A1

Vraagwoorden in het Turks

Soru Kelimeleri

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Turks op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Turkse vraagwoorden staan meestal op de plek waar in het antwoord de ontbrekende informatie komt: Nerede yaşıyorsun? betekent ‘Waar woon je?’ Gebruik bij zo’n vraag normaal niet ook het vraagpartikel mi/mı/mu/mü. Let vooral op kaç: het zelfstandig naamwoord erna blijft enkelvoud, dus kaç kitap (‘hoeveel boeken’), niet kaç kitaplar.

Overzicht

Met vraagwoorden vraag je naar een persoon, zaak, plaats, tijdstip, reden, manier, aantal of keuze. De belangrijkste zijn ne (wat), kim (wie), nere/nerede (waar), ne zaman (wanneer), nasıl (hoe), neden/niçin/niye (waarom), kaç (hoeveel) en hangi (welke). Je komt ze al op A1-niveau voortdurend tegen: bij kennismaken, boodschappen doen, reizen en eenvoudige gesprekken.

Voor Nederlandstaligen is de betekenis meestal niet het lastigste deel. Het verschil zit vooral in de bouw van de zin. Het Turks zet het werkwoord vaak aan het einde en plaatst het vraagwoord gewoon op de plek van het gevraagde zinsdeel. Bovendien kunnen vraagwoorden Turkse achtervoegsels krijgen. Zo verandert kim in kimi (‘wie’ als bepaald lijdend voorwerp: de persoon die de handeling ondergaat) en vormt nere de reeks nerede, nereye, nereden.

Nog een belangrijk verschil met het Nederlands: in een zin als Bu ne? staat geen zichtbaar woord voor ‘is’. In de tegenwoordige tijd heeft het Turks bij zulke naamwoordelijke zinnen vaak geen apart koppelwerkwoord. In Kimsin? (‘Wie ben je?’) zit de persoon juist in de uitgang -sin.

Hoe het werkt

De belangrijkste vraagwoorden

Turks Nederlandse kernbetekenis Waarnaar vraag je? Voorbeeld
ne wat ding, handeling of begrip Bu ne? — Wat is dit?
kim wie persoon Kim geldi? — Wie kwam er?
nerede waar plaats waar iets is of gebeurt Anahtar nerede? — Waar is de sleutel?
nereye waarheen bestemming of richting Nereye gidiyorsun? — Waar ga je heen?
nereden waarvandaan herkomst of vertrekpunt Nereden geliyorsun? — Waar kom je vandaan?
ne zaman wanneer tijdstip Ne zaman başlıyor? — Wanneer begint het?
nasıl hoe manier, toestand of soort Nasılsın? — Hoe gaat het met je?
neden, niçin, niye waarom reden of motief Neden bekliyorsun? — Waarom wacht je?
kaç hoeveel telbaar aantal Kaç bilet istiyorsunuz? — Hoeveel kaartjes wilt u?
hangi welke keuze uit personen of zaken Hangi filmi izliyoruz? — Welke film kijken we?

Het vraagwoord vervangt de onbekende informatie

Het Turks heeft een vrij flexibele woordvolgorde, maar de neutrale volgorde zet het werkwoord vaak achteraan. Bouw een vraag daarom niet automatisch volgens het Nederlandse patroon ‘vraagwoord + werkwoord + onderwerp’. Vervang liever het onbekende deel van een gewone Turkse zin door het juiste vraagwoord:

  • Ali bugün Ankara'ya gidiyor. — Ali gaat vandaag naar Ankara.
  • Ali bugün nereye gidiyor? — Waar gaat Ali vandaag heen?
  • Ali ne zaman Ankara'ya gidiyor? — Wanneer gaat Ali naar Ankara?
  • Kim bugün Ankara'ya gidiyor? — Wie gaat vandaag naar Ankara?

Het vraagwoord hoeft dus niet vooraan te staan. Sen nerede çalışıyorsun? is een heel normale vraag. Omdat de persoonsuitgang van het werkwoord al laat zien wie bedoeld wordt, kan het voornaamwoord vaak weg: Nerede çalışıyorsun? klinkt neutraler als er geen nadruk op ‘jij’ nodig is.

Geen extra mi bij een gewoon vraagwoord

Het losse vraagpartikel mi/mı/mu/mü hoort bij ja-neevragen: Geliyor musun? (‘Kom je?’). Een informatievraag heeft al een vraagwoord en gebruikt normaal geen extra vraagpartikel:

  • Nerede oturuyorsun? — Waar woon je?
  • Ne istiyorsun? — Wat wil je?
  • Hangi otobüse biniyoruz? — Welke bus nemen we?

Vormen als ne mi bestaan wel, maar alleen in bijzondere echo- of herhaalvragen. Dat is geen beginnerspatroon; verderop staat daar meer over.

Ne en kim kunnen naamvalsuitgangen krijgen

Een naamvalsuitgang is een achtervoegsel dat aangeeft welke rol een woord in de zin heeft, bijvoorbeeld richting, herkomst of ontvanger. Het vraagwoord krijgt dezelfde uitgang als het antwoord zou krijgen.

Functie Persoon Zaak Voorbeeld
onderwerp kim ne Kim aradı? — Wie belde?
bepaald lijdend voorwerp kimi neyi Kimi gördün? — Wie heb je gezien?
richting of ontvanger kime neye Kime yazıyorsun? — Aan wie schrijf je?
herkomst of ‘van/uit’ kimden neyden Kimden duydun? — Van wie hoorde je het?
bezit of ‘van wie/wat’ kimin neyin Bu kimin çantası? — Van wie is deze tas?
met wie/wat kimle neyle Kimle gidiyorsun? — Met wie ga je?

Bij ne verschijnt vóór een uitgang die met een klinker begint vaak een verbindings-y: neyi, neye, neyin. Leer deze vormen eerst als vaste vraagvormen; de volledige regels van klinkerharmonie en naamvallen komen later.

Plaats: nerede, nereye, nereden en nereli

In het Nederlands kan ‘waar’ in meerdere situaties blijven staan. Het Turks maakt het verschil zichtbaar:

Vorm Betekenis Gebruik Voorbeeld
nerede waar vaste plaats of locatie van een handeling Nerede çalışıyorsun? — Waar werk je?
nereye waarheen beweging naar een bestemming Nereye koşuyor? — Waar rent hij/zij heen?
nereden waarvandaan beweging uit een plaats of bron Bu otobüs nereden kalkıyor? — Waar vertrekt deze bus vandaan?
nereli waar vandaan afkomstig afkomst, vaak met een persoonsuitgang Nerelisin? — Waar kom je vandaan?

Nerelisin? is dus niet letterlijk op dezelfde manier gebouwd als Nederlands ‘Waar kom je vandaan?’. Nereli betekent ongeveer ‘afkomstig van waar’ en -sin geeft ‘jij bent’ aan. Beleefd of tegen meer personen wordt dat Nerelisiniz?.

Kaç, ne kadar en hangi

Gebruik kaç voor een telbaar aantal. Het zelfstandig naamwoord erna staat in het enkelvoud: kaç kişi (‘hoeveel personen’), kaç gün (‘hoeveel dagen’), kaç kitap (‘hoeveel boeken’). Dit botst met de Nederlandse gewoonte om na ‘hoeveel’ een meervoud te gebruiken.

Ne kadar betekent ‘hoeveel’ bij een hoeveelheid, prijs, duur of mate:

  • Bu ne kadar? — Hoeveel kost dit?
  • Ne kadar su istiyorsun? — Hoeveel water wil je?
  • Ne kadar bekledin? — Hoelang heb je gewacht?

Hangi staat vóór een zelfstandig naamwoord wanneer er een keuze wordt bedoeld: hangi gün (‘welke dag’), hangi renk (‘welke kleur’). Een benodigde uitgang komt aan het zelfstandig naamwoord: Hangi okula gidiyorsun? (‘Naar welke school ga je?’). Zonder genoemd zelfstandig naamwoord gebruik je meestal een vorm van hangisi (‘welke ervan’), bijvoorbeeld Hangisini istiyorsun? (‘Welke wil je?’).

Vragen zonder zichtbaar werkwoord

Bij identiteit, plaats, toestand en leeftijd is er vaak geen apart woord dat precies overeenkomt met Nederlands ‘zijn’:

  • Bu ne? — Wat is dit?
  • O kim? — Wie is hij/zij?
  • Tuvalet nerede? — Waar is het toilet?
  • Nasılsın? — Hoe gaat het met je?/Hoe ben je eraan toe?
  • Kaç yaşındasın? — Hoe oud ben je?

In Nasılsın? en Kaç yaşındasın? zit ‘jij bent’ in de persoonsuitgang. Zet daarom niet op goed geluk een apart Turks werkwoord voor ‘zijn’ in zulke vragen.

Voorbeelden in context

Turks Nederlands Toelichting
Bu ne? Wat is dit? Vraag naar een ding of begrip.
Kapıda kim var? Wie staat er voor de deur? Letterlijk ongeveer: ‘Wie is er bij de deur?’
Nerelisin? Waar kom je vandaan? Vraag naar afkomst.
Şimdi nerede yaşıyorsun? Waar woon je nu? Nerede voor een vaste woonplaats.
Yarın nereye gidiyorsunuz? Waar gaat u morgen heen? Nereye voor richting; -sunuz is beleefd of meervoudig.
Tren nereden kalkıyor? Waar vertrekt de trein? Nereden voor het vertrekpunt.
Ders ne zaman bitiyor? Wanneer is de les afgelopen? Het werkwoord staat achteraan.
Bu yemeği nasıl yapıyorsun? Hoe maak je dit gerecht? Vraag naar de manier.
Bugün nasılsın? Hoe gaat het vandaag met je? Vraag naar iemands toestand.
Toplantıya neden gelmedin? Waarom kwam je niet naar de vergadering? Neutrale vraag naar een reden.
Kaç yaşındasın? Hoe oud ben je? Vaste manier om naar leeftijd te vragen.
Kaç bilet alalım? Hoeveel kaartjes zullen we kopen? Bilet blijft enkelvoud.
Bu kahve ne kadar? Hoeveel kost deze koffie? Ne kadar bij een prijs.
Hangi dili öğreniyorsun? Welke taal leer je? Dil krijgt hier de uitgang van het bepaalde lijdend voorwerp.
Bu kimin telefonu? Van wie is deze telefoon? Kimin vraagt naar de bezitter.

Veelgemaakte fouten

Een extra vraagpartikel toevoegen

  • Onjuist: Nerede yaşıyorsun mu?
  • Juist: Nerede yaşıyorsun? — Waar woon je?
  • Waarom: Nerede maakt de zin al tot een informatievraag. Mi/mı/mu/mü is in een gewone vraag alleen nodig als het antwoord ‘ja’ of ‘nee’ kan zijn.

Na kaç een meervoud gebruiken

  • Onjuist: Kaç kitaplar aldın?
  • Juist: Kaç kitap aldın? — Hoeveel boeken heb je gekocht?
  • Waarom: Na kaç blijft een telbaar zelfstandig naamwoord enkelvoud. Laat je dus niet leiden door het Nederlandse meervoud ‘boeken’.

Nerede en nereye verwisselen

  • Onjuist: Nereye yaşıyorsun?
  • Juist: Nerede yaşıyorsun? — Waar woon je?
  • Waarom: Wonen gebeurt op een locatie, dus gebruik nerede. Gebruik nereye bij beweging naar een bestemming: Nereye taşınıyorsun? (‘Waarheen verhuis je?’).

Hangi zonder het gekozen woord laten staan

  • Onjuist: Hangi istiyorsun?
  • Juist: Hangi kitabı istiyorsun? — Welk boek wil je?
  • Ook juist: Hangisini istiyorsun? — Welke wil je?
  • Waarom: Hangi bepaalt normaal een zelfstandig naamwoord. Als dat woord wordt weggelaten, is hangisi met de passende uitgang nodig; hier wordt dat hangisini.

De uitgang van kim of ne vergeten

  • Onjuist: Kim gördün? als je bedoelt: ‘Wie heb je gezien?’
  • Juist: Kimi gördün?
  • Waarom: De gezochte persoon is hier het bepaalde lijdend voorwerp en krijgt daarom -i. Zonder uitgang betekent Kim gördü? juist ‘Wie heeft het gezien?’; de persoonsuitgang van het werkwoord helpt dus ook om de rollen te onderscheiden.

De Nederlandse woordvolgorde kopiëren

  • Minder natuurlijk: Nerede sen çalışıyorsun?
  • Neutraal: Sen nerede çalışıyorsun? of Nerede çalışıyorsun? — Waar werk je?
  • Waarom: Na een Turks vraagwoord hoeft geen omkering zoals in het Nederlands te volgen. Het onderwerp kan vóór het vraagwoord staan en wordt vaak helemaal weggelaten als de werkwoordsuitgang al duidelijk is.

Gebruiksnotities

Neden, niçin en niye kunnen alle drie ‘waarom’ betekenen. Neden is in vrijwel elke situatie een veilige, neutrale keuze. Niye klinkt vaak meer als alledaagse spreektaal, terwijl niçin geregeld wat verzorgder of schriftelijker overkomt. De toon en de situatie zijn minstens zo belangrijk als het gekozen woord; geen van de drie is op zichzelf onbeleefd.

Let ook op beleefdheid in de persoonsuitgang. Tegen één vriend vraag je Nerelisin? en Ne istiyorsun?. Tegen iemand die je met siz aanspreekt, worden dat Nerelisiniz? en Ne istiyorsunuz?. Het vraagwoord verandert niet; de uitgang laat zien tot wie je spreekt.

In gesprekken worden delen die al bekend zijn vaak weggelaten. In een winkel kan Ne kadar? op zichzelf ‘Hoeveel kost het?’ betekenen, en bij het kiezen uit twee gerechten is Hangisi? (‘Welke?’) genoeg. Zulke korte vragen zijn natuurlijk zolang uit de situatie duidelijk is waarover het gaat.

Nasıl dekt meer af dan alleen Nederlands ‘hoe’. Het kan naar een toestand vragen (Hava nasıl? — ‘Hoe is het weer?’), naar een werkwijze (Nasıl açılır? — ‘Hoe gaat dit open?’) of samen met bir naar een soort (Nasıl bir yer? — ‘Wat voor plaats is het?’). Vertaal daarom de hele combinatie en niet elk woord apart.

Verder dan de basis

De volgende patronen hoef je op A1 nog niet actief te beheersen, maar je zult ze later wel tegenkomen.

Uitgangen op hele vraaggroepen

Ook een groep met hangi krijgt de uitgang die de zin vereist. Die uitgang staat aan het einde van de woordgroep:

  • Hangi şehirde yaşıyorsun? — In welke stad woon je?
  • Hangi arkadaşınla geldin? — Met welke vriend(in) van je ben je gekomen?
  • Hangi kitabı okuyorsun? — Welk boek lees je?

Hetzelfde principe verklaart vormen als hangisine (‘aan/naar welke ervan’), hangisinden (‘van/uit welke ervan’) en hangisinin (‘van welke ervan’).

Echo- en herhaalvragen met mi

Een combinatie van vraagwoord en vraagpartikel is mogelijk wanneer je een eerder gehoorde vraag herhaalt of één onderdeel nadrukkelijk opneemt:

  • Ne mi aldım? Ekmek aldım. — Wat ik gekocht heb? Brood.
  • Nereye mi gidiyorum? Eve gidiyorum. — Waar ik heen ga? Naar huis.

Hier vormt mi geen gewone informatievraag. Het signaleert eerder ‘vraag je wát/waarheen…?’ Gebruik dit patroon dus niet als standaardmodel voor Ne aldın? of Nereye gidiyorsun?.

Ingebedde vragen

Een vraagwoord kan ook midden in een mededeling staan: Onun nerede yaşadığını bilmiyorum betekent ‘Ik weet niet waar hij/zij woont.’ Dit heet een ingebedde vraag: de vraag is onderdeel van een grotere zin. Het Turkse werkwoord krijgt daarbij speciale nominaliserende uitgangen (uitgangen die van een werkwoord een zinsdeel maken). Dat systeem hoort bij een hoger niveau; belangrijk is voorlopig dat het vraagwoord behouden blijft, maar de bouw van de bijzin verandert.

Niet elk ne is een echte vraag

In Ne güzel! betekent ne ongeveer ‘wat’ in de uitroep ‘Wat mooi!’. De combinatie ne ... ne ... betekent daarentegen ‘noch ... noch ...’: Ne çay ne kahve içiyorum (‘Ik drink geen thee en geen koffie’). Aan de vorm ne alleen kun je dus niet altijd zien dat er een vraag volgt; kijk ook naar de hele zin en de leestekens.

Ook vaste vragen kunnen een retorische functie hebben, dus zonder dat de spreker echt informatie verwacht. Neden olmasın? betekent ‘Waarom niet?’ en drukt vaak instemming uit. Ne yapayım? kan letterlijk ‘Wat moet ik doen?’ betekenen, maar ook berusting: ‘Wat kan ik eraan doen?’

Oefentips

  1. Vervang één zinsdeel. Neem een gewone zin, bijvoorbeeld Ayşe yarın İzmir'e gidiyor, en maak vragen met kim, ne zaman en nereye. Zo oefen je de Turkse bouw zonder Nederlandse omkering.
  2. Leer plaatsvormen als een drietal. Koppel nerede aan ‘op een plaats’, nereye aan ‘naar een plaats’ en nereden aan ‘uit/van een plaats’. Beschrijf tijdens een wandeling waar je bent, waar je heen gaat en waar je vandaan komt.
  3. Maak antwoordparen. Schrijf bij elke vraag meteen een kort antwoord met dezelfde uitgang: Kime yazdın? — Ece'ye yazdım. en Kimden duydun? — Murat'tan duydum. Daardoor wordt zichtbaar waarom de vraagvorm verandert.

Verwante onderwerpen

Meer A1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen