C1

De mogelijke vorm met -hat/-het in het Hongaars

Ható Mód (-hat/-het)

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Hongaars op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Met -hat/-het maak je van een Hongaars werkwoord een nieuw werkwoord met de betekenis ‘kunnen’, ‘mogen’ of ‘mogelijk zijn’: olvas ‘lezen’ → olvashat ‘kunnen/mogen lezen’. Dit nieuwe werkwoord krijgt daarna gewoon uitgangen voor persoon, tijd, wijs en de bepaalde of onbepaalde vervoeging: olvashatok ‘ik kan lezen’, olvashatom ‘ik kan het lezen’, olvashatnék ‘ik zou kunnen lezen’.

Overzicht

In het Nederlands gebruiken we meestal een apart modaal werkwoord: kunnen of mogen, gevolgd door een infinitief. Het Hongaars bouwt die betekenis doorgaans in het werkwoord zelf in. Bemehetek? is daarom letterlijk één vervoegde werkwoordsvorm, maar betekent natuurlijk ‘Mag ik naar binnen?’ Het suffix (een achtervoegsel dat een nieuw woord of een nieuwe vorm maakt) is -hat of -het; welke variant je kiest, hangt af van de klinkerharmonie.

De vorm wordt vaak de ható mód genoemd, de ‘mogelijke vorm’ of ‘potentialis’. Strikt grammaticaal is -hat/-het geen aparte wijs zoals de voorwaardelijke wijs. Het is een werkwoordvormend suffix: er ontstaat eerst een potentieel werkwoord, en dat kan vervolgens in de tegenwoordige tijd, verleden tijd, voorwaardelijke wijs of gebiedende/aanvoegende vorm staan. Dat verklaart waarom lange maar volkomen regelmatige vormen als olvashattam volna en olvashatnám mogelijk zijn.

Op C1-niveau gaat het niet alleen om de basisbetekenis ‘kunnen’. Je moet ook kunnen onderscheiden of een zin over vermogen, gelegenheid, toestemming, mogelijkheid of een voorzichtige veronderstelling gaat. Bovendien blijft het Hongaarse verschil tussen de onbepaalde en bepaalde vervoeging gelden. Juist dat laatste voelt voor Nederlandstaligen ongewoon: het Nederlandse ‘het’ staat los, terwijl de Hongaarse werkwoordsuitgang mede door het lijdend voorwerp wordt bepaald.

Zo werkt het

De basisformule

De algemene volgorde is:

werkwoordstam + -hat/-het + tijd of wijs + persoonsuitgang

Opbouw Vorm Betekenis
olvas + hat olvashat hij/zij kan of mag lezen
olvas + hat + ok olvashatok ik kan of mag lezen
olvas + hat + om olvashatom ik kan of mag het lezen
olvas + hat + verleden tijd + am olvashattam ik kon/mocht lezen
olvas + hat + voorwaardelijk + nék olvashatnék ik zou kunnen/mogen lezen

Het suffix staat dus dichter bij de stam dan de andere grammaticale uitgangen. Denk niet vanuit het Nederlandse schema kan + lezen, maar vanuit één nieuw werkwoord: olvashatni, ‘kunnen/mogen lezen’.

-hat of -het: klinkerharmonie

Hongaarse achtervoegsels passen hun klinker aan de klinkers van het woord aan. Dat heet klinkerharmonie. In de eenvoudigste gevallen geldt:

Klinkers in de stam Variant Voorbeelden
achterklinkers, zoals a, á, o, ó, u, ú -hat olvas → olvashat, tanul → tanulhat
voorklinkers, zoals e, é, ö, ő, ü, ű -het kér → kérhet, ül → ülhet

De klinkers i, í, e en é kunnen in sommige woorden neutraal gedrag vertonen. Daardoor kun je niet bij elk gemengd of uitsluitend neutraal woord blind op de laatste geschreven klinker afgaan: ír wordt bijvoorbeeld írhat, maar kér wordt kérhet. Leer bij twijfel de suffixvariant samen met het werkwoord; dezelfde klinkerharmoniepatronen keren ook bij andere Hongaarse uitgangen terug.

De onbepaalde en bepaalde vervoeging

Een lijdend voorwerp is de persoon of zaak die de handeling rechtstreeks ondergaat: in ‘ik lees het boek’ is ‘het boek’ het lijdend voorwerp. Het Hongaars kiest ook bij een werkwoord op -hat/-het tussen twee reeksen uitgangen:

  • de onbepaalde vervoeging bij geen lijdend voorwerp of bij een onbepaald voorwerp;
  • de bepaalde vervoeging bij een bepaald voorwerp, zoals a könyvet ‘het boek’ of een voorwerp dat al bekend is.
Persoon Onbepaald: olvashat- Bepaald: olvashat-
ik olvashatok olvashatom
jij olvashatsz olvashatod
hij/zij olvashat olvashatja
wij olvashatunk olvashatjuk
jullie olvashattok olvashatjátok
zij olvashatnak olvashatják

Vergelijk Olvashatok egy könyvet ‘Ik kan een boek lezen’ met Olvashatom a könyvet ‘Ik kan het boek lezen’. In het Nederlands verandert alleen de woordgroep na het werkwoord. In het Hongaars verandert ook de werkwoordsuitgang.

Voor ‘ik … jou’ bestaat de bijzondere uitgang -lak/-lek: Láthatlak betekent ‘Ik kan je zien’. Ook die komt ná het potentialissuffix.

Tegenwoordige tijd en toekomstige betekenis

De gewone tegenwoordige tijd kan vermogen, toestemming of een mogelijkheid in het heden uitdrukken:

  • Most beszélhetünk. — We kunnen nu praten.
  • Itt parkolhatsz. — Je mag hier parkeren.
  • Eshet az eső. — Het kan gaan regenen.

Net als andere Hongaarse tegenwoordige vormen kan een vorm op -hat/-het met een tijdsbepaling naar de toekomst verwijzen: Holnap elmehetek betekent ‘Morgen kan/mag ik weggaan’. Een omschrijving met fog en de infinitief is grammaticaal mogelijk, bijvoorbeeld olvashatni fog, maar klinkt vaak zwaarder. Voor een eenvoudige toekomstige mogelijkheid kiest men meestal de tegenwoordige vorm met context, of een natuurlijkere omschrijving met tud, lehet of lesz rá lehetőség ‘er zal gelegenheid voor zijn’.

Verleden tijd

In de verleden tijd komt de verleden-tijdmarkering na -hat/-het. Omdat het potentialissuffix op t eindigt, zie je vaak tt:

Tegenwoordig Verleden Betekenis
mehetek mehettem ik kan/mag gaan → ik kon/mocht gaan
olvashat olvashatott hij/zij kan lezen → hij/zij kon lezen
láthatja láthatta hij/zij kan het zien → hij/zij kon het zien
kérhetnek kérhettek zij kunnen vragen → zij konden vragen

De context bepaalt opnieuw of ‘kon’ dan wel ‘mocht’ de beste Nederlandse vertaling is. Tegnap nem mehettem be kan ‘Gisteren kon ik niet naar binnen’ betekenen, maar ook ‘Gisteren mocht ik niet naar binnen’.

De voorwaardelijke wijs

De voorwaardelijke wijs drukt hier een mogelijkheid uit die afhankelijk is van een voorwaarde, of maakt een voorstel beleefder. De onbepaalde en bepaalde vervoeging blijven zichtbaar:

Functie Onbepaald Bepaald
ik olvashatnék — ik zou kunnen lezen olvashatnám — ik zou het kunnen lezen
jij olvashatnál olvashatnád
hij/zij olvashatna olvashatná
wij olvashatnánk olvashatnánk
jullie olvashatnátok olvashatnátok
zij olvashatnának olvashatnák

Sommige vormen zijn in beide vervoegingen gelijk, zoals olvashatnánk. Alleen het voorwerp en de context laten dan zien welke functie bedoeld is.

Voor een onvervulde mogelijkheid in het verleden gebruik je de verleden vorm plus volna:

  • Mehettem volna. — Ik had kunnen gaan.
  • Elolvashattam volna a levelet. — Ik had de brief kunnen lezen.
  • Segíthettél volna. — Je had kunnen helpen.

Het Nederlandse ‘had kunnen’ wordt dus niet woord voor woord nagebouwd. Het Hongaars zet het hoofdwerkwoord in de mogelijke verleden vorm en voegt volna toe.

Gebiedende en aanvoegende vormen

Het Hongaars gebruikt dezelfde vorm voor bevelen en voor bepaalde afhankelijke zinnen; die wordt vaak de gebiedende/aanvoegende wijs genoemd. ‘Aanvoegend’ betekent hier dat de vorm in een bijzin een gewenste, toegestane of beoogde handeling uitdrukt. Na -hat/-het leidt de combinatie met de j-markering tot vormen als:

  • olvashassak — dat ik mag/kan lezen;
  • olvashassam — dat ik het mag/kan lezen;
  • mehessen — dat hij/zij mag/kan gaan;
  • láthassák — dat zij het mogen/kunnen zien.

In de praktijk komen ze vaak voor na hadd ‘laat/mag’ of in een doelzin: Hadd olvashassam el! ‘Laat me het lezen!’; Közelebb ment, hogy jobban láthassa. ‘Hij/zij ging dichterbij om het beter te kunnen zien.’

Veelvoorkomende onregelmatige stammen

Niet elk werkwoord wordt gevormd door simpelweg -hat/-het achter de infinitief zonder -ni te zetten. Enkele zeer frequente werkwoorden gebruiken een verkorte of veranderde stam:

Infinitief Mogelijke vorm Betekenis
menni mehet kunnen/mogen gaan
jönni jöhet kunnen/mogen komen
enni ehet kunnen/mogen eten
inni ihat kunnen/mogen drinken
tenni tehet kunnen doen/leggen
venni vehet kunnen kopen/nemen
vinni vihet kunnen meenemen/dragen
lenni lehet kunnen zijn; mogelijk zijn

Deze vormen zijn zo gangbaar dat het beter is ze als vaste woordfamilies te oefenen: megy – menni – mehet, eszik – enni – ehet.

Voorbeelden in context

Hongaars Nederlands Toelichting
Olvashatom. Ik kan/mag het lezen. Bepaalde vervoeging; het voorwerp is bekend.
Olvashatok egy könyvet a vonaton. Ik kan in de trein een boek lezen. Onbepaald voorwerp: egy könyvet.
Bemehetek? Mag ik naar binnen? Een gewone vraag om toestemming.
Nem mehetek. Ik kan/mag niet gaan. Zonder context blijven vermogen en toestemming beide mogelijk.
Ma este találkozhatunk. We kunnen vanavond afspreken. Een praktische mogelijkheid of voorstel.
Láthatlak az ablakból. Ik kan je vanuit het raam zien. Speciale ik-jou-uitgang -lak.
Ezt bárki megértheti. Iedereen kan dit begrijpen. Ezt is bepaald; daarom megértheti.
Tegnap nem jöhettem dolgozni. Gisteren kon ik niet komen werken. Verleden tijd; de reden blijkt uit de context.
Mehettem volna. Ik had kunnen gaan. Onvervulde mogelijkheid in het verleden.
Láthatná a különbséget, ha figyelne. Hij/zij zou het verschil kunnen zien als hij/zij oplette. Bepaalde voorwaardelijke vorm.
Kérhetnék egy pohár vizet? Zou ik een glas water mogen vragen? Beleefd verzoek; onbepaald voorwerp.
Elolvashatnám a jelentést holnap. Ik zou het rapport morgen kunnen lezen. Bepaalde voorwaardelijke vorm.
Hadd próbálhassam meg még egyszer! Laat me het nog één keer proberen! hadd met een gebiedende/aanvoegende vorm.
Közelebb ültem, hogy jobban hallhassam. Ik ging dichterbij zitten om het beter te kunnen horen. Doelzin met een bepaalde vorm.
Holnap eshet a hó. Morgen kan het sneeuwen. Mogelijkheid, niet het vermogen van een persoon.

Veelgemaakte fouten

1. Een Nederlands modaal werkwoord letterlijk nabouwen

  • Onjuist: Tudok olvasom ezt.
  • Juist: Elolvashatom ezt. — Ik kan dit lezen.
  • Ook mogelijk, met andere nadruk: El tudom olvasni ezt. — Ik ben in staat dit te lezen.
  • Waarom: Na tud staat een infinitief, niet een vervoegde vorm. Met -hat/-het is het hoofdwerkwoord zelf vervoegd. De twee constructies overlappen, maar leggen niet altijd dezelfde nadruk.

2. De verkeerde harmonische variant kiezen

  • Onjuist: kérhat
  • Juist: kérhet — hij/zij kan/mag vragen
  • Waarom: kér neemt een suffix met een voorklinker. Leer bij onzekere of onregelmatige stammen de hele vorm.

3. De bepaalde vervoeging vergeten

  • Onjuist: Olvashatok a könyvet.
  • Juist: Olvashatom a könyvet. — Ik kan het boek lezen.
  • Waarom: a könyvet is een bepaald lijdend voorwerp. Het suffix -hat schakelt de gewone keuze tussen beide vervoegingen niet uit.

4. tud en -hat/-het altijd als synoniemen behandelen

  • Misleidend: Úszhatok gebruiken wanneer je alleen je aangeleerde vaardigheid bedoelt.
  • Beter: Tudok úszni. — Ik kan zwemmen.
  • Waarom: tud + infinitief benadrukt vaak kennis of vermogen. Úszhatok? wordt gemakkelijk begrepen als ‘Mag ik zwemmen?’ of ‘Kan ik onder deze omstandigheden zwemmen?’

5. Het werkwoordprefix op zijn plaats laten staan na ontkenning

  • Onjuist: Nem bemehetek.
  • Juist: Nem mehetek be. — Ik kan/mag niet naar binnen.
  • Waarom: Een werkwoordprefix zoals be- staat in een neutrale bevestigende zin vóór het werkwoord (Bemehetek), maar wordt bij gewone ontkenning doorgaans van het werkwoord gescheiden en erachter geplaatst.

6. De dubbele t in het verleden vergeten

  • Onjuist: Tegnap mehetem.
  • Juist: Tegnap mehettem. — Gisteren kon/mocht ik gaan.
  • Waarom: De t van -het en de markering van de verleden tijd komen samen: me-het-t-em.

Gebruiksnotities

‘Kunnen’ en ‘mogen’ blijven contextafhankelijk

Het Hongaars hoeft het verschil dat het Nederlands met twee werkwoorden maakt niet altijd expliciet te coderen. Nem vezethetek kan betekenen dat ik niet kan rijden door een blessure, maar ook dat ik niet mag rijden omdat mijn rijbewijs is ingetrokken. Als het onderscheid belangrijk is, maakt de spreker de reden expliciet of kiest een andere constructie.

Voor ondubbelzinnige toestemming of een verbod zijn szabad en nem szabad nuttig: Itt szabad parkolni? ‘Mag je hier parkeren?’; Itt nem szabad dohányozni ‘Hier mag je niet roken.’ Voor aangeleerde vaardigheid of feitelijk vermogen is tud + infinitief vaak duidelijker: Tud magyarul olvasni ‘Hij/zij kan Hongaars lezen’.

Beleefde verzoeken

De voorwaardelijke vorm is heel gebruikelijk in beleefde vragen. Kérhetek egy kávét? is een normale, directe vraag: ‘Mag ik een koffie?’ Kérhetnék egy kávét? klinkt voorzichtiger: ‘Zou ik een koffie mogen?’ Nog beleefder kan een vraag met de tweede persoon zijn: Segíthetne nekem? ‘Zou u mij kunnen helpen?’ De vorm drukt dan niet werkelijk twijfel aan iemands vermogen uit, maar sociale terughoudendheid.

Algemeen of onpersoonlijk: lehet + infinitief

Voor een algemene mogelijkheid gebruikt het Hongaars vaak lehet met een infinitief:

  • Itt lehet fizetni kártyával. — Hier kun je met een kaart betalen.
  • Innen jól lehet látni a színpadot. — Vanaf hier kun je het podium goed zien.

Er wordt geen specifieke handelende persoon genoemd. Dit lijkt op het Nederlandse algemene ‘je’ of op ‘er kan … worden’, maar de Hongaarse constructie is eenvoudiger en actiever.

Werkwoordprefixen en betekenis

Een prefix kan het aspect of de richting veranderen: olvas ‘lezen’ tegenover elolvas ‘uitlezen’, megy ‘gaan’ tegenover bemegy ‘naar binnen gaan’. -hat/-het wordt aan het werkwoorddeel toegevoegd en het prefix volgt de normale regels voor woordvolgorde:

  • Elolvashatod a cikket. — Je kunt het artikel uitlezen.
  • Nem olvashatod el a cikket. — Je kunt/mag het artikel niet uitlezen.
  • Mikor olvashatod el a cikket? — Wanneer kun je het artikel uitlezen?

De scheiding wordt dus veroorzaakt door ontkenning, vraagfocus of een ander zinsaccent, niet door -hat/-het zelf.

Verder dan de basis: gevorderd gebruik

Mogelijkheid als voorzichtige inschatting

Bij levenloze onderwerpen en gebeurtenissen betekent -hat/-het vaak ‘het is mogelijk dat’ of ‘zou kunnen’:

  • Ez problémát okozhat. — Dit kan een probleem veroorzaken.
  • Az eredmény félrevezető lehet. — Het resultaat kan misleidend zijn.
  • A döntés megváltoztathatja a helyzetet. — De beslissing kan de situatie veranderen.

In formele, wetenschappelijke en journalistieke teksten is dit een compacte manier om een conclusie af te zwakken. Let bij een bepaald voorwerp opnieuw op de bepaalde uitgang: megváltoztathatja a helyzetet, omdat a helyzetet bepaald is.

Gemiste kans, verwijt of spijt

De combinatie van verleden tijd en volna beschrijft niet alleen een neutrale niet-gebeurde mogelijkheid. Met de juiste intonatie kan ze ook kritiek of spijt uitdrukken:

  • Szólhattál volna. — Je had wel iets kunnen zeggen.
  • Felhívhattál volna. — Je had me kunnen bellen.
  • Jobban is figyelhettem volna. — Ik had beter kunnen opletten.

Nederlandstaligen herkennen de pragmatiek: ‘je had kunnen bellen’ is grammaticaal een mogelijkheid, maar klinkt vaak als een verwijt. De Hongaarse vorm werkt vergelijkbaar.

-ható/-hető is een bijvoeglijke vorm

Verwar de vervoegde vormen op -hat/-het niet met woorden op -ható/-hető. Die laatste functioneren als een deelwoordachtig bijvoeglijk naamwoord (een woord dat een eigenschap noemt):

Vervoegd werkwoord Bijvoeglijke vorm
Elolvashatom. — Ik kan het lezen. olvasható szöveg — leesbare tekst
Ezt megeheted. — Je kunt dit eten. ehető gomba — eetbare paddenstoel
Jól láthatjuk. — We kunnen het goed zien. jól látható jel — goed zichtbaar teken

De lange klinker ó/ő is betekenisvol. Olvasható betekent niet ‘hij kan lezen’, maar ‘leesbaar, te lezen’.

Beperkingen door betekenis

Grammaticaal is -hat/-het zeer productief, maar niet elke denkbare combinatie is even natuurlijk. Bij toestanden, onpersoonlijke gebeurtenissen of vaste uitdrukkingen kiest het Hongaars soms liever lehet, előfordulhat ‘kan voorkomen’ of een andere omschrijving. Vraag daarom niet alleen ‘kan ik het suffix toevoegen?’, maar ook ‘welke soort mogelijkheid bedoel ik?’ Een vaardigheid, toestemming, praktische gelegenheid en logische waarschijnlijkheid kunnen elk een andere voorkeursconstructie hebben.

Oefentips

  1. Oefen in drietallen. Neem vijf werkwoorden en maak telkens een gewone vorm, een mogelijke vorm en een voorwaardelijke mogelijke vorm: olvas – olvashat – olvashatna. Voeg daarna een bepaald voorwerp toe: olvassa – olvashatja – olvashatná.
  2. Vertaal de bedoeling, niet alleen ‘kunnen’. Schrijf bij elke zin eerst erbij of het gaat om vaardigheid, toestemming, gelegenheid of waarschijnlijkheid. Kies daarna tussen -hat/-het, tud + infinitief, lehet + infinitief en (nem) szabad.
  3. Maak prefixparen. Oefen één zin bevestigend, ontkennend en als vraag: Bemehetek. – Nem mehetek be. – Mikor mehetek be? Zo leer je de potentialis en de Hongaarse woordvolgorde tegelijk.

Verwante onderwerpen

Vereiste kennis

De voorwaardelijke wijs in het HongaarsB1

Meer C1-concepten

Dit concept in andere talen

Vergelijk in alle talen

Oefen Ható Mód (-hat/-het) in Hongaars met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Hongaars · C1 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen