A2

Tijdsvoegwoorden in het Italiaans

Connettori Temporali

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Italiaans op Settemila Lingue.

Overzicht

Tijdsvoegwoorden verbinden zinnen die een tijdsrelatie beschrijven: iets gebeurt terwijl iets anders bezig is, nadat iets afgelopen is, zodra iets begint, of totdat een punt bereikt is. Ze zijn onmisbaar voor het vertellen van verhalen en het beschrijven van gebeurtenissen.

In het Italiaans zijn de meest gebruikte tijdsvoegwoorden: quando (wanneer), mentre (terwijl), dopo che (nadat), appena (zodra), prima che (voordat) en finché (totdat / zolang). Een belangrijke grammaticale regel: sommige van deze voegwoorden vereisen de aanvoegende wijs (congiuntivo), met name prima che.

Voor nu (A2-niveau) focussen we op de varianten met de gewone aantonende wijs (indicativo) — die zijn al meer dan genoeg om complexe zinnen te bouwen.

Hoe het werkt

De tijdsvoegwoorden en hun gebruik

Voegwoord Betekenis Modus
quando wanneer indicativo
mentre terwijl indicativo
dopo che nadat indicativo
appena zodra indicativo
finché (non) totdat indicativo
prima di + inf. voordat infinitief
dopo + inf. comp. nadat infinitief compound

Quando (wanneer)

Quando verbindt twee acties die tegelijkertijd plaatsvinden of snel na elkaar:

  • Quando sono arrivato, pioveva. — Toen ik aankwam, regende het.
  • Ti chiamo quando arrivo. — Ik bel je als ik aankom.

Mentre (terwijl)

Mentre beschrijft twee gelijktijdige acties, waarbij één actie voortduurt:

  • Mentre mangiavo, guardavo la TV. — Terwijl ik at, keek ik TV.
  • Mentre studiavo, è arrivato Marco. — Terwijl ik studeerde, arriveerde Marco.

Typisch: mentre + imperfetto voor de achtergrondactie, en een plotselinge actie in de passato prossimo.

Dopo che (nadat)

Dopo che + voltooide tijd:

  • Dopo che ho finito, sono uscito. — Nadat ik klaar was, ben ik naar buiten gegaan.

Informele variant: dopo + voltooid deelwoord (infinitief compound):

  • Dopo aver mangiato, sono uscito. — Na het eten ben ik weggegaan.

Appena (zodra)

Appena geeft aan dat de tweede actie meteen na de eerste volgt:

  • Appena l'ho visto, l'ho riconosciuto. — Zodra ik hem zag, herkende ik hem.
  • Appena arrivi, chiamami. — Zodra je aankomt, bel me.

Prima di + infinitief (voordat)

Vóór een werkwoord gebruik je prima di + infinitief (als het onderwerp van beide zinnen hetzelfde is):

  • Prima di partire, chiamami. — Bel me voordat je vertrekt.
  • Prima di mangiare, mi lavo le mani. — Voordat ik eet, was ik mijn handen.

Voorbeelden in context

Italiaans Nederlands Opmerking
Quando sono arrivato, pioveva. Toen ik aankwam, regende het. quando + passato prossimo + imperfetto
Mentre mangiavo, guardavo la TV. Terwijl ik at, keek ik TV. mentre + imperfetto
Dopo che ho finito, sono uscito. Nadat ik klaar was, ging ik uit. dopo che + passato prossimo
Appena l'ho visto, l'ho riconosciuto. Zodra ik hem zag, herkende ik hem. appena + onmiddellijk gevolg
Prima di partire, devo preparare. Voordat ik vertrek, moet ik me klaarmaken. prima di + infinitief
Finché non arriva, aspetto. Ik wacht totdat hij aankomt. finché (non)
Quando ero piccolo, giocavo spesso. Toen ik klein was, speelde ik vaak. quando + imperfetto
Dopo aver mangiato, siamo usciti. Na het eten zijn we weggegaan. na infinitief compound
Appena arrivi, chiamami. Zodra je aankomt, bel me. appena + tegenwoordige tijd
Mentre parlavo, lui dormiva. Terwijl ik praatte, sliep hij. mentre + twee imperfetti

Veelgemaakte fouten

Dopo che vergeten na dopo

  • Fout: Dopo ho finito, sono uscito.
  • Correct: Dopo che ho finito, sono uscito. of Dopo aver finito, sono uscito.
  • Waarom: Vóór een bijzin gebruik je dopo che; vóór een infinitief gebruik je dopo + infinitief compound.

Mentre met passato prossimo voor achtergrond

  • Fout: Mentre ho mangiato, ho guardato la TV.
  • Correct: Mentre mangiavo, guardavo la TV.
  • Waarom: Mentre beschrijft een voortdurende achtergrondactie — gebruik daarvoor het imperfetto, niet de passato prossimo.

Prima di + vervoegd werkwoord

  • Fout: Prima di vieni, chiama.
  • Correct: Prima di venire, chiama. of Prima che tu venga, chiama. (met congiuntivo)
  • Waarom: Na prima di gebruik je altijd de infinitief; na prima che de aanvoegende wijs.

Gebruiksnotities

Het voegwoord finché kan zowel "zolang als" (positief) als "totdat" (met non) betekenen:

  • Finché sono in Italia, parlo italiano. — Zolang ik in Italië ben, spreek ik Italiaans.
  • Aspetto finché non arriva. — Ik wacht totdat hij/zij aankomt.

Het non bij finché non heeft geen ontkennende betekenis — het is een zogenaamd pleonastisch non dat je niet vertaalt.

Oefentips

  1. Beschrijf je gisteren in vijf zinnen en gebruik minstens drie verschillende tijdsvoegwoorden.
  2. Oefen specifiek het gebruik van mentre + imperfetto + plotselinge actie in passato prossimo: Mentre + [achtergrond], + [plotselinge actie].
  3. Maak "na ... dan ..."-zinnen met dopo che of dopo + infinitief compound om de voltijdsvolgorde te oefenen.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Basisvoegwoorden in het ItaliaansA1

Meer A2-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Probeer Settemila Lingue gratis — geen creditcard, geen verplichtingen. Maak een gratis account aan wanneer je klaar bent om te oefenen met spaced repetition.

Gratis beginnen