C1

Ouderwetse vormen in het Nederlands

Ouderwetse Vormen

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Nederlands op Settemila Lingue.

In het kort

Ouderwetse vormen zijn resten van vroegere Nederlandse grammatica die nog voorkomen in vaste uitdrukkingen en in formele, juridische of literaire teksten. Denk aan des konings, 's lands, degenen, hetgeen, men neme en ware het niet dat. Op C1-niveau moet je ze vooral kunnen herkennen en omzetten in gewoon modern Nederlands; actief gebruik is alleen passend als de tekstsoort erom vraagt.

Overzicht

Het moderne Nederlands heeft bijna geen zichtbaar naamvallensysteem meer. Een naamval is een vorm van een woord die aangeeft welke functie dat woord heeft, bijvoorbeeld bezit of richting. Zulke functies drukken we nu meestal uit met een voorzetsel: het besluit van de koning, voor het algemeen belang en over die zaak. Toch leven oude naamvalsvormen voort in formuleringen als des konings, ten behoeve van en ter zake.

Daarnaast kom je formele verwijswoorden tegen, zoals diegene, degenen, datgene en hetgeen. Ook enkele oude werkwoordsvormen zijn nog herkenbaar. Leve de koning!, men neme twee eieren en ware het niet dat ... bevatten een aanvoegende wijs: een werkwoordsvorm waarmee een wens, aansporing, mogelijkheid of niet-werkelijke situatie wordt uitgedrukt. In gewoon Nederlands gebruiken we daarvoor meestal andere constructies.

Deze vormen zijn belangrijk omdat hun toon deel van de betekenis is. Een zin kan juridisch nauwkeurig, plechtig, literair, ironisch of simpelweg verstard klinken. Wie alleen de losse woorden begrijpt, maar het register niet herkent, mist dus een deel van de boodschap. De kernvaardigheid is niet ouderwets leren spreken, maar vlot kunnen lezen en bewust kunnen kiezen tussen een historische vorm en een moderne formulering.

Hoe het werkt

De oude genitief: bezit en verbondenheid

De genitief is de naamval die onder meer bezit of een nauwe relatie uitdrukt. In ouder Nederlands stonden het lidwoord, het bijvoeglijk naamwoord en het zelfstandig naamwoord vaak in een herkenbare genitiefvorm. Een zelfstandig naamwoord is een woord voor een persoon, ding of begrip, zoals koning, stad of eer.

In hedendaagse teksten zie je vooral losse overblijfselen van dit systeem:

Oude of formele vorm Gewone moderne vorm Uitleg
des konings van de koning des en de uitgang -s markeren de genitief
der natuur van de natuur der is een oude genitiefvorm
der steden van de steden der kan ook bij een meervoud staan
's lands belang het belang van het land 's is een verkorting van des
de loop der gebeurtenissen het verloop van de gebeurtenissen nog gebruikelijk in formele schrijftaal

Dit is geen productief patroon dat je vrij op ieder woord kunt toepassen. Een zelfbedachte vorm als des computers is grammaticaal te ontleden, maar klinkt meestal gekunsteld of grappig. In neutrale taal is van de computer normaal.

Bij persoonsnamen is een bezits-s wél levend: Sara's fiets, Pieters mening en Jans jas. Die moderne bezitsvorm lijkt op de oude genitief, maar heeft geen oud lidwoord als des of der nodig. Verwar Pieters fiets dus niet met de plechtige constructie des konings paleis.

De verkorte vorm 's

De spelling 's vertegenwoordigt historisch des. Ze staat in een beperkte reeks vaste combinaties. De apostrof hoort vóór de s:

  • 's morgens, 's middags, 's avonds, 's nachts;
  • 's maandags, 's winters, 's zomers;
  • 's lands grenzen, 's werelds grootste haven;
  • plaatsnamen als 's-Gravenhage en 's-Hertogenbosch.

Niet elke s aan het einde van een woord is zo'n genitiefrest. In maandags binnen elke maandagsbijeenkomst kan de s deel van een samenstelling of afleiding zijn; in 's maandags staat de historische genitiefconstructie. Leer de bekende combinaties daarom als geheel.

De uitdrukking 's lands wijs, 's lands eer betekent ongeveer: pas je aan de gebruiken aan van het land waar je bent. De letterlijke woordgroep 's lands wijs is ‘de wijze of gewoonte van het land’; 's lands eer is ‘de eer van het land’. De vaste uitdrukking is veel bekender dan een vrije genitief met land.

Samengesmolten vormen: ten en ter

Ten en ter zijn ontstaan uit combinaties van te met oude vormen van de. Ook hier geldt: moderne taalgebruikers kiezen niet ter plekke een naamval; ze gebruiken een bestaande verbinding.

Vaste verbinding Betekenis in gewoon Nederlands
ten behoeve van voor; in het belang van
ten tijde van in de tijd van; toen
te allen tijde altijd
ten minste minstens; in elk geval
ter zake over de betreffende zaak; relevant
ter plaatse op die plaats
ter gelegenheid van naar aanleiding van een gelegenheid
ter kennis brengen officieel meedelen

Sommige verbindingen bevatten nog meer oude uitgangen: te allen tijde, van ganser harte, in den beginne, uit den boze en met dien verstande dat. Je hoeft de uitgangen niet woord voor woord na te maken. Het is veiliger om de volledige uitdrukking met haar betekenis en register te leren.

Verwijzen met diegene, degene, datgene en hetgeen

Een voornaamwoord is een woord dat naar een persoon, zaak of eerder genoemde inhoud verwijst. De vormen in deze groep overlappen, maar zijn niet volledig uitwisselbaar.

Vorm Gewone functie Voorbeeld
degene / diegene één bedoelde persoon Degene die belt, laat geen naam achter.
degenen / diegenen meer bedoelde personen Degenen die zich inschrijven, krijgen bericht.
datgene de bedoelde zaak of inhoud Datgene wat ontbreekt, is bewijs.
hetgeen dat wat; wat zojuist is genoemd Hetgeen hierboven staat, blijft van kracht.

Degene en degenen zijn nog heel bruikbaar, vooral als de identiteit van de persoon wordt bepaald door een bijzin: degenen die aan de voorwaarden voldoen. Een bijzin is een zinsdeel met een eigen onderwerp en werkwoord dat onderdeel is van een grotere zin. Diegene en diegenen leggen vaak iets meer nadruk op het aanwijzen of afgrenzen van de bedoelde persoon of groep.

Datgene verwijst naar een zaak, gedachte of inhoud en wordt vaak gevolgd door wat: datgene wat telt. Hetgeen kan ongeveer ‘dat wat’ betekenen, maar kan ook terugverwijzen naar een hele voorafgaande mededeling: De betaling bleef uit, hetgeen tot vertraging leidde. In alledaagse taal klinkt wat meestal natuurlijker: De betaling bleef uit, wat tot vertraging leidde.

Oude werkwoordsvormen

De aanvoegende wijs is grotendeels uit het gewone werkwoordsysteem verdwenen. Een werkwoord noemt een handeling, toestand of gebeurtenis, zoals nemen, zijn of gebeuren. De oude vorm leeft vooral voort in vaste zinnen en herkenbare stijlen.

Vorm Functie Moderne omschrijving
Leve de vrijheid! wens of uitroep Moge de vrijheid blijven bestaan!
Men neme twee eieren. onpersoonlijk voorschrift Neem twee eieren.
Het zij zo. berusting Laat het dan zo zijn.
Moge hij rusten in vrede. wens Ik hoop dat hij in vrede rust.
Ware het niet dat ... niet-werkelijke voorwaarde Als het niet zo was dat ...
Koste wat het kost toegeving Ongeacht wat het kost

Vaak eindigt de vorm op -e, zoals leve, neme, ruste en koste. Belangrijke onregelmatige vormen zijn zij en ware van zijn. Trek daaruit geen algemene vervoegingsregel voor nieuw gebruik: buiten vaste of bewust gestileerde zinnen klinkt de aanvoegende wijs snel onnatuurlijk.

Voorbeelden in context

Nederlands Omschrijving in gewoon Nederlands Opmerking
Het paleis des konings werd bewaakt. Het paleis van de koning werd bewaakt. Plechtig en ouderwets
De bescherming der minderheden is wettelijk geregeld. De bescherming van minderheden is wettelijk geregeld. Formele genitief
Dit besluit dient 's lands belang. Dit besluit dient het belang van het land. Bestuurlijk of plechtig
's Lands wijs, 's lands eer. Respecteer de gebruiken van het land waar je bent. Vast spreekwoord
Ten tijde van de overstroming woonde zij elders. Toen de overstroming plaatsvond, woonde zij elders. Vaste verbinding
De gegevens worden uitsluitend ten behoeve van het onderzoek gebruikt. De gegevens worden alleen voor het onderzoek gebruikt. Formele schrijftaal
Uw opmerkingen zijn hier niet ter zake. Uw opmerkingen zijn hier niet relevant. Nog algemeen herkenbaar
Diegenen die dit lezen, kennen nu de context. De mensen die dit lezen, kennen nu de context. Nadrukkelijk verwijzend
Alleen degenen die een uitnodiging hebben, krijgen toegang. Alleen mensen met een uitnodiging krijgen toegang. Normale formele formulering
Datgene wat ons verbindt, is belangrijker. Wat ons verbindt, is belangrijker. Abstract en nadrukkelijk
Hetgeen hierboven vermeld staat, maakt deel uit van de overeenkomst. Wat hierboven staat, hoort bij de overeenkomst. Juridisch-formeel
De termijn verstreek, hetgeen niemand had opgemerkt. De termijn verstreek, wat niemand had opgemerkt. Verwijst naar de hele vorige mededeling
Men neme een ruime kom en twee eieren. Neem een ruime kom en twee eieren. Ouderwetse receptstijl
Ware het niet dat hij ziek was, dan was hij gekomen. Als hij niet ziek was geweest, was hij gekomen. Literaire voorwaarde
Leve de vrijheid! Laat de vrijheid voortbestaan! Wens of leus

Veelgemaakte fouten

Vrij nieuwe genitieven vormen

  • Minder goed: De handleiding des telefoons ligt op tafel.
  • Beter: De handleiding van de telefoon ligt op tafel.
  • Waarom: De oude genitief is niet meer vrij productief. Buiten vaste, historische of bewust plechtige formuleringen gebruik je meestal van.

De apostrof verkeerd plaatsen

  • Fout: s' avonds of savonds
  • Goed: 's avonds
  • Waarom: 's is de verkorte vorm van des. De apostrof geeft aan dat letters vóór de s zijn weggevallen.

Een oude uitdrukking half moderniseren

  • Fout: te alle tijden
  • Goed: te allen tijde
  • Ook goed in gewone taal: altijd
  • Waarom: Oude naamvalsvormen leven als vaste gehelen voort. Vervang de hele uitdrukking of behoud haar volledig.

Naar zaken verwijzen met degenen

  • Fout: De documenten, degenen gisteren zijn verstuurd, ontbreken.
  • Goed: De documenten die gisteren zijn verstuurd, ontbreken.
  • Waarom: Degene(n) verwijst zelfstandig naar personen. Bij een genoemd zelfstandig naamwoord gebruik je gewoon die of dat.

Hetgeen combineren met een overbodig verwijswoord

  • Fout: Hetgeen wat hierboven staat, is bindend.
  • Goed: Hetgeen hierboven staat, is bindend.
  • Ook goed: Wat hierboven staat, is bindend.
  • Waarom: Hetgeen bevat de verwijzende functie al. Hetgeen wat stapelt twee constructies op elkaar.

Een plechtige vorm in een gewone boodschap zetten

  • Onnatuurlijk: Men neme bus 12 en stappe uit bij het station.
  • Natuurlijk: Neem bus 12 en stap uit bij het station.
  • Waarom: De oude aanvoegende wijs maakt een eenvoudige routebeschrijving onbedoeld komisch of theatraal.

Gebruiksnotities

Vast betekent niet altijd verouderd. Uitdrukkingen als ten minste, ter plaatse, van harte en 's avonds zijn heel gewoon, ook al bevatten ze historisch oude vormen. Andere combinaties, zoals des konings en in den beginne, vallen direct op als plechtig of historisch. Beoordeel daarom de hele verbinding, niet alleen haar oorsprong.

In juridische en bestuurlijke teksten blijven vormen als degenen die, hetgeen, ten behoeve van en met dien verstande dat relatief gemakkelijk staan. Ze kunnen een verwijzing compact en precies maken, maar zijn niet automatisch duidelijker. Moderne publiekscommunicatie kiest vaak voor mensen die, wat, voor en op voorwaarde dat. Formeel schrijven is dus niet hetzelfde als zoveel mogelijk oude vormen gebruiken.

Literatuur kan archaïsmen inzetten om een historische tijd, een plechtige verteller of een Bijbelse toon op te roepen. In satire en reclame werkt hetzelfde middel juist komisch: Men neme één manager, drie vergaderingen en geen besluit. De grammaticale vorm is oud, maar het effect ontstaat door het contrast met een modern onderwerp.

Ook hoofdletters beïnvloeden de indruk. In religieuze of historische teksten zie je bijvoorbeeld de wil des Heren. De hoofdletter is daar verbonden met de verwijzing naar God en niet met de genitiefregel zelf. In een neutrale woordgroep krijgt een soortnaam niet ineens een hoofdletter omdat de constructie ouderwets is.

Verder dan de basis: stijl, ontleding en grensgevallen

Een genitief binnen een naamwoordgroep

In de loop der gebeurtenissen vormt der gebeurtenissen één bepaling bij loop: de gebeurtenissen bepalen om welke loop het gaat. Een naamwoordgroep is een groep woorden met een zelfstandig naamwoord als kern. Zulke genitieven staan vaak ná die kern. In 's werelds grootste haven staat de genitief juist ervóór en hoort hij bij de hele groep grootste haven.

Die vooropplaatsing verklaart waarom 's werelds beste speler mogelijk is: de betekenis is ‘de beste speler van de wereld’, niet ‘de speler van de beste wereld’. De constructie is nog levend in journalistieke superlatieven als 's werelds grootste, 's lands hoogste en Europa's snelste, maar ze blijft stilistisch gemarkeerd.

Oude vormen als onderdeel van moderne woorden

Sommige resten zijn zo ingeburgerd dat je hun geschiedenis nauwelijks merkt. Denk aan inderdaad, bovendien, desondanks, toentertijd en enigszins. Voor correct modern gebruik hoef je zulke woorden niet historisch te ontleden. Hun herkomst kan wel helpen om opvallende spelling te onthouden.

Herkennen zonder nadoen

Bij historische teksten kun je nog veel meer verbuigingen en werkwoordsvormen aantreffen dan in dit artikel. Dan gaat het niet alleen om moderne stijlmiddelen, maar om een oudere fase van het Nederlands met andere spelling en grammatica. Gebruik voor zulke teksten een historisch woordenboek of een geannoteerde uitgave. De veilige C1-strategie is:

  1. zoek eerst naar een bekende vaste uitdrukking;
  2. vervang des, der of 's voorlopig door een constructie met van;
  3. lees hetgeen als wat of dat wat;
  4. test bij een werkwoord op -e of een wens, voorschrift of voorwaarde bedoeld is;
  5. controleer daarna of de plechtige toon extra betekenis toevoegt.

Deze aanpak voorkomt een typische valkuil voor gevorderde lezers: elk onbekend uiteinde als een aparte woordbetekenis behandelen. Vaak kijk je niet naar een nieuw woord, maar naar een oude grammaticale vorm van een bekend woord.

Oefentips

  1. Maak moderniseringsparen. Schrijf links des konings, ten behoeve van, hetgeen en ware het niet dat; zet rechts respectievelijk van de koning, voor, wat en als het niet zo was dat. Zo train je begrip zonder jezelf te dwingen archaïsch te schrijven.
  2. Markeer het register tijdens het lezen. Geef elke gevonden vorm een label: vast en alledaags, formeel, juridisch, literair of ironisch. Vergelijk bijvoorbeeld 's avonds met 's lands eer: dezelfde historische bouwsteen heeft niet dezelfde stijlwaarde.
  3. Herschrijf één alinea in twee stijlen. Maak eerst een heldere publieksversie en daarna een bewust plechtige versie. Controleer of iedere oude vorm een doel heeft. Als de tekst alleen moeilijker wordt, is de moderne vorm beter.

Verwante onderwerpen

  • Voorafgaande kennis: Schrijftaal — helpt je formele zinsbouw en woordkeuze van alledaagse taal te onderscheiden.
  • Verdieping: Literaire taal — laat zien hoe schrijvers ouderwetse vormen als stijlmiddel inzetten.
  • Verdieping: Historisch Nederlands — behandelt oudere taalfasen waarin naamvallen en afwijkende werkwoordsvormen deel van het gewone systeem waren.

Vereiste kennis

Schrijftaal in het NederlandsC1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer C1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Ouderwetse Vormen in Nederlands met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Nederlands · C1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen