A1

Pouvoir (kunnen) in het Frans

Le Verbe Pouvoir

Overzicht

Pouvoir (kunnen, mogen) is een modaal hulpwerkwoord in het Frans en een van de meest gebruikte werkwoorden. Je gebruikt het om mogelijkheid, capaciteit of toestemming uit te drukken. Net als in het Nederlands volgt het altijd een infinitief.

De vervoeging is onregelmatig. Let op de dubbele t in il peut en de stam peu-/pouv- die wisselt.

Pouvoir kan zowel "kunnen" (capaciteit) als "mogen" (toestemming) betekenen, afhankelijk van de context. In een beleefd verzoek gebruik je de conditionalis: Pourriez-vous...? (Zou u kunnen...?).

Hoe het werkt

Persoon Vorm Vertaling
je peux (puis) ik kan/mag
tu peux jij kunt/mag
il/elle/on peut hij/zij/men kan/mag
nous pouvons wij kunnen/mogen
vous pouvez u/jullie kunt/kunnen
ils/elles peuvent zij kunnen/mogen

Puis-je is de formele vraagvorm van je peux bij inversie.

Voorbeelden in context

Frans Nederlands Opmerking
Je peux venir demain. Ik kan morgen komen. capaciteit
Tu peux m'aider ? Kun jij mij helpen? verzoek, informeel
Il peut parler français. Hij kan Frans spreken. capaciteit
Elle ne peut pas sortir. Ze mag niet naar buiten. verbod/onmogelijkheid
On peut commencer. We kunnen beginnen. toestemming
Nous ne pouvons pas attendre. We kunnen niet wachten. ontkenning
Vous pouvez entrer. U mag binnenkomen. toestemming formeel
Ils peuvent rester. Ze mogen blijven. toestemming
Puis-je vous parler ? Mag ik u spreken? formeel, inversie
Je ne peux pas dormir. Ik kan niet slapen.

Veelgemaakte fouten

Pouvoir vergeten als hulpwerkwoord bij infinitief

  • Fout: Je peux venir. vergeten en direct Je venir zeggen
  • Correct: Je peux venir.
  • Waarom: Pouvoir is altijd een hulpwerkwoord en wordt gevolgd door een infinitief.

Pouvoir en savoir verwarren

  • Fout: Je peux nager (als je bedoelt dat je het kunt/weet)
  • Correct: Je sais nager (vaardigheid); Je peux nager (omstandigheid laat het toe)
  • Waarom: Savoir drukt een aangeleerde vaardigheid uit; pouvoir een mogelijkheid of toestemming.

Oefentips

  1. Oefen beleefde verzoeken: Tu peux...?, Vous pouvez...?, Puis-je...?
  2. Schrijf zinnen over dingen die je wel en niet kunt: Je peux..., Je ne peux pas...
  3. Let op het verschil met savoir: probeer vijf zinnen te maken waarbij je bewust kiest tussen de twee.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Regelmatige -ER werkwoorden in het FransA1

Meer A1-concepten

Wil je Pouvoir (kunnen) in het Frans en meer Frans-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen