B1

Betrekkelijke bijzinnen in het Thais

อนุประโยคคุณศัพท์

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Thai op Settemila Lingue.

Kort gezegd

In het Thais zet je een betrekkelijke bijzin na het zelfstandig naamwoord (het woord voor een persoon, zaak of plaats) en leid je die meestal in met ที่ (thîi): คนที่มา betekent ‘de persoon die kwam’. ที่ verandert niet voor personen, zaken of grammaticale functies. Het kan dus onder meer overeenkomen met Nederlands die, dat, wie, waar en waarom.

Overzicht

Een betrekkelijke bijzin geeft extra informatie over een zelfstandig naamwoord. In ‘de vrouw die belde’ vertelt ‘die belde’ om welke vrouw het gaat. Het Thaise basispatroon lijkt op het Nederlandse: eerst staat de persoon of zaak, daarna de beschrijving. De vaste verbindende vorm is meestal ที่: ผู้หญิงที่โทรมา (‘de vrouw die belde’).

Dit onderwerp hoort bij B1, omdat je er losse mededelingen mee kunt samenvoegen tot één natuurlijk geheel. In plaats van ผมอ่านหนังสือ หนังสือสนุกมาก (‘Ik lees een boek. Het boek is erg leuk’) kun je zeggen: หนังสือที่ผมอ่านสนุกมาก (‘Het boek dat ik lees, is erg leuk’).

Voor Nederlandstaligen is vooral prettig dat ที่ niet verbogen wordt en geen onderscheid maakt tussen die en dat. Toch werkt de rest van de zin niet precies zoals in het Nederlands. Er komt geen persoonsvorm vooraan, Thaise werkwoorden worden niet vervoegd en het ontbrekende zinsdeel wordt doorgaans niet nog eens met een voornaamwoord herhaald.

Zo werkt het

Het basispatroon

De hoofdstructuur is:

zelfstandig naamwoord + ที่ + beschrijvende bijzin

Onderdeel Thaise vorm Functie
zelfstandig naamwoord คน de persoon over wie iets wordt gezegd
verbindend woord ที่ leidt de beschrijving in
beschrijvende bijzin อยู่ที่นี่ woont hier
geheel คนที่อยู่ที่นี่ de persoon die hier woont

Een Thaise betrekkelijke bijzin staat dus direct achter het woord dat hij beschrijft. Wat daarna volgt, behoudt grotendeels de gewone Thaise zinsvolgorde.

Als het beschreven woord de handelende persoon is

In คนที่มา is คน (‘persoon’) degene die komt. Het beschreven woord vervult binnen de bijzin de rol van onderwerp (wie of wat de handeling uitvoert). Na ที่ komt daarom meteen het werkwoord:

persoon of zaak + ที่ + werkwoord + rest

  • คนที่มา — de persoon die kwam/komt
  • เด็กที่กำลังนอน — het kind dat aan het slapen is
  • รถที่จอดหน้าบ้าน — de auto die voor het huis geparkeerd staat

Je voegt na ที่ geen extra woord voor ‘hij’, ‘zij’ of ‘het’ toe. De plaats van het ontbrekende onderwerp wordt al begrepen vanuit คน, เด็ก of รถ.

Als het beschreven woord de handeling ondergaat

In หนังสือที่ผมอ่าน is หนังสือ het lijdend voorwerp (wie of wat de handeling ondergaat) van อ่าน (‘lezen’). De uitvoerder van de handeling, hier ผม (‘ik’, gebruikt door een mannelijke spreker), blijft in de bijzin staan:

zaak of persoon + ที่ + onderwerp + werkwoord

  • หนังสือที่ผมอ่าน — het boek dat ik lees
  • อาหารที่คุณสั่ง — het eten dat je hebt besteld
  • คนที่เราเห็น — de persoon die wij zagen

Vergelijk de twee patronen goed:

Functie van het beschreven woord Patroon Voorbeeld Betekenis
voert de handeling uit naamwoord + ที่ + werkwoord คนที่อ่านหนังสือ de persoon die het boek leest
ondergaat de handeling naamwoord + ที่ + onderwerp + werkwoord หนังสือที่คนนั้นอ่าน het boek dat die persoon leest

Het verschil wordt dus niet door ที่ aangegeven, maar door wat er na ที่ staat.

Personen, zaken, plaatsen, tijden en redenen

Het Nederlands kiest verschillende woorden: die, dat, waar, waarop, toen of waarom. Het Thais kan in al deze omgevingen ที่ gebruiken.

Soort antecedent Patroon Voorbeeld Nederlandse weergave
persoon คน + ที่ + bijzin คนที่อยู่ที่นี่ de persoon die hier woont
zaak หนังสือ + ที่ + bijzin หนังสือที่ผมอ่าน het boek dat ik lees
plaats ร้าน + ที่ + bijzin ร้านที่เราไป de zaak waar we heen gingen
reden เหตุผล + ที่ + bijzin เหตุผลที่ผมมา de reden waarom ik kwam
tijdstip วัน + ที่ + bijzin วันที่เราเจอกัน de dag waarop we elkaar ontmoetten

Bij een plaats hoef je het Nederlandse waar niet apart te vertalen. บ้านที่เขาอยู่ is letterlijk opgebouwd als ‘huis + ที่ + hij woont’, maar betekent natuurlijk ‘het huis waar hij woont’. Welke plaatsrelatie bedoeld wordt, blijkt uit het werkwoord en de context.

Let bij วันที่ op de dubbele bruikbaarheid van ที่. De combinatie kan een datum aangeven, zoals วันที่สิบ (‘de tiende dag/de tiende’), maar kan ook een dag nader beschrijven: วันที่เราเจอกัน (‘de dag waarop we elkaar ontmoetten’). De rest van de zin maakt het verschil duidelijk.

Weggelaten zinsdelen

Thai laat een onderwerp of voorwerp vaak weg wanneer het uit de context blijkt. Daardoor kan een korte vorm meer dan één lezing toelaten. In เหตุผลที่มา staat niet letterlijk wie kwam; afhankelijk van de situatie kan het ‘de reden waarom ik kwam’ of ‘de reden waarom hij/zij kwam’ betekenen.

Maak de persoon expliciet als de context onvoldoende houvast geeft:

  • เหตุผลที่ผมมา — de reden waarom ik kwam (mannelijke spreker)
  • เหตุผลที่เขามา — de reden waarom hij/zij kwam
  • เหตุผลที่พวกเรามา — de reden waarom wij kwamen

Dit is geen bijzondere eigenschap van betrekkelijke bijzinnen, maar een gevolg van de algemene Thaise gewoonte om bekende informatie niet te herhalen.

Classificeerders in de naamwoordgroep

Een classificeerder is een telwoordachtig categoriewoord dat in het Thais onder meer bij aantallen en aanwijzingen wordt gebruikt. Voor boeken is dat bijvoorbeeld เล่ม, voor voertuigen คัน en voor glazen of bekers แก้ว. Als zo'n woord deel uitmaakt van de naamwoordgroep, staat ที่ erna:

  • หนังสือเล่มที่ผมซื้อ — het boek dat ik kocht
  • รถคันที่จอดอยู่ข้างนอก — de auto die buiten staat
  • กาแฟแก้วที่คุณถือ — de koffie in het glas/de beker die je vasthoudt
  • หนังสือสองเล่มที่ฉันยืม — de twee boeken die ik heb geleend

De classificeerder helpt een bepaald exemplaar aan te wijzen. หนังสือที่ผมซื้อ is op zichzelf echter ook correct; je hoeft niet altijd een classificeerder toe te voegen.

Een achterblijvend voorzetselachtig woord

Sommige Thaise werkwoorden worden gecombineerd met een woord als ด้วย (‘met’) of ให้ (‘aan/voor’). Als het beschreven woord bij zo'n combinatie hoort, kan dat woord achteraan in de bijzin blijven:

  • คนที่ฉันคุยด้วย — de persoon met wie ik praatte
  • เพื่อนที่ผมซื้อของขวัญให้ — de vriend(in) voor wie ik een cadeau kocht

Een Nederlander wil misschien met wie als één blok vóór de bijzin zetten. In het Thais blijft de gewone opbouw juist herkenbaar: ฉันคุยด้วย (‘ik praat met [hem/haar]’) wordt achter คนที่ geplaatst.

Voorbeelden in context

Thais Nederlands Toelichting
คนที่อยู่ที่นี่เป็นครู De persoon die hier woont, is leraar. Het beschreven woord is onderwerp van อยู่.
ผู้หญิงที่โทรมาเป็นพี่สาวผม De vrouw die belde, is mijn oudere zus. มา na โทร geeft hier aan dat het telefoontje binnenkwam.
เด็กที่กำลังนอนเป็นลูกของเขา Het kind dat nu slaapt, is zijn/haar kind. กำลัง markeert een handeling die bezig is.
หนังสือที่ผมอ่านสนุกมาก Het boek dat ik lees, is erg leuk. ผม is het onderwerp binnen de bijzin.
อาหารที่คุณสั่งมาถึงแล้ว Het eten dat je bestelde, is aangekomen. De hele naamwoordgroep is onderwerp van มาถึงแล้ว.
คนที่เราเห็นเมื่อเช้าเป็นหมอ De persoon die we vanochtend zagen, is arts. คน is het ontbrekende voorwerp van เห็น.
ร้านที่เราไปเมื่อวานปิดวันนี้ De zaak waar we gisteren heen gingen, is vandaag dicht. ที่ kan bij een plaats als Nederlands waar worden weergegeven.
บ้านที่เขาอยู่ใกล้สถานี Het huis waar hij/zij woont, ligt dicht bij het station. Geen apart Thais woord voor waar nodig.
เหตุผลที่ผมมาคืออยากคุยกับคุณ De reden waarom ik kwam, is dat ik met je wilde praten. Het onderwerp ผม voorkomt onduidelijkheid.
วันที่เราเจอกันฝนตกหนัก Op de dag waarop we elkaar ontmoetten, regende het hard. Een tijdsaanduiding wordt nader bepaald.
เพื่อนที่รถเสียโทรหาฉัน De vriend(in) van wie de auto stukging, belde mij. De bezitsrelatie wordt uit de context afgeleid.
คนที่ฉันคุยด้วยใจดีมาก De persoon met wie ik sprak, is erg aardig. ด้วย blijft achter het werkwoord staan.
หนังสือสองเล่มที่ฉันซื้อเป็นของขวัญ De twee boeken die ik kocht, zijn cadeaus. ที่ volgt op de volledige groep met aantal en classificeerder.
โครงการนี้ซึ่งเริ่มเมื่อปีที่แล้วประสบความสำเร็จ Dit project, dat vorig jaar begon, is een succes geworden. ซึ่ง geeft de zin een formelere, geschreven toon.

Veelgemaakte fouten

Een Nederlands betrekkelijk voornaamwoord letterlijk vertalen

  • Niet goed: คนใครมา
  • Wel goed: คนที่มา
  • Waarom: Nederlands wie wordt hier niet met ใคร (‘wie?’ in een vraag) vertaald. Een gewone Thaise betrekkelijke bijzin gebruikt ที่.

ที่ weglaten omdat Nederlands soms ‘dat’ kan missen

  • Niet goed als bedoelde naamwoordgroep: หนังสือผมอ่าน
  • Wel goed: หนังสือที่ผมอ่าน
  • Waarom: In informeel Nederlands hoor je bijvoorbeeld ‘het boek dat ik las’, en in sommige andere talen kan het verbindingswoord verdwijnen. Voor een leerder is ที่ in deze Thaise structuur de veilige en duidelijke keuze. Zonder ที่ kan de woordgroep onduidelijk of als losse zinsdelen gelezen worden.

Het ontbrekende voorwerp nog eens herhalen

  • Niet goed in de neutrale basisstructuur: หนังสือที่ผมอ่านมัน
  • Wel goed: หนังสือที่ผมอ่าน
  • Waarom: หนังสือ is al wat ผม leest. Voeg niet automatisch มัน (‘het’) toe zoals je dat in losse spreektaal soms als hervatting kunt horen. Voor de gewone betrekkelijke bijzin blijft die plek leeg.

De bijzin vóór het zelfstandig naamwoord zetten

  • Niet goed: ที่อยู่ที่นี่คน
  • Wel goed: คนที่อยู่ที่นี่
  • Waarom: De beschrijving volgt in dit patroon op het zelfstandig naamwoord. Dit komt toevallig vaak overeen met het Nederlands, maar niet met elke andere Thaise bepaling.

ที่ als plaatswoord dubbel gebruiken

  • Niet goed: ร้านที่เราไปที่
  • Wel goed: ร้านที่เราไป
  • Waarom: Het eerste ที่ leidt de betrekkelijke bijzin al in. Bij ไป (‘gaan’) maakt de context duidelijk dat ร้าน de bestemming is; een los ที่ aan het eind is hier niet nodig.

Niet duidelijk maken wie handelt

  • Onduidelijk zonder context: หนังสือที่อ่านแล้ว
  • Duidelijker: หนังสือที่ผมอ่านแล้ว
  • Waarom: De korte vorm kan correct zijn en betekent ongeveer ‘het boek dat al gelezen is/dat [iemand] al heeft gelezen’. Als het belangrijk is wie las, noem je die persoon.

Gebruiksnotities

ที่ is niet altijd een betrekkelijk woord

ที่ is zeer frequent en heeft meerdere functies. Het kan ook ‘plaats’ betekenen, in plaatsaanduidingen voorkomen of bij rangtelwoorden staan. Vergelijk:

  • คนที่มา — de persoon die kwam: ที่ leidt een betrekkelijke bijzin in
  • อยู่ที่บ้าน — thuis/in het huis zijn: ที่ markeert een plaats
  • ครั้งที่สอง — de tweede keer: ที่ helpt een rangnummer vormen

Probeer daarom niet elk voorkomen van ที่ automatisch als die of dat te vertalen. Kijk eerst naar de woorden vóór en na ที่.

Tijd en aspect blijven gewoon in de bijzin staan

ที่ heeft zelf geen verleden, heden of toekomst. Tijd blijkt uit de context of uit gewone Thaise tijds- en aspectwoorden:

  • คนที่กำลังรอ — de persoon die aan het wachten is
  • อาหารที่กินแล้ว — het eten dat al gegeten is
  • โรงแรมที่เราจะพัก — het hotel waar we zullen verblijven

De vormen กำลัง, แล้ว en จะ werken hier hetzelfde als in een gewone Thaise zin. Dat sluit rechtstreeks aan op de basisstructuur van Thaise werkwoorden.

Spreektaal en schrijftaal

In alledaagse gesprekken is ที่ de normale, veelzijdige keuze. Thai laat daarbij gemakkelijk bekende onderwerpen weg, zodat een relatieve bijzin in gesproken taal kort kan zijn. In zorgvuldige schrijftaal wordt de handelende persoon vaker genoemd wanneer anders dubbelzinnigheid ontstaat.

Thaise tekst gebruikt bovendien geen komma om elke betrekkelijke bijzin af te bakenen. Lezers herkennen de grenzen vooral aan betekenis en zinsbouw. Zet daarom niet automatisch Nederlandse komma's in een Thaise zin.

Verder dan de basis

ซึ่ง in formelere teksten

ซึ่ง kan eveneens een nadere bijzin inleiden. Het komt vaker voor in formele, verklarende of geschreven taal dan in een gewoon gesprek. Het is vooral gebruikelijk wanneer de schrijver aanvullende informatie geeft over iets dat al duidelijk geïdentificeerd is:

  • บริษัทนี้ซึ่งก่อตั้งในปี 2540 มีพนักงานกว่าร้อยคน — Dit bedrijf, dat in 1997 werd opgericht, heeft meer dan honderd werknemers.

Voor de Nederlandse vertaling past vaak een bijzin tussen komma's. Toch lopen Thaise en Nederlandse leestekens niet volledig gelijk. Beschouw ซึ่ง daarom niet als een mechanische vertaling van ‘die tussen komma's’. Op B1-niveau kun je in je eigen zinnen meestal ที่ gebruiken; leer ซึ่ง vooral herkennen in nieuws, verslagen en formele uitleg.

อัน als plechtige of compacte bepaling

อัน verschijnt in formele, literaire en vaste verbindingen vóór een eigenschap of beschrijving, bijvoorbeeld ความคิดอันยอดเยี่ยม (‘een voortreffelijk idee’) en ผลอันเกิดจาก... (‘het gevolg dat voortkomt uit ...’). In een alledaags gesprek klinkt dit vaak plechtiger dan ที่. Vervang ที่ dus niet overal door อัน.

Bezit zonder een apart woord voor ‘wiens’

Thai heeft in dit patroon geen noodzakelijk afzonderlijk betrekkelijk woord dat precies overeenkomt met Nederlands wiens. De bezitsrelatie kan uit een volledige kleine mededeling blijken:

  • คนที่รถเสีย — de persoon van wie de auto stuk is
  • นักเรียนที่พ่อเป็นหมอ — de leerling van wie de vader arts is

Letterlijk volgt na ที่ ‘de auto is stuk’ of ‘de vader is arts’. De luisteraar begrijpt dat รถ of พ่อ bij de eerder genoemde persoon hoort. Voeg bij mogelijke verwarring een bezitsconstructie of meer context toe.

Beperkende en aanvullende informatie

Een beperkende bijzin vertelt welke persoon of zaak je bedoelt: นักเรียนที่มาสาย is ‘de leerling(en) die te laat kwam(en)’, dus niet noodzakelijk alle leerlingen. Een aanvullende bijzin geeft alleen extra informatie over een al bekende persoon of zaak. In formele tekst kan ซึ่ง die aanvullende lezing ondersteunen.

Het onderscheid wordt in het Thais echter niet zo consequent met komma's zichtbaar gemaakt als in het Nederlands. Context, woordkeuze en intonatie zijn belangrijker. Bij belangrijke schriftelijke informatie is het vaak beter de zin zo te formuleren dat er maar één logische lezing overblijft.

Oefentips

  1. Combineer telkens twee korte zinnen. Maak van ผู้ชายคนนั้นเป็นครู เขาอยู่ข้างบ้าน één groep: ผู้ชายที่อยู่ข้างบ้านเป็นครู (‘De man die naast ons woont, is leraar’). Oefen afwisselend met een handelend onderwerp en een ondergaand voorwerp.
  2. Markeer de lege plek. Vraag bij หนังสือที่ผมอ่าน: ‘Wat leest ผม?’ Het antwoord is หนังสือ. Zo voorkom je dat je na อ่าน ten onrechte nog มัน toevoegt.
  3. Verzamel voorbeelden per Nederlands woord. Zoek in Thaise dialogen één voorbeeld waarin ที่ als die/dat, één als waar en één als waarom wordt vertaald. Zo leer je één Thaise structuur te herkennen zonder vast te zitten aan één Nederlandse vertaling.

Verwante onderwerpen

  • Voorkennis: Thaise basisstructuur van werkwoorden — helpt je de gewone volgorde van onderwerp, werkwoord en voorwerp binnen de bijzin te herkennen.
  • Vervolg: Indirecte rede — bouwt langere zinnen met onder meer ว่า voor weergegeven uitspraken en gedachten.

Vereiste kennis

Basisstructuur van Thaise werkwoordenA1

Concepten die hierop voortbouwen

Meer B1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen อนุประโยคคุณศัพท์ in Thai met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Thai · B1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen