeglijk naamwoord + voorzetsel

Uitdrukking Betekenis Voorbeeld
blij met happy with Ze is blij met het resultaat.
bang voor afraid of Hij is bang voor honden.
goed in good at Ze is goed in wiskunde.
klaar voor ready for Ben je klaar voor het examen?
trots op proud of Ze is trots op haar kinderen.
afhankelijk van dependent on Hij is afhankelijk van zijn ouders.

Voorbeelden in context

Nederlands Vertaling Opmerking
Ik denk aan jou. I think of you. Vaste combinatie
Ze houdt van lezen. She loves reading. Houden van
We wachten op het besluit. We are waiting for the decision. Wachten op
Hij is trots op zijn werk. He is proud of his work. Bijv.nw. + voorzetsel
Ze is goed in talen. She is good at languages. Goed in
Ik ben bang voor falen. I am afraid of failing. Bang voor
Ze zorgt voor haar zieke vader. She takes care of her ill father. Zorgen voor

Veelgemaakte fouten

Fout Correct Waarom
wachten voor wachten op Vaste combinatie: wachten op.
houden aan muziek houden van muziek Vaste combinatie: houden van.
goed aan wiskunde goed in wiskunde Vaste combinatie: goed in.

Oefentips

  1. Per pakketje leren. Groepeer voorzetseluitdrukkingen per voorzetsel en leer ze per cluster.
  2. Zinnen bouwen. Maak bij elke uitdrukking een zin die je zelf zou kunnen zeggen.
  3. Voornaamw. bijwoord. Combineer met er: denken aan ietseraan denken; wachten op ietserop wachten.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Voorzetsels van Plaats in het NederlandsA1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer B2-concepten

Wil je Voorzetseluitdrukkingen in het Nederlands en meer Nederlands-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen