B1

Used to / Would in het Engels

Used to

Overzicht

Used to en would gebruik je om gewoontes en herhaalbare situaties in het verleden te beschrijven — dingen die vroeger zo waren maar nu niet meer zo zijn.

Used to kun je voor zowel verleden gewoontes als verleden toestanden gebruiken: I used to live in Paris. I used to be shy.

Would gebruik je alleen voor verleden acties (herhaalde gedragingen), nooit voor verleden toestanden: Every summer, we would visit our grandparents. Maar: I used to be shy. (niet: "I would be shy.")

Dit onderscheid is subtiel maar belangrijk: "would" voor herhaalbare acties, "used to" voor acties én toestanden.

Hoe het werkt

Used to: verleden gewoontes en toestanden

Gebruik Voorbeeld
Verleden gewoonte (actie) I used to cycle to school.
Verleden toestand She used to be very shy.
Negatief (didn't use to) He didn't use to like vegetables.
Vraag (Did... use to?) Did you use to live here?

Would: verleden herhaalde acties

Gebruik Voorbeeld
Herhaalde actie in verleden Every weekend, we would go to the market.
Nostalgische herinnering As a child, I would spend hours reading.

Nooit "would" voor toestanden:

  • Correct: I used to be afraid of dogs. (toestand)
  • Fout: I would be afraid of dogs. (toestand)

Vergelijking met past simple

"Used to" en "would" impliceren dat de gewoonte nu niet meer bestaat. Past simple: "I lived in Paris." (feite, geen contrast met heden) Used to: "I used to live in Paris." (contrast: nu woon ik er niet meer)

Voorbeelden in context

Engels Nederlands Opmerking
I used to play football every Saturday. Ik voetbalde vroeger elke zaterdag. verleden gewoonte
She used to be very quiet. Ze was vroeger erg stil. verleden toestand
We would always have dinner together. We aten vroeger altijd samen. herhaalde actie
He didn't use to like reading. Hij hield vroeger niet van lezen. ontkenning
Did you use to have a pet? Hadden jullie vroeger een huisdier? vraagvorm
They would spend summers at the beach. Ze brachten de zomers door aan het strand. nostalgisch
I used to know his name. Ik wist vroeger zijn naam. toestand — would NIET mogelijk
As children, we would climb that tree. Als kinderen klommen we altijd in die boom. herhaalde jeugdherinnering
The city used to be much smaller. De stad was vroeger veel kleiner. toestand — would NIET
My grandmother would always tell us stories. Mijn oma vertelde ons altijd verhalen. herhaalde actie + nostalgisch

Veelgemaakte fouten

"Would" voor toestanden

  • Fout: I would be very shy as a child.
  • Correct: I used to be very shy as a child.
  • Waarom: "Would" gebruik je alleen voor acties, niet voor toestanden.

"Use to" vs. "used to"

  • Fout: I use to play tennis.
  • Correct: I used to play tennis.
  • Waarom: In bevestigende zinnen is het altijd "used to" (met d). Alleen na "did" gebruik je "use to": Did you use to...?

"Used to" verwarren met "be used to"

  • Fout: I am used to wake up early. (als je bedoelt: ik ben eraan gewend)
  • Correct: I am used to waking up early.
  • Waarom: "Be used to" = gewend zijn aan (+ gerundium). Dit is een andere constructie dan "used to" (verleden gewoonte).

Oefentips

  • Beschrijf je jeugd: Schrijf vijf dingen over vroeger: "I used to have long hair. We would visit my grandparents every Christmas."
  • Vergelijk vroeger en nu: "I used to watch a lot of TV — now I prefer reading."
  • Would voor nostalgische verhalen: Schrijf een korte nostalgische herinnering: "Every Saturday morning, my father would make pancakes. We would eat them at the kitchen table..."

Verwante concepten

Vereiste kennis

Verleden Tijd van Regelmatige Werkwoorden in het EngelsA2

Meer B1-concepten

Wil je Used to / Would in het Engels en meer Engels-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen