De Passato Remoto in het Italiaans
Passato Remoto
Overzicht
De passato remoto is de enkelvoudige verleden tijd in het Italiaans — vergelijkbaar met de Nederlandse simpele verleden tijd (ik werkte, ik ging). Je gebruikt hem voor afgeronde acties die gezien worden als "ver van het heden" — historische feiten, biografische gegevens en literaire verhalen.
Er is echter een belangrijke geografische variatie: in Noord-Italië gebruikt men de passato prossimo voor bijna alle verleden acties, ook historische. In Zuid-Italië (Sicilië, Campanië, Calabrië) gebruikt men de passato remoto ook voor recente situaties die de passato prossimo in het noorden zou nemen. Voor communicatie is de passato prossimo altijd veilig; de passato remoto is essentieel voor het lezen van literatuur en formele/historische teksten.
Hoe het werkt
Regelmatige vervoeging
-are werkwoorden (ik, jij, hij...):
| Persoon | parlare |
|---|---|
| io | parlai |
| tu | parlasti |
| lui/lei | parlò |
| noi | parlammo |
| voi | parlaste |
| loro | parlarono |
-ere werkwoorden:
| Persoon | vedere |
|---|---|
| io | vidi |
| tu | vedesti |
| lui/lei | vide |
| noi | vedemmo |
| voi | vedeste |
| loro | videro |
-ire werkwoorden:
| Persoon | dormire |
|---|---|
| io | dormii |
| tu | dormisti |
| lui/lei | dormì |
| noi | dormimmo |
| voi | dormiste |
| loro | dormirono |
Onregelmatige werkwoorden
Veel veelgebruikte werkwoorden hebben een sterk onregelmatig patroon in de passato remoto, met name de 1e en 3e persoon enkelvoud en 3e persoon meervoud:
| Werkwoord | 1e enk. | 3e enk. | 3e mv. |
|---|---|---|---|
| essere | fui | fu | furono |
| avere | ebbi | ebbe | ebbero |
| fare | feci | fece | fecero |
| dire | dissi | disse | dissero |
| venire | venni | venne | vennero |
| vedere | vidi | vide | videro |
| scrivere | scrissi | scrisse | scrissero |
| prendere | presi | prese | presero |
| mettere | misi | mise | misero |
| vivere | vissi | visse | vissero |
| sapere | seppi | seppe | seppero |
| volere | volli | volle | vollero |
| nascere | nacqui | nacque | nacquero |
| morire | morii | morì | morirono |
Wanneer gebruik je de passato remoto?
- Historische feiten: Dante nacque nel 1265.
- Biografie van historische personen: Visse a Firenze per molti anni.
- Literaire verhalen: Il giorno seguente, il cavaliere partì.
- In formele of geschreven taal voor afgeronde acties
- In Zuid-Italië ook voor recente situaties
Voorbeelden in context
| Italiaans | Nederlands | Opmerking |
|---|---|---|
| Dante nacque nel 1265. | Dante werd geboren in 1265. | historisch feit |
| Visse a Firenze per molti anni. | Hij woonde jarenlang in Florence. | biografie |
| Scrisse la Divina Commedia. | Hij schreef de Goddelijke Komedie. | historisch literair |
| I Romani conquistarono la Gallia. | De Romeinen veroverden Gallië. | militaire geschiedenis |
| Garibaldi morì nel 1882. | Garibaldi stierf in 1882. | historisch feit |
| Il treno partì alle tre in punto. | De trein vertrok precies om drie uur. | literaire vertelling |
| La guerra finì nel 1945. | De oorlog eindigde in 1945. | historisch |
| Petrarca fu un grande poeta. | Petrarca was een groot dichter. | biografie |
| Allora andai al mercato e comprai del pane. | Toen ging ik naar de markt en kocht brood. | literair verhaal |
| Cosa successe dopo? | Wat gebeurde er daarna? | in een historisch verhaal |
Veelgemaakte fouten
Passato remoto in het dagelijks leven (noorden)
- In Noord-Italië: Stamattina ho fatto colazione. (passato prossimo voor recent)
- In Zuid-Italië: Stamattina feci colazione. (passato remoto acceptabel)
- Waarom: Noord en Centrum gebruiken de passato prossimo voor al het recente; in het zuiden is de passato remoto ook voor recent gangbaar.
Onregelmatige vormen van 1e persoon
- Fout: Io avebi saputo. (niet-bestaande vorm)
- Correct: Io seppi (van sapere), io ebbi (van avere)
- Waarom: De 1e persoon van veel -ere werkwoorden is sterk onregelmatig en moet apart geleerd worden.
Passato remoto voor stiltstaande situaties
- Fout: Per tutta la vita, fu contento. (beschrijving, geen actie)
- Correct: Per tutta la vita, fu / era contento. (era voor langdurige toestand; fu voor vermelding van een feit)
- Waarom: In verhalen gebruik je voor achtergrond en beschrijvingen het imperfetto, ook in combinatie met de passato remoto.
Gebruiksnotities
Als je Italiaanse literatuur leest of historische teksten bestudeert, is de passato remoto onmisbaar. De grote Italiaanse auteurs (Manzoni, Verga, Pirandello, Calvino) gebruiken hem als standaard voor hun vertellingen.
Het patroon "1e-3e enk. onregelmatig, rest regelmatig" heet ook wel het "1-3-3 patroon" (io, lui/lei, loro onregelmatig). Als je de 1e persoon enkelvoud kent, kun je de 3e enkelvoud en 3e meervoud eruit afleiden.
Oefentips
- Leer de passato remoto van tien kernwerkwoorden (essere, avere, fare, dire, venire, vedere, prendere, scrivere, nascere, morire) als tabel.
- Lees een korte historische tekst of biografie in het Italiaans en identificeer alle passato remoto-vormen.
- Schrijf een korte historische paragraaf over een Italiaan of Italiaanse stad die je interesseert.
Verwante concepten
- Vereiste: Passato prossimo — de gangbare samengestelde verleden tijd
- Volgende stappen: Trapassato remoto — verleden tijd vóór de passato remoto
- Volgende stappen: Literaire vormen — archaïsche en literaire varianten
- Volgende stappen: Regionale variatie — Noord vs. Zuid gebruik
Vereiste kennis
De Passato Prossimo in het ItaliaansA2Concepten die hierop voortbouwen
Meer C1-concepten
Wil je De Passato Remoto in het Italiaans en meer Italiaans-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.
Gratis beginnen