A1

Regelmatige werkwoorden op -RE in het Frans

Verbes Réguliers en -RE

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Frans op Settemila Lingue.

In het kort

Bij een regelmatig Frans werkwoord op -re haal je -re van de infinitief (de onbepaalde vorm) en voeg je -s, -s, niets, -ons, -ez, -ent toe. Zo wordt attendre achtereenvolgens j'attends, tu attends, il attend, nous attendons, vous attendez, ils attendent. Vooral de derde persoon enkelvoud valt op: daar komt geen zichtbare uitgang bij.

Overzicht

Werkwoorden op -re vormen een belangrijke Franse werkwoordsgroep. Veel alledaagse werkwoorden volgen dit patroon, waaronder attendre (wachten), vendre (verkopen), répondre (antwoorden), descendre (afdalen, naar beneden gaan), entendre (horen), perdre (verliezen) en rendre (teruggeven). De kernregel wordt al op A1-niveau geleerd, omdat je ermee over gewone handelingen in het heden kunt praten.

Een persoonsvorm laat zien wie iets doet. In nous répondons geeft de uitgang -ons aan dat wij antwoorden. Dat lijkt enigszins op het Nederlandse verschil tussen ik wacht en wij wachten, maar het Frans heeft voor bijna elke persoon een eigen geschreven vorm. Het Franse onderwerp kan daarom niet zomaar worden weggelaten: zeg nous vendons, niet alleen vendons, behalve in bijzondere zinsconstructies zoals de gebiedende wijs.

De regel in dit artikel geldt voor de regelmatige groep met het patroon van attendre en vendre. Niet elk werkwoord waarvan de infinitief op -re eindigt, volgt dit schema. Bekende werkwoorden als prendre, mettre, lire en boire zijn onregelmatig en moeten apart worden geleerd.

Zo werkt het

Stap 1: vind de stam

De stam is het deel waarop je de persoonsuitgang zet. Verwijder daarvoor -re van de infinitief:

Infinitief Betekenis Stam
attendre wachten attend-
vendre verkopen vend-
répondre antwoorden répond-
descendre afdalen, naar beneden gaan descend-
perdre verliezen perd-

Stap 2: voeg de uitgang toe

Persoon Uitgang attendre Nederlandse betekenis
je -s j'attends ik wacht
tu -s tu attends jij wacht
il / elle / on geen il attend hij wacht / zij wacht / men wacht
nous -ons nous attendons wij wachten
vous -ez vous attendez u wacht / jullie wachten
ils / elles -ent ils attendent zij wachten

Let op j'attends: je wordt j' voor een klinker of een stomme h. Dat heet elisie (het wegvallen van een klinker vóór een volgende klinkerklank). Je schrijft dus j'attends en niet je attends.

Hetzelfde schema werkt bij andere regelmatige werkwoorden:

Persoon vendre répondre descendre
je je vends je réponds je descends
tu tu vends tu réponds tu descends
il / elle / on il vend elle répond on descend
nous nous vendons nous répondons nous descendons
vous vous vendez vous répondez vous descendez
ils / elles ils vendent elles répondent ils descendent

De derde persoon enkelvoud

Na het verwijderen van -re voeg je bij il, elle en on niets toe:

  • vendreil vend
  • répondreelle répond
  • descendreon descend

Voeg dus geen -s of -t toe. Een Nederlandstalige leerling is vaak geneigd een extra uitgang te verwachten, omdat het Nederlands in hij wacht juist een -t heeft. In het Frans is de slot-d hier al onderdeel van de stam.

Uitspraak en spelling lopen niet gelijk

De vormen van het enkelvoud zien er verschillend uit, maar klinken bij veel van deze werkwoorden hetzelfde. In j'attends, tu attends, il attend worden de slotletters -ds, -ds, -d niet uitgesproken. Ook de uitgang -ent van de derde persoon meervoud is stil, maar de laatste medeklinker van de stam wordt daar vaak wél hoorbaar: ils attendent eindigt hoorbaar op een d-klank.

Bij nous attendons en vous attendez hoor je eveneens de d van de stam, gevolgd door de uitgesproken uitgangen. Leer geschreven vorm en uitspraak daarom samen; alleen op je gehoor kun je bij het enkelvoud niet vaststellen of het onderwerp je, tu of il is.

Ontkenningen en vragen

De vervoeging verandert niet in een ontkenning. Ne staat vóór de persoonsvorm en pas erna:

  • Je ne vends pas ma voiture. — Ik verkoop mijn auto niet.
  • Nous n'attendons pas ici. — Wij wachten hier niet.

In de spreektaal valt ne vaak weg: Je vends pas ma voiture. Als beginner is de volledige vorm met ne ... pas het veiligst, zeker in geschreven Frans.

Voor een eenvoudige vraag kun je est-ce que gebruiken zonder de vervoeging te veranderen:

  • Est-ce que vous attendez le train ? — Wacht u op de trein?
  • Est-ce qu'elle répond au message ? — Beantwoordt ze het bericht?

Voorbeelden in context

Frans Nederlands Toelichting
J'attends le bus devant la gare. Ik wacht voor het station op de bus. Je wordt j' vóór attends.
Tu vends tes vieux livres en ligne. Jij verkoopt je oude boeken online. Tweede persoon enkelvoud op -s.
Il vend sa voiture à un voisin. Hij verkoopt zijn auto aan een buurman. Geen extra uitgang bij il.
Elle répond toujours rapidement. Zij antwoordt altijd snel. Répond is de korte enkelvoudsvorm.
On descend au prochain arrêt. We stappen bij de volgende halte uit. On is in gesprekken vaak het gewone woord voor ‘we’.
Nous répondons au téléphone. Wij nemen de telefoon op. Répondre au téléphone heeft een idiomatische Nederlandse vertaling.
Nous perdons parfois nos clés. Wij verliezen soms onze sleutels. De uitgang is -ons.
Vous attendez quelqu'un ? Wacht u op iemand? / Wachten jullie op iemand? Vous kan enkelvoudig beleefd of meervoudig zijn.
Vous descendez à Paris ? Stapt u in Parijs uit? Bij vervoer kan descendre ‘uitstappen’ betekenen.
Ils vendent des légumes au marché. Zij verkopen groente op de markt. De uitgang -ent wordt niet uitgesproken.
Elles descendent l'escalier lentement. Zij lopen langzaam de trap af. Elles verwijst naar een vrouwelijke groep.
Mes voisins rendent les outils demain. Mijn buren brengen het gereedschap morgen terug. Rendre betekent hier ‘teruggeven’.

Veelgemaakte fouten

De Nederlandse -t toevoegen

  • Fout: Il vendt sa voiture.
  • Goed: Il vend sa voiture.
  • Waarom: Bij il, elle en on krijgt de stam geen uitgang. De vorm is vend, nooit vendt.

-re laten staan vóór de uitgang

  • Fout: Nous attendreons le bus.
  • Goed: Nous attendons le bus.
  • Waarom: Verwijder eerst de volledige infinitiefuitgang -re. Voeg daarna -ons toe aan attend-.

Attendre pour gebruiken naar Nederlands model

  • Fout: J'attends pour le bus.
  • Goed: J'attends le bus.
  • Waarom: Nederlands gebruikt ‘wachten op’, maar Frans attendre krijgt meestal rechtstreeks een lijdend voorwerp (wie of wat de handeling ondergaat): attendre le bus, attendre Marie, attendre une réponse. Er staat dan geen voorzetsel tussen.

Het voorzetsel na répondre vergeten

  • Fout: Je réponds la question.
  • Goed: Je réponds à la question.
  • Waarom: Répondre wordt doorgaans verbonden met à: répondre à une question, à Paul, au téléphone. Au is de samentrekking van à + le.

Alle werkwoorden op -re als regelmatig behandelen

  • Fout: Nous prendons le train.
  • Goed: Nous prenons le train.
  • Waarom: Prendre eindigt wel op -re, maar is onregelmatig. Ook onder meer mettre, lire, écrire, boire en werkwoorden op -indre volgen niet simpelweg het schema van vendre.

De meervoudsuitgang uitspreken als een aparte lettergreep

  • Fout: -ent aan het einde van ils vendent uitspreken alsof het een zelfstandige lettergreep is.
  • Goed: Laat de grammaticale uitgang -ent stil; in vendent is de d van de stam wel hoorbaar.
  • Waarom: De spelling geeft het meervoud aan, maar de letters -ent leveren hier geen eigen klank op.

Gebruiksnotities

On en nous

In alledaags gesproken Frans gebruikt men heel vaak on waar het Nederlands ‘we’ heeft: On attend dehors (we wachten buiten). Grammaticaal krijgt on altijd de derde persoon enkelvoud, dus on attend, niet on attendons. Nous attendons blijft correct en komt veel voor in geschreven, verzorgd of nadrukkelijk taalgebruik.

Vous heeft twee functies

Vous attendez kan ‘jullie wachten’ betekenen, maar ook ‘u wacht’. De werkwoordsvorm blijft in beide gevallen dezelfde. Tegen één vriend gebruik je gewoonlijk tu attends; tegenover één onbekende, klant of persoon die je formeel aanspreekt is vous attendez vaak passend.

Let op vaste verbindingen

Een Nederlandse vertaling vertelt niet altijd welk voorzetsel het Frans nodig heeft. Vergelijk:

  • attendre le train — op de trein wachten, zonder Frans voorzetsel;
  • répondre à une question — op een vraag antwoorden;
  • descendre de la voiture — uit de auto stappen;
  • vendre quelque chose à quelqu'un — iets aan iemand verkopen.

Leer daarom liever een korte woordgroep dan alleen een los werkwoord.

Verder dan de basis

De volgende bijzonderheden hoef je op A1-niveau nog niet actief te beheersen, maar ze helpen je later om teksten en gesprekken correct te begrijpen.

Een uitgang op -re garandeert geen regelmatig patroon

De traditionele categorie ‘werkwoorden op -re’ bevat meerdere vervoegingspatronen. Het regelmatige model in dit artikel is vooral betrouwbaar voor werkwoorden uit de familie van vendre en attendre. Vergelijk later bijvoorbeeld:

Infinitief nous-vorm ils-vorm Opmerking
vendre nous vendons ils vendent regelmatig model
prendre nous prenons ils prennent stam verandert
mettre nous mettons ils mettent dubbele medeklinker
lire nous lisons ils lisent ander stampatroon

De praktische les is eenvoudig: controleer bij een nieuw werkwoord op -re of het daadwerkelijk als vendre wordt vervoegd.

Dezelfde stam keert in andere tijden terug

Voor veel regelmatige werkwoorden herken je de stam ook in andere vormen, maar de bouwregel kan veranderen. Het voltooid deelwoord (een vorm die onder meer in de voltooide tijd wordt gebruikt) eindigt bij dit patroon doorgaans op -u: vendre → vendu, attendre → attendu, répondre → répondu, perdre → perdu. Dat is een nuttige samenhang, maar leer de tegenwoordige tijd eerst als zelfstandig systeem.

Descendre kan met avoir of être voorkomen

In de tegenwoordige tijd is er geen verschil: je descends. In een samengestelde verleden tijd hangt het hulpwerkwoord echter samen met het gebruik. Bij een beweging zonder rechtstreeks lijdend voorwerp zie je vaak elle est descendue; met een rechtstreeks voorwerp staat avoir, zoals in elle a descendu les valises. Dit is latere leerstof en verandert niets aan de vervoeging in dit artikel.

De gebiedende wijs

Voor een opdracht worden bij deze werkwoorden vormen gebruikt die aansluiten bij tu, nous en vous, maar zonder genoemd onderwerp: Attends ! (wacht!), Attendons ! (laten we wachten!) en Attendez ! (wacht! / wacht u!). Hier mag het onderwerp dus juist weg, anders dan in een gewone mededelende zin.

Oefentips

  1. Werk met een vast raster. Kies dagelijks drie regelmatige werkwoorden en schrijf alle zes vormen op. Markeer de lege uitgang van il/elle/on bewust: il vend + niets.
  2. Leer klank en spelling tegelijk. Lees de reeks j'attends, tu attends, il attend, nous attendons, vous attendez, ils attendent hardop en luister naar het verschil tussen enkelvoud en meervoud. Zo voorkom je dat je alleen een geschreven rijtje kent.
  3. Maak Nederlandse contrastkaartjes. Noteer combinaties die niet letterlijk overeenkomen, zoals ‘wachten op de bus’ → attendre le bus en ‘antwoorden op de vraag’ → répondre à la question. Daarmee oefen je vervoeging én het juiste voorzetsel.

Verwante onderwerpen

  • Vooraf: Onderwerpsvoornaamwoorden — hiermee bepaal je welke persoonsuitgang bij je, tu, il/elle/on, nous, vous en ils/elles hoort.

Vereiste kennis

Onderwerpsvoornaamwoorden in het FransA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Verbes Réguliers en -RE in Frans met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Frans · A1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen