B2

Pu'al- en Hof'al-patronen in het Hebreeuws

בניין פועל והופעל

Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Hebreeuws op Settemila Lingue.

Kort gezegd

Pu'al is meestal het passieve tegenpatroon van Pi'el: סִפֵּר siper ‘vertelde’ wordt סֻפַּר supar ‘werd verteld’. Hof'al hoort op dezelfde manier bij Hif'il: הִזְמִין hizmin ‘nodigde uit’ wordt הוּזְמַן huzman ‘werd uitgenodigd’. Anders dan in het Nederlands bestaat de passieve betekenis vaak uit één vervoegd Hebreeuws werkwoord, zonder een apart woord voor worden.

Overzicht

Hebreeuwse werkwoorden worden geordend in binyanim (vaste werkwoordspatronen waarin een wortel wordt geplaatst). Pu'al en Hof'al zijn twee patronen met doorgaans een passieve betekenis: het onderwerp is niet degene die handelt, maar degene of datgene dat de handeling ondergaat. In הַשִּׁיר בֻּצַּע hashir butsa ‘het lied werd uitgevoerd’ is ‘het lied’ dus het onderwerp, terwijl de uitvoerder niet genoemd hoeft te worden.

Deze patronen horen bij niveau B2 omdat je niet alleen vormen moet herkennen, maar ook de relatie met een actief patroon moet begrijpen. Pu'al sluit gewoonlijk aan bij Pi'el en Hof'al bij Hif'il. De sjoresj (de medeklinkerwortel die de centrale woordbetekenis draagt) blijft herkenbaar, maar klinkers, voorvoegsels en soms de uitspraak van medeklinkers veranderen.

Voor Nederlandstaligen is vooral de bouw van het passief wennen. Nederlands gebruikt vaak worden of zijn plus een voltooid deelwoord: werd gepubliceerd, is uitgenodigd. Hebreeuws vervoegt daarentegen het passieve werkwoord zelf voor tijd, persoon, geslacht en getal. Pu'al en Hof'al komen veel voor in nieuws, verslagen, instructies en formele mededelingen, maar ook alledaagse vormen als הוּזְמַן ‘werd uitgenodigd’ en בֻּטַּל ‘werd afgezegd’ zijn heel gewoon.

Zo werkt het

Twee actieve en passieve paren

De veiligste manier om het juiste passieve patroon te kiezen, is eerst te weten bij welk actief werkwoord het hoort.

Actief patroon Actieve vorm Passief patroon Passieve vorm Betekenis
Pi'el סִפֵּר siper Pu'al סֻפַּר supar vertelde → werd verteld
Pi'el פִּרְסֵם pirsem Pu'al פֻּרְסַם pursam publiceerde → werd gepubliceerd
Pi'el בִּטֵּל bitel Pu'al בֻּטַּל butal zegde af → werd afgezegd
Hif'il הִזְמִין hizmin Hof'al הוּזְמַן huzman nodigde uit → werd uitgenodigd
Hif'il הֵכִין hechin Hof'al הוּכַן huchan bereidde → werd bereid
Hif'il הֶעֱבִיר he'evir Hof'al הוּעֲבַר hu'avar droeg over → werd overgedragen

Het modelschema voor een regelmatige wortel wordt vaak als volgt weergegeven. De letters ק־ט־ל zijn hier alleen voorbeeldplaatsen voor de drie wortelmedeklinkers.

Tijd of vorm Pu'al Hof'al
verleden tijd, hij קֻטַּל הֻקְטַל
tegenwoordige tijd, mannelijk enkelvoud מְקֻטָּל מֻקְטָל
toekomende tijd, hij יְקֻטַּל יֻקְטַל

De klinkertekens, niqqud genoemd, maken het patroon duidelijk. In gewone Hebreeuwse teksten ontbreken ze meestal. De spelling סופר kan daardoor onder meer sofer ‘schrijver’ of supar ‘werd verteld’ weergeven; de zinscontext bepaalt de lezing.

Pu'al in de belangrijkste vormen

Met de wortel ס־פ־ר en het actieve Pi'el-werkwoord סִפֵּר ‘vertellen’ krijg je de volgende kernvormen:

Tijd Mannelijk enkelvoud Vrouwelijk enkelvoud Meervoud
verleden סֻפַּר סֻפְּרָה סֻפְּרוּ
tegenwoordig מְסֻפָּר מְסֻפֶּרֶת מְסֻפָּרִים / מְסֻפָּרוֹת
toekomst יְסֻפַּר תְּסֻפַּר יְסֻפְּרוּ

De tegenwoordige vorm is een deelwoord (een werkwoordsvorm die zich ook als bijvoeglijk naamwoord kan gedragen). Daarom heeft deze vorm vier uitgangen: mannelijk en vrouwelijk, elk in enkelvoud en meervoud. In הַסִּפּוּר מְסֻפָּר ‘het verhaal wordt verteld’ past מְסֻפָּר bij het mannelijke enkelvoud הַסִּפּוּר. Bij הָאַגָּדוֹת מְסֻפָּרוֹת ‘de legenden worden verteld’ is een vrouwelijke meervoudsvorm nodig.

De verleden en toekomstige tijd hebben meer persoonsvormen dan de verkorte tabel laat zien. Ze volgen de gewone Hebreeuwse persoonsuitgangen en voorvoegsels. Zo betekent סֻפַּרְתִּי ‘ik werd beschreven/over mij werd verteld’ en תְּסֻפַּר ‘zij zal worden verteld’ of, afhankelijk van de context, ‘jij zult worden beschreven’. Niet elke theoretisch mogelijke vorm is bij elk werkwoord ook gebruikelijk.

Hof'al in de belangrijkste vormen

Bij הִזְמִין ‘uitnodigen’ ziet de kern van Hof'al er zo uit:

Tijd Mannelijk enkelvoud Vrouwelijk enkelvoud Meervoud
verleden הוּזְמַן הוּזְמְנָה הוּזְמְנוּ
tegenwoordig מוּזְמָן מוּזְמֶנֶת מוּזְמָנִים / מוּזְמָנוֹת
toekomst יוּזְמַן תּוּזְמַן יוּזְמְנוּ

Ook hier past de vorm zich aan het onderwerp aan: הָאוֹרֵחַ מוּזְמָן ‘de gast is uitgenodigd’, maar הָאוֹרְחוֹת מוּזְמָנוֹת ‘de gasten zijn uitgenodigd’. De schrijfwijze met ו in הוּ־, מוּ־ en יוּ־ komt veel voor, maar niet elk Hof'al-werkwoord ziet er precies hetzelfde uit. Zwakke wortels — wortels waarvan een medeklinker zich onregelmatig gedraagt — kunnen klinkers of letters veranderen. Leer daarom veelgebruikte passieve vormen samen met hun actieve partner.

Van actieve naar passieve zin

Vergelijk de zinsbouw:

  • Actief: דָּנָה פִּרְסְמָה אֶת הַדּוּחַ. — Dana publiceerde het rapport.
  • Passief: הַדּוּחַ פֻּרְסַם עַל יְדֵי דָּנָה. — Het rapport werd door Dana gepubliceerd.

In de actieve zin is הַדּוּחַ het lijdend voorwerp (wie of wat de handeling ondergaat) en staat er אֶת voor dit bepaalde voorwerp. In de passieve zin wordt הַדּוּחַ het onderwerp. Daarom verdwijnt אֶת. De handelende persoon kan met עַל יְדֵי ‘door’ worden toegevoegd, maar wordt meestal weggelaten als die onbekend, vanzelfsprekend of niet belangrijk is.

Voorbeelden in context

Hebreeuws Nederlands Toelichting
הַסִּפּוּר סֻפַּר. Het verhaal werd verteld. Pu'al, verleden tijd
הֵם הוּזְמְנוּ לַמְּסִבָּה. Zij werden voor het feest uitgenodigd. Hof'al van הִזְמִין
הָאֲרוּחָה הוּכְנָה. De maaltijd werd bereid. Hof'al, vrouwelijk enkelvoud
הַשִּׁיר בֻּצַּע יָפֶה. Het lied werd mooi uitgevoerd. Pu'al van בִּצֵּעַ
הַדּוּחַ פֻּרְסַם אֶתְמוֹל. Het rapport werd gisteren gepubliceerd. De handelende persoon blijft ongenoemd
הַפְּגִישָׁה בֻּטְּלָה בִּגְלַל הַשְּׁבִיתָה. De afspraak werd wegens de staking afgezegd. Pu'al, vrouwelijk enkelvoud
הַתְּמוּנוֹת צֻלְּמוּ בִּירוּשָׁלַיִם. De foto's werden in Jeruzalem gemaakt. Pu'al, meervoud
כָּל הַפְּרָטִים יְפֻרְסְמוּ בָּאֲתָר. Alle details zullen op de website worden gepubliceerd. Pu'al, toekomst
הַמִּסְמָךְ הוּעֲבַר לַמַּחְלָקָה הַמִּשְׁפָּטִית. Het document werd aan de juridische afdeling doorgegeven. Hof'al van הֶעֱבִיר
הוּחְלַט לִדְחוֹת אֶת הַדִּיּוּן. Er werd besloten de bespreking uit te stellen. Onpersoonlijk Hof'al
הַבִּנְיָן יוּקַם בַּשָּׁנָה הַבָּאָה. Het gebouw zal volgend jaar worden neergezet. Hof'al, toekomst
הַמּוּעֲמֶדֶת הוּפְנְתָה לְרֵאָיוֹן נוֹסָף. De kandidate werd doorverwezen naar een volgend gesprek. Hof'al, vrouwelijk enkelvoud

Veelgemaakte fouten

Een vorm van ‘worden’ letterlijk toevoegen

  • Onjuist: הַסִּפּוּר הָיָה סֻפַּר אֶתְמוֹל.
  • Juist: הַסִּפּוּר סֻפַּר אֶתְמוֹל.
  • Waarom: het Nederlandse werd verteld is in het Hebreeuws één vervoegde verleden-tijdsvorm. הָיָה is hier geen Hebreeuwse tegenhanger van het hulpwerkwoord werd.

Actief en passief verwisselen

  • Onjuist: הֵם הִזְמִינוּ לַמְּסִבָּה als je bedoelt dat zij een uitnodiging kregen.
  • Juist: הֵם הוּזְמְנוּ לַמְּסִבָּה.
  • Waarom: הִזְמִינוּ betekent ‘zij nodigden uit’; הוּזְמְנוּ betekent ‘zij werden uitgenodigd’. Eén klinkerpatroon verandert dus wie de handeling uitvoert en wie haar ondergaat.

Het verkeerde passieve patroon kiezen

  • Onjuist: een Pu'al-vorm proberen te maken van elk actief werkwoord.
  • Juist: koppel Pi'el aan Pu'al en Hif'il aan Hof'al: פִּרְסֵם ← פֻּרְסַם, maar הֵכִין ← הוּכַן.
  • Waarom: de keuze is niet vrij. Bovendien hebben sommige werkwoorden een ander gangbaar passief, bijvoorbeeld in Nif'al, of vermijden sprekers de passieve vorm helemaal.

De congruentie in de tegenwoordige tijd vergeten

  • Onjuist: הַהַזְמָנוֹת מוּזְמָן.
  • Juist: הַהַזְמָנוֹת מוּזְמָנוֹת.
  • Waarom: het deelwoord past zich aan het geslacht en getal van het onderwerp aan. הַהַזְמָנוֹת ‘de uitnodigingen’ is vrouwelijk meervoud.

אֶת in de passieve zin laten staan

  • Onjuist: אֶת הַדּוּחַ פֻּרְסַם אֶתְמוֹל.
  • Juist: הַדּוּחַ פֻּרְסַם אֶתְמוֹל.
  • Waarom: in de passieve zin is ‘het rapport’ het onderwerp, niet langer het bepaalde lijdend voorwerp. De markeerder אֶת hoort er daarom niet voor.

Een toestand met een gebeurtenis verwarren

  • Misleidend: הָאֲרוּחָה מוּכָנָה als vertaling van ‘de maaltijd werd bereid’.
  • Juist voor de gebeurtenis: הָאֲרוּחָה הוּכְנָה.
  • Waarom: מוּכָנָה betekent in normaal gebruik ‘klaar’. הוּכְנָה noemt de voltooide handeling: ‘werd bereid’. Het Nederlandse is bereid kan beide lezingen oproepen; het Hebreeuws maakt het verschil duidelijker.

Gebruiksnotities

Pu'al en Hof'al zijn niet uitsluitend literair. Ze zijn bijzonder zichtbaar in journalistiek, ambtelijke teksten, wetenschappelijke beschrijvingen en mededelingen, omdat zulke teksten vaak het resultaat centraal stellen: הַחֹק אֻשַּׁר ‘de wet werd goedgekeurd’, הַמִּסְמָךְ הוּעֲבַר ‘het document werd doorgestuurd’. Veel afzonderlijke vormen zijn ook in gesprekken normaal, vooral בֻּטַּל ‘werd afgezegd’, הוּכַן ‘werd klaargemaakt’ en הוּזְמַן ‘werd uitgenodigd’.

Toch kiest gesproken Hebreeuws vaak liever een actieve zin wanneer de handelende persoon bekend is. In plaats van ‘de rekening werd door de ober gebracht’ klinkt ‘de ober bracht de rekening’ meestal directer. Dat lijkt op de Nederlandse voorkeur voor actief formuleren, maar Hebreeuws gaat soms nog verder: een actieve derde persoon meervoud zonder genoemd onderwerp kan ongeveer Nederlands er werd ... uitdrukken.

Een handelende persoon wordt formeel met עַל יְדֵי aangegeven. Bij zaken of oorzaken kunnen andere voorzetsels natuurlijker zijn, afhankelijk van het werkwoord. Voeg עַל יְדֵי dus niet automatisch aan elke passieve zin toe. Het nut van het passief is juist vaak dat de handelende persoon buiten beeld blijft.

Zonder niqqud moet je sterk op woordenschat en context vertrouwen. סופר in הַסִּפּוּר סופר אֶתְמוֹל wordt als supar gelezen, omdat ‘het verhaal’ iets is wat verteld wordt. In סופר כּוֹתֵב סֵפֶר betekent hetzelfde letterbeeld sofer, ‘schrijver’. Hardop lezen met geluidsmateriaal is daarom belangrijker dan alleen patroonregels uit het hoofd leren.

Verder dan de basis

Niet elk passief is Pu'al of Hof'al

Hebreeuws heeft geen volledig mechanisch passiefsysteem waarin elk actief werkwoord één voorspelbare passieve partner heeft. Nif'al kan eveneens een passieve betekenis hebben, maar ook een wederkerige of toestandachtige betekenis. Welke vorm gangbaar is, hangt van het afzonderlijke werkwoord af. Zoek daarom bij nieuwe woordenschat niet alleen de wortel op, maar ook het binyan en een voorbeeldzin.

Sommige Pu'al- en Hof'al-deelwoorden zijn bovendien vaste bijvoeglijke naamwoorden geworden. מְקֻבָּל kan ‘aanvaard’ betekenen, maar ook ‘gebruikelijk’; מְסֻדָּר kan ‘geordend’, ‘netjes’ of in bepaalde contexten ‘goed voorzien’ betekenen; מוּכָן betekent meestal ‘klaar’. De grens tussen een lopende passieve handeling en een blijvende toestand is dan niet altijd scherp. Context en gangbaar woordgebruik zijn belangrijker dan een letterlijke omzetting uit het Nederlands.

Onpersoonlijk passief

Vooral Hof'al heeft nuttige onpersoonlijke vormen. In הוּחְלַט לִסְגֹּר אֶת הַמִּשְׂרָד ‘er werd besloten het kantoor te sluiten’ staat geen concrete beslisser als onderwerp. Dit past goed bij notulen, nieuwsberichten en officiële besluiten. Het Nederlandse er werd besloten heeft hier dus een vrij directe functionele tegenhanger, maar zonder Hebreeuws woord voor er of werd.

Geen gewone infinitief of gebiedende wijs

Pu'al en Hof'al hebben in het moderne Hebreeuws normaal geen productieve infinitief en geen gebiedende wijs. Voor ‘uitgenodigd worden/zijn’ gebruikt men bijvoorbeeld לִהְיוֹת מוּזְמָן, letterlijk ‘uitgenodigd zijn’. Voor een opdracht kiest men doorgaans een actieve formulering of een andere constructie. Dat is logisch: een bevel richt zich meestal tot degene die iets moet doen, niet tot wat de handeling ondergaat.

Tijd en aspect precies lezen

Een verleden-tijdsvorm als הוּכַן presenteert de bereiding als een afgeronde gebeurtenis. Een tegenwoordige deelwoordsvorm als מוּכָן beschrijft vaak de huidige toestand. Met הָיָה plus een deelwoord kan soms een toestand of een voortgaande/gewoontehandeling in het verleden worden uitgedrukt, bijvoorbeeld הַחֶדֶר הָיָה מְסֻדָּר ‘de kamer was opgeruimd/netjes’. Dat is wél mogelijk, maar is niet hetzelfde als eenvoudigweg elk Nederlands passief met הָיָה nabouwen.

Oefentips

  1. Leer actieve en passieve vormen als paar. Maak kaartjes met סִפֵּר ↔ סֻפַּר, פִּרְסֵם ↔ פֻּרְסַם en הִזְמִין ↔ הוּזְמַן. Noteer ook of het paar Pi'el–Pu'al of Hif'il–Hof'al is.
  2. Zet korte zinnen om. Begin met דָּנָה בִּטְּלָה אֶת הַפְּגִישָׁה en maak daarvan הַפְּגִישָׁה בֻּטְּלָה. Controleer telkens drie dingen: het nieuwe onderwerp, het verdwijnen van אֶת en de juiste congruentie.
  3. Verzamel vormen uit nieuwsberichten. Onderstreep woorden die beginnen met הוּ־, מוּ־ of een Pu'al-klinkerpatroon lijken te hebben. Zoek daarna de actieve vorm op. Zo leer je ook welke passieven werkelijk gangbaar zijn en hoe je ze zonder niqqud herkent.

Verwante onderwerpen

  • Vereiste voorkennis: Het wortelsysteem (sjoresj) — helpt je de drie wortelmedeklinkers terug te vinden wanneer klinkers en voorvoegsels veranderen.

Vereiste kennis

Het wortelsysteem (שורש) in het HebreeuwsA1

Meer B2-concepten

Oefen בניין פועל והופעל in Hebreeuws met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Hebreeuws · B2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.

Dit concept oefenen