A1

Meewerkend-voorwerpvoornaamwoorden in het Italiaans

Pronomi Indiretti

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Italiaans op Settemila Lingue.

Overzicht

Meewerkend-voorwerpvoornaamwoorden (pronomi indiretti) beantwoorden de vraag "aan wie?" of "voor wie?". Als je zegt "Ik stuur haar een brief", dan is "haar" het meewerkend voorwerp. In het Italiaans vervangen deze voornaamwoorden het meewerkend voorwerp.

Net als de lijdend-voorwerpvoornaamwoorden staan ze normaal gesproken vóór het vervoegde werkwoord, en worden ze vastgeplakt aan een infinitief. De vormen lijken sterk op die van de lijdend-voorwerpvoornaamwoorden, maar voor de derde persoon zijn er belangrijke verschillen.

Een opvallend kenmerk van het moderne Italiaans: gli (aan hem) wordt tegenwoordig in de spreektaal ook gebruikt voor "aan hen" (meervoud), als vervanging van het oudere loro.

Hoe het werkt

De vormen

Persoon Voornaamwoord Betekenis
1e pers. enk. mi mij, me (aan/voor mij)
2e pers. enk. ti jou, je (aan/voor jou)
3e pers. enk. (m.) gli hem (aan/voor hem)
3e pers. enk. (v.) le haar (aan/voor haar)
3e pers. enk. (formeel) Le u (aan/voor u)
1e pers. mv. ci ons (aan/voor ons)
2e pers. mv. vi jullie (aan/voor jullie)
3e pers. mv. gli / loro hen (aan/voor hen)

Let op: Loro staat traditioneel na het werkwoord, maar in de spreektaal gebruikt men bijna altijd gli (vóór het werkwoord).

Positie in de zin

Vóór een vervoefd werkwoord:

  • Ti scrivo una lettera. — Ik schrijf jou een brief.
  • Gli telefono. — Ik bel hem.
  • Le regalo un libro. — Ik geef haar een boek cadeau.

Vastgeplakt aan een infinitief (laatste -e van infinitief valt weg):

  • Voglio parlargli. — Ik wil met hem praten.
  • Devo dirti una cosa. — Ik moet je iets zeggen.

Verwarring met lijdend-voorwerpvormen

Vormen die hetzelfde zijn Betekenis als meewerkend Betekenis als lijdend
mi aan/voor mij mij
ti aan/voor jou jou
ci aan/voor ons ons
vi aan/voor jullie jullie

De derde persoon is anders:

  • Lijdend: lo (hem), la (haar), li/le (ze)
  • Meewerkend: gli (aan hem), le (aan haar), gli (aan hen)

Voorbeelden in context

Italiaans Nederlands Opmerking
Ti scrivo una lettera. Ik schrijf jou een brief. ti = aan jou
Gli telefono domani. Ik bel hem morgen. gli = aan hem
Le regalo un libro. Ik geef haar een boek cadeau. le = aan haar
Ci dice la verità. Hij/zij vertelt ons de waarheid. ci = aan ons
Vi mando una mail. Ik stuur jullie een e-mail. vi = aan jullie
Gli ho spiegato tutto. Ik heb hem/hun alles uitgelegd. gli = aan hem/hen
Le piace la musica. Zij houdt van muziek. le = aan haar (piacere-constructie)
Puoi parlarmi? Kun je met mij praten? mi aan infinitief
Devo dirti una cosa. Ik moet je iets zeggen. ti aan infinitief
Le scrivo subito. Ik schrijf haar meteen. le = aan haar

Veelgemaakte fouten

Gli en le door elkaar halen

  • Fout: Le telefono (als je een man bedoelt)
  • Correct: Gli telefono.
  • Waarom: Gli is voor mannelijk enkelvoud (aan hem), le is voor vrouwelijk enkelvoud (aan haar).

Loro achter het werkwoord vergeten (formeel)

  • Fout: Loro scrivo (als je de formele schrijftaalvorm wilt gebruiken)
  • Correct: Scrivo loro. of in de spreektaal: Gli scrivo.
  • Waarom: Als je toch loro gebruikt (formeel/schrijftaal), staat het na het werkwoord.

Piacere verkeerd gebruiken

  • Fout: Lui piace la pizza.
  • Correct: Gli piace la pizza.
  • Waarom: Bij piacere is de persoon die iets lekker vindt het meewerkend voorwerp: aan hem/haar bevalt de pizza.

Meewerkend en lijdend verwarren

  • Fout: Lo scrivo una lettera. (lo is lijdend voorwerp)
  • Correct: Gli scrivo una lettera.
  • Waarom: "Schrijven aan iemand" vraagt om het meewerkend-voorwerpvoornaamwoord, niet het lijdend-voorwerpvoornaamwoord.

Gebruiksnotities

Het verschil tussen gli en le is voor Nederlandstaligen soms verwarrend omdat we in het Nederlands geen vergelijkbaar onderscheid maken voor "aan hem" en "aan haar". Oefen dit verschil actief.

Piacere (bevallen, lekker vinden) is een van de meest gebruikte werkwoorden waarbij het meewerkend-voorwerpvoornaamwoord essentieel is: Mi piace (Ik vind het leuk), Ti piace? (Vind jij het leuk?), Gli piace (Hij vindt het leuk).

Oefentips

  1. Oefen de piacere-constructie: maak zinnen over wat verschillende mensen lekker vinden of leuk vinden, met steeds het juiste meewerkend-voorwerpvoornaamwoord.
  2. Schrijf een mini-verhaaltje over cadeautjes geven (regalare, dare, mandare) en gebruik zoveel mogelijk meewerkend-voorwerpvoornaamwoorden.
  3. Vergelijk bewust Gli ho dato un libro (ik heb hem een boek gegeven) met L'ho dato a lui (ik heb het aan hem gegeven) om het verschil in gebruik te voelen.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Persoonlijke Voornaamwoorden (Onderwerp) in het ItaliaansA1

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Probeer Settemila Lingue gratis — geen creditcard, geen verplichtingen. Maak een gratis account aan wanneer je klaar bent om te oefenen met spaced repetition.

Gratis beginnen