B1

Voornaamwoordelijke Bijwoorden in het Nederlands

Voornaamwoordelijke Bijwoorden

Overzicht

Voornaamwoordelijke bijwoorden combineren er, hier, daar of waar met een voorzetsel: erover, hierin, daarmee, waarvan. Ze verwijzen naar eerder genoemde dingen (niet personen). Dit systeem vervangt de constructie "voorzetsel + het/dit/dat" voor niet-personen.

Hoe het werkt

Vorming

Er/hier/daar/waar + voorzetsel:

  • er + over → erover / er...over
  • hier + mee → hiermee
  • daar + van → daarvan
  • waar + op → waarop (betrekkelijk)

Gesplitste vorm

In de zin kun je de combinatie ook splitsen:

  • Ik denk erover. = Ik denk er altijd over.
  • Ze wacht erop. = Ze wacht er al lang op.

Gebruik

Situatie Gebruik Voorbeeld
Verwijzing naar ding er + voorzetsel Ik weet het — ik heb erover nagedacht.
Vraag naar ding waar + voorzetsel Waar denk jij over na?
Betrekkelijke bijzin waar + voorzetsel Het onderwerp waarover we praten.

Voorbeelden in context

Nederlands Vertaling Opmerking
Ze is boos daarover. She is angry about it. Verwijzing naar eerder genoemde zaak
Ik heb er lang over nagedacht. I thought about it for a long time. Gesplitst
Waar ben jij mee bezig? What are you busy with? Vraag
De tafel waarop de vaas staat is oud. The table on which the vase stands is old. Betrekkelijk
Ik kijk ernaar uit. I look forward to it. Er + naar
Hiermee ben ik het niet eens. I don't agree with this. Hier + mee
Waarvoor is dat? What is that for? Vraag

Veelgemaakte fouten

Fout Correct Waarom
Ik denk over het. Ik denk erover. Bij dingen: er + voorzetsel, niet voorzetsel + het.
de man erover (voor persoon) de man over wie Voor personen: wie, niet er.
Waarover jij praat? Waarover praat jij? Vraagzin: werkwoord na vraagwoord.

Oefentips

  1. Vervangen oefening. Neem zinnen met over het / van het / in het en vervang door erover / ervan / erin.
  2. Vragen formuleren. Formuleer vragen met waar + voorzetsel voor verschillende situaties.
  3. Betrekkelijke bijzinnen. Schrijf zinnen met waarover, waarvan, waarmee, waarop.

Verwante concepten

Vereiste kennis

Er (Plaatsbepalend) in het NederlandsA2

Meer B1-concepten

Wil je Voornaamwoordelijke Bijwoorden in het Nederlands en meer Nederlands-grammatica oefenen? Maak een gratis account aan om te studeren met spaced repetition.

Gratis beginnen